Geveld door de waarheid

Niet meer dan 65 mensen waren begin januari 1995 in een Londens theatertje bij de première van 'Blasted', het debuut van een onbekende 23-jarige toneelschrijfster....

'VOLGENS DE bijbel ben ik verdoemd. Absoluut verdoemd', zei Sarah Kane in een interview in 1998. 'Zoals Hyppolytus in Phaedra heb ik de onvergeeflijke zonde begaan God bewust af te wijzen, terwijl ik wist dat hij bestaat.'

Op 20 februari van dit jaar, zeventien dagen na haar 28ste verjaardag, kwam er een eind aan het leven van Sarah Kane. De Engelse toneelschrijfster pleegde zelfmoord in haar appartement in zuidoost-Londen.

Een paar weken eerder had collega-schrijver en vriend Mark Ravenhill - de sex and sodomy kid die naam maakte met zijn stuk Shopping and Fucking - haar nog ontmoet.

'Weet je', zei Kane tegen hem, 'de meeste grote toneelschrijvers schrijven zeven goede stukken, dan gebeurt er iets, en daarna zijn ze waardeloos. Ik ben niet ver van de mij toegewezen zeven.'

'Onzin', zei Ravenhill. 'Je bent nog maar net halverwege.' 'Yeah', antwoordde Kane, 'misschien wel.'

Vier stukken had Kane op het moment van haar dood op haar naam staan: Blasted, Phaedra's Love, Cleansed en Crave.

Daarvoor had ze, als studente drama aan de universiteiten van Bristol en Birmingham drie monologen geschreven, die onopgemerkt waren gebleven.

Maar vanaf het moment dat haar eerste theaterstuk in première ging, in januari 1995, was ze een beroemdheid. Heel Engeland, zelfs het Engeland dat hooguit naar het toneel trekt voor de jaarlijkse schoolopvoering, kende plotseling haar naam. De redenen voor haar roem konden haar overigens maar matig bekoren.

Er waren die januari-avond in 1995 65 mensen aanwezig in het kleine Upstairs Theatre van het Royal Court in Londens Covent Garden, wieg van veel jonge toneelschrijvers. Ze kwamen zonder bijzondere verwachtingen kijken naar weer een stuk van een jonge, in dit geval 23-jarige auteur. Maar al spoedig zaten ze rechtop en verstijfd van schrik en afschuw in hun stoelen.

Blasted, dat gisteren in het Haagse Theater aan het Spui zijn Nederlandse première beleefde bij het Nationale Toneel, veroorzaakte een storm van verontwaardiging. Zelfs de Engelse tabloids, normaal niet buitengewoon geïnteresseerd in toneel, schreven er van woede en afkeer druipende pagina's over vol.

Jack Tinker, criticus van de intens fatsoenlijke Daily Mail, zette de toon. Hij omschreef Blasted als een 'walgelijk feest van vuiligheid'. En toegegeven, wat zich in een hotelkamer in Leeds afspeelde tussen twee geliefden en een Bosnische soldaat, had weinig rooskleurigs. Masturbatie, fellatio, gepis, gepoep, homoseksuele verkrachting, het uitsteken van ogen, het uitrukken van een tong en het consumeren van een dode baby: Blasted was een pittig stuk.

De tabloids schreeuwden om herinvoering van de toneelcensuur. Kane werd omschreven als de Rape Play Girl, en als de Bad Girl of British Drama. Sinds Edward Bond in 1965 in Saved een baby had laten stenigen was Engeland niet meer zo verenigd geweest in zijn morele verontwaardiging.

De tabloids schreven dat Kane, om de woede die haar dreigde te overspoelen te vermijden, was ondergedoken. Dat was niet het geval. Elke avond zat ze in het Theatre Upstairs, op de achterste rij, zoals ze ook bij de voorstellingen van haar volgende stukken steeds aanwezig zou zijn. En overdag troostte ze haar moeder, die geschokt door de aanvallen op haar dochter urenlang huilend aan de telefoon hing.

Kane liet zich overigens niet weerloos slachtofferen. Haar koele reactie op al het vergif: 'Blasted is een tamelijk vreedzaam stuk over hoop'. Haar hoofdpersonen gingen per slot van rekening, ondanks alle verschrikkingen, door met leven. 'Het is een morele en meelevende kijk op de oorsprong en effecten van geweld.'

Kane, geboren in Brentwood als dochter van een tabloid-journalist, was tot haar zeventiende een born-again christen. Toen brak ze met haar achtergrond. God was oké, vond ze, maar het leven dat hij voorschreef beviel haar minder. 'Ik wilde seks en uitgaan en dronken worden, zoals iedereen.'

Haar opvoeding had haar, zei ze, wel opgezadeld met een fascinatie voor geweld. 'De bijbel staat vol verkrachting, verminking, oorlog en plagen. Door de manier waarop ik ben opgevoed, is er in mijn hoofd een dilemma ontstaan, over wanneer leven begint en eindigt, en over wat hoop echt is.' Toen ze zeven was, schreef Kane haar eerste verhaal. Het ging over een man die op gewelddadige wijze aan zijn eind kwam.

Pas op de avond van de première van Blasted drong tot haar door welke reacties het stuk zou oproepen. 'Ik had Blasted puur voor mezelf geschreven en dacht dat het nooit zou worden opgevoerd. Dus ik had er nooit bij stilgestaan wat andere mensen ervan zouden vinden.' Tot ze om zich heen keek, en zag hoe het theater vol zat met mannelijke critici van middelbare leeftijd.

'Ik keek naar het toneel en realiseerde me dat ik zat te kijken naar een stuk over een mannelijke journalist van middelbare leeftijd die een verkrachter is, die zelf wordt verkracht en afschuwelijk wordt verminkt in zijn hotelkamer in Leeds waarin plotseling de oorlog in Bosnië uitbreekt.' Toen wist ze wat ze kon verwachten.

De reacties maakten haar niettemin woedend. 'Alles wat ze zeiden was een leugen. Ze zeiden niets dat waar was, behalve dat ik het stuk had geschreven. Ik wist dat de tabloids het niet mooi zouden vinden, maar de reacties waren hysterisch en cholerisch. Ik verwachtte kritiek, maar niet dat het stuk een nieuws-item zou worden. Wat me het meest pijn deed, was dat ze meer geschokt waren door de verbeelding van geweld, dan door geweld zelf.'

Kane was geschokt door de beschuldigingen dat ze Blasted uitsluitend had geschreven om te choqueren. 'Ik schreef het om de waarheid te vertellen. En die is natuurlijk choquerend. Neem de glamour weg uit geweld en het wordt volkomen weerzinwekkend.'

De critici draaiden een beetje bij toen de onaantastbare Harold Pinter Kane te hulp kwam. Hij verklaarde dat Blasted 'een donkere visie' was op het einde van de twintigste eeuw, 'een eerlijk en dapper portret van menselijke wreedheid'. Kane, zei Pinter, 'houdt zich bezig met iets echts, iets waars, iets smerigs en pijnlijks.'

'Het was mijn bedoeling absoluut eerlijk te zijn over mishandeling en geweld', zei Kane. 'Al het geweld in het stuk is met zorg opgevoerd en dramatisch gestructureerd, om mijn mening over oorlog weer te geven.'

Mark Ravenhill liet de voorstellingen van het stuk in het Theatre Upstairs aan zich voorbij gaan. 'In de lente van 1996 begon ik met tegenzin aan het lezen van Blasted. Ik had de ophef rond de première het jaar daarvoor gevolgd en dacht dat het verschrikkelijk klonk: een collage van shock tactics vermomd als toneel. En ik had weinig zin mijn tijd te verdoen met het lezen van zo'n shabby little shocker.'

Tot hij de eerste regels van die miezerige kleine choqueerder tot zich liet doordringen. 'Blasted blies me van mijn sokken. Vanaf de eerste paar regels, wist ik dat ik te maken had met een toneelschrijfster die haar vak volledig beheerste. Toen ik het uit had, wist ik dat Sarah Kane een groot schrijver was en praktisch iedere theatercriticus in Londen een idioot.'

De heftige reacties op Blasted weerhielden Kane er niet van een jaar later, in Phaedra's Love, opnieuw stevig uit te pakken. Haar adaptatie van Seneca's tragedie liet een zwaar depressieve Hippolytus zien die zich te buiten ging aan hamburgers en zich aftrok in zijn sokken, althans tot zijn penis werd afgesneden en als een worstje lag te sudderen op de barbecue.

'Hier is geen theatercriticus nodig', schreef Charles Spencer van de Daily Telegraph, 'maar een psychiater.'

Ravenhill was in 1996 literair manager geworden van de Londense touring company Paines Plough. Hij besloot, na lezing van Blasted, Kane te vragen writer in residence te worden van de groep en maakte een afspraak. 'Ik zat nerveus te wachten in een bar in Soho voor onze eerste ontmoeting. Ik verwachtte een groot, fel en moeilijk persoon. Maar ze was niets van dat alles: klein, bijna kwetsbaar, ze sprak bedachtzaam en rustig, met zo nu en dan een ondeugende glimlach op haar gezicht.'

In 1997 liet Kane hem haar derde stuk lezen, Cleansed. 'Ik zag dat het heel goed was, misschien nog beter dan Blasted. Er zat veel geweld in, maar het bijzondere aan het stuk was het geloof in de overweldigende, bevrijdende kracht van de liefde.'

'Briljant', zei Ravenhill. 'Yeah, ik ben verliefd', zei Kane.

Ook in Cleansed, dat in 1998 in première ging, wilde Kane van compromissen niets weten. Opnieuw bracht ze de critici het schuim op de lippen, met over het toneel snuffelende (mechanische) ratten, een verkrachting met een bezemsteel, een heroïne-injectie in de oogbal, zelfmoord, amputatie en een uitgesneden tong.

De grootste krankzinnige in het stuk, de bewaker van een soort concentratiekamp, gaf Kane als subtiele vorm van wraak de naam Tinker, naar de theatercriticus die haar naar aanleiding van Blasted had neergesabeld.

Cleansed was geïnspireerd door Roland Barthes' constatering: 'Wie verliefd is, is in Dachau.' Hoop en wanhoop streden ook in Kanes ziel om voorrang. 'Er zit een verschrikkelijke hoeveelheid depressiviteit in dat stuk, omdat ik enorm wanhopig was toen ik het schreef', zei ze.

Maar niet alleen wanhopig. Toen in de lente van 1998 een van de hoofdrolspeelsters ziek werd, nam Kane zelf een paar voorstellingen lang de rol van Grace voor haar rekening.

'Hoe is het om in je eigen stuk te staan?', vroeg Ravenhill haar.

'Het is niet alsof ik in mijn eigen stuk sta', antwoordde Kane. 'Want dat stuk werd geschreven door iemand die hoop had.' Haar relatie was inmiddels stukgelopen.

Hoop en wanhoop vormden voor Kane meer een twee-eenheid dan een tegenstelling. 'Veel mensen denken dat het bij depressiviteit gaat om leegheid, maar feitelijk gaat het over zo vol zijn, dat alles alles uitsluit. Je kunt geen geloof hebben zonder twijfel, en wat blijft er voor je over wanneer je geen liefde kunt hebben zonder haat?'

Het einde van haar liefdesrelatie, eind 1997, schreef Ravenhill in zijn in memoriam in The Independent, vormde de opmaat voor Kanes zelfmoord. 'Ze verloor ook de liefde voor het leven. En zo begon een aangrijpende cyclus van depressie, zelfhaat en opnames. Ze wist dat veel mensen van haar hielden en ze begreep haar eigen talent volkomen, maar ze werd constant naar gedachten over zelfmoord getrokken.'

In Crave, haar laatste stuk dat vanaf begin juni in Maastrichts Derlon Theater op de planken wordt gebracht door Het Vervolg, laat Kane een van haar karakters zeggen: 'Ik schrijf de waarheid en dat vermoordt me.'

'Dat is precies wat ik voel over mijn schrijven', zei ze daarover. 'Ik houd ervan, maar het is een marteling. Toch zou ik niets anders willen doen. De waarheid is dat ik niets anders kan en dat ik volkomen ongeschikt ben iets anders te doen. Ik heb het schrijven niet gekozen. Het koos mij.'

Dat uitgerekend Crave, als 'een onderzoek naar menselijkheid en de aanhoudende behoefte aan liefde' positieve kritieken kreeg en volgens de critici de 'zachte en lyrische kwaliteiten' van haar schrijven liet zien, stemde Kane niet vrolijker. Ze vond haar voorgaande stukken hoopvoller. 'Sommige mensen vinden bevrijding aan het eind van Crave. Maar het is niet meer dan de bevrijding van de dood. In mijn andere stukken was het de bevrijding van het besluit door te gaan met leven, ondanks het feit dat dat verschrikkelijk is.'

In de slotacte van haar eigen leven maakte Kane uiteindelijk de keuze voor de bevrijding van de dood. De keuze door te leven was te verschrikkelijk geworden en geen God kon haar redden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden