Gouden tijden voor de Salzburger gigolo; Festspiele richten zich op jonger publiek

De Salzburger Festspiele worden moderner en moderner. Eens een concert- en operagala, nu een festival met toonaangevend, zelfs aanstootgevend theater....

'DIE literarische

Staatsfeindin Nr. 1' - zo wordt Elfriede Jelinek in het Oostenrijkse theatertijdschrift Bühne omschreven. Omdat ze zich met politiek bemoeit, zich fel verzet tegen de opkomst van de extreem-rechtse FP & Ouml;, omdat ze over alles en iedereen een mening heeft en de kunstenaar steeds meer politieke taken toedicht.

Haar laatste voorstelling Ein Sportstück gaat over sporthelden en sportverdwazing. 'Ik ben bang voor de heerschappij van de sportlieden, van degenen die een beroep doen op de instincten en de nationale saamhorigheid. Ik verzet me ertegen dat in dit land sportieve prestaties worden verheerlijkt, terwijl intellectuele en kunstzinnige prestaties worden veracht', zegt ze in een toelichting op het stuk.

Van Staatsvijand Nr. 1 hangt nu een metershoog, bijna glamourous portret aan de muur van het Festspielhaus in Salzburg. Jelinek is dit jaar hoofdgast in het literaire programma van de Salzburger Festspiele, Europa's belangrijkste theater- en muziekfestival.

Een aantal grootheden als Peter Turrini, George Tabori en Ivan Nagel heeft een hommage aan haar gebracht; Jelinek zelf heeft een programma samengesteld met voordrachtsavonden van haar favoriete dichters; in het Landestheater was afgelopen zondag een twaalf uur durend Jelinek-programma, waarin beroemde acteurs voorlazen uit haar werk . Bovendien ging Jelineks gelegenheidsstuk Er nicht als er (over de schrijver Robert Walser) in première. En de dag werd besloten met een modeshow.

Een modeshow voor Jelinek? Een modeshow voor de vrouw die alle uiterlijke vertoon haat, die radicaal feministische romans schreef als De Pianiste en Lust?

Het programma Reise durch Jelineks Kopf werd afgesloten met de modeshow 'Ladies Only', geproduceerd door Lisa D. uit Berlijn. Het bleek niet een gewone modeshow maar een felle aanklacht tegen de vrouwonvriendelijke en louter marktgerichte modewereld. Broodmagere mannequins toonden bizarre kleding, maar gaven vooral een kijkje in hun wereld. Terwijl het publiek in de zaal filosofische teksten over het vrouwbeeld aanhoorde, voerden de afgetobde modellen volkomen apathisch een antishow op. Voor de goede verstaander ging de show over misbruik van vrouwen, over de macht van bladen als Elle en Cosmopolitan . De inhoud van 'Ladies Only' was eenduidig, de verpakking zat vol ontregelende glitter en glamour.

Salzburg had in elk geval weer wat om over te praten. Het lijkt wel of alles wat tijdens de jaarlijkse Festspiele gebeurt, bedoeld is om te provoceren. 'Ja, een grote foto van Jelinek aan het Festspielhaus is een statement. Dat doen we doelbewust, om aan te tonen waar het festival voor staat. Na de dood van Thomas Bernhard heeft Jelinek de rol van onruststoker overgenomen en wij willen die rol hiermee onderstrepen. Kunst moet over politiek gaan.'

Dat zegt festivalleider Gerard Mortier, die niet eens een uitgesproken liefhebber is van Jelineks werk, maar haar publicitaire kwaliteiten mooi meegenomen vindt. Mortier werd in 1991 directeur van de Salzburger Festspiele, een taak die hij overnam van de legendarische Herbert von Karajan. Stapje voor stapje heeft hij het festival veranderd van een vijf weken durend concert- en operagala in een festival waarin theater en muziek elkaar inspireren en toonaangevende toneelregisseurs opmerkelijke creaties afleveren.

Dit jaar zijn in Salzburg theaterregies te zien van onder anderen Robert Wilson (Dantons Dood), van het aanstormend talent Stefan Bachmann (Troilus und Cressida), en van de Canadees Robert Lepage (Geometry of Miracles, over architect Frank Lloyd Wright). De Amerikaanse filmmaker Hal Hartley debuteert hier als theatermaker met Soon, een 'musical play' over godsdienstwaanzin. En de grote theaterregisseurs Peter Zadek en Christoph Marthaler regisseren de opera's Aufstieg und Fall der Stadt Mahagonny van Brecht en Weill en Katja Kabanova van Janacek.

Mortiers kantoor in het Festspielhaus is statig, zoals het een directeur van een miljoenenbedrijf betaamt. Het budget van de Salzburger Festspiele bedraagt ongeveer 110 miljoen gulden per jaar (ter vergelijking: het Holland Festival moet het doen met 6,5 miljoen). Op zijn bureau staat een grote bos gele bloemen en achter hem hangt een foto van een lachende Thomas Bernhard. Dat stemt de directeur vrolijk. Hij voelt dat zijn ideale festival in aantocht is, dat hij de stormen der kritiek heeft doorstaan.

Mortier: 'Sinds vorig jaar heb ik een festival zoals ik dat een beetje heb gedroomd. Het mag geen supermarkt zijn waar je een fles Fanta en ook wat zoute koekjes haalt. Er moet structuur in zitten, de voorstellingen moeten met elkaar te maken hebben. Een stuk als Soon staat dichtbij Dantons Dood, omdat ze allebei gaan over de vraag of God bestaat, over de behoefte van de mens aan een soort messias die vertelt waarom we leven en waarom we sterven. Zo is er ook een connectie tussen Mahagonny en Saint François d'Assise van Messiaen. In Mahagonny mag je verkrachten, moorden, je vrienden verraden, als je maar geld hebt. In het Jeruzalem van François is juist het afzien van alle luxe de hoogste vorm van leven.'

Het kapitaalkrachtige publiek dat naar Mahagonny komt kijken (een kaartje eerste rang kost vijfhonderd gulden) laat zich vervolgens inpeperen dat de macht van het geld een groot gevaar is - dát is wat Mortier wil. Maar misschien vergist hij zich een beetje in het incasseringsvermogen van het Festspiele-publiek. Voor een deel bestaat dat inderdaad uit BMW- en Mercedes-patsers, maar er komen ook veel intellectuelen die toevallig ook rijk zijn.

Mortier volhardt in de politieke rol van zijn festival. 'Ik wil discussie, elke keer opnieuw. Het gevaar van het communisme is voorbij, maar niemand spreekt nog over het gewetenloze kapitalisme, dat ik als het grootste gevaar van deze tijd zie. Het theater hoeft daarover niet in directe zin te gaan, maar het moet er wel aan refereren. Janaceks Katja Kabanova uit 1920 gaat over een vrouw die een minnaar heeft, wordt uitgestoten door haar kleinburgerlijke milieu en zelfmoord pleegt. Dat is niet actueel meer, maar in de regie van Christoph Marthaler gaat het nu over de eenling die niet wordt geaccepteerd, over de aidspatiënt die wordt buitengesloten, over de zwarten in Los Angeles. Daarover moet het publiek discussiëren. Niet over wat ze die avond nu weer eens zullen aantrekken, waar er na afloop gesoupeerd zal worden en met wie.'

K LEDING en eten blijven overigens belangrijke elementen tijdens de Salzburger Festspiele en laten zich niet wegduwen, door welke maatschappijkritische opera of geëngageerde festivalleider dan ook. De bonte parade bij het Festspielhaus levert elke avond vermakelijke taferelen op. Dagjesmensen in korte broek staan zich aan de ene kant van de straat te vergapen aan de potsierlijke avondjurken van de operagasten aan de overkant.

Het publiek bestaat voornamelijk uit rijke families uit München en Wenen: veel oudere dames die hun hele leven al naar de opera gaan en ook steeds meer goed uitziende zakenvrouwen met opvallend jonge begeleiders - jongemannen die zo te zien niet met een vrijkaartje alleen genoegen nemen. De gigolo-industrie in Oostenrijk moet deze weken gouden tijden beleven.

De media doen hevig mee aan alles wat met de Festspiele heeft te maken, er zijn 540 journalisten geaccrediteerd. In een boulevardblad als de Kurier staat op de society-pagina een verslag van een party waar Jessye Norman en de weduwe Von Karajan verschenen, op de uitgaanspagina worden de restaurants besproken waar je na de voorstelling beslist moet worden gezien, en op de kunstpagina staat een korte recensie van Soon. Serieuzere kranten als de Salzburger Nachrichten en de Süddeutsche Zeitung maken zich druk over de redevoering van componist Rolf Liebermann (het belang van de negentiende-eeuwse opera).

Als het er op aankomt zijn de kranten erg trots op hun Festspiele. Met grote koppen meldden ze deze week dat Mortier een grote financiële slag heeft geslagen: de Amerikaanse miljardair Alberto Vilar heeft Mortier een bedrag van 1,6 miljoen gulden geschonken om volgend jaar Busoni's Doktor Faustus te kunnen programmeren.

Mortier zelf is vooral door de Weense boulevardpers voortdurend belaagd en vaak onheus bejegend. Hij was immers degene die de erfenis van Von Karajan verkwanselde. De aanvallen nemen de laatste tijd overigens af, nu het festival 20 procent meer bezoekers trekt en de gemiddelde leeftijd daarvan met twintig jaar is gedaald tot vijftig jaar.

Maar schande sprak de pers pas geleden nog van zijn plan Mozarts Die Zauberflöte - in Salzburg het Heilige der Heilige - volgend jaar te laten opvoeren in de Messehallen, zeg maar de RAI van Salzburg. Mortier wil op die manier de prijs van een kaartje omlaag brengen (150 gulden, eerste rang) en een jonger publiek trekken. Na veel gedoe krijgt hij zijn zin. 'Mozart in de Messehallen met de Wiener Philharmoniker, prachtig toch? Niet alleen grote Mercedessen, maar gezinnen met kinderen die korting krijgen. Het moet Papageno-land worden, als antwoord op Disneyland.'

De uit Gent afkomstige Mortier, die vooral bekendheid kreeg door zijn intendantschap bij de Brusselse Opera, zal tot 2001 in Salzburg blijven. Dan vindt hij het mooi geweest. Voor die tijd wil hij nog veel opzienbarende theatermakers naar de Festspiele halen. Na Hal Hartley zal volgend jaar de filmer Atom Egoyan een voorstelling maken. In 1999 is ook Zum Krieg!, de Duitse versie van Tom Lanoyes Ten Oorlog!, in Salzburg te zien in regie van Luk Perceval. Voor de verdere toekomst is hij in gesprek met filmregisseur David Lynch. Zijn grote droom is nog steeds dat David Bowie speciaal voor Salzburg een rockopera schrijft, te regisseren door Robert Wilson.

M ORTIER woont in Salzburg maar komt er intellectueel niet aan zijn trekken. 'Salzburg is te vergelijken met een kleine provinciestad als Delft. Het is een rustige stad om veel in te lezen in de winter. Maar er gaan geen impulsen van uit. Dat is sinds de tijd van Mozart altijd zo geweest. Het is een aartsconservatieve, zeer katholieke handelsstad met vriendelijke burgers. Meestal ga ik op donderdag of vrijdag een paar dagen weg, naar Parijs, naar Londen, op zoek naar talent. Of ik ga naar mijn appartement in Gent dat ik nog steeds heb en waar het intellectuele klimaat zoveel interessanter is. Vandaaruit zit ik zo in Antwerpen, in Brussel, in Amsterdam. Ik ben zeer goed bevriend met Tom Lanoye en Ivo van Hove, Ivo komt volgende week naar Salzburg om voorstellingen te zien en wat bij te praten.'

Misschien leidt dat bijpraten wel tot het Salzburg-debuut van Ivo van Hove, die volgend seizoen immers zijn eerste opera in Vlaanderen zal regisseren: Alban Bergs Lulu. Mortiers streven moderne theaterregisseurs los te laten op het operagenre, heeft al veel memorabele producties opgeleverd. Dit jaar bijvoorbeeld Janaceks Katja Kabanova. Regisseur Marthaler, op dit moment de meest succesvolle toneelregisseur in Duitsland, en zijn vormgeefster Anna Viebrock hebben de overspelige Katja geplaatst in een woonkazerne in Brno. In deze productie krijgt dit tamelijk gedateerde verhaal een briljante eigentijdse invulling, ook dankzij Janaceks prachtige, zeer theatrale muziek.

Mortier: 'Wat kan de opera ons vandaag de dag nog meedelen? Die vraag moet iedereen die met dit vak bezig is zich stellen. Veel functies die de opera in de negentiende eeuw nog had zijn overgenomen door de film. Een film als Titanic is eigenlijk een negentiende-eeuwse opera, zo'n echte Schnulze met veel tranen en vette muziek. De jongeren bereik je niet meer met de traditionele opera, die bereik je met film, met dans, met modern theater. Met het aantrekken van regisseurs als Marthaler, Zadek en Sellars wil ik toch proberen die klassieke cultuur te interpreteren naar deze tijd. Het onderscheid dat hier vaak wordt gemaakt tussen U- en E-Musik, tussen onderhoudend en ernstig, vind ik sowieso totaal verkeerd. Je kunt niet doen alsof er geen videokunst bestaat, de subcultuur kan voor Salzburg van groot belang zijn.'

Volgens Mortier zullen de Salzburger Festspiele nooit een avant-gardefestival worden, dat moet ook niet. Er moet ook, zoals dit jaar, een Parsifal staan met Plácido Domingo en de Wiener Philharmoniker onder leiding van Gergjev. Maar het moet wel een modern festival zijn.

Veel Salzburgers hebben aan al dat moderne gedoe geen boodschap. Zo gaat de eigenaar van Hotel Am Nussdorferhof al jaren niet meer naar de Festspiele. 'Ik hou erg van opera, maar ik hoef geen Don Carlos te zien in een glazen decor, alsof het verhaal zich in New York afspeelt. Dan ga ik liever naar Verona voor een echte Carmen, of ik zet thuis een cd op.' In de ontbijtzaal van zijn hotel hangt naast het kruisbeeld een poster van Herbert von Karajan - dat blijven toch zijn helden: Jezus en de Maestro.

De Salzburger Festspiele duren tot en met 30 augustus. Informatie over het programma op telefoonnummer 00-43-662-844501, en op Internet-pagina www.salzb-fest.co.at/salzb-fest.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden