Freek

Nee, schrijft Rob Hartmans, Freek de Jonge is niet de drammerige prediker van de linkse kerk, maar een conservatieve rebel

Freek de Jonge is vorige week nog maar 70 geworden en gelet op zijn niet aflatende inspiratie en ongebreidelde productiedrift en manifestatiedrang, is aannemelijk dat Nederland nog niet van hem af is. Voor een deel van het publiek dat met hem opgroeide, is dat een prettige wetenschap; maar het ijkwezen voor het grote gelijk is hij allang niet meer.

Hoe de sokkel van de misschien wel belangrijkste Nederlandse cabaretier van de afgelopen eeuw is verbrokkeld, is een interessante vraag, maar in Freek, de cultuurkritiek van een komiek van historicus en journalist Rob Hartmans (De Groene Amsterdammer, Historisch Nieuwsblad) staat het antwoord meer tussen de regels. De focus ligt ergens anders: Hartmans onderzocht, op basis van theaterteksten, boeken en interviews, vooral in hoeverre De Jonge in al die decennia een product van de tijdgeest was, die zelf mee heeft gecreëerd of juist bestreden. Hartmans plaatst De Jonge in de context van ontwikkelingen in de Nederlandse samenleving - die wat omstandig worden beschreven en soms wat overbodig becommentarieerd - en stelt vast dat alle drie de aannames kloppen. De kunstenaar heeft al die tijd zijn onafhankelijkheid bewezen en bewaard.

Hartmans ontmantelt vakkundig het hardnekkige beeld dat De Jong vooral predikant was in de linkse kerk, drammerig, belerend en ook nog eens arrogant. Het kleefde al snel aan hem, toen hij met Bram Vermeulen als Neerlands Hoop met veel kabaal braaf Nederland opschudde. Taboes bestonden niet meer. Ze waren zeker niet alleen in hun aanval op heilige huisjes. Provo bestond al, Phil Bloom was al in d'r blote niksie op tv geweest en rebellie zat ook in de muziek - om maar wat te noemen. Het was mogelijk nog meer de vorm die Neerlands Hoop revolutionair maakte. De houterige motoriek en het halflange vettige haar van de dikbebrilde De Jonge, de stampende muziek en matige zang, Bram die onbeschaamd schaterde om de grappen en grollen van Freek; het was allemaal tegen de conventies in de kleinkunst van toen. Maar links was dat niet. En de inhoud was dat ook niet altijd. Elsje die naar Hopsi Topsi-land wordt gestuurd, gaat toch echt gewoon over het ontbreken van ouderlijke affectie.

Hartmans ontwaart al in de nadagen van het duo en in de eerste soloprogramma's conservatieve trekjes bij De Jonge: het geloof in de idealen van de jaren zestig was al aan het tanen, de zogenaamd vooruitstrevende elite hield er zelf ook bekrompen ideeën op na. Dat hij niet lang daarna er geen geheim van maakte de waarde te erkennen van spiritualiteit en religie stelde de liefhebbers van het eerste uur zeker op de proef. Hartmans schrijft dat er sprake is van een omwenteling. 'Hier was een zoeker aan het woord.'

En een zoeker is hij gebleven, al die jaren. Naar diepere lagen, naar de verwondering, naar zichzelf: is hij nou clown of profeet? Wat bleef, volgens Hartmans: 'de opstandigheid, tegen conformisme, materialisme, onderdrukking en stompzinnigheid'. Maar met meer oog voor de waarden van traditie en een zekere orde. Dat maakt hem 'een conservatieve rebel'. Niet iemand die het interieur overhoop haalt, maar behoedzaam de kamerplanten verplaatst en vervangt. Dat valt alleen niet zo meer op.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden