Geen jazznerd

Door puur toeval ging hij zingen. Nu is de 26-jarige Jamie Cullum de populairste jazzster sinds jaren. De knuffelbare vertolker van oude standards vermengt op zijn nieuwe cd jazz met pop, rock en hiphop....

Het lijkt of Jamie Cullum een radicale omslag heeft gemaakt. Zijn single Get your way, afkomstig van zijn deze maand te verschijnen plaat Catching Tales, bevat spetterende bigbandsamples en een hiphop breakbeat. Is de knuffelbare vertolker van oude jazzstandards hip geworden? 'Ik heb altijd gezegd dat ik jazz en pop wilde integreren. Maar eigenlijk begin ik daar nu pas mee.'

In twee jaar tijd is Jamie Cullum uitgegroeid tot een wereldster. Zijn eerste Nederlandse concert, begin 2004 in het Amsterdamse Bimhuis, was meteen uitverkocht. Afgelopen zomer vulde hij met gemak de enorme Statenhal op North Sea Jazz en in december staat hij in de Heineken Music Hall. Met zijn authentiek wilde podiumgedrag - springen en trommelen op de vleugel, heen en weer rennen en meisjes om zich heen laten dansen - verovert hij de harten van iedereen die komt kijken. Zijn cd Twentysomething werd een miljoenensucces. Zijn nummers worden grijs gedraaid op de radio. En jongerenbladen zijn dol op Cullum, wiens foto zelfs in bushokjes prijkt.

Jamie Cullum is een hype. Maar wel een hype met een uitzonderlijk goede, karaktervolle stem die ook nog eens uitstekend piano kan spelen.

De 26-jarige Brit heeft een grote marketingmachine achter zich, maar als het even kan trekt hij zijn eigen plan. Boven alles is hij muzikant. Al sinds zijn tienerjaren. 'Ik herinner me dat ik van mijn vader en moeder een keer honderd pond voor mijn verjaardag kreeg. Ik ben meteen naar de platenzaak gerend om alles van de jazzpianist Keith Jarrett te kopen wat ik kon vinden. Thuis heb ik daar met tranen in mijn ogen naar zitten luisteren. Ik wilde wanhopig graag net zo goed worden.' Cullum zit op het terras van het American Hotel in Amsterdam. Ondanks een slopend promotieschema blaakt hij van het enthousiasme. 'Wat een heerlijke dag. Wat fijn om over muziek te praten. Weet je dat dit de eerste keer is dat me gevraagd wordt hoe ik met zingen begonnen ben?'

Jamie Cullum was pianist. Herbie Hancock en Bill Evans waren zijn helden. Hij leerde ze kennen toen hij een jaar of veertien was, via samples in hiphop. 'A Tribe Called Quest, De La Soul en The Pharcyde. Bands met een jazzvibe. Muziekgeschiedenis kun je heel goed van achter naar voren ontdekken. Elton John heb ik bijvoorbeeld leren kennen via de singer-songwriter Ben Folds. Wat ook hielp: mijn oudere broer Ben had veel jazzplaten.'

'Ik heb zo'n vier, vijf jaar rondgelopen met het idee dat ik de beste jazzpianist ter wereld moest worden. Keith Jarrett, daar luisterde ik echt gefrustreerd naar. Ik kon geen noten lezen - nog steeds niet trouwens. Zijn spel zat bomvol geheimen die ik wilde ontrafelen. Ik was een echte jazznerd in die tijd. Ik lachte om gitaarsolo's van Neil Young omdat ik ze slecht vond.' Langzamerhand is Cullum teruggekeerd naar de natuurlijke roots van elke twintiger: rock 'n' roll. 'Als ik vrienden meenam naar concerten verveelden zij zich kapot bij de academische solo's waar ik op kickte. Ik realiseerde me hoeveel passie en emotie bij rockmuziek komt kijken en dat je die vaak mist bij moderne jazz. Ik ben naar eenvoudiger spelende pianisten gaan luisteren zoals Count Basie en Thelonious Monk.'

Toen hij bepaalde standards wilde leren spelen, vond Cullum die op een plaat van Harry Connick Jr. Om de nummers beter te kunnen onthouden, zong hij mee. 'Dat was puur toeval. Daarvoor zong ik nooit. Ik had noch het zelfvertrouwen, noch de technische vaardigheid. Ik kopieerde elke stembuiging van Harry Connick. Op mijn allereerste opnamen hoor je dat ik letterlijk als hem probeer te klinken. Vanaf toen begon ik ook in rockbands te schreeuwen en deed ik wat achtergrondjes in hiphop.' Echt serieus werd het pas toen hij rond zijn negentiende Kurt Elling ontdekte, een magnifieke vocalist die uit volle borst saxofoonsolo's van Charlie Parker kan nazingen. 'Toen ik hem hoorde dacht ik: ik wil zanger worden.'

Cullum heeft later nog wat tips gekregen van Elling. Hij heeft zich zelfs een tijdje toegelegd op diens bijzondere zangstijl vocalese (uitgevonden door Jon Hendriks), waarbij je eigen teksten zingt op de noten van bestaande instrumentale solo's. 'Voor mijn nieuwe cd heb ik een vocalese opgenomen. Het is een losse combinatie van twee solo's van de saxofonisten Dexter Gordon en Art Pepper. De tekst gaat over een jongen die op het strand wordt beroofd door een vrouw. Bij de platenmaatschappij schrokken ze zich rot toen ze het hoorden, dus het wordt nu een b-kantje van een dvd-single. Mijn broer heeft het geproduceerd en het klinkt een beetje als Drop it like it's hot van Snoop Dogg.'

Net als bij het pianospelen werkte Cullum zich eerst door een hoop techniek alvorens zijn eigen stemgeluid te ontdekken. 'Ik ben niet meer geobsedeerd door het technische van Kurt Elling of door het gelikte van Harry Connick. Ik kijk nu naar wat uniek is aan mij. En dat is mijn hartgrondige liefde voor en mijn kennis van zowel popmuziek en rock als jazz. Mijn interesse ligt nu bij het samenbrengen daarvan. Als ik techniek moet gebruiken voor het jazzgedeelte kan ik dat, maar ik kan ook de rauwheid van een rockoptreden geven. De concentratie om een nieuwe Keith Jarrett te worden heb ik niet. Maar ik kan mensen makkelijk aanspreken met mijn muziek. En dan heb ik het niet over op de piano springen en showmannetjesgedrag, maar over het schrijven van lyrische, pakkende teksten en melodieën. Dat is echt een vak apart, heb ik gemerkt. De meeste melodieën die jazzmusici schrijven, zijn veel te springerig en ingewikkeld om leuk te zijn.'

Cullum is bekend geworden met zijn derde plaat, Twentysomething uit 2003. 'Eigenlijk zijn jazz en pop daarop nog veel te weinig geïntegreerd. Ik had nog het idee dat ik die twee gescheiden moest houden. Ik zing de standard Old devil moon als een jazznummer: in swing, met een saxsolo en een blazersarrangement, verschuivingen van de tel. . . dat soort dingen. Daar staat dan All at sea naast, een rechttoe rechtaan popnummer. Op de nieuwe plaat zijn de dingen veel beter met elkaar vermengd. Het nummer Photograph is bijvoorbeeld een popliedje met een jazzsolo en een latingedeelte erin.' Cullum brengt daarmee iets terug dat sinds de jaren tachtig uit de popmuziek is verdwenen: saxofoon- en pianosolo's. 'Dat vind ik leuk om te doen. Hoewel ik blij ben dat we niet meer in elk popnummer een saxofoonsolo hebben zoals bij Spandau Ballet. Die waren lelijk!'

'Voorheen voelde ik me een jazzmuzikant die ook popmuziek maakte. Nu lijkt het meer andersom. Ik weet het niet meer. Daar ben ik eigenlijk wel blij om. Het betekent dat er echt een synthese plaatsvindt in mijn hoofd. Maar ik speel nog steeds het liefst met mijn vaste jazzmusici: de Nederlandse drummer Sebastiaan de Krom en de bassist Geoff Gascoyne. Vooral Sebastiaan is een echte jazznazi. Echt waar, hij is het levende bewijs dat zoiets bestaat. Dat werkt echt goed. Hij is geen showbeest. Maar als hij het nodig vindt, kan hij het wel. Geoff en Sebastiaan zijn perfecte muzikanten voor mij, want ze dienen de muziek. Er wordt me wel eens gevraagd waarom ik niet met muzikanten van mijn eigen leeftijd speel, omdat het er beter uit zou zien op televisie. Maar dan snap je niet hoe muziek gemaakt wordt. Dat ik die harde onderlaag van ervaring nodig heb. Ik kan alleen maar gek doen op het podium omdat ik weet dat ik op hen kan bouwen. Ze zullen nooit versnellen, nooit vertragen. Het enige dat ze doen is verdomd goed spelen. En nu heb ik ze ook nog aan het zingen gekregen. Harmonieën, dat is echt cool.'

Cullum probeert ondanks zijn beroemdheid zoveel mogelijk het leven van een gewone jazzmuzikant te leiden. Op tournee bezoekt hij geregeld concerten en jamsessies. Afgelopen North Sea Jazz Festival rende Cullum van zaal naar zaal om overal iets mee te kunnen pakken. In de nachtelijke sessie in het Bel Air hotel speelde hij uren piano. 'Ik was daar best zenuwachtig met al die grote muzikanten om me heen. Sommige mensen zien me graag falen. Ik herinner me een voorval van een jaar nadat Twentysomething was uitgekomen. Ik werd op een conservatoriumsessie een beetje naar voren geschoven, ik hoefde eigenlijk niet zo nodig. We zouden There will never be another you spelen, een bekende standard. 'Medium tempo?' vroeg de sessieleider. Is goed. En hij telde razendsnel af. Het ging nog aardig, maar ik was natuurlijk niet op mijn best. Wat een onzin, daar gaat muziek toch niet over?

'Onlangs hebben we met de band nog een avond gedaan met allerlei zangers en zangeressen voor tachtig man publiek. We hebben net een week achter de rug in de kleine jazzclub Ronnie Scott's in Londen. De platenmaatschappij vroeg of ik het alsjeblieft niet wilde doen. Onzin. Van de zomer heb ik nog live house gespeeld met mijn broer op Ibiza. Ik vind het belangrijk uit te dragen dat ik vooral muziek wil maken en niet alleen maar bezig ben met beroemd zijn.'

Catching Tales is in tweeënhalve week opgenomen. Lang voor een jazzplaat, maar uitzonderlijk kort voor pop. 'We stonden meestal met zijn allen in dezelfde ruimte. Er staan alleen volledige takes op de plaat, niets is aan elkaar geplakt.'

Met Pharell Williams, de hotste producer van dit moment, die bekend is van N.E.R.D, Neptunes en sterren als Justin Timberlake en Snoop Dogg, bracht Cullum een week door in diens studio in Miami. Van tevoren werd er reikhalzend uitgekeken naar de samenwerking tussen de twee. Niet in de laatste plaats door de platenmaatschappij, voor wie de naam Pharell Williams garant staat voor enorme verkoopcijfers. 'Ze hebben ons een beetje onder druk gezet. We hebben vier of vijf nummers gemaakt, geweldig materiaal, maar we hebben besloten dat het nog niet af was. We wilden ons niet haasten en naar de pijpen van de platenmaatschappij dansen.'

Wel inspireerde Williams Cullum tot de vlotte werkwijze van Catching Tales. 'Het was geweldig om hem bezig te zien. Toen ik daar was, werkte hij ook aan nummers van Missy Elliott en van alles en nog wat. Ik werd gepakt door zijn totale overgave om iets te maken waarvan je je adem inhoudt als je het hoort. Hij vertrouwt niet op clichés, schrijft nooit iets op en werkt snel, elk uur van de dag of nacht. En hij laat veel fouten gewoon staan. Die geven de muziek karakter, iets onverwachts. Toen ik Pharell had zien werken, wist ik zeker dat ik niet te lang wilde slijpen aan mijn plaat.'

De samples op de nieuwe single Get your way komen van het nummer Get out of my life woman uit 1966 van de Thad Jones & Mel Lewis Bigband met zanger Joe Williams. 'Ik vond het een groovy manier om met het verleden te flirten en tegelijk iets moderns te doen.' Met die mix loopt Cullum meteen ver vooruit op de hausse van bijzonder traditioneel ingestelde jonge standards-zangers die in zijn voetsporen treden, waaronder Michael Bublé, Peter Cincotti en Matt Dusk. Cullum heeft de standards al weer grotendeels los gelaten. 'Als nu zelfs Westlife en Rod Stewart standards gaan zingen, dan raakt de lol er voor mij wel af. En ik zie ook een duidelijk verschil tussen Europa en de Verenigde Staten. In Amerika is men aan het conserveren. Mensen als Amy Winehouse (ook uit Engeland) en ikzelf bouwen voort op de traditie, we proberen er iets nieuws mee te doen.'

Dat hij een hele nieuwe generatie met jazz in aanraking brengt, ziet Jamie Cullum als een bijkomend voordeel, maar het is niet zijn eerste streven om op te voeden. 'Ik weet wel heel veel van jazz, dus er zijn minder geschikte personen om iets van te leren. Maar ik wil toch vooral een belichaming zijn van de manier waarop ik over muziek denk. Een van de redenen waarom ik jazz speel, is omdat het me naar zoveel verschillende plekken kan brengen. Het is open muziek. Je kunt er elementen van rock, pop en hiphop in stoppen zonder dat het daaronder lijdt.'


Catching Tales verschijnt 26 september. Concert op 14 en 15 december in Heineken Music Hall in Amsterdam (www.jamiecullum.com).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden