Garderobe van topvrouw is een mijnenveld

Een vrouw aan de macht wordt altíjd beoordeeld op haar kleding. Hoe komt dat en is er iets tegen te beginnen?

Beeld NYT

Had Elizabeth I van Engeland in haar tijd maar een televisietalkshow tot haar beschikking gehad. Dan had ze voor de camera kunnen zwaaien met de bonnetjes van haar kledinguitgaven tijdens haar regeerperiode. Dan had ze het morrende zestiende-eeuwse Britse volk kunnen laten zien dat niet zíj maar haar opvolger James I de big spender was. Want hoewel Elizabeths extravagante hoepelrokken en imposante schouderstukken niet goedkoop waren, werd later bekend dat ze van haar afgedragen jurken nieuwe kledingstukken liet maken. Haar huishoudboekje toont aan dat ze in vier jaar bijna tienduizend pond besteedde aan haar kleding, terwijl James in een jaar tijd bijna het viervoudige uitgaf. Maar een podium om zich te verdedigen tegen beschuldigingen van buitensporigheid had Elizabeth niet.

Dan Julia Timosjenko. Die 'kaapte' in december 2009 tijdens haar tweede termijn als premier van Oekraïne de populaire talkshow Velyka Polityka. Op vernuftige wijze pareerde ze de beschuldiging dat ze in tijden van economische malaise een gefortuneerd leven leidde met dure schoenen en designerkleding. Glimlachend vroeg Timosjenko de kritische journalist het podium op te komen en de rits van haar zwarte jurk naar beneden te trekken, zodat ze het label kon checken. In plaats van luxemerk Louis Vuitton stond er 'Aina Gasse', een relatief klein Oekraïens merk. Hoewel nadien werd gefluisterd dat dit alles doorgestoken kaart was en bleek dat een jurk van Aina Gasse alsnog zo'n 800 dollar had gekost, had Timosjenko haar critici de mond gesnoerd. Het ging toen al jaren dagelijks in de media over haar uiterlijk, over de lange blonde vlecht die als een krans om haar hoofd lag, over haar 'engelachtige' voorkomen en haar vrouwelijke garderobe.

Christine Lagarde van het IMF bij de opening van het Milanese operaseizoen. Beeld ap

Stijlgeschiedenis

De garderobe van een vrouw met macht is een mijnenveld. Niemand die dat beter weet dan Hillary Clinton, behalve presidentskandidaat een vrouw die haar hele stijlgeschiedenis, van kapsel tot schoenen, op internet kan terugvinden. Ze had haar tanden nog niet gepoetst na het debat met Donald Trump afgelopen week of de commentaren op haar brandweerrode pak kwamen als manna uit de hemel vallen. 'Ik zie dat Hillary vanavond gekleed gaat in het bloed van de mannen die haar hebben onderschat', twitterde schrijver Sady Doyle. En Man Repeller, een feministische site over alles wat met persoonlijke stijl te maken heeft, wijdde een hele post aan het powerpak. 'Ze koos rood. Een kleur die staat voor liefde en oorlog en passie en vuur en kracht en stop. Een kleur die zegt: let op.'

Dat kleding een politiek verschil kan maken wist de Egyptische koningin Hatshepsut al, van wie wordt gedacht dat ze 3.500 jaar geleden de eerste vrouwelijke farao was. Volgens sommige wetenschappers zat Hatshepsut als een man op de troon, met een metalen baard, een kilt en ontbloot bovenlijf, omdat ze in het oud-Egyptische equivalent van een bloemetjesjurk haar politieke standpunten nu eenmaal wat moeilijk over het voetlicht kon brengen. Een neutraal kledingstuk voor een vrouw in de schijnwerpers bestaat gewoonweg niet. Dat is jammer voor de Duitse bondskanselier Angela Merkel. De postergirl van het politieke powerpak, doorgaans gekleed in een degelijke wijde broek en een felgekleurd jasje, knoopjes dicht, wit T-shirt eronder.

'Ze probeert zo hard géén aandacht te trekken met haar kleding dat haar stijl me nog veel meer is gaan opvallen', schreef een moderedacteur van de Duitse Vogue. 'Ik wil dat ze er vrouwelijker uitziet, glamoureus en chic, zeker tijdens feestelijke gelegenheden en staatsbezoeken.' De redacteur kreeg haar zin. In 2008 verscheen Merkel voor een bezoek aan de opera in Oslo in een galajurk die ruimte bood aan een decolleté waarvan niemand het bestaan had vermoed. De jurk bracht een storm aan reacties teweeg. 'Wonderbaarlijk tegenstrijdig' oordeelde de Duitse modeontwerper Joop. Het bleek een compliment en was meer dan dat: een adequate definitie van de dagelijkse kledingkastperikelen van een vrouw met macht.

Hillary Clinton in Tampa, Florida begin september 2016. Beeld afp

Voorbereid op close-up

'Elke vrouw met een publieke functie moet te allen tijde voorbereid zijn op haar close-up, omdat de zoomlens harder met haar afrekent dan met haar mannelijke collega's.' Deze uitspraak van de Australische schrijver Meg Mundell komt uit het boek Power Dressing - First Ladies, Women Politicians & Fashion (2011) van modejournalist Robb Young. Het staat stampvol machtige vrouwen als Condoleezza Rice, Grace Mugabe, Asma al-Assad, Sarah Palin en Neelie Kroes, voor wie aankleden gelijkstaat aan het afvinken van een eigenaardige checklist. In The Guardian wijdde Hadley Freeman er onlangs een geestige column aan, waarin ze als een soort lieve lita antwoord geeft op de vraag hoe Hillary Clinton gekleed zou moeten gaan.

'O, dat is héél eenvoudig', sneert ze. 'Ze moet alleen maar de hele tijd perfect verzorgd zijn, maar er niet uitzien alsof ze veel tijd aan haar uiterlijk besteedt. Ze moet prachtige kleren dragen, maar die mogen niets kosten. Ze moet er betrouwbaar uitzien, maar nooit 'moederlijk'; ze moet vrouwelijk zijn, maar niet meisjesachtig; ze moet er kranig uitzien, maar niet als een bitch. Ze mag nooit plastische chirurgie ondergaan, maar ook niet oud worden. Ze moet er geruststellend presidentieel uitzien, wat betekent: eruitzien als mannelijke presidenten uit het verleden, maar ze mag er nooit masculien uitzien.' En dat was nog maar de helft van de contradicties die Freeman wist op te sommen.

Of ze zich daar nu van bewust is of niet, alles wat een vrouw in de publieke arena aantrekt lokt een reactie uit, van mannen én vrouwen overigens. En voordat u opspringt om te roepen dat het heus niet alleen vrouwen zijn van wie het uiterlijk wordt besproken en gekeurd: ja, het gaat in het publieke debat ook steeds vaker over het kapsel van Donald Trump of de gebreide wijdeboordentruien van Hans Spekman. Maar deze mannen zijn uitzonderingen. Hun uiterlijk wijkt af van dat van andere machtige mannen (die doorgaans grijze of blauwe pakken dragen en hun haar onder controle hebben) en is daardoor voer voor commentaar en - als ze pech hebben - hilariteit. Voor vrouwen is dat anders. Vrouwen wijken altíjd af: van de norm, die dus nog immer grijs en mannelijk is, en ook omdat ze wat kleding betreft een ruimere keuze hebben dan mannen (meer kleuren, silhouetten en accessoires). Daardoor kunnen ze zich eerder 'vergissen'.

Terwijl het tegelijkertijd - want zo ingewikkeld is het - niets uitmaakt wat een vrouw aantrekt. Oordelen komen er toch. In 2005 was een aantal Noorse politici zo klaar met de seksistische opmerkingen over hun uiterlijk, dat ze afspraken in plaats van avondjurken traditionele Noorse kleding te dragen naar een feestelijke parlementsbijeenkomst. De volgende dag besteedden de media nog meer aandacht aan hun kleren dan normaal. En ook vrouwen die denken dat ze de berichtgeving rond hun kleding de kop kunnen indrukken door zich alleen nog maar in grijze pakken met brede schouders te hullen, komen er snel achter dat ze daarmee nog niet dezelfde boodschap overbrengen als hun mannelijke collega's.

Koningin Máxima in Zoetermeer. Beeld anp

Onzichtbaarheid

Dit alles was onlangs reden voor de Amerikaanse site Vox (missie: 'to explain the news') een fake reclamefilmpje te maken voor een soort onzichtbaarheidsmantel. De Transparen-she laat het vrouwelijke lichaam simpelweg verdwijnen en 'maakt dat een vrouw vrijelijk langs de onmogelijke maatschappelijke standaarden kan navigeren'.

Vrouwenkleren zijn immers altijd een onderwerp. Dat is leuk zolang de betrokkene er zelf over meepraat (want laten we wel wezen: veel vrouwen hébben het graag over kleding), maar wordt dubieus zodra er inhoudelijke conclusies uit worden getrokken. Dan kan iemands uiterlijk ineens politieke betekenis krijgen. Vraag maar aan Rita Verdonk, oud-politicus en nu eigenaar van het bedrijf CVmonitor, een online platform dat cv's checkt. In de nacht van 16 op 17 mei 2006 debatteerde zij als minister van Vreemdelingenzaken en Integratie in de Tweede Kamer op het scherp van de snede over het Nederlanderschap van Kamerlid Ayaan Hirsi Ali, wat er uiteindelijk toe zou leiden dat Hirsi Ali naar de Verenigde Staten emigreerde. Verdonk droeg een felroze jasje. Ze had dat jasje, vertelt ze ruim tien jaar later aan de telefoon, 'heel bewust' gekozen.

'Het was een moeilijk debat, het greep me als persoon aan', zegt ze. 'En omdat ik al donkere ogen en donker haar heb, waardoor ik streng kan overkomen, had ik roze aangetrokken.' Het mocht niet baten. In Elsevier vergeleek schrijver Nelleke Noordervliet Verdonk naderhand met tsarina Catharina de Grote, die zich in de achttiende eeuw hulde in mannenkleren. 'Ze leek op de boze stiefmoeder van Sneeuwwitje', schreef Noordervliet, nadat ze al had opgemerkt dat het jasje de minister dik maakte. 'Verdonk draagt vaak kleren uit het Pauw-domein: semi-militaire jasjes met vrouwelijk wijde en geplooide rokken. Daarmee geeft ze de dubbele boodschap van macht en meegaandheid.' En dat was natuurlijk niet de bedoeling.

(Tekst gaat verder onder de afbeelding)

IMF-topvrouw Christine Lagarde in 2013. Beeld afp

De aanval op wat ze droeg was niet nieuw, vertelt Verdonk. 'Ik werd er tijdens mijn managementfuncties al mee geconfronteerd. Als mensen het inhoudelijk niet van je kunnen winnen, beginnen ze over je uiterlijk. Dan heb ik ergens een speech gehouden die klonk als een klok, kom ik naar buiten en is de eerste opmerking die ik krijg: 'Mag ik u complimenteren met uw jurk?' Zelf vind ik kleding niet belangrijk. Ik beoordeel anderen er ook niet op.'

Daarmee is Rita Verdonk een uitzondering. Voor de rest van de wereld doet het er wel degelijk toe wat een politicus draagt, zoals het tegenwoordig ook belangrijk is wat zo iemand het liefste eet (en hoe), welke kunst er thuis aan de muur hangt (en waarom) en op welke zij iemand slaapt (en met wie). Maar waar het goed gesneden maatpak van een mannelijke politicus vaak niet meer dan een mededeling is, wordt het uiterlijk van zijn vrouwelijke collega dikwijls gebracht als een boodschap. Het rode pak van Hillary Clinton heeft 'betekenis'. Een teveel aan been kan duiden op een gebrek aan moraal of zelfs intelligentie. En hoewel sommige vrouwen hun kleding bewust inzetten voor politiek gewin en daarmee een klapper maken - denk aan de voormalige Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Condoleezza Rice, die tijdens een bezoek aan een militaire basis in 2008 gekleed ging in een prachtige uniformjas met goudkleurige knopen en hoge zwarte laarzen - is vrouwelijkheid niet automatisch een garantie voor succes. Voor je het weet worden schoenen met hakken van een normale lengte in de pers aangezien voor 'stiletto's', zoals de Franse politicus Ségolène Royal in 2006 overkwam toen ze een bezoek had gebracht aan een arbeiderswijk in Chili. Hoe dúrfde ze dat soort chique schoenen te dragen in een buitenlandse 'sloppenwijk', was de teneur.

Anders bekeken

'Vrouwen worden constant anders bekeken dan mannen', zegt Tweede Kamerlid Mei Li Vos, bekend geworden als voorzitter van het Alternatief voor Vakbond, gekleed in polkadotjurken, Peter Pan-kraagjes en altijd op hoge hakken. 'Natuurlijk zou je kunnen zeggen: laten we er geen aandacht aan besteden. Maar kleding blijkt steeds weer politiek relevant. Dat gezeik over hun uiterlijk is bijvoorbeeld waarom veel vrouwen geen zin hebben om op televisie te verschijnen. En zo blíjven ze dus anders. Zolang er geen gelijkheid is tussen mannen en vrouwen is dit een zinnig onderwerp, net zo zinnig als het verschil in salaris voor mannen en vrouwen die hetzelfde werk doen.'

Zelf heeft Vos er lang over gedaan om haar 'springerige' imago, zoals ze het noemt, van zich af te schudden. Ze heeft vaker nee gezegd tegen 'lollige televisieprogramma's'. En wanneer ze een ingewikkeld debat moet voorzitten trekt ze haar antracietkleurige 'oorlogspak' aan, zodat mensen weten dat ze daar niet zit om vrienden te maken. 'Ik vind het ingewikkeld', zegt ze. 'Ik hou van mooie kleren, zoals veel mannen van voetbal houden, of auto's. Moeten die ook hun hobby's opgeven? Nee! Het is tegenstrijdig: ik kan niet mezelf zijn, maar ik wil wel serieus genomen worden. Om dat te bereiken moest ik mijn profiel heruitvinden. En dat lukt aardig' - ze schatert - 'want mensen weten al bijna niet meer wie ik ben.'

'Sinds ik actief ben in de politiek ben ik in eerste instantie vooral vrouw', zegt Kamerlid Fleur Agema. 'Daar word ik weleens moe van. Vrouwelijke politici worden soms beoordeeld alsof ze actrices of modellen zijn, maar uiterlijk is niet ons beroep.' Net als Vos houdt Agema van kleren. 'Wat werkkleding betreft houd ik me aan bepaalde regels: niet te veel decoratie, rokjes net boven de knie, alles gestoomd, gewassen. Het is ook belangrijk dat kleren lekker ruiken en dat je af en toe wat nieuws draagt.'

'Soms is het lastig', zegt Agema. 'Ik wil uitstralen dat ik mijn werk serieus neem en dat ik tegelijkertijd van een lolletje hou. In de Catshuisperiode, toen ik zeven weken lang gesprekken moest voeren over de begroting, een serieus onderwerp, ging ik bewust heel bescheiden gekleed, in neutrale kleuren. En zul je altijd zien: droeg ik daaronder één keer rode schoenen, stond ik op elke foto met die schoenen aan. Maar ik vind nu eenmaal dat mijn kleding nooit té saai en té streng moet zijn. Ik ben er zelf ook nog.'

Dat is natuurlijk de crux van al dat ochtendlijke geaarzel voor een volle kledingkast: het vinden van het natuurlijke evenwicht tussen wie je bent en wat je wilt overbrengen. Wanneer een vrouwelijke politicus (of talkshowpresentator of ondernemer) die balans vindt, dan straalt ze uit wat in deze door mediawetten gestuurde wereld gerust als toverwoord mag worden beschouwd: authenticiteit. Maar zie daar maar eens zonder kleerscheuren te komen. Carina van der Kloet, oprichter van Carina Personal Styling in Amsterdam, helpt menig politicus aan een 'coherent kledingverhaal'. Ze zegt niet wie dat zijn. Anders dan in de Verenigde Staten, waar iedereen weet hoe de stylist van Michelle Obama heet (Meredith Koop) en wie tekende voor het nieuwe, professionele uiterlijk van Sarah Palin tijdens haar vicepresidentiële campagne (Lisa A. Kline), wordt daar in Nederland liever niet over gepraat.

Showelement

'Ik snap die terughoudendheid wel', zegt Van der Kloet. 'In Amerika speelt het showelement een grotere rol dan hier. Hier willen vrouwen het liefst niet opvallen. Dat is ook waarnaar ik streef bij het kleden van iemand die een publieke functie bekleedt: dat het uiterlijk zo goed past bij haar persoonlijkheid én bij hoe ze overkomt, dat je het niet meteen doorhebt. Ik wil dat mensen denken: 'Zij ziet er goed uit, maar waar ligt het eigenlijk aan?' Wanneer je kleren je persoonlijkheid ondersteunen hoef je er niet meer over na te denken en kun je je volledig richten op de inhoud.'

Dat klinkt ideaal. Het enige nadeel is dat een vrouw die eindelijk weet welke kleding ze moet dragen om haar beleid of visie zo ondubbelzinnig mogelijk te kunnen overbrengen, voor de rest van haar leven vastzit aan diezelfde stijl. Toen Julia Timosjenko opmerkte dat ze wel eens toe was aan iets nieuws, vooral wat haar kapsel betreft, schoot haar achterban in een kramp. Verandering van kapsel lijkt immers automatisch verandering van politieke opvattingen te betekenen. En als kiezers één ding niet willen dan is het onzekerheid. De beste oplossing? Wachten tot Transparen-she werkelijkheid wordt, zodat elke vrouw in de openbaarheid als pratend hoofd door het leven kan gaan? Een weinig aantrekkelijk vooruitzicht. Het invoeren van het poweruniform: elke politicus hetzelfde pak? Haha. Roepen dat de vrouwen het commentaar maar langs hun kleren moeten laten afglijden? Begint u maar weer bij het begin.

First Lady Michelle Obama bij een ceremonie in 2015. Beeld epa
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden