Recensie Green book

Green Book is een hartverwarmende feelgoodfilm, maar ook een opstapeling van clichés (drie sterren)

Mahershala Ali zet hoe dan ook een intrigerend personage neer.

Viggo Mortensen (links) en Mahershala Ali in Green Book.

Uitsmijter Tony Lip heeft een nieuw schnabbeltje. De lompe Italiaan, die glazen weggooit omdat Afro-Amerikaanse klusjesmannen eruit hebben gedronken, moet een trotse, zwarte pianist begeleiden bij zijn tournee door het zuiden van Amerika, als chauffeur en ‘problemen-oplosser.’ ‘Je houdt het nog geen week met hem vol’, schampert zijn echtgenote nog.

Uiteraard krijgt zij in Green Book ongelijk. De eerste ‘serieuze’ film van Peter Farrelly, die samen met zijn broer Bobby films als There’s Something About Mary (1998) en Dumb and Dumber (1994) maakte, is een soort liefdesbaby van Driving Miss Daisy (1989) en Intouchables (2011). Tijdens deze roadmovie, die met vijf nominaties een serieuze kanshebber is bij de Oscars, worden de zwarte intellectueel en de jongen van het volk zelfs dikke vrienden. De witte Tony ziet via Don Shirley voor het eerst hoe zwarte mensen behandeld worden in het zuiden van Amerika van de jaren zestig. De intelligente muzikant leert van hem gefrituurde kip eten.

Lees meer

Mahershala Ali en Viggo Mortensen over Green Book: ‘We wilden elkaar het beste van onszelf laten zien’
Ver voor de opnamen van Green Book, werkten Mahershala Ali en Viggo Mortensen al aan de relatie tussen hun personages. En nóg maken de twee, als ze praten over hun veelbekroonde film, elkaars zinnen af.

De scène waarin dit laatste gebeurt, kun je zien als een lakmoesproef: wie hier om moet lachen ziet in Green Book een hartverwarmende feelgoodfilm, die speelt met clichés over Italianen en Afro-Amerikanen, over intellectuelen en street smart types, en laat zien dat alle tegenstellingen te overkomen zijn als we de wereld door elkaars ogen kunnen bekijken. Wie er ongemakkelijk van wordt, krijgt het hoe langer hoe moeilijker in deze film, die uitvergrote gemeenplaatsen opvoert voor een gemakkelijke lach.

In beide gevallen voelt Green Book als een ouderwetse film uit lang vervlogen ongenuanceerde tijden. De red necks zijn hier zonder uitzondering lelijk, de rijke, witte mensen allemaal stiekem racistischer dan ze denken. Maar dat soort simplisme werkt nu eenmaal in films, Farrelly’s regie is vaardig en Viggo Mortensen, die Tony met precies de juiste dosis ironie speelt, brengt lucht op dramatische momenten.

Green Book is een verhaal over racisme dat wordt verteld vanuit zijn perspectief – een van Tony Lips zoons schreef mee aan het script. Een aantal niet-geconsulteerde familieleden van de echte pianist Don Shirley heeft de film ‘een symfonie van leugens’ genoemd – die vriendschap was niet meer dan een relatie tussen werkgever en werknemer en Shirley had nooit een film over zijn leven gewild.

Toch is het vooral door de muzikant dat Green Book interessant blijft: een van de beste pianisten uit die tijd, een homoseksuele man van kleur die ervoor kiest om door het racistische Zuiden te touren. En dan ook nog gespeeld door Mahershala Ali, die altijd een vleugje kwetsbaarheid laat zien achter zijn trotse glimlach. Hij zet een intrigerendere, genuanceerdere man neer dan de film vraagt of verdient. 

Green Book

Regie: Peter Farrelly

Met: Viggo Mortensen, Mahershala Ali

Drie sterren

130 minuten, in 86 zalen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.