Haruki Murakami slaagt er met zijn nieuwe roman weer in om je bij de lurven te grijpen

Na een paar indifferentere werken schreef Haruki Murakami weer een roman die je bij de lurven grijpt. Maar wat doen al die idioot volledige, werktuiglijke zinnen toch in zijn werk?

Beeld Studio V

Een zeker autisme is Haruki Murakami (68) niet vreemd. Uit respect wordt de productieve Japanse auteur en geduchte Nobelprijskandidaat die stoornis nooit toegedicht, terwijl het een onlosmakelijk onderdeel is van zijn stijl. In de grote roman De moord op Commendatore, waarvan nu het eerste deel Een idea verschijnt is vertaald, is het niet anders.

De verteller had al een partner, toen hij een liefdesrelatie kreeg met haar beste vriendin. 'Dat verliep heel natuurlijk', vindt hij zelf: 'Voor mijn vriendin was het wel een flinke schok dat haar boezemvriendin me van haar had afgepakt. Ik vermoed dat zij een huwelijk met me op het oog had.' Alsof hij nergens een aandeel in heeft.

'Terwijl de vogeltjes kwetterend in de weer waren met hun bezigheden des levens, gingen wij over tot onze tweede keer seks.' Hier is zijn aandeel onmiskenbaar, maar vogels die 'in de weer zijn met hun bezigheden des levens', wat is dat voor fletse formulering?

Haruki Murakami
De moord op Commendatore. Deel 1: Een idea verschijnt
fictie
Uit het Japans vertaald door Elbrich Fennema en Luk Van Haute.
Atlas Contact; 508 pagina's;
€29,99

Poëzie

De hoofdpersoon leest 's avonds een boek en luistert naar muziek. 'Het was het Strijkkwartet nr. 15 van Schubert, uitgevoerd door muzikanten van het Wiener Konzerthaus.' Waarom schrijft iemand zoiets: uitgevoerd door 'muzikanten van' het Wiener Konzerthaus? Wat dacht hij dan, dat het Konzerthaus besluit Schubert door de koffiejuffrouw en de penningmeester te laten uitvoeren?

Andere typische Murakami-zin, met een volledigheidsdrang die verstoken is van poëzie: 'Ik ging naar de keuken, maakte in mijn eentje iets eenvoudigs klaar en at dat op.' Welja, niet alleen 'iets' klaarmaken, maar 'iets' nog opeten ook? Het moet niet gekker worden.

Of zou dat laatste de reden zijn? Simpele dingen simpel verwoorden is voor de verteller, een portretschilder en tekenleraar van 36 jaar die zojuist is gescheiden en in een afgelegen bergwoning met atelier behoorlijk vreemde dingen meemaakt, wellicht een poging om de permanente veranderlijkheid en grilligheid van de buitenwereld op afstand te houden.

Het kan een verklaring zijn. Na zes jaar heeft zijn vrouw volkomen abrupt het huwelijk opgezegd. Hij zit in het huis van een kunstschilder die wegens dementie naar een verpleeghuis is gebracht, en die behalve veel operamuziek één bloederig doek heeft achtergelaten, met dezelfde titel als de roman, De moord op Commendatore.

Dat laatste woord, schiet hem 'ineens' te binnen, moet een verwijzing zijn naar een commandeur die al aan het begin van de Mozart-opera Don Giovanni (1787) wordt doodgestoken, en die niettemin aan het eind daarvan weer verschijnt 'als sinister wandelend standbeeld'.

Haruki Murakami Beeld reuters

Weinig onmogelijk

Wat moet die commendatore op dat doek en in dit boek? Murakami is een auteur die vragen liever in de lucht houdt dan ze eenduidig te beantwoorden.

En dan gebeurt er ook nog altijd veel vreemds in korte tijd. Ga maar na; een rijke zakenman met een duister verleden die vlakbij woont, wil graag dat de schilder zijn portret maakt, en komt voor hem poseren. In diezelfde periode wordt de schilder herhaaldelijk 's nachts wakker, door een belgeluid vanonder een oude grafheuvel in zijn tuin. De zakenman en de schilder graven de heuvel af, er zit een donkere ruimte onder waarin zowaar een bel ligt. Verder niets. 'Ik zat bij de ondergrondse kamer', blikt de schilder later terug, 'en luisterde naar het sterven van de tijd.'

Later blijkt dat de Commendatore van het schilderij kan stappen, een mannetje van 60 centimeter dat een vleesgeworden filosofische 'idea' is en dat de bel luidt of iets dringends poneert. Bij Murakami is weinig onmogelijk - denk ook aan alle pratende katten, schapen of kikkers in zijn eerdere boeken. Of aan Johnnie Walker, die in Kafka op het strand (2003, vertaling 2006) van het whiskyflessenetiket is gekomen en direct herkenbaar aan hoed en kostuum doodleuk door het epos wandelt.

De laatste jaren leverde Murakami een paar romans af zonder veel vuur of kleur en met nogal duffe klerken als hoofdpersonen, die maar van alles overkwam. Des te verrassender hoe de schrijver er met deze nieuwe roman in slaagt je weer bij de lurven te grijpen.

Beeld Tzenko Stoyanov

Dat kan te maken hebben met het beroep van de verteller: geen passieve figuur maar een beeldend kunstenaar die op een kruispunt in zijn leven staat: hij wil stoppen met het routineuze portretschilderen, omdat hij iets vanuit zichzelf wil scheppen. Om het punt te bereiken dat hij iets anders, diepers, kan weergeven, moet hij naar binnen, naar beneden, het donker in, de duisternis tegemoet, ergens tussen leven en sterven geraken.

Een portret schilderen bijvoorbeeld, gaat hem het best af zonder poserend model maar werkend vanuit de herinnering. Pas dan kan hij de ziel treffen. Hoe scheppen in zijn werk gaat, dat kan het thema zijn dat Murakami, die in het Volkskrant-interview uit 2010 schrijven met graven vergeleek, in deze roman wil onderzoeken.

Niet alleen bij het scheppen trouwens, merkt de lezer, maar bij álles wat ertoe doet, is sprake van graven - in de grond, of in het geheugen. De verteller viel op de architecte Yuzu die zijn vrouw werd, beseft hij eerst nu, omdat ze hem deed denken aan zijn drie jaar jongere zusje Komichi dat op haar 12de aan een hartafwijking overleed.

Hij herinnert zich dat hij met dat zusje toen ze 10 was ooit naar een windgrot is gegaan, waar zij in een pikdonker gat verdween, als Alice in Wonderland, en een tijd weg bleef, om opgewonden terug te komen. 'Die ruimte is een speciale plek waar ik alleen in mag. Een plek voor mij alleen (...) Je weet gewoon niet meer of je nog een lichaam hebt of niet. Maar stel dat mijn hele lichaam was verdwenen, dan was ik er nog steeds, hoor.' Ze vond het daar zo prettig, dat ze slechts tevoorschijn kwam omdat ze met recht vermoedde dat haar grote broer bezorgd zou zijn.

Magische mengeling

In zulke passages komen kinderboek, avonturenroman, scheppingsverhaal en sage samen, in de magische mengeling waarvan Haruki Murakami de receptuur kent. Vaak doet hij je versteld staan. Soms blijft het bij grinniken; aardig hoor, dat de hoofdpersoon op reis rakelings langs de stad Murakami komt (alsof de schrijver zijn eigen hoofdpersoon voorbij heeft zien rijden).

Amusant, dat de schilder tijdens het koken graag naar oude jazz luistert, met als favoriet Monk's Music (1957, met ook solo's van Coleman Hawkins en John Coltrane). Dat kan een knipoog zijn naar de tijd vanaf 1974, toen Murakami met zijn vrouw in Tokio het koffiehuis annex de jazzclub Peter Cat opende.

Los van alle toespelingen: wat is er precies gebeurd in 1938, toen de oude schilder in wiens huis de vertellende portretschilder verblijft, in Wenen (waar ze een Konzerthaus en Staatsoper hebben waar Don Giovanni vast is opgevoerd, en zo grijpt alles in elkaar - of zoeken wij overal te veel achter?) een heftig doek schilderde waarop bloed vloeide.

Hij gaat op onderzoek uit. In dat jaar vond een aanslag plaats op een nazi-officier. Heeft de schilder dat willen verwerken, nadat hij was teruggekeerd naar Japan?

Die vraag raakt aan een interessante kwestie: moet je alles weten van de biografie van een kunstenaar om diens werk te begrijpen? Of heeft Commendatore gelijk, de 'idea' die niettegenstaande zijn geringe lengte een fiere persoonlijkheid is, en die de verteller op de man af voorhoudt: 'Stel dat het schilderij iets wil vertellen, dan kun je het schilderij toch zelf laten spreken? Je laat de beeldspraak de beeldspraak, de code de code en het mandje het mandje. Wat is daar mis mee?'

Mandje vol gaten

Geen idee wat hij met het mandje bedoelt, merkt de verteller op, 'maar ik liet het erbij'. Dit moet een waarschuwing zijn aan de inmiddels wereldwijd opererende Murakami-vorsers: de diepte in dit oeuvre kun je vinden door geconcentreerd naar het oppervlak te kijken. En met logica, feiten en ratio kun je ver komen, maar het wezenlijke vat je daar niet mee. Net zoals het je niet lukt een mandje vol gaten op het water te laten drijven.

Datgene waar het wezenlijk om gaat, speelt zich af in het diffuse gebied tussen leven en dood, realiteit en droom, geest en materie. Alles zweeft daar, en overal zijn gaten waar een kunstenaar soms een tijdje in moet verdwijnen, om daar opgewonden van alle impressies uit terug te keren in de 'gewone wereld', alwaar hij eerst moet bijkomen.

Inmiddels geen twijfel meer mogelijk - dáárom krijgen we dit soort zinnen voorgeschoteld: 'Ik ging naar de keuken, maakte in mijn eentje iets eenvoudigs klaar en at dat op.' Murakami biedt zichzelf, en zijn lezer, een rustpuntje. Goddank verloopt niet alles de godganse dag ineens anders dan verwacht.

Maar wel veel. In een restaurant schuift een onbekend meisje met een korte neus bij de verteller aan tafel, en neemt hem na het eten mee naar een lovehotel met neonverlichting. 'Haar borsten waren niet speciaal groot en ook niet speciaal klein. 'Welkom', zei ze. 'Laten we ook maar seks hebben nu we eenmaal hier zijn'.'

Omslag van het boek De moord op commendatore

Memorabel

En al is hij Don Juan niet, ze hebben de hele nacht seks. Hij weet niet eens hoe ze heet. De volgende ochtend is ze verdwenen.

Vlak na de plotselinge kennismaking had ze tegenover hem koffiegedronken en cheesecake gegeten, met een vorkje. Eerst sneed ze een hapje af 'en dat schoof ze op haar schoteltje een paar keer heen en weer. Als een ijshockeyspeler die aan het oefenen is voorafgaand aan een wedstrijd.'

Het geschuif van die vorkjesstick met die cheesecake-puck bleef me bij, een vergelijking die het restaurant- of tearoomtafereeltje promoveert van nondescript tot memorabel.

Is het alleen maar beeld? Wil de schrijver er meer mee zeggen?

Ik zwijg, om het boek te kunnen laten spreken.

Het Volkskrant Magazine is gewijd aan Japan. Aaf Brandt Corstius vertelt over haar favoriete schrijver: Haruki Murakami.

Murakami weekend

Op 13 en 14 januari, als Metaforen verschuiven verschijnt, het tweede en laatste deel van De moord op Commendatore, vindt ook het Murakami Weekend plaats op het cruiseschip SS Rotterdam. Met muziek en lezingen, Japanse workshops en cinema; optredens van onder anderen Jett Rebel, Anna Drijver, Lavinia Meijer, Dolf Jansen en Ralph van Raat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden