InterviewHayley Williams

Hayley Williams gaat het persoonlijke nooit uit de weg: ‘Het risico dat ik later spijt krijg van mijn woorden móét er zijn’

Beeld Lindsey Byrnes

Depressieve teksten op frivole klanken en funky baslijnen: het soloalbum van zangeres Hayley Williams markeert haar volwassenwording. Het wordt aan beide zijden van de oceaan met gejuich onthaald.

Op 10 maart, een dag voordat de corona-uitbraak tot pandemie werd verklaard, trok Hayley Williams (31) de aandacht met een Instagram-post waarin ze zich distantieerde van Misery Business, de hit waarmee haar band Paramore in 2007 doorbrak naar een groot publiek. Op de golven van het liedje werd het album Riot! platina in de VS.

Ze was 17 toen ze de tekst schreef: een furieuze tirade tegen de obsessieve ex van haar nieuwe geliefde. ‘Once a whore, you’re nothing more!’ 

Die tekst, zo liet ze ons op 10 maart via ‘Insta’ weten, zou ze nooit meer zingen. Paramore speelt zijn doorbraakhitje niet meer live. Als vrouw van 31 wil je niet avond na avond een andere vrouw voor hoer uitmaken.

Boze high school-bakvis

‘Het is niet zo dat ik me schaam voor die tekst,’ zegt Williams nu, aan de telefoon vanuit haar thuisstaat Tennessee om te vertellen over haar onlangs verschenen soloalbum Petals for Armor. De eerste singles ervan verschenen online in de tijd dat ze afstand nam van Paramores grote hit. 

‘Ik was 17, een boze high school-bakvis. Ik werd destijds, ironisch genoeg, juist bejubeld om die tekst: Misery Business werd gezien als een feministisch powerlied à la Alanis Morissette. Het is gaandeweg gaan wringen. De tekst is nu juist onverenigbaar met het feminisme dat ik voorsta. De tijden zijn veranderd. Ikzelf gelukkig ook.’

Het is het risico van het vak als je in je teksten zo schaamteloos persoonlijk bent als Hayley Williams, blond boegbeeld van de poprockband Paramore uit Tennessee. Twee maanden na het Instagram-statement, op de piek van de coronacrisis, verscheen Petals for Armor, haar solodebuut, opgenomen nu Paramore na vijftien jaar hard werken even een adempauze heeft afgekondigd.

‘Daar waren we aan toe. We trekken met elkaar op sinds we 11 waren. Toen we Paramore oprichtten in 2004, waren we pubers, amper 15. We hebben als band nooit echt een pauze ingelast.’

‘We’, dat zijn Williams, gitarist Taylor York en drummer Zac Farro, de overgebleven drie kernleden van Paramore sinds Zacs broer Josh (2010) en Jeremy Davis (2015) eruit zijn gestapt.

Tot op het bot

Tot scheldpartijen als in Misery Business verlaagt Williams zich op haar solodebuut nergens, maar ze gaat wel weer tot op het bot: Petals for Armor is een verslag van een persoonlijk helingsproces, een tocht van duisternis naar het licht, in de vorm een chronologische schrijftherapie die gedurende 2019 haast parallel liep aan haar praatsessies bij haar échte shrink.

De kiem werd gezaaid in 2017, zegt ze, toen Paramore net zijn vijfde studioalbum After Laughter had uitgebracht en op het breukvlak van albumpromotie en wereldtournee haar huwelijk met Chad Gilbert (zelf muzikant in de band New Found Glory) op de klippen liep.

Hun relatie was begonnen in 2007 en had dus eenderde van haar leven bestreken. Waarom trad ze in 2016 na negen jaar in het huwelijk met die man, terwijl de relatie toen al jaren ‘vergiftigd’ was, zoals ze het zelf noemt?

Giftige liefde

‘Ik had in de periode van de echtscheiding een gesprek met mijn moeder, waarnaar ik verwijs in het liedje Why We Ever. Ik huilde bij haar uit en stelde hardop de vraag waarom ik de neiging heb gezonde liefde af te stoten en me in giftige liefde te storten. Pas op, dat is niet per se hetzelfde als vallen op foute mannen. Ook met een goede man kun je een ongezonde relatie hebben. Maar waarom gebeurt dat mij altijd? Hoe ben ik zo geworden?’

Niks sabbatical year, die soloplaat moest er komen. Ze ging schrijven. Taylor York hielp haar met de muzikale uitwerking en werd producer. Zac Farro drumde hier en daar mee, zodat het project tegen wil en dank toch een Paramore-stempel kreeg: de introspectieve, persoonlijke liedjes van Williams, mooi licht, vaak ronduit frivool uitgewerkt in innige samenwerking met York.

De drie grimmige songs die het album openen (Simmer, Leave It Alone en Cinnamon) waren ook de eerste drie die ze schreef: ‘Rage is a quiet thing/ You think that you’ve tamed it/ but it’s just lying in wait.’

Hayley Williams kende een gelukkige, vrij zorgeloze jonge jeugd, eerst in Mississippi, daarna in Tennessee. Het ging mis toen haar ouders scheidden en haar moeder zich in een tweede huwelijk stortte dat ‘toxic’ was, gewelddadig ook, het asgrauwe en angstaanjagende decor van haar tienerjaren. Ze neigt bijna naar moordlust als ze erover zingt in Simmer: ‘If my child needed protection, from a fucker like that man, I’d sooner gut him.’

Zelfhaat in funky baslijnen

Haar zelfhaat. Haar depressies als tiener en twintiger. Haar eigen ‘giftige’ huwelijk en breed in de media uitgemeten echtscheiding; het komt allemaal voorbij, maar de donkere teksten worden lucide verklankt, met funky baslijnen en een synthesizersubstraat, in het verlengde van de koerswijziging die Paramore op After Laughter (2017) al doorvoerde. Die plaat markeert de volwassenwording van Paramore, zowel van de band als van de individuele leden en hun vriendschap, vindt ze.

Het knappe is dat je Williams op Petals for Armor ziet veranderen. ‘Groeien’, zo je wilt. In Dead Horse leert ze meer compassie en empathie op te brengen voor anderen en uiteindelijk ook voor zichzelf. In Sugar On The Rim sta je ineens te dansen op verslavende dancepop. De titels van de twee afsluitende liedjes, Watch Me While I Bloom en Crystal Clear, vatten de slotsom adequaat samen.

‘Een happy end, ja,’ zegt Williams, ‘al zou het ik het aanmatigend vinden om te beweren dat ik het antwoord op al mijn vragen gevonden heb en ik mezelf nu gerepareerd heb. Zulke sprookjes bestaan niet. Er is geen definitief antwoord. Maar ik sta er een stuk beter voor dan twee jaar geleden, dat is zeker. Het is echt helend geweest om deze plaat te maken.’

Last for Paramore?

Ze bracht het album in delen uit, in de vorm van drie digitale EP’s: het donkere deel 1 in februari, het zoekende deel 2 in april. De rest is er nu ook, en daarmee het hele album, digitaal én fysiek. In de weken na verschijning schoot het hoog de albumlijsten in aan beide kanten van de oceaan. Soloartiest Hayley Williams werd, tot op haar opluchting, met gejuich ontvangen door pers én fans, al schrok een deel van de Paramore-aanhang zich een hoedje na wat gepuzzel met de letters van de albumtitel: Petals for Armor... ‘Last for Paramore’? Wat wilde Williams hier zeggen over de toekomst van de band?

‘Geen paniek,’ lacht ze. ‘Dit soloalbum is zo goed geworden omdat het mag bloeien op wat we met Paramore hebben neergezet. De band is de basis, dit album is een uitstap. In 2015 heb ik een zware depressie gehad en wilde ik kappen met Paramore. Wie stond er toen voor me klaar, als collega en vriend? Juist, Taylor, veel meer dan mijn eigen man. Hij heeft mij en de band overeind gehouden. Daarna begon een nieuwe fase: een volwassen, diepe vriendschap. Paramore is mijn leven, dat realiseer ik me nu meer dan ooit.’

Pijnlijke shit

De persdame van de platenmaatschappij breekt in: tijd om af te ronden. Eén vraag nog: staat er op Petals for Armor een tekst waarvoor ze zich over een jaar of dertien zou kunnen schamen als nu voor het ‘eens een hoer, altijd een hoer’ uit Misery Business? Die uithaal naar de man die haar moeder trouwde, wellicht? De ‘fucker’ wiens ‘gut’ ze soms wel had willen openrijten?

‘Ik schrijf nog net als vroeger,’ zegt ze. ‘Alleen ben ik nu ouder en misschien iets wijzer. Ik schrijf over persoonlijke, pijnlijke shit, soms in poëtische woorden, soms ook recht door het midden. Het risico dat ik later spijt krijg van mijn woorden móét er zijn. Alleen dan kom je als songschrijver tot iets waarachtigs. Dan maar schaamte over twaalf jaar. Als ik dat risico niet neem, schaam ik me nu al.’

Hayley Williams: Petals for Armor. Atlantic/Warner.

Beeld Albumcover

Emo naar synthpop

Paramore begon als poppunkband, gerekend tot het emo-subgenre, maar verlegde de koers de laatste jaren naar synthesizerpop. Tot grote Nederlandse hits leidde dat niet: de enige hitnotering in de Top 40 blijft Misery Business (plaats 28, begin 2008). De band heeft wel een grote, jonge fanschare in Nederland, bijvoorbeeld goed voor een plek op het hoofdpodium van Pinkpop (2013) en een volle AFAS Live in Amsterdam (2018).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden