KlassiekDe mooste orgels

Gehaat en geliefd: dit is de Volkskrant Orgel Top 31 t/m 45

Na het succes van de Volkskrant Orgel Top 15 en het soms verguisde vervolg met de top 16 tot en met 30 nu de afsluiter. Welke vijftien orgels zijn óók nog om te janken zo mooi?

Het Hinsz-orgel in de Martinikerk in Bolsward. Beeld Annabel Miedema
Het Hinsz-orgel in de Martinikerk in Bolsward.Beeld Annabel Miedema

‘Nu moeten jullie ermee ophouden, hoor. Met nog zo’n lijst trap je alleen maar mensen op hun ziel.’ Het is een klein jaar geleden, aan de telefoon hangt een bezorgde organist. Wat wil het geval? In 2019 presenteerden we de Volkskrant Orgel Top 15. De inspiratie vormden de oliebollen-, haring- en ijstesten waarmee het Algemeen Dagblad jarenlang voor ophef wist te zorgen. Het doel: Nederlands fantastische orgels onder de aandacht brengen. Want vergeet kaas, molens en tulpen: het orgel is wat Nederland Nederland maakt.

De top 15 werd een hit, online het best gelezen stuk van de dag. Dit smeekte om een vervolg: de top 16 tot en met 30. Maar waar bij de eerste editie de hele orgelwereld in jubelstemming verkeerde – eindelijk weer belangstelling voor onze mooiste instrumenten in de ‘mainstream media’! – waren de reacties op deel twee vooral zuur. Want waarom stond dit of dat orgel er niet in? Het liep zelfs zo uit de hand dat de organist van de Rotterdamse Laurenskerk in nota bene het Reformatorisch Dagblad zijn beklag deed over het ontbreken van zijn orgels in onze lijst. Echt waar.

Discussie, ergernis, vreugde en verdriet zullen er ook zijn na deze top 31 tot en met 45, want er zijn simpelweg te veel Nederlandse orgels die om te janken zo mooi zijn. We staan stil bij de klasbakken die de lijst nét niet haalden (sorry, Purmerend, Loppersum, Vollenhove, Hasselt en Tholen: jullie zijn de gedeelde nummer 46) en feliciteren deze vijftien kampioenen. En we beloven stellig dat we het hier bij laten, want de nummer 59 zijn, dat gun je niemand.

Orgelcadabra

Leek op orgelgebied? Leer deze begrippen en je bent helemaal bij:

Middentoonstemming: historisch stemmingssysteem waarbij de belangrijkste tertsen zo zuiver mogelijk zijn en andere samenklanken juist vals kunnen klinken, zodat je echt verschil hoort tussen de toonsoorten

Register: serie orgelpijpen met dezelfde klankkleur, die je aan een toetsenbord of de voetpedalen kunt koppelen

Prestant: naam van het meest voorkomende register, de basis van waaruit de organist werkt

Orgelkas: (houten) bouwwerk waarin de pijpen en klavieren zijn verzameld

Frontpijpen: de pijpen die van buitenaf zichtbaar zijn (meestal de grootste prestantpijpen)

Rugwerk: het deel dat zich achter de rug van de organist bevindt

45. Nederweert: Clerinx-orgel, Sint-Lambertuskerk

Wat valt op aan de top 45? Verreweg de meeste orgels uit de lijst staan in protestantse kerken. Hoe komt dat? Duidelijk is dat voor veel protestanten het orgel sterk verbonden is met hun religieuze identiteit. Moesten de calvinisten aanvankelijk niets van orgels hebben (in de eredienst werd alleen gezongen), zeker vanaf de 18de eeuw was het orgel van het grootste belang. Het orgel werd het geoorloofde pronkstuk in een doorgaans verder sobere ruimte.

De grote katholieke stadskerken komen veelal uit de 19de en 20ste eeuw en hebben dus vaker ‘nieuwere’ orgels die minder vaak van ‘historisch belang’ worden geacht. Maar het is hoog tijd dat we ook de mysterieuze roomse, 19de-eeuwse klank omarmen, en het sprekende, directe Hollandse of Groningse orgel uit de 18de eeuw niet langer als de maat der dingen zien. Een tip: het onlangs gerestaureerde orgel (1851) van de Vlaamse bouwer Jan Arnold Clerinx in de Sint-Lambertuskerk in Nederweert is absoluut een mis waard.

44. Rotterdam: Hoofdorgel, Laurenskerk

In 1959 overleed de legendarische ‘Reus van Rotterdam’, Rigardus Rijnhout, die met zijn 2.38 meter en schoenmaat 62 in geen kader paste. In 1973 kreeg Rotterdam een reus terug. In de Laurenskerk, waar het vorige orgel door het bombardement van 1940 verloren was gegaan, werd een nieuw orgel geplaatst: het grootste van Nederland.

De rode reus is gebouwd door de Deense firma Marcussen. Kenmerkend voor de tijd: je moest op het orgel in alle stijlen uit de voeten kunnen. Het dynamisch potentieel is groot. Op geen enkel ander orgel klinkt You’ll Never Walk Alone zo goed.

43. Amerongen: Bätz-orgel, Kasteel Amerongen

Does size matter? Het kleinste orgel uit de lijst vinden we in Kasteel Amerongen. Het ziet eruit als een met mahonie gefineerde rococo-kledingkast uit 1780. Maar open de luiken en je ziet de pijpen van Gideon Thomas Bätz. De ‘wind’ moet je er zelf intrappen met voetpedalen, zoals bij een harmonium.

Zulke huisorgels waren in de 18de eeuw heel geliefd: ieder zichzelf respecterend grachtenpandbezitter had er een. Veel zijn er verloren gegaan of vertimmerd omdat ze in kleinere kerken dienst konden doen. Het Amerongse orgel is origineel en in perfecte staat.

42. Boxtel: Smitsorgel, Sint-Petrusbasiliek

Als er iemand verantwoordelijk is voor de Brabantse sound, is het Franciscus Cornelius Smits (1800-1876). Deze artiest in de orgelbouw, zelfverklaard autodidact, maakte het orgel (1842) van de Sint-Petrusbasiliek in het bedevaartsoord Boxtel. Smits verwees naar oudere tradities, maar keek met zijn crescendokast (waarmee je kunt spelen met volume) al vooruit naar de ontwikkelingen in de latere 19de eeuw. Kleurrijk, eigenzinnig: zoals het orgel van Boxtel is er geen ander.

41. Bergen op Zoom: Ibachorgel, Sint-Gertrudiskerk

In 1864 leverde de Duitse orgelbouwer Ibach een orgel aan de Mariakerk van Bergen op Zoom. Een Romantisch orgel met een hoofdletter R, ideaal voor muziek van Schumann, Brahms en Liszt. Het orgel werd een paar keer zo gerestaureerd dat er van het oorspronkelijke karakter weinig overbleef (van de 41 registers waren er nog 21 geheel of gedeeltelijk intact) en in 1987 overgeplaatst naar de inmiddels weer katholiek geworden Grote of Sint-Gertrudiskerk.

Tien jaar geleden werd het orgel heropgeleverd na een ingrijpende reconstructie. Het orgel heeft sindsdien menig hart veroverd. Het instrument wordt gekenmerkt door een rijk palet aan kleurrijke grondstemmen die veel te vertellen hebben en heel goed met elkaar mengen.

40. Zwolle: Schnitgerorgel, Grote Kerk

Huh? ‘Maar’ een 40ste plaats voor het orgel van Zwolle? Het is een van de grootste barokorgels van Europa en het is niet door de minsten gebouwd: orgeleindbaas Arp Schnitger (1648-1719) maakte het plan, maar overleed twee jaar voor de voltooiing; zijn zonen maakten de klus af. Maar de staat op dit moment is, nou ja, niet heel florissant. De pijpen zijn er trouwens ook uitgehaald, want een restauratie is aanstaande.

Lang verhaal kort: in 1956 werd het orgel gerestaureerd en naar de smaak van de tijd aangepast; het moest minder 19de-eeuws klinken. Iedereen vond het prachtig. Maar in de decennia daarna veranderden de inzichten en technieken over restauratie, het orgel werd voorbijgestreefd door andere ‘historisch verantwoord’ aangepakte orgels.

Het is een interessante kwestie: koesteren we het klankbeeld van de jaren vijftig, óók waardevol, of prefereren we hoe we nu denken dat de Schnitgers het hebben bedoeld, inclusief historische stemming? Als er een orgel is waarvan we wat verwachten, is dit het. Voorlopig blijft deze Schnitger de Schone Slaapster.

39. Nijkerk: Van Deventerorgel, Grote Kerk

Nijkerk, detail van het Van Deevterorgel. Beeld Annabel Miedema
Nijkerk, detail van het Van Deevterorgel.Beeld Annabel Miedema
Nijkerk, detail van het Van Deventerorgel. Beeld Annabel Miedema
Nijkerk, detail van het Van Deventerorgel.Beeld Annabel Miedema
Het Van Deventerorgel in Nijkerk Beeld Annabel Miedema
Het Van Deventerorgel in NijkerkBeeld Annabel Miedema

Nijkerk, Tijs van den Brink City, ooit een florerende stad door de teelt van tabak, heeft een topattractie. Rank, verticaal, vol van klank, rijk aan vulstemmen en houtsnijwerk waarvan het water je uit de mond loopt: zo mooi is het orgel in de Grote Kerk. Het is in 1756 gebouwd door Matthijs van Deventer, die verwarrend genoeg uit Nijmegen kwam.

38. Harlingen: Hinszorgel, Grote Kerk

Nederland mag dan de hoogste dichtheid aan historische toporgels ter wereld hebben, kijk naar de achternamen en je ziet dat we alles te danken hebben aan immigratie.

Een van de belangrijkste orgelbouwers hier was Albertus Anthoni Hinsz (1704-1785, spreek uit: Hiensj), geboren in Hamburg. Hij was niet de grootste vernieuwer, wel de vakman die de Noord-Duitse orgelbouwtraditie voortzette. De lijntjes waren kort. Hij was de leerling van Franz Caspar Schnitger (zoon van Arp). Toen Franz Caspar stierf, trouwde Hinsz met Schnitgers weduwe. Hinsz sleutelde nog aan menig Schnitgerorgel (inclusief onze nummer 1, dat van de Groningse Martinikerk).

Zeer aanbevolen: de Harlingse Hinsz-experience in de Grote Kerk. Wij zeggen: lekker genieten.

Leidse twisten

Onrust in de Leidse orgelwereld: deze maand werd bekend dat het beroemde Van Hagerbeerorgel in de Pieterskerk, het grootste Nederlandse stadsorgel in middentoonstemming, geen vaste bespeler meer krijgt. Leo van Doeselaar, een van Nederlands succesvolste spelers, werd de laan uit gestuurd. Het roept de vraag op: als voor zo’n orgel al geen vaste bespeler op de loonlijst mag, voor welk dan wel?

37. Leiden: De Swart-Van Hagerbeerorgel, Hooglandse Kerk

Net als de Leidse Pieterskerk beschikt ook de Hooglandse Kerk over een wonderschoon historisch orgel. Pieter de Swart kreeg rond 1565 de opdracht om er een te bouwen, in 1637 is het uitgebreid door de orgelbouwbroeders Van Hagerbeer.

In 1980 ging de Duitser Jürgen Ahrend (ook verantwoordelijk voor de legendarische restauratie van het orgel van, daar is-ie weer, de Groningse Martini) er aan de slag om er een overtuigende eenheid van te smeden. Als je er toch bent: vraag de organist of je even naast de speeltafel mag luisteren. Wat klinkt het daar ongelooflijk mooi!

36. Middelburg: Peter Gerritsz-orgel, Koorkerk

Het oudste orgel van Nederland staat in Middelburg, maar lang niet iedereen vindt dat het daar thuishoort. En voor wie het wil horen: helaas. De pijpen van het orgel, in een rijke gotische kas die grotendeels uit 1479 stamt, zwijgen – al meer dan een eeuw.

Oorspronkelijk stond dit orgel in de Nicolaikerk in Utrecht. In 1886 zag het Rijksmuseum in Amsterdam in hoe bijzonder dit middeleeuwse erfgoed is (het oudste deel is in meer dan vier eeuwen nooit vervangen, alleen uitgebreid) en kocht het aan. In1956 kreeg de orgelkas een nieuwe bestemming: die ging naar de Koorkerk in Middelburg, die door bombardementen zwaar beschadigd was en een orgel nodig had. Het instrument bleef ongebruikt. De kas met de frontpijpen hangt er nog steeds, het binnenste materiaal is door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed opgeslagen in Zoetermeer.

De Raad van State meende in 2013 dat het orgel terug moet naar Utrecht, maar daar is dus nog niets van terecht gekomen. Wordt vervolgd. Wie een idee wil hebben van hoe het klonk: in het Orgelpark in Amsterdam is een reconstructie gemaakt.

35. Bolsward: Hinsz-orgel, Martinikerk

Detail van het Hinsz-orgel in de Martinikerk in Bolsward. Beeld Annabel Miedema
Detail van het Hinsz-orgel in de Martinikerk in Bolsward.Beeld Annabel Miedema

Nog zo’n heerlijke Hinsz vind je in het Friese Bolsward. Het had een van onze tipgevers verbaasd dat dit orgel er nog niet in stond, want dit is ‘de natte droom van iedere EO-organist’. Maar je hoeft zeker geen lid van de Evangelische Omroep te zijn om dit meesterwerk op waarde te schatten. Op dit instrument uit 1781, later uitgebreid door de firma Van Dam, kun je uitpakken en klanken stapelen, maar ook zwijmelen bij de fluiten en strijkregisters.

34. Zeerijp: Faberorgel, Jacobuskerk

Echt een fenomenaal instrument, rijk en zoet van klank, en dan die geweldige akoestiek van deze plattelandskathedraal: dit geluid laat niemand onberoerd. Maar hoe oud is het orgel van de kerk van Zeerijp, midden in het Noord-Groningse aardbevingsgebied? Van het oorspronkelijke orgel uit 1651 was behalve de kas weinig over toen in 1978 de orgelbouwers Blank en Bernhardt Edskes aan een reconstructie begonnen. Het resultaat, in middentoonstemming, werd onthaald als een monument van de historiserende orgelbouw. Nu, dacht men, weten we écht hoe die orgels vroeger klonken.

33. Beverwijk: Müllerorgel, Grote Kerk

Er zijn plaatsen met een betere reputatie dan Beverwijk: we denken aan de zwarte markt en het treffen van hooligans langs snelweg A9 in 1997 met onfortuinlijke afloop. Maar zeg ‘Beverwijk’ tegen een organist en zijn ogen zullen glunderen.

Het orgel uit 1756 is er een van Christian Müller, die ook verantwoordelijk was voor (onder meer) het beroemde orgel in de Bavo in Haarlem. Het is een gulzige Hollander met goede toeters. Vergeet niet om een kijkje te nemen bij de weergaloze grafmonumenten in de kerk.

32. Uithuizen: Schnitgerorgel, Jacobikerk

Arp Schnitger wordt ook wel ‘de Stradivarius van de orgelbouw’ genoemd. Eigenlijk is dat natuurlijk de omgekeerde wereld: Stradivarius was de Schnitger van de viooltjes. Wat een meester was de man die vooral de provincie Groningen zo veel moois schonk.

Er zijn kenners die het orgel van Uithuizen (opgeleverd in 1701) het hoogst aanslaan, vooral door die registers op het rugwerk, maar ook om het niet-klinkende materiaal: dat sublieme snijwerk – geld speelde geen enkele rol voor de rijke bewoners van de Menkemaborg die dit ding lieten bouwen. Er zijn ook kenners die vinden dat dit orgel wel heel ‘clean’ gerestaureerd is: alsof je bij andere Schnitgers meer leeftijd hoort. Wat in ieder geval in het nadeel werkt, is de bitse akoestiek: eigenlijk is dit kerkje veel te klein.

31. Oosthuizen: onbekende bouwer, Grote Kerk

Orgel in de Grote Kerk van Oosthuizen. Beeld Annabel Miedema
Orgel in de Grote Kerk van Oosthuizen.Beeld Annabel Miedema
Orgel in de Grote Kerk van Oosthuizen. Beeld Annabel Miedema
Orgel in de Grote Kerk van Oosthuizen.Beeld Annabel Miedema

De sensatie van luisteren naar een oud orgel is dat je pijpen hoort die je betovergrootouders ook al hebben kunnen horen. Zelden sta je in zo’n direct contact met de geschiedenis. Helemaal bijzonder is het als je een orgel hoort waar je voorouders van, pak ’m beet, twintig generaties geleden al naar hebben kunnen luisteren. Want dat is het geval bij het orgel van Oosthuizen in de Beemsterpolder. Het is een van de oudst bespeelbare orgels van Nederland. Wie het gemaakt heeft? We weten het niet. Maar de oudste pijpen moeten uit het begin van de 15de eeuw komen.

Als we het vergelijken met de andere oudjes: qua klank zit hij precies in het midden tussen het schone Van Covelensorgel uit Alkmaar en het oerorgel van Krewerd. En hoe mooi is het dat je die leeftijd ook ziet, dat afgebladderde. Het heeft aardse prestanten met een rafelrandje. Zongen de vogels maar zo mooi als dit roerfluitje in middentoon!

Inderdaad, misschien hebben we dit instrument niet helemaal rechtgedaan met een 31ste plaats. Wij houden van Oosthuizen, nu de rest van de wereld nog. Leve onze orgels.

En dit was de Top 30

1. Groningen: Hoofdorgel, Martinikerk

2. Alkmaar: Van Hagerbeer-Schnitgerorgel, Laurenskerk

3. Amsterdam: Wolff Schonat-orgel, Nieuwe Kerk

4. Noordbroek: Schnitgerorgel, Hervormde Kerk

5. Leiden: Van Hagerbeerorgel, Pieterskerk

6. Kampen: Hinszorgel, Bovenkerk

7. Nijmegen: König-orgel, Stevenskerk

8. Helmond: Robustellyorgel, Sint-Lambertuskerk

9. Doesburg: Walcker-orgel, Martinikerk

10. Utrecht: Bätzorgel, Domkerk

11. Leeuwarden: Müllerorgel, Grote of Jacobijnerkerk

12. Haarlem: Müllerorgel, Grote of St. Bavokerk

13. Krewerd: bouwer onbekend, Mariakerk

14. Delft: Maarschalkerweerdorgel, Maria van Jessekerk

15. Waspik: De Crane-orgel, Hervormde Kerk

16. Groningen: Schnitgerorgel, Der Aa-kerk

17. Zutphen: Baderorgel, Walburgiskerk

18. Alkmaar: Van Covelensorgel, Laurenskerk

19. Leens: Hinszorgel, Petruskerk

20. Utrecht: Marcussenorgel, Nicolaikerk

21. Amsterdam: Vater-Müllerorgel, Oude Kerk

22. Cuijk: Severijnorgel, Sint-Martinuskerk

23. Wijk bij Duurstede: Kiespenningorgel, Grote Kerk

24. Roermond: Robustellyorgel, Caroluskapel

25. Den Haag: Bätzorgel, Lutherse Kerk

26. Den Haag: Cavaillé-Coll-orgel, Waalse Kerk

27. Zaltbommel: Wolfferts-Heijneman-orgel, Sint-Maartenskerk

28. Vlaardingen: Van Peteghem-orgel, Grote Kerk

29. Den Bosch: grote orgel, Sint-Janskathedraal

30. Deventer: Holtgräve-orgel, Lebuïnuskerk

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden