Onderzoek Vrouwen in de kunstwereld

Getallen doen ertoe: vrouwen in de kunsten zijn nog steeds in de minderheid

Onderzoek van Mama Cash laat zien dat onbewuste vooroordelen blijven bestaan.

De Nederlandse kunstenaar Raquel van Haver. Beeld ANP

Voor haar masterscriptie genderwetenschappen ging Pauline Salet vorig jaar met een notitieboek naar acht grote moderne Nederlandse kunstmusea. Haar onderzoeksmethode was simpel. Ze keek en turfde: hoeveel kunst van vrouwelijke makers is te zien in de vaste collectie? 13 procent, telde ze. En toen? ‘Na twee jaar genderstudies schrok ik daar niet meer zo van,’ zegt ze nuchter. ‘Het is raar dat we hier niet van schrikken’, voegt Astrid Kerchman toe, tweedejaars masterstudent genderstudies.

Voor Mama Cash, een fonds voor feministisch activisme, voerden Salet en Kerchman een breed onderzoek uit naar hoe vrouwen er in Nederland voor staan in de kunst. Niet alleen in de beeldende kunst, maar ook in muziek en literatuur zijn vrouwen in de minderheid. Ook choreografen zijn meestal man, net als artistiek leiders van theatergezelschappen (zie infographic).

Waarom is tellen zo belangrijk? Cultuurhistoricus Nancy Jouwe, als onafhankelijk onderzoeker verbonden aan de faculteit genderstudies van de Universiteit Utrecht en bestuurslid van Mama Cash, noemt tellen essentieel. ‘Er wordt te makkelijk gezegd: wij kijken naar kwaliteit. Maar dan krijg je niet zulke scheve verhoudingen. Alsof zwarte vrouwen en mannen, of vrouwen in het algemeen geen kwaliteit zouden kunnen leveren?’ Jouwe wijst op de ‘onbewuste vooroordelen’ die mensen hebben, bijvoorbeeld doordat het op Nederlandse universiteiten en in kunstopleidingen vaak over mannelijke kunstenaars, schrijvers en musici gaat.

Mama Cash Feminist Festival, 8/3 in het Stedelijk Museum Amsterdam, WORM (Rotterdam), het Harmoniegebouw (Groningen) en Centraal Museum Utrecht, www.mamacash.nl

Sommige resultaten van het onderzoek van Mama Cash geven ook reden tot optimisme. Zes bekende Nederlandse uitgeverijen verwachten dit voorjaar 265 boeken uit te geven, waarvan 41 procent door vrouwen is geschreven. Een telling onder vooraanstaande kunstgaleries laat zien dat hun kunstenaarsbestand uit 42 procent vrouwen bestaat.

Toch is de vraag of deze schrijvers en kunstenaars standhouden tot in de literaire canon en de musea. Makers in de cultuursector werken vaak als zelfstandige. Uit onderzoek van de Erasmus Universiteit uit 2014 blijkt dat van de zzp’ers toen slechts 33 procent vrouw was, terwijl in loondienst de verhouding bijna gelijk was (47 procent vrouw). Jouwe: ‘Vrouwen voelen zich veiliger in een dienstverband. Bij ondernemerschap horen bovendien bepaalde vaardigheden, zoals acquisitie, waarin vrouwen zich traditioneel minder zeker voelen.’

Een ‘actieve push’ vanuit beleidsmakers en de politiek lijkt Jouwe noodzakelijk: ‘Quota kunnen daar onderdeel van zijn.’ Tegelijk wil zij, net als Salet en Kerchman, waarschuwen voor ‘tokenisme’: het fenomeen dat iemand een bepaalde positie inneemt als symbool voor hoe progressief een organisatie is. Niemand wil de kunstexcuustruus zijn.

‘Mannelijkheid is nog altijd de norm’

Niña Weijers (31) is schrijver. In 2014 debuteerde ze met haar roman De consequenties. Dit jaar verschijnt haar tweede roman: Kamers, antikamers.

‘De emancipatie is zeker niet voltooid. Het is makkelijk om te zeggen: iedereen heeft gelijke kansen. Dat heb ik ook lang gedacht. Tijdens mijn studie literatuurwetenschappen had ik amper door dat we vooral mannelijke schrijvers bespraken.

Recensenten hebben, bewust of onbewust, vaak nog een voorkeur voor ‘mannelijke’ boeken, die uitgesproken zijn. Stelligheid wordt nogal eens verward met intellect. Twijfel ziet men als vrouwelijk, zacht, minder intelligent.

Mannelijkheid is nog altijd vaak de norm. Soms heeft het voordelen daarvan af te wijken. Je wordt niet zo snel vergeleken met versteende voorbeelden als De Grote Drie. Ik zeg weleens voor de grap dat ik goddank geen witte man ben die schrijft. Die categorie moet ruimte maken voor andere stemmen: minder mannelijk, minder wit, minder vanzelfsprekend.’

'Geen voorstander van quota’

Raquel van Haver (29) is beeldend kunstenaar. Vorig jaar won zij de Koninklijke Prijs voor Vrije Schilderkunst. Haar solotentoonstelling in het Stedelijk Museum Amsterdam is nog te zien t/m 7/4.

‘Vrouwen gaan na de kunstacademie vaak iets anders doen. Ik denk dat het te maken heeft met een behoefte aan veiligheid. Als beeldend kunstenaar is het niet mogelijk een stabiel inkomen te hebben. Mannen wijden zich ondanks die onzekerheid 24/7 aan hun kunstenaarschap. En de samenleving accepteert dat. Vrouwen willen bovendien vaak een gezin stichten en bij hun kinderen zijn. Als kunstenaar ben je de hele tijd weg.

Een glazen plafond heb ik niet ervaren. Ik ben geen voorstander van quota voor tentoonstellingen. Het moet gewoon een goede show zijn. Ik zie dat dames nu steeds meer opkomen, maar er moet nog veel gebeuren om oude gewoontes en traditionele machtsstructuren te veranderen. Over tien jaar zul je dan zien waar we staan.’

‘Alleen mannen in mijn crew’

Stien den Hollander (18) is rapper S10. Zij tekende op haar zeventiende een platencontract bij hiphoplabel Noah’s Ark en bracht twee albums uit: Antipsychotica en Lithium.

‘Toen ik net een platencontract had kreeg ik veel negatieve reacties, als ‘Ga koken!’ of ‘Ga de was doen!’ Vrouwen die rappen worden minder serieus genomen. Ik zou het jammer vinden als mensen mij vooral op mijn uiterlijk beoordelen. Het zou niet mee moeten tellen. Maar ja, ik vond toen ik puber was Justin Bieber ook superknap, daardoor ging ik naar hem luisteren.

Sommige hiphopteksten zijn grof of vrouwonvriendelijk. Het zou raar zijn als ik zulke shit over mannen ging rappen. Omgekeerd kan ik me niet voorstellen dat het wordt opgepikt als een jongen zulke persoonlijke kwetsbare teksten rapt als ik. Toen ik net muziek maakte, heb ik een keer meegewerkt aan een liedje waar ik niets voor heb gekregen. Ze wilden gewoon een vrouwenstem gebruiken, sex sells. Nu werk ik met alleen mannen in mijn crew, maar die hebben me nooit respectloos behandeld.’

Kunstenaar Nina Weijers. Beeld ANP Kippa

Bekijk alle onderzoeksdata van Mama Cash

In het onderzoek van Mama Cash werd ook geteld in operagezelschappen en gekeken naar vrouwelijke dirigenten. En hoe doen de popfestivals het? Spoiler alert: niet zo goed. Bekijk alle verzamelde data hier.

Gemaskerde superhelden

Pauline Salet en Astrid Kerchman lieten zich voor hun onderzoek inspireren door de Guerrilla Girls. Vorig jaar sprak de Volkskrant met Guerrilla Girl ‘Frida Kahlo’ over lullen tellen in musea: ‘We passen in een traditie van anoniem verzet en van gemaskerde superhelden.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden