Handen als kolenschoppen

De jazzpianist Horace Tapscott wordt vaak vergeleken met Thelonious Monk en Randy Weston, maar de reusachtige klank die hij uit de vleugel haalt, is onvergelijkbaar....

ER BESTAAT een prototype van de Amerikaanse volksheld: boomlang, met handen als kolenschoppen, bedaard, maar niet zonder strenge of juist humoristische kanten. Denk aan de legendarische houthakker die met één bijlzwaai hele bossen velt, aan president Abraham Lincoln, aan de stille western-types van Gary Cooper - of aan Horace Tapscott.

Als Tapscott achter de piano zit, lijkt hij zijn benen nauwelijks kwijt te kunnen. Hij heeft reusachtige handen, die vér uiteenliggende noten pakken. Zijn krachtige toucher laat de snaren voluit zingen. Om zijn spel wordt Tapscott vergeleken met Thelonious Monk en Randy Weston, en niet helemaal ten onrechte: zijn rechterhand speelt dichte, dissonante akkoorden die wel iets Monkachtigs hebben, links klinken rollende ostinato-bassen, in de geest van Weston. Maar de omvang van zijn geluid is een verhaal apart. Dat lijkt meer dan levensgroot - net zoals de man zelf.

Tapscott (Houston, 1934) groeide op temidden van muziek. In de kerk hoorde hij gospelkoren, zijn moeder gaf hem zijn eerste jazzlessen op piano. Als kleine jongen kreeg hij een privé-concertje van bluesgitarist T-Bone Walker, vertelt hij. 'Zijn zoon had verkering met Horace's zusje. De latere r & b-ster Amos Milburn woonde een deur verder.'

Toen Tapscott negen of tien jaar was verhuisde het gezin naar Los Angeles en de beginnende pianist (en toen nog: trombonist) belandde er in de zwarte-muziekscene. Don Cherry en Eric Dolphy zaten in het schoolorkest, de bandleider Gerald Wilson nam hem onder zijn hoede. In de jaren vijftig trad hij op met Dexter Gordon en Wardell Gray, hij was sideman op r & b-platen en tourde met Lionel Hampton.

Als zoveel ambitieuze jazzmusici trok hij naar New York, maar hij bleef er maar twee jaar. 'Ik heb nooit overwogen me in New York te vestigen. Ik had er meer raciale problemen dan ik ooit in het Zuiden meemaakte.'

Hij ging terug naar Los Angeles, maar dat was niet het einde van het verhaal, het betekende een nieuw begin. Begin jaren zestig richte Tapscott een van de eerste verenigingen voor self help en educatie van zwarte muzikanten op, de UGMA (Underground Musicians Association, later herdoopt in Union of God's Musicians en Artists Ascension, UGMAA). Hieruit kwam het Pan-Afrikan People's Arkestra voort, een big band die de latere ster-saxofonist Arthur Blythe opleverde.

Tapscott heeft zich nooit op één enkele stijl geconcentreerd (daarvoor was hij met teveel verschillende genres opgegroeid), maar wervelende free jazz was onderdeel van de Arkestra-mix. Er is vaak beweerd dat het traditionele zwarte jazzpubliek avant-garde haatte, en Tapscott was vastbesloten het tegendeel te bewijzen. Het Arkestra tourde niet veel (een uitzondering was het optreden op het Duitse Moers-festival in 1995), maar trad veel op voor de zwarte gemeenschap in Los Angeles, waar de groep inderdaad een schare trouwe volgelingen kreeg.

Tegenwoordig is het Arkestra minder actief, maar groot is het nog steeds: het bestaat uit zo'n dertig muzikanten, soms nog versterkt met vijftien zangers.

Treden jullie nog vaak op?

'Zo'n twee keer per jaar.'

En repeteren jullie vaak?

'Zo'n twee keer per week.'

Naast het Arkestra hield Tapscott er altijd een parallelle carrière als pianist op na, die talrijke solo- en combo-opnamen opleverde, waaronder platen als The Dark Tree (kwartetopnamen met klarinettist John Carter uit 1989, in twee delen op hat Art) en kwintet- en trio-cd's (uit 1995 en 1996) met New-Yorkse muzikanten op het Arabesque-label. Onlangs maakte hij een Amerikaanse tournee met een trouwe begeleider uit Los Angeles: de bassist Roberto Miranda, met wie hij deze weken ook in Europa te horen is.

In zijn stukken put Tapscott soms tamelijk letterlijk inspiratie uit de buurt waarin hij woont. Bij de New-Yorkse opnamen in 1995 van Drunken Mary en Mary on Sunday nam hij de tijd de muzikanten de titels uit te leggen. 'Ze is de hele week dronken, en op zondag gaat ze naar de kerk. Mary was de eerste dakloze die ik kende, lang geleden in Texas. Ze sliep in portieken, en mensen kwamen naar buiten om een deken over haar heen te leggen.' In het ritme van de stukken (eerst een wals, het tweede staat gedeeltelijk in vijfkwartsmaat) hoor je haar struikelen.

Tapscott houdt van onregelmatige maatsoorten, maar zelfs een stuk met elf beats per maat klinkt natuurlijk bij hem. 'Ik denk nooit: en nu ga ik een stuk in 7/4 schrijven, ik hóór het gewoon zo. Het is net alsof ik er een drummer achter hoor. Het ritme gaat maar door, en je kunt er alles bovenop spelen.' Als Tapscott een van die hypnotiserende vamps in unisono met de bas speelt, is het een en al stuwing en voortgaande beweging, zonder de geringste aarzeling.

Het zou een metafoor kunnen zijn voor de manier waarop Horace Tapscott zelf sinds 1960 koers heeft gehouden. Als hij terugkijkt op zijn veertig jaar dienst aan de gemeenschap, denkt hij dan ooit: waarom ik?

'Waarom ik? Dat heb ik me vroeger wel eens afgevraagd. Maar als je daarmee begint, kun je wel bezig blijven.'

'Waarom ik? Ik groeide op in het hart van de hardcore black music, toen het verboden was die muziek na tien uur 's avonds te spelen.'

'Waarom ik? Toen we net in Californië waren bracht m'n moeder me naar het hoofdkwartier van de bond voor zwarte muzikanten. ''Hier zul je nog veel tijd doorbrengen'', vertelde ze me. Er zaten heel wat beroemde muzikanten voor de deur. Van de meeste heb ik vroeger of later nog wel eens een tik gekregen.'

Horace Tapscott/Roberto Miranda: Amsterdam, Bimhuis (12 maart); Groningen, Grand Theatre (13); SJU Jazzpodium, Utrecht (14); Wilhelmina, Eindhoven (16); deSingel, Antwerpen (18 maart).

Cd's:

The Dark Tree, Vol. 1 en 2. hat Art 6053 en 6083.

aiee! The Phantom. Arabesque AJ0119, import.

Thoughts of Dar Es Salaam. Arabesque AJ0128, import.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden