Interview

Gerard Reve gewillig voor de lens van Eddy Posthuma de Boer

Eddy Posthuma de Boer maakte talrijke foto's van Gerard Reve die heel gewillig voor hem poseerde. Logisch: de grote schrijver wilde hetzelfde als de fotograaf. Nu verschijnen de foto's voor het eerst in boekvorm.

Gerard Reve in Greonterp (Friesland), 1968 (foto 2). Beeld Eddy Posthuma de Boer

Al vroeg in zijn schrijverscarrière leerde Gerard Reve (1923-2006) het belang van goede foto's inzien en waarderen. Het moge blijken uit de talrijke keren dat hij voor de Amsterdamse fotograaf Eddy Posthuma de Boer (83) poseerde. Nu, negen jaar na Reves dood, heeft dat geresulteerd in het fraaie fotoboek Door het oog van de tijd, dat dezer dagen verschijnt. En het moge blijken uit Reves eigen woorden over zijn voorbereiding op zo'n sessie, waarvoor Posthuma de Boer hem opzocht in de Friese dorpen Blauwhuis en Greonterp. Na een fotosessie waarin hij werd omringd 'door flessen & glazen (...) voor de instandhouding van het 'image' van drankzucht, verwording & ondergang', schreef hij in een brief aan 'Josine M.' (de essayiste Josine Meyer, red.): 'Ik had in werkelijkheid 2 dagen geen druppel geproefd, want zodra ik alkohol in mijn lijf heb, ben ik niet fotosjeniek meer & krijg ik iets bruuts, traags & dierlijks, terwijl mijn anders zo lieve kop door zwelling wordt ontsierd.'

Mail en win

V verloot, met dank aan De Weideblik, drie exemplaren van Eddy Posthuma de Boers Door het oog van de tijd onder zijn lezers. Stuur uiterlijk donderdag 26/2 09.00 uur onder vermelding van 'Reve' een e-mail naar V-prijsvraag@volkskrant.nl.
De winnaars krijgen bericht.

Gewillig

Vrolijke herinneringen bewaart Posthuma de Boer aan zijn talrijke ontmoetingen met Reve, die een periode van meer dan veertig jaar omspannen. Geen fotograaf heeft Reve over zo'n lange periode in diens leven zo vaak gefotografeerd als Posthuma de Boer. In zijn Amsterdamse woning bewaart hij de negatieven die hij tijdens twaalf opnamesessies bij Reve - in Friesland, Amsterdam, België - en bij hemzelf thuis heeft volgeschoten, alsook die van de hoogtepunten uit Reves schrijversleven waarvan hij met de camera getuige was: de uitreiking van de P.C.Hooftprijs in 1969 (gevolgd door de beroemde kus op de wang van minister van Cultuur Marga Klompé); het feest daarna in de Vondelkerk, waar Reve hand in hand paradeerde met 'Teigetje', Reves toenmalige partner Willem van Albeda (foto 1), alsof de twee mannen zopas waren getrouwd; Reve in pausenpak op het Boekenbal (thema: 'Palais du Pape'; bij ontmoetingen met collega-schrijvers en deelnemers aan de fameuze televisiesatire van Zo is het toevallig ook nog eens een keer.

'We hadden geen intellectuele verstandhouding, maar we konden het goed met elkaar vinden. Ik bleef niet eten, maar we maakten in die paar uurtjes meestal wel een flesje leeg', vertelt Posthuma de Boer. 'We hadden het gemeenschappelijke belang: een goede foto maken. Gerard poseerde graag. Vaak had hij al iets in zijn hoofd als ik bij hem langskwam. Hij was een echte spulletjesman die van alles en nog wat verzamelde wat te maken had met geloof, drank, schrijfgerei, knuffeldieren, spreuken. Hij droeg dat aan en ik rangschikte dat om hem heen, net zolang tot ik tevreden was over de compositie. Hij was geen ijdeltuit die per se een bepaalde kant van zijn gezicht wilde tonen. Ik had de regie, hij was heel gewillig.' (foto 2, Greonterp, 1968).

Foto 1: Reve en zijn toenmalige partner Willem van Albeda. Beeld Eddy Posthuma de Boer
Foto 2: Greonterp, 1968. Beeld Eddy Posthuma de Boer

Dé schrijversfotograaf

Posthuma de Boer was in de jaren zestig dé schrijversfotograaf. 'Ik was jong, de wereld lag voor me open. Ik kende Mulisch, Wolkers, Reve, ik was de Boekenbalfotograaf, we hoorden bij elkaar - de kunstenaarsbende van het Leidseplein.' Dat Reves uitgever, de legendarische Geert van Oorschot, juist hem benaderde om de schrijver te portretteren, was zo vreemd dus niet. Van Oorschot gaf Posthuma de Boer opdracht foto's te maken voor de omslagen van Op weg naar het einde en Nader tot U. 'In Blauwhuis woonde Reve in zo'n klassiek Fries arbeidershuisje, het leek op dat van mijn pake en beppe, met de huiskamer met ramen aan de voorkant, een glazen kast voor het servies, twee bedsteden.'

In 1968 kreeg hij het verzoek om Reve, Mulisch en Wolkers te portretteren voor drie reusachtige posters. 'Die opdracht kwam van Engel Verkerke, die nadat hij voor de communistische uitgeverij Pegasus had gewerkt, een posterwinkel was begonnen in de Leidsestraat. Een enorm commercieel succes.' Een briefje van Reve aan de fotograaf herinnert aan die episode:

'De voorlopige afspraak van de heer Verkerke schikt mij wel (aanstaande donderdag) maar bevestigt u die nog even. U moet over de Afsluitdijk rijden, langs Bolsward & dan naar Blauwhuis. Komt U tijdig voor goed licht. Nog even op uw bericht wachtend ben ik, Uw Gerard van het Reve.'

Foto 5: Greonterp, 1968. Beeld Eddy Posthuma de Boer

Yeah! Yeah! Yeah!

De aandacht voor Eddy Posthuma de Boers fotoboekje Yeah!Yeah!Yeah! in de Volkskrant en bij De Wereld Draait Door zorgde ervoor dat de hele oplage (850 exemplaren) al was uitverkocht voordat het eerste exemplaar in 2014 zou worden gepresenteerd. Van de in allerijl opgelegde tweede druk van 900 exemplaren, werden er nog 400 verkocht. Na de viering van het jubileum in Blokker in juni, precies 50 jaar nadat The Beatles in Nederland hadden opgetreden, viel de verkoop stil.

Zoon

In zijn atelier, op de bovenste verdieping van zijn woning, hoeft de fotograaf niet lang te zoeken om uit een verre hoek een rol zwart-witaffiches tevoorschijn te toveren. De schrijver staat voor een witte piano ('Later stond er een zwarte, een raadsel wat er met deze is gebeurd'), omgeven door parafernalia en prullaria, de vingers van de ene hand sierlijk rustend tegen zijn voorhoofd, in de andere hand de ganzenveer waarmee hij op een vel heeft geschreven: 'God is de liefde'. 'Zijn anatomie klopte, daar heb je als fotograaf oog voor. Hij had een goed gelaat, sterke handen ook. Een intelligent, geïnteresseerd gezicht. Had een politicus kunnen zijn.'

Later kwam Reve ook bij Posthuma de Boer thuis, al dan niet met Van Oorschot. 'Een keer gaat hij op die bank daar zitten, trekt een ernstig gezicht en zegt: 'Straks komt mijn zoon.' Ik wist niks van een zoon, maar even later komt er inderdaad een jongeman binnen die heel erg op Gerard lijkt. Toen ze weg waren, belde ik Gerards broer Karel: 'Kameraad! Zeg het eens!', riep hij zoals altijd. 'Heeft Gerard een zoon?', vroeg ik. Was niets van waar natuurlijk.'

Schaduw

Mooi vindt Posthuma de Boer ook de foto van de schrijver bij de rode PTT-brievenbus. 'Die was vlak bij zijn huisje. Heel belangrijk, want de duizenden brieven die hij heeft geschreven, heeft hij hier gepost. Tot het einde van zijn leven is hij enveloppen met adressen blijven schrijven, aan de brieven zelf kwam hij alleen niet meer toe.'

Ook toen Reve met Joop Schafthuizen in België was gaan wonen en zijn geestelijke vermogens achteruit gingen, bleef Posthuma de Boer komen. 'Kijk hier, (foto 3: Machelen aan de Leie, 2003) hier zie je die vertwijfeling: potverdorie, het schrijven lukt me niet meer. Kijk naar die mond, hij zei nog dingen, maar kon niet meer uitleggen wat hij bedoelde.' Later, toen Reve nauwelijks nog sprak, viel het de fotograaf op dat Reve steeds met zijn hand wees. 'Geen idee wat hij dan bedoelde. Bij die schuur wijst hij naar boven, naar de hemel misschien?' (4 Machelen aan de Leie, 2003) Als een paar tellen later een duif in de tuin fladdert, brengt Posthuma de Boer in een reflex zijn hand in de richting van het dier. Lachend: 'Nou begin ik ook al.'

Over de late foto's hangt de schaduw van Reves alzheimer. 'Maar zijn mooie kop heeft hij steeds behouden. Kijk, dit is mijn favoriet. Wit haar, gegroefd gelaat. Hij kijkt naar de camera. Hij wist nog dat dat moest.' Het boek eindigt met de begrafenis van Reve. 'Je vraagt je altijd af hoelang een schrijver nog voortleeft. Wie leest Vestdijk nog? Sommigen zeggen dat Mulisch over een paar jaar is vergeten. Maar Reve duikt elke paar jaar weer op. Laatst nog een mooi stuk in De Gids van Piet Gerbrandy over de religie in zijn werk. En ook door mijn boek krijgt hij gelukkig weer aandacht.'

Soms, vertelt Posthuma de Boer, krijgt hij nog een verzoek voor een afdruk van een foto van Reve. 'Dat hij toen met Teigetje hand in hand de kerk uitkwam, dat is door menigeen beschouwd als de aanzet tot het homohuwelijk. Nog steeds wordt me dat gezegd: 'Door Gerard ben ik uit de kast gekomen.' Mooi toch?'

Door het oog van de tijd. De Reve-foto's van Eddy Posthuma de Boer. Uitgeverij De Weideblik, 20 euro. (5 Greonterp, 1968)
Van 28/2 t/m 4/4 presenteert Kunstcentrum Haarlem de Reve-foto's van Posthuma de Boer in een gelijknamige expositie.


Foto 3: Machelen aan de Leie, 2003. Beeld Eddy Posthuma de Boer
4, Machelen aan de Leie, 2003 Beeld Eddy Posthuma de Boer

Lachen naar het katholieke vogeltje

Terzijde: de broers Reve

Er zijn geen schrijvers met zulke wellustige lippen als Gerard Reve, ziet Reve-liefhebber Peter Buwalda. Wacht, jawel, hij kent er nóg een.

Eddy Posthuma de Boers foto van de gebroeders Van het Reve stond midden jaren negentig ingelijst op de hoek van mijn bureau. En ik zat permanent aan dat bureau, zwoegend op een oeverloze, morosofische verhandeling over beider werk, met aan de verre einder de academische versierselen. De Reves waren heel anders, maar toch hetzelfde, zo luidde mijn hypothese. In de pap gingen Karl Popper, katholieke zangvogels, het werk van Maarten Biesheuvel, Schopenhauer, het potje van Eendje Kwak en nog wel meer krenten die ik liet wellen in een kopje literatuurwetenschap.

Soms kwam er iemand binnen en pakte de foto op. Onwetenden maakte ik wijs dat het 'mijn vader Frits en zijn broer Joop' waren.

'Dus je oom is kalend', stelde een beneveld, heel erg hees corpsmeisje vast. 'Dat betekent dat jij ook snel kaal zult worden. Haaruitval gaat nooit van vader op zoon, maar het is wel erfelijk. Masseer je wel met petroleum?'

Natuurlijk nam ze me in de maling, al is theoretisch mogelijk dat ze spontaan tot deze Frits van Egters-achtige overwegingen kwam. Een chimpansee kan ook per ongeluk de Don Quichote typen, als we Borges moeten geloven.

Verder heb je weinig aan schrijversfoto's. Waar het om gaat, de taal, staat er nou juist niet op. Wel zien we leugens, zoals de brede grijns op Gerard Reves gezicht die lijkt te vertellen dat hij dol was op zijn broer, wat onzin is. De schrijvers waren permanent gebrouilleerd, meestal op Gerards initiatief, die naarmate de jaren vorderden niet terugschrok voor het openlijk belasteren van Karel, die volgens hem slechts zijn halfbroer was, vroeg dement, voor het leven verslaafd aan Marx en Lenin, en bovendien lui en zuinig.

Ondertussen levert kijken naar Reve meer op dan kijken naar gewone schrijvers. Tijdens het bladeren in Posthuma de Boers boek, beiert Reves proza voortdurend door mijn hoofd, natuurlijk vanwege zijn uit brons gegoten stijl, maar ook omdat alles wat Reve schreef autobiografisch was, waardoor iedere foto een illustratie is bij iets wat je ooit ergens hebt gelezen, in een brief of roman, van de ganzenveren waarmee hij schreef tot aan het matrasje in zijn beddenbak waarop hij, denk je dan, eenparig hamerend en beitelend de liefde heeft liggen bedrijven.

Wat niet wil zeggen dat ik het altijd aanwinsten vind, deze foto's. Reves werkelijkheid steekt nogal grauw af tegen hoe hij erover schreef. Misschien stel ik me het Geheime Landgoed liever zelf voor, in plaats van dat ik er Reve op zie rondscharrelen. Ik hoef ook geen foto van Henri Osewoudt in verpleegsterskleren. Of van Mickey Sabbath in de ochtendjas van iemands dochter.

Mooi zijn de portretten van de oude Reve. De verinnerlijkte blik van de man die zowel De avonden op zijn kerfstok heeft als Bezorgde ouders, dat late, krankzinnige meesterwerk. Bij de bejaarde Reve heb je het gevoel dat kop en schrijfstijl op elkaar zijn gaan lijken, als een hond en zijn baasje. Zou dat een wet zijn? Ik kijk nog eens goed naar de gebroeders: bij het essayistische, door en door rationele proza van Karel verwacht je inderdaad een dergelijk kalend professorenhoofd, met precies zo'n bril met ernstig montuur. Deze man zou niet snel Lieve Jongens schrijven, nee.

Ernaast het hoofd van Reve. Zo ziet een Henk Broekhuis er niet uit. Die valse diagonale blik, de volle haardos, de wellustige lippen, ik ken weinig schrijvers met zo'n wulpse mond als Gerard Reve.

Nou ja, ik ken er één. Curieus genoeg is dat zijn broer. Het valt me nu pas op, eigenlijk: de Reves hadden dezelfde volle, vlezige lippen. De vraag is natuurlijk wat er van die gedeelde lippen af te lezen viel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden