Gallodoro is tovenaar met scherp geheugen

Al Gallodoro's favoriete uitdrukkingen zijn 'Het lijkt wel gisteren' - wat betekent dat een oeroude herinnering in zijn geest opvlamt - en 'Ik zal het nooit vergeten'....

Van onze medewerker

Kevin Whitehead

HILVERSUM

En wat waren er veel optredens om herinnerd te worden. Hij is in 1936 bij Paul Whiteman's kolossale symfonische jazzorkest gegaan, en werkte daarna mee aan ontelbare radio-uitzendingen met populaire en klassieke muziek, opnamesessies, tv-programma's, jazzoptredens, en een circus.

Gallodoro werd altijd geprezen als een technische tovenaar, maar hij was nooit echt beroemd en maakte niet veel platen als voornaamste solist. Toch had hij weinig concurrentie als het ging om snel en gaaf spelen, waarbij iedere korte gearticuleerde noot in een complexe lijn door zijn eigen afzonderlijke ademstootje gedragen werd. Hij was gespecialiseerd in virtuoos vertoon dat voor de saxofoon betekende wat Flight Of The Bumblebee was voor de viool.

Hij was bijna twintig jaar van het muzikale toneel verdwenen, en gaf les aan een kleine universiteit ten noorden van New York, toen zijn fan Robert Veen, saxofonist van de muzikale archivarissen The Beau Hunks, hem uitnodigde voor het Bredase Jazz Festival van vorig jaar. Deze week is hij terug in Nederland voor een paar optredens met Veen en anderen.

'Ik was zo verbaasd toen ze me de eerste keer belden, dat ik even moest nadenken voor ik ja zei. Ik had niet eens een paspoort.'

'Ik was niet verbaasd; ik had het mijn hele leven al verwacht.'

De laatste spreker is zijn dochter Alice, die hem op deze reis gezelschap houdt. Ze maakte video-opnamen van zijn drie uur durende workshop, dinsdagmiddag op het Hilversumse Conservatorium, waar de verhalen stroomden als 32ste-noten, en voegde er af en toe haar eigen droge opmerkingen aan toe.

Al Gallodoro ziet eruit als een man die wordt opgeslokt door zijn broek. Hij heeft een buik als een oude potkachel, met zijn riem eroverheen gesjord, bijna tot aan de zakken van zijn houthakkershemd. Hij is kaal bovenop, zijn schedel heeft een gezonde bruinverbrande kleur. Zijn witte baard en bijpassende strook wit haar van achteren zien eruit alsof er een Hawaiiaanse krans van witte bloemen over zijn oren gedrapeerd is. Zijn gehoor en ogen worden minder, een beetje, maar zijn geest is snel.

Hij heeft twee eigenschappen die een goede leraar nodig heeft: hij kan leerlingen op hun gemak stellen - in Hilversum laat hij zijn jonge partners het tempo bepalen als ze samen een duet doornemen - en hij heeft altijd iets te vertellen.

'Ik leerde Rudy Wiedoeft kennen toen ik voor het eerst naar New York kwam, in 1933. Ik zal het nooit vergeten. Hij stond in de Selmer saxofoonwinkel, en was vriendelijk tegen ons jonge jongens. Hij was mijn idool. Ik speelde al zijn solo's, maar heb er maar een paar opgenomen.' Wiedoeft speelde in feite ragtime op de saxofoon: snelle gesyncopeerde raderwerken, in vormen die ontleend waren aan marsen. Ragtime zelf was ten dele afgeleid van wat brassbands rond de eeuwwisseling speelden, met hun virtuozen die gewaardeerd werden om hetzelfde soort snelle articulatie.

'Ik had mijn staccato-techniek, met dubbel en driedubbel aanzetten, geleerd in 1927, het jaar dat mijn ouders naar New Orleans verhuisden. Van Howard Vorhees, een voormalige trompettist die dezelfde technieken toepaste toen hij op saxofoon was overgeschakeld. Ik heb met hem gewerkt in de Beverly Gardens, een gokhuis, van tien uur 's avonds tot vijf uur 's ochtends, zeven dagen in de week. Ik verdiende 35 dollar per week, maar later werd dat verhoogd tot 50.' Hij was veertien.

Zelfs tijdens zijn beste tijd, de jaren dertig en veertig, was Gallodoro een anachronisme. Wiedoefts hoogtijdagen waren de jaren tien en twintig. In de tijd dat Gallodoro actief was in New York leidde Duke Ellington zijn geweldigste orkest, creëerde de Count Basie Band een nieuwe definitie van soepele swing, zetten bebop-muzikanten als Charlie Parker en Thelonious Monk de jazz één keer op zijn kop, waarna radicalen als Ornette Coleman en John Coltrane het nog een keer deden.

Daar is geen spoor van in Gallodoro's spel - behalve misschien de heupwiegende ballads van Ellingtons altist Johnny Hodges.

'Die mensen leefden echt in een andere wereld dan de mijne. Het is gek, maar ik heb Johnny Hodges nooit ontmoet. Hij speelde prachtig, had een lieflijke, sensuele toon, maar hij was geen technische speler. Ik ben nooit naar Harlem gegaan om muziek te horen, hoewel ik er wel eens naartoe ging voor de beste gebraden kip die ik ooit gegeten heb. Laat me even nadenken hoe die tent ook alweer heette.'

Hoe verklaart Gallodoro zijn buitengewone geheugen?

'Dat vragen mensen me vaak. Hé, nu weet ik de naam weer van die bassist waar ik het net over had, die in mijn kwintet zat in de Hickory Log, op woensdagavonden vanaf december 1950: Clyde Lombardi. Maar je vroeg me iets anders, wat was het ook alweer?'

Alice, met uitgestreken gezicht: 'Je geheugen.'

Al Gallodoro speelt vanavond met de Original Victoria Band in De Nieuwe Veste, Breda. Zondag om 15.30 uur in De Komedie, Maastricht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden