Gamesmakers in Holland: klein bier en amper een vrouw te bekennen

Naar schatting 200 vrouwen in Nederland verdienen een boterham met het ontwerpen en bouwen van computerspellen. Dat valt op te maken uit een onderzoekje door Control, het vakblad voor de Nederlandse gamesindustrie. Tegen de 92 procent van het personeel van gamesstudio's is man. Ook op de opleidingen zijn vrouwen ondervertegenwoordigd.

Toki Tori is een van de weinige grote internationale successen van een kleine Nederlandse gamesstudio, Two Tribes. Het spel komt volgend jaar uit voor de pc en de Mac.

'Ik denk dat het nog gezien wordt als een echt bêtavak', reageert Ard Bonewald van Gamehouse Studios in Eindhoven in Control. 'Jonge vrouwen denken niet snel bij een gamesopleiding: hé, tof!.'

Volgens Bonewald rust er nu nog een taboe op het spelen van games, ook binnen de doelgroep die zijn bedrijf bedient - online games voor vrouwen van 30 jaar en ouder. 'Ze spelen heel veel games, maar praten er niet over met anderen.'

De redactie van Control ondervroeg enkele tientallen studio's naar hun omvang, personeelsbestand en portfolio. Het spreekt van een representatief onderzoek. De peiling gebeurde anoniem, omdat in een kleine sector als de Nederlandse gamesbranche gegevens snel zijn terug te voeren naar een specifiek bedrijf. Zo noemt Control één bedrijf, dat 160 man in dienst heeft. Dat moet Guerrilla Games in Amsterdam zijn, de makers achter het grote PlayStation-spel Killzone.

Guerrilla Games is de grote uitzondering in het Nederlandse gameslandschap. Uit onderzoek door adviesbureau Deloitte & Touche bleek eerder dit jaar al dat de sector bestaat uit 160 kleinere bedrijven, met gezamenlijk 2500 werknemers. Ruim 60 procent heeft een tot vijf mensen in dienst, slechts 12 procent heeft 20 man personeel of meer.

De peiling van Control bevestigt dat. De ruime meerderheid van de studio's bestaat uit teams van 15 of minder ontwerpers. Ze maken gemiddeld 6 games per jaar. Minder dan 40 procent durfde een boekje open te doen over de omzet. Een groot aantal zou meer dan een half miljoen euro per jaar omzetten.

Het gros (72 procent) van de ondervraagde studio's denkt dat het goed noch slecht gaat met de Nederlandse gamesindustrie. 17 procent ziet het somber in, 11 procent is optimistisch. 59 procent is tevreden over hoe het eigen bedrijf draait. 35 procent zou wel meer steun willen zien van de overheid en 47 procent vindt het lastig om investeerders aan te trekken.

Gemengde gevoelens
Succes heeft twee kanten, zo laat Control zien. De gamesontwerper Joost van Dongen verdiende 14.105 euro aan Proun, een kunstzinnige racer die hij online aanbood en waarbij gamers zelf mochten bepalen wat ze ervoor wilden betalen. Een kwart miljoen gaf 0 euro, nog geen 2 procent betaalde gemiddeld 3,81 euro. De gemiddelde opbrengt per gedownloade Proun komt daarmee op 7 eurocent.

Op zijn weblog noemt Van Dongen Proun een gemengd succes. Het 'betaal-wat-je-wilt'-model bracht hem veel publiciteit, maar de opbrengst in harde euro's was hoger geweest als de ontwerper zijn game gewoon te koop had aangeboden - afgaande op de goede kritieken die Proun kreeg.

Op 24 november reikt Control voor het vierde jaar achtereen de Dutch Game Awards uit, tijdens een diner in Amersfoort voor de beroepsgroep.

Beelden uit computerspellen genomineerd voor een Dutch Game Award.
Nederlands succesvolste exportproduct op het gebied van games: Killzone. (Beeld Guerrilla Games)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden