BOEKRECENSIEGilles de Geus

Gilles de Geus gaat ook na bijna veertig jaar nog niet vervelen ★★★★☆

Stoer is hij niet, maar juist zijn sukkeligheid maakte stripfiguur Gilles de Geus – terecht – razend populair. Bijna veertig jaar later zijn al zijn avonturen verzameld.

Eppo 29 (1984).

Feit of fictie? In 1566 stapte de lage adel met een smeekschrift naar landvoogdes Margaretha van Parma om een eind te maken aan de Spaanse vervolging van protestanten. Zij vroeg aan haar raadsman wat dit voor edelen waren, en hij antwoordde: ‘Wees niet bang mevrouw, het zijn slechts bedelaars.’ In het Frans: des gueux, waarna de opstandelingen zich provocerend geuzen gingen noemen.

Waar of niet, in elk geval dankt een van de bekendste Nederlandse stripfiguren er zijn naam aan: Gilles de Geus. In januari 1983 maakte hij zijn opwachting in het weekblad Eppo, bedacht en getekend door Hanco Kolk, die in overleg met hoofdredacteur Wilbert Plijnaar een serie komische stripjes ging maken over een struikrover ten tijde van de Tachtigjarige Oorlog. Zijn personage had een flinterdun snorretje à la Hollywoodster Errol Flynn, een zwarte kuif en een brede onderkaak, maar was aanmerkelijk minder stoer dan hij eruitzag. In het allereerste verhaal, ‘De zwarte parel’, overvalt hij een Spaans soldaatje dat op stap is met een schatkist, maar de juwelen die Gilles daarin hoopt aan te treffen zijn allemaal boobytraps die telkens hetzelfde doen: in zijn gezicht ontploffen.

Aan die Stan Laurel-achtige sukkeligheid dankt Gilles zijn populariteit, die een kleine veertig jaar later wordt beloond met de integrale uitgave van alle albums die ooit zijn verschenen. Het eerste dikke deel is net uitgekomen bij Matsuoka, een imprint van Standaard Uitgeverij in Antwerpen, in het najaar en volgend voorjaar komen deel twee en drie uit. Ze zijn voorzien van een uitgebreid dossier over de geschiedenis van Gilles de Geus. Dat is handig, want Hanco Kolk zou de avonturen van zijn struikrover niet lang in zijn eentje maken. Omdat hij meer tekenaar dan scenarist is, viel het hem zwaar om langere verhalen te bedenken, maar gelukkig werkte op de redactie van Eppo nog een jonge stripmaker, Peter de Wit, die zijn loopbaan begon met de cowboystrip Stampede! en sinds 1994 dagelijks in de Volkskrant staat met zijn weinig empathische psychiater Sigmund. De Wit wees Kolk erop dat hij wel erg weinig van de Tachtigjarige Oorlog in zijn strip stopte en vond dat een gemiste kans: ‘Je hebt goud in handen, maar je doet er niks mee.’ Aldus het dossier. Tegen zo’n historisch decor kun je veldslagen, schepen, koloniën en opstandelingen ten tonele voeren, zei De Wit, ‘een schat aan leuke dingen’.

Door de rebelsheid van Gilles de Geus iets meer te benadrukken, kon de strip zich ontwikkelen tot het Nederlandse equivalent van Asterix en Obelix, die tenslotte ook vechten tegen de bezetter, in hun geval de Romeinen onder leiding van Julius Caesar. Kolk en De Wit houden het Hollands en wat kneuteriger. Zo spelen de verhalen zich af in de havenstad Dubbeldam bij Dordrecht, die op de Spanjolen moet worden terugveroverd. Net als bij de Franse tegenhanger van Goscinny en Uderzo zorgen de talloze anachronismen voor goeie grappen, bijvoorbeeld in het verhaal ‘Dringend gezocht’, waarin Gilles het verschijnsel ‘marketing’ ontdekt en naar een drukkerij stapt (een eeuw na de uitvinding van de boekdrukkunst) om vijfhonderd opsporingsbiljetten te laten maken waarmee hij zijn beruchtheid kan vergroten. Aan het eind van het verhaal wordt hij inderdaad gezocht door de sterke arm der wet: wegens illegaal plakken.

Het samenwerken is Hanco Kolk (1957) en Peter de Wit (1958) goed bevallen. In de jaren negentig maakten ze voor de VPRO 29 afleveringen van de animatieserie (en fotostrip) Mannetje en Mannetje, en sinds 2000 maken ze samen de krantenstrip S1ngle voor Het Parool, over het wel en wee van de vrijgezelle dames Fatima, Nienke en Stella. Kolk maakte in zijn eentje furore met zijn Meccano-reeks en Tulpen uit Istanboel, een deel in de klassieke stripreeks Robbedoes uit 2017, terwijl De Wit bij uitgeverij De Harmonie inmiddels 27 bundelingen (‘Sessies’) van Sigmund heeft laten verschijnen.

Heeft Gilles de Geus echt bestaan, als historische figuur? Nee. Kolk en De Wit hebben wel een tijdje gedaan alsof, biechten ze op in het dossier, dat overigens ook het bestaan vermeldt van het geschiedenisboek Geus tegen wil en dank van Nanne Bosma uit 1968, met illustraties van H.H. Prahl. Zijn geus lijkt een stuk stoerder dan de stripfiguur, maar hij heet Floor en wil eigenlijk priester worden. Doe dan toch maar Gilles.

De integrale Gilles de Geus.Beeld Matsuoka

Hanco Kolk en Peter de Wit: Gilles de Geus – De eerste integrale. Matsuoka; 256 pagina’s; € 34,95.

De Volkskrant Boeken
Mooie romans, spannende non-fictie, interviews en pittige recensies: alles over de wereld van de letteren

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden