Geslaagde vrouw die zich graag te kijk zet Dinsdagprofiel Daphne Deckers

Ze had een rol in een Bond-film en is nu sidekick bij Knevel & Van den Brink. Daphne Deckers kan van alles, maar is in de eerste plaats schrijver....

‘Voor mij moet een gezinsvakantie vooral eenvoudig zijn. Op deze leeftijd hoef je je geen zorgen te maken over de culturele verrijking van je kind; de meeste vier-, vijf- en zesjarigen vinden een land als Spanje al exotisch genoeg. Daar waren mijn ouders het vroeger overigens totaal niet mee eens: mijn broer Clark en ik moesten destijds in de brandende zon van alles bezichtigen. Misschien heb ik daarom de Da Vinci Code nog steeds niet gelezen: ik heb hem als kind geréden.’

Waar vroeger een klooster zat, zit nu de studio van de Evangelische Omroep. Op een muur in de hal staat ‘Gij zult mijn getuigen zijn’ gebeiteld. In wat vroeger de kapel was, wordt nu het praatprogramma Knevel & Van den Brink opgenomen. Op maandag zit Daphne Deckers aan tafel. Ze is de zogenoemde sidekick, bedoeld om het gesprek van onverwachte impulsen te voorzien.

In allerlei hoedanigheden heeft Daphne Deckers zich de afgelopen decennia doen gelden: als fotomodel, als tv-persoonlijkheid, als schrijver. Achter het modellenwerk heeft ze weloverwogen een punt gezet, televisie moet echt de moeite waard zijn en schrijver is ze eigenlijk van jongs af aan geweest.

Daphne Deckers, gekleed in ankerkadergroen, kwijt zich enthousiast van haar sidekick-taak. Maar tot een vlot of verrassend gesprek komt het niet. Zelf is ze overigens best te spreken over het resultaat. De gastheren onderscheiden zich volgens Deckers op een prettige manier van andere duo’s. Andries Knevel is op zijn beurt enthousiast over haar interventies. Zelf zegt ze: ‘Ik zie mijn rol als sidekick zoals een oma haar kleinkinderen ziet: je mag inspringen op de leuke momenten, maar je hoeft het niet te dragen.’

Die zelfspot kenmerkt Daphne Muriël Deckers, geboren op 10 november 1968 in Nijmegen. In interviews en zeker ook in haar eigen verslagen van het gezinsleven zet ze zichzelf graag op een groteske manier te kijk. Je hebt van die geslaagde en mooie vrouwen die zichzelf opvallend graag een ‘muts’ noemen, Daphne Deckers is er zo een.

Regisseur Frans Weisz vergelijkt haar met Martine Bijl, zonder daarbij overigens het woord muts in de mond te nemen – een scheldwoord immers dat vrouwen zich als een geuzennaam hebben toegeëigend. Maar het is wel een vergelijking die hout snijdt.

Regisseur Weisz leerde Daphne Deckers kennen via het toneelstuk Steel Magnolias waarvoor hij de regie heeft gedaan. Producent Albert Verlinde kwam met het idee om Deckers te vragen de tekst te vertalen en Frans Weisz herinnert zich nog goed zijn twijfels.

Die hebben plaatsgemaakt voor afgunst. Weisz: ‘Je hebt van die mensen die het in alle opzichten meezit. Ze zijn mooi en slim en hun sociale leven is ook in orde. Zo’n sappelaar als ik kan daar alleen met jaloezie naar kijken.’

Maar ook in vakkundigheid heeft Deckers hem helemaal overtuigd. ‘Ze is behoorlijk bright en goed op de hoogte van alles.’ Hun samenwerking via de email karakteriseert hij als een tafeltenniswedstrijd, allebei aanvallend ingesteld en loerend op een kans voor een beslissende smash.

Marleen Asberg, violiste van het Concertgebouworkest, was de grote vriendin van Daphne Deckers op De Regenboog, een lagere school in Nijmegen. Avontuurlijk en jongensachtig zijn de trefwoorden die haar het eerst te binnen schieten. ‘Ze was toen al een mooie meid, maar nooit met haar uiterlijk bezig.’

Als kleuter leerde Daphne Deckers zichzelf lezen en schrijven. Haar vader daarover in het tijdschrift Panorama: ‘Ze ging tegenover haar broer zitten en schreef alles van hem over. Maar zó dat ze de letters ondersteboven op papier zette.’

Kennisvergaring was het hoogste doel in huize Deckers. ‘Ons leven was daarvan doordesemd’, zei ze daarover tegenover het tijdschrift Libelle. En in Penthouse: ‘Mijn ouders zijn geen materialisten. Ze geven niets om auto’s of verre vakanties, maar het huis staat van onder tot boven vol met boeken.’

Haar ouders zijn beiden academicus, de een gepromoveerd geneticus en de ander kunsthistorica. Omdat moeder Deckers hun zoon al had vernoemd naar de acteur Clark Gable, mocht vader Deckers de naam van hun tweede kind bedenken. Het werd Daphne, naar de schrijfster Daphne du Maurier.

Deckers vervolgde haar schoolopleiding aan het Canisius College in Nijmegen, waarvoor ze elke dag wel een flinke fietstocht moest afleggen. Het gezin was verhuisd van Nijmegen naar een boerderij in het naburige Persingen, dat met zijn honderd inwoners te boek staat als het kleinste dorp van Nederland. De ramen boden uitzicht op de kerktoren en die prikkelde haar fantasie. Uit Libelle: ‘Het liet me niet los: wat is er achter die kerk, wat is er achter die weilanden?’

Voor haar ouders kon dat maar één ding zijn: de wetenschap. Zeker haar vader was teleurgesteld dat Daphne een heao-opleiding verkoos boven een universitaire studie. De teleurstelling was nog veel groter toen ze de opleiding voortijdig afbrak. Daphne Deckers deed mee aan een modellenwedstrijd omdat de hoofdprijs een scooter was en die haar handig leek. Ze won, kreeg een contract en uiteindelijk voerde die impulsieve daad haar naar plekjes waar de wereld exotisch heet te zijn – ver weg van Persingen in elk geval.

Achteraf gezien zal haar deelname ook een daad van verzet zijn geweest. Haar toekomst was uitgestippeld en die gedachte benauwde haar. Spijt heeft Deckers nooit gehad van haar actie. ‘Stuitend veel verdiend voor stuitend weinig inspanning’, typeert ze nu haar leven als fotomodel.

Maar daarmee doet ze zichzelf tekort, zegt visagiste Elles Nijkamp. Modellenwerk is een veeleisend bestaan. Geldingsdrang en discipline zijn de kurken waarop een model blijft drijven. Deckers, die rookt noch drinkt, zei daarover in Playboy: ‘Ik ben heel ambitieus. Als je niet nadenkt over je toekomst heb je geen toekomst.’

Elles Nijkamp waardeert Daphne Deckers om dergelijke oneliners. Ze koestert de ansichtkaarten waarop haar vriendin in één treffende zin de zon liet doorbreken. ‘Daphne kan de dingen zo mooi en goed verwoorden.’

Liselore Crul leerde Deckers kennen als redactrice van de schoolkrant, die de beroemde oud-leerling van het Canisius College mocht interviewen. Daaruit groeide een vriendschapsband die nog steeds standhoudt. Ze bewondert Deckers om haar perfectionisme en haar kennis. ‘Als je iets wilt weten, moet je bij Daphne zijn.’

Crul noemt haar ook kwetsbaar, een publiek bezit dat tegenstrijdige gevoelens oproept en waarmee niet zachtzinnig wordt omgesprongen. ‘Als we samen op straat lopen, krijgt ze van alles naar haar hoofd geslingerd.’ Zelf denkt Daphne Deckers dat haar voorspoed bij sommigen om een of andere reden kwaad bloed zet.

Haar toekomst als model had Deckers al vanaf het begin van haar loopbaan begrensd tot haar 26ste. Dat was niet omdat schoonheid eindig is en ze zelf dat einde wilde bepalen, maar omdat ze dat andere talent wilde ontplooien.

Veronica maakte een plaatsje voor haar vrij op de redactie van het tv-programma BNN. ‘Het was heel gemakkelijk geweest om een modeprogramma te gaan doen. Maar ik ben juist opgehouden omdat ik een ander gedeelte van mijn persoonlijkheid wilde laten zien’, zei ze daarover in Playboy. Haar maandsalaris was minder dan wat ze als model in een dag verdiende, maar dat was niet erg. Wie iets nieuws wil beginnen, moet onderaan durven beginnen.

Veronica vond Daphne Deckers kennelijk te waardevol om aan het bureau te ketenen en zette haar ook in als presentatrice, onder meer van het programma Reisgids. Daarnaast trad ze voor het eerst naar voren als columniste. Schrijfster Heleen Crul, moeder van vriendin Liselore, bezorgde Deckers in 1993 een plekje bij dagblad De Limburger en een jaar later maakte het tijdschrift Viva elke week een plekje voor haar vrij.

Door haar relatie met tennisser Richard Krajicek, opgebloeid tijdens een liefdadigheidsdiner, bleef Daphne Deckers in de eerste plaats het voormalige fotomodel. Haar betrokkenheid tijdens de Wimbledon-finale van Krajicek trok internationaal de aandacht. Een columniste van de Engelse krant The Independent prees de diverse stadia van opwinding waarin Deckers tijdens die wedstrijd zichtbaar verkeerde als een vorm van hogere pornografie.

Met de beëindiging van zijn loopbaan, de bestendiging van hun relatie en de komst van kinderen zijn de rollen in de publieke arena omgedraaid. De Telegraaf bood Daphne Deckers de kans om de dagelijkse worstelingen in het gezinsleven op veelgelezen papier te zetten en uitgeverij Tirion is zo slim geweest die columns te bundelen. Directeur Aernout Oosterholt is de tel kwijt, maar zijn succesvolste auteur moet al meer dan 800 duizend boeken verkocht hebben. De teller voor Pedagoochelen, de laatste in de reeks, staat al op 80 duizend.

Het wederzijdse enthousiasme is volgens Oosterholt zo groot dat ‘we elkaar daarin moeten temperen’. Maar hij sluit niet uit dat Daphne Deckers zich eens aan een roman zal wagen. Met de hulp van veteraan Chiem van Houweninge bekwaamde ze zich al in het schrijven van tv-comedy en ook kinderboeken gaan haar goed af. De matroos in de doos ging al tienduizend keer over de toonbank en wordt dit najaar door Theater Terra op de planken gebracht.

Maar al haar andere schrijfwerk staat nog altijd in de schaduw van de opvoedboeken, waarvan Sylvia Witteman wel eens heeft beweerd dat ze zum kotzen zijn. ‘Daphne Deckers schreef toen dat ze me wel een buisje Rennies zou opsturen en dat vond ik wel weer geestig.’

Witteman, columniste van Volkskrant Magazine, heeft spijt van haar aanval, maar het verschil tussen hen is wel kenmerkend. Beiden putten uit hun alledaagse tekortkomingen als moeder, maar Sylvia Witteman schroomt niet zichzelf te kijk te zetten als een opportunistische sloddervos. Vergeleken daarmee is Daphne Deckers de smetteloze muts zoals die op om de omslag van Pedagoochelen met haar kinderen in hagelwitte blouses poseert.

Andries Knevel en Tijs van den Brink sluiten hun talkshow maandag af met de vraag wat hun gasten in de agenda hebben staan. Daphne Deckers vertelt de volgende dag naar Athene te vliegen waar echtgenoot Richard nog eens de krachten zal meten met Pete Sampras. Zij wil de schoolvakantie benutten om de kinderen te laten kennismaken met de Akropolis.

Daarover schrijft Daphne Deckers na terugkeer in een e-mail dat ze in het vliegtuig de kinderen daarvoor al helemaal had klaargestoomd en dat die maar één vraag beantwoord wilden hebben: of er ook een zwembad was bij het hotel. Maar ze heeft het bezoek aan de Akropolis wel doorgezet.

‘Ik zei het al: je wordt je ouders.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden