Freejazz met Marokkaanse toeters

Rotterdam De stroom mensen die vanuit de metrohalte Zuidplein naar Ahoy’ wandelde, vormde zondagmiddag een lang oranje lint. Het vervroegen van het programma van North Sea Jazz bleek een goede zet....

Geen jazz, geen soul, maar meer iemand voor een Eurovisie Songfestival, deze dame. Zo avontuurlijk als het festival zich op vrijdag en zaterdag had gepresenteerd, zo behaagziek begon het zondag. Dan maar snel naar het koele Volga-zaaltje waar onder de noemer OK Computer een vernieuwend programma was samengesteld van muzikanten improviserend met elektronica. Basklarinettist Gareth Davis vormde een knappe combinatie met de eenmansband Machinefabriek. Het kraste en schuurde vervaarlijk, maar klonk vanaf het eerste moment spannend.

De optredens van Melua en Machinefabriek waren twee uitersten in de programmering, zoals er meer tegenstellingen te bespeuren waren. Zo was er de routine van Al Green tegenover de podiumvrees van Swamp Dogg, een cultheld in de soulgeschiedenis, maar niet iemand met een grote live-reputatie. Toen het noodweer zaterdagavond losbarstte, werkte Green zich weinig geïnspireerd door zijn jaren zeventig-hits, terwijl Swamp Dogg steeds meer groeide in zijn rol als entertainer. Het repertoire kwam vooral van zijn onvolprezen debuut uit 1970 Total Destruction To Your Mind, en de stemming op het podium en in de zaal werd met de minuut euforischer. Swamp Dogg (68) moest uiteindelijk door zijn moeder (88) van het podium worden gehaald, na een kwartier lang tussen het hem knuffelende publiek het refrein van Got To Get A Message To You gezongen te hebben.

Oud versus jong werd in de soulsector door de oude generatie gewonnen, bij de jazz waren het de vele jongeren die het festival drie dagen kleurden, bijvoorbeeld doordat ze al spelend graag vertelden wat er leeft in de jazzwereld.

De personificatie hiervan is Christian Scott, de winnaar van de Paul Acket Award, een aanmoedigingsprijs voor talentvolle jazzmuzikanten. De trompettist, zaterdag in de Yukon, had alles: vermakelijke praatjes, uitstraling en attitude, en, belangrijker nog: een knisperend helder geluid, tomeloze energie, enerverende politiek getinte composities en toegankelijke structuren. Zijn affiniteit met pop toonde hij door een overtuigende visie op Thom Yorkes Eraser.

Ook de optredens in Missouri op vrijdag en zaterdag waren opwindend. De tent gaf talenten uit Brooklyn hun podium en zij veroverden respect met lef en originele uitgangspunten. De fragmentarische composities van de Turkse gitarist Timuçin Sahin kenmerkten zich door polyritmiek en hakkelende funk. Altsaxofonist Jonathon Haffner blies in denderende stukken zijn publiek plat.

De oudere generatie leek vooral op vrijdag en zaterdag last te hebben van het tropische weer. Van Artist in Residence Ornette Coleman, spelend op alle drie de dagen, viel op vrijdag het hernieuwde freejazzproject This is our Music (1960), een weerzien met de pas na drie kwartier opkomende Charlie Haden, wat tegen. De magische momenten van door elkaar wringende melodieën bleven uit. Op zaterdag kwam er iets meer power van de inmiddels 80-jarige saxofonist/violist met zijn kwartet. Zijn spel met de in de hoogte wegschreeuwende klanken als noodkreten kreeg meer kans zich te ontplooien. Maar pas met de Master Musicians of Jajouka op zondag leek Coleman echt op zijn plek. Fraaie cultuurversmeltingen tussen Amerikaanse freejazz en Marokkaanse toeters en trommels in spetterend melodisch geweld.

Hoe hoopgevend de toekomst van de jazz er blijkens veel jeugdige artiesten op North Sea Jazz ook voorstond, de meeste indruk maakte Sonny Rollins, voor wie zondag Happy Birthday klonk bij zijn opkomst. De 80’er heeft de longinhoud van een 20-jarige. Aardig ook, die demonstratie van ijdelheid: handje los en poseren voor de fotografen – alsof hij voor het eerst op een podium stond.

Frasering, timing en creativiteit bewezen het tegendeel. Zijn spel kenmerkte zich door een vlammende vitaliteit – een traktatie om de tenorsaxofonist, met grote grijze haarbos, zo fel en gedoseerd te zien spelen.

En zo was de cirkel mooi rond: Coleman en Rollins, twee belangrijke inspiratiebronnen voor de nieuwe lichting musici uit Brooklyn, werden door hun volgelingen zo opgezweept dat ze zelf tot grote hoogten kwamen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden