Grote Zaal is bevrijd van een grauwsluier

Er schijnen concertgangers over stoelen gestruikeld te zijn toen ze recentelijk de zaal van het Concertgebouw betraden, zo vergaapten ze zich aan de veranderingen die de zaal heeft ondergaan....

Van onze verslaggever

Jaap Huisman

AMSTERDAM

De Grote Zaal is, zo zou je het kunnen noemen, bevrijd van een grauwsluier. Het hoofd facilitaire dienst, Jan Henk van Weerd, heeft zelfs uit de mond van een toeschouwer de opmerking opgetekend dat hij voor het eerst van zijn leven de namen van componisten in cartouches zou hebben ontdekt. Directeur van het Concertgebouw, Martijn Sanders, fronst de wenkbrauwen: 'Dat lijkt me een sterk verhaal. Dat zie je toch meteen' Maar een klein beetje gelijk heeft Van Weerd wel: ook de cartouches zijn minder flets groen dan voorheen.

Aan de achterwand bevestigt een monteur de Mahler-plaquette, herinnering aan de tweede Mahler-herdenking in 1995, opnieuw aan de muur, en daarmee is fase zoveel van de renovatie informeel afgesloten.

Als je aan directeur Sanders vraagt wat ingrijpender was, de uitgraving van de kelders voor stemkamers, opslag van instrumenten en kleedkamers, of de metamorfose van de Grote Zaal, antwoordt hij na enig nadenken; 'Dit. De Grote Zaal. Alleen al het feit dat je elke avond na het optreden de stoelen moest wegruimen uit angst dat er een klodder verf op de bekleding zou vallen. '

Het Concertgebouw is, anders dan in 1888 toen een particuliere NV het gebouw liet neerzetten, een volcontinu bedrijf waar het ene orkest het andere verdringt in de stemkamers, waar, zoals maandag, ook tot verrassing van de directeur een cosmeticapresentatie plaatsvond in de Kleine Zaal.

Evelyne Merkx kreeg de opdracht om het interieur te herstellen. Zij had zich bewezen met de verbouwing van het restaurant Eerste Klas van het Centraal Station, waarmee een authentieke schepping van de architect Cuypers voor het nageslacht bewaard is gebleven. En ze had haar sporen verdiend bij de verbouwing van grote publieksruimtes, als de Bijenkorf en de Hema. Want net als bij de concerten luidt ook daar het motto: the show must go on.

De operatie begon in de toiletten bij de Kleine Zaal, want, zegt Sanders: 'Het gaat bij een Concertgebouw niet uitsluitend om de glamour en om de voorzieningen voor de solisten, maar ook om het comfort van het publiek.' Patente wc's zijn het, met leverkleurige tegeltjes aan de muur en de wastafel waar blad en waterbekken uit één stuk marmer zijn gehouwen. Toen volgden de dirigenten-, de solisten- en de stemkamers. Achter de gecapittoneerde deur een chaise longue voor de gastdirigent.

Het was Freddy Heineken die de directeur adviseerde de ondergrondse straten dezelfde namen als de bovengrondse gangen te geven, het was Merkx die er een jaren-twintigbelettering bij zocht. Ook de artiestenfoyer ademt de sfeer van de Maxim-club uit die tijd, met de stoelen in een gestreepte stof, de betegeling, en de heldere verlichting met bollampen. 'Je mocht absoluut niet het gevoel hebben dat je onder de grond zit', zegt Sanders.

In de Grote Zaal heeft Merkx voor toverfee gespeeld. Ze tipte het gebladerte aan met bladgoud - ze stond op bladgoud als het budget dat toestond - en ze drenkte haar kwast in oranje voor een appeltje of in flessengroen voor de sierrand onder het balkon. Vondst zijn de olijgroen geschilderde pilaren die de zaal in een boven- en onderlaag verdeelt.

Achttien tinten wit mengde Merkx op de muren, waardoor een geraffineerd spel ontstond tussen de verticale lijnen van de pilasters op de muur en de horizontale belijning van de balkonrand.

Het moest de sfeer van een 19de eeuwse zaal zijn, maar geen reconstructie van de oorspronkelijke zaal, vond Sanders.

Want de eerste versie van de zaal was een sobere doos die pas later zijn rijk gedecoreerde, barokke uiterlijk zou krijgen. 'Er is geen nul-moment voor het Concertgebouw, er is altijd wel iets aan toegevoegd. Ik besloot dat dit het nul-moment moest zijn.'

De directeur bekent dat hij op het punt heeft gestaan zijn aanstellingsbrief te verscheuren toen hij in 1981 voor het eerst werd rondgeleid door het gebouw. 'Het was zo'n ontmoedigende ervaring, de dichtgetimmerde ramen, de geimproviseerd garderobe, de afgebladderde verf, het ratjetoe aan ad-hoc-oplossingen. Nee, een renovatie was geen luxe. De zaal was en is een akoestisch wereldwonder, maar de esthetiek beviel me van geen kant. Niets was harmonieus.'

De harmonie die nu is bereikt, stelt de beroemdste concertzaal van Nederland voor een volgend probleem: de foyers en de gangen zullen wel moeten volgen in het lichte kleurprogramma. En ook de verlichting moet een beetje worden gedimd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden