Glorie en schande in faraograf Eerste opnamen uit schatkamer van voormalige staatsomroep Sovjet-Unie

Toen de Californische zakenman Tristan Del begin jaren negentig rondliep tussen 1,2 miljoen geluidsbanden van de voormalige Russische staatsradio, voelde het alsof hij de schatkamer van de farao betrad....

RV 10001 is het volgnummer van de eerste Classical Russia Revelation-cd met opnamen uit het reuzenarchief van de voormalige Sovjet-staatsomroep Gostelradio. Er staat Bruckner en Hindemith op, en dat klinkt niet erg naar Rusland, maar de dirigent is Rozdjestvenski en het nummer 10001 laat in theorie de mogelijkheid open dat er nog zo'n negentigduizend cd's zullen volgen.

Een-komma-twee miljoen geluidsbanden troffen de Russische omroepdirecteur Kornilov en een Californische Bul Super zeven jaar geleden aan in een pakhuis in Moskou-Noord: het archief van Gostelradio, tegenwoordig Ostankino geheten. Vierhonderdduizend tapes bevatten muziek. De Californiër, Tristan Del, kreeg een gevoel alsof hij het graf van de farao had betreden ('En niemand die in de gaten had dat daar goud geld lag', zou hij roepen).

Een opnamebestand dat decennia omspande - van Stalin naar Gorbatsjov. Glorie en schande in dozen die nooit waren uitgepakt. Sjostakovitsj die pianowerk van Sjostakovitsj speelt (opschrift: niet voor uitzending). De jonge Ashkenazy met Rachmaninov (niet voor uitzending). Svjatoslav Richter, Rostropovitsj, David Oistrach, Emil Gilels, Rozdjestvenski - per strekkende meter.

Del kocht in 1992 de rechten op het archief. De transactie werd niet bepaald stil gehouden. Een maatschappij van Del, met de naam USSU Arts Group, zou in Moskou een 'enorm restauratieproject' aanvatten, en het oude bandmateriaal remasteren met hulp van 'afluistertechnologie van de KGB'. De aankoopsom bleef geheim, maar de totale waarde van het materiaal op de westerse markt, zo werd met de natte vinger getaxeerd, zou in de miljarden kunnen lopen.

De nieuwe eigenaar kon met zijn Russische banden de markt totaal overvoeren. Ook westerse musici en jongere Russen stonden er op: Kissin en Gavrilov; Benjamin Britten, Menuhin, Rubinstein, Pavarotti, Mirella Freni. De eerste uitgaven zouden in 1993 verschijnen. Paul Robeson, de populaire spiritualzanger die in het kilst van de koude oorlog door Moskou werd rondgezeuld, gefêteerd en misleid omtrent de toestand van de mensenrechten, waarna hij in Amerika met pek en veren door het leven moest als fellow traveler, zou met opnamen uit 1949 de spits kunnen afbijten. Scandalise My Name, had hij in Moskou staan zingen.

In Rusland begonnen politici en kunstenaars zich op te winden over de massale verkwanseling van muziek- en radiohistorie aan westerse geldmakers. Dels Oekraïense afkomst werd van generlei betekenis geacht. Geprotesteerd werd tegen de onduidelijke regeling van auteurs- en uitvoeringsrechten, en de minister voor cultuur Sidorov deed de plannen van de mickey mousegroep USSU Arts in de ban.

Intussen werd de nieuwe Ostankino-televisiedirecteur Listjev vermoord, naar men aannam omdat hij de verkwanseling van reclamezendtijd wilde terugdraaien, en onduidelijke tussenpersonen het heft uit handen nam. Zijn opvolger ruimde kort daarna het veld uit protest tegen de privatisering van de zender. Het zal Dels zaken niet hebben bespoedigd. Del moest vanachter de zonnebril met lede ogen aanzien hoe de Duitse mediagigant BMG soepeltjes een ander faraograf betrad, en eigenaar werd van de opnamen van de staatsplatenmaatschappij Melodyia. Vol Richter, Gilels, Oistrach. Enzovoort.

De eerste 'Russische' BMG-cd's verschenen vorig jaar. Ze bevatten opnamen, opgepoetst via zorgvuldige remastering en navenant gepresenteerd, van gestorven pianogenieën als Goldenweiser, Sofronitski en Maria Joedina, kunstenaars die er bij de Sovjetautoriteiten dikwijls uitlagen, en zelden buiten Rusland te horen zijn geweest.

Het geduld van Del, die bij zijn rondes met assistente Anna Makarova door het Ostankino-labyrint 'elke dag wel iets nieuws' vond, en wiens geluk het was dat Makarova's voorgangers zo fijngevoelig waren geweest om allerlei vernietigingsorders (Rostropovitsj, Sjostakovitsj, Kondrasjin) te negeren, werd tot vorig najaar op de proef gesteld. De bekende mezzosopraan Irina Archipova steunde zijn transactie; het archief zou anders wegteren. De krant Segodnja publiceerde een open brief waarin bekende Russen president Jeltsin tot de orde riepen. Del won naar eigen zeggen procedures tegen de regering en de pianist Nikolaj Petrov, en kon zijn plannen doorzetten.

Gezegd kan worden dat hij de deur van zijn pakhuis wijd heeft geopend. Tot september 1997 komen 150 cd's uit in de categorie midprice. De eerste dertig zijn inmiddels verschenen. De vraag is alleen, wat Del Super met zijn keuzen voorheeft. Niet het 'totaal overvoeren van de markt' - mag men hopen voor Del, want de markt is al overvoerd.

De belangrijkste opname van de eerste reeks staat op RV 10017. Het is een opname van de cellist Daniil Sjafran en Dmitri Sjostakovitsj. Ze spelen Sjostakovitsj' cellosonate opus 40 - in een uitvoering uit 1946 die door Del met ontkenning van elke reële context is gebombardeerd tot 'eerste commerciële opname'. De uitvoering is van onvervangbare historische waarde, en laat een delicate Sjafran horen, die door Sjostakovitsj wordt ondersteund met nuchter, technisch onberispelijk en metrisch volstrekt gecontroleerd pianospel. De opname is ondanks de leeftijd van verrassende kwaliteit.

Tegenover dit document (gekoppeld aan een uitvoering van Rachmaninovs grote sonate in G, met Sjafran en de pianist Jakov Flier in 1956), staat een voor Moskovieten veelbetekenend, maar in andere opzichten tussen de wal en het schip invallend ariarecital van de sopraan Mirella Freni (op RV 10028). Ze treedt op met het Bolsjoj-orkest, dat vooraf wat Vivaldi en Paganini speelt.

Mocht Del behalve goudgeldzucht ook historische interessen koesteren, dan laat hij dat nauwelijks merken. De dirigenten Rozdjestvenski, Temirkanov en Oistrach, de pianisten Richter en Gilels en de violisten Oistrach en Kogan zijn beurtelings zijn anchor men. Een goed uitgangspunt, maar repertoire en opnamedata lopen door elkaar als kippen zonder kop. Gilels: 1948, prachtig in Saint-Saëns' tweede pianoconcert, - hopla 1983, fabelachtig in Brahms' opus 116 solo (RV 10014).

Naar de uitzend- en uitvoeringskaders - concert of studio, of studio met publiek - moet worden gegist. De biografieën zijn gewatteerd en bleek, naar impresariostijl. Anderzijds lopen de opnamekwaliteiten sterk uiteen; ook de nieuwe KGB heeft de illusie van 'commercialiteit' niet in stand kunnen houden. Misschien zat er nog een imperialistisch virus in het programma.

Coherent is de Schumann-plaat (10012) van Svjatoslav Richter met opnamen uit de jaren zeventig - waarvan de uitvoering van de Fantasiestücke opus 12 voor Richterbegrippen overigens wat tegenvalt. De dirigent Gennadi Rozdjestvenski heeft Del naar verluidt een handje geholpen met het selecteren van eigen opnamen, en is op dertien cd's vertegenwoordigd.

Van bijzondere betekenis is de cd met werk van zijn vriend en beschermeling Alfred Schnittke (10009, concert voor twee piano's, celloconcert met Natalja Goetman). Ook zijn Martinu's uit 1985 en Rachmaninovs uit 1991 staan in overzichtelijk gelid (10005, 10006), en wie zich bij het overzien van de verdere ratjetoe afvraagt waar Rusland begint en waar de historie nu eigenlijk ophoudt, moet zich neerleggen bij het gegeven dat eigenlijk elke opname van de bij leven en welzijn reeds legendarische Gennadi een historische kant heeft. En wat kon Oistrach mooi Brahms en Chausson spelen.

The Classical Russia Revelation. RV 10001 t/m 10030, los verkrijgbaar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden