POSTUUM

Frans Molenaar (1940-2015) hield van groots en meeslepend

De val van de trap die Frans Molenaar (74) kort voor kerst maakte, is hem fataal geworden. Vrijdagavond overleed hij in het VU-ziekenhuis in Amsterdam. Tegen de verwachting in, want de dag ervoor had hij zijn vrienden nog verzekerd dat hij 'echt niet van plan was om er tussenuit te knijpen'.

Beeld ANP

Als Frans Molenaar zelf zijn sterfmoment had mogen uitkiezen, had hij het anders gedaan. Molenaar hield van groots en meeslepend, van glamour en spektakel. Nu dreigt het nieuws over zijn dood ondergesneeuwd te raken door de ontwikkelingen in Parijs en door het debuut van John Galliano voor Maison Martin Margiela.

Molenaar zou dit najaar zijn honderdste modeshow geven. Hij was al tijden bezig met de voorbereidingen er een veelbesproken evenement van te maken. Het zou zijn laatste show worden, maar die gaat er niet meer komen. Op zijn shows in het Amstelhotel de laatste jaren gaf hij ze in de salon van zijn statige pand bij het Vondelpark in Amsterdam kwam altijd veel publiek af; voor zijn kleding én voor de overvloed aan witte wijn en bitterballen na afloop.

Zijn klanten waren vermogende vrouwen, zoals Neelie Kroes, Janine van den Ende, Hank Heijn, weduwe van Gerrit-Jan Heijn, Sylvia Tóth, Trudy Derksen, erfgename van het Centerparcs-fortuin, en Babette Cremer. Dames die niet als eerste de nieuwe mode omarmden, maar wel altijd goed gekleed waren. Chic, op het conservatieve af. Zij kwamen naar zijn salon in Oud-Zuid om voor tenminste 4.000 euro een mantelpakje op maat te laten maken.

Toch voelde de ontwerper zich niet te goed voor het grote publiek. Zo maakte hij bedrijfskleding voor KLM van die keurige mantelpakjes die mettertijd zijn handelsmerk zijn geworden zonnebrillen voor Pearle en schoenen voor Manfield. In 2009 tekende hij voor het eerst een mannen- en vrouwencollectie voor C&A, waarmee zijn mode eindelijk bereikbaar werd voor het grote publiek.

Als Molenaar het over zichzelf had, had hij het over 'de modekoning van Nederland'. Zonder ironie. Hij leefde in zijn eigen wereld. In het trapportaal van zijn villa hing een hele serie foto's in de categorie 'Frans Molenaar met': met Mies Bouwman, prinses Margriet, Connie Palmen, Audrey Hepburn, enzovoort. Dat was typisch Molenaar. Hij stond bekend om zijn sappige uitspraken en zijn gebrek aan bescheidenheid. Eens in de zoveel tijd belde hij zelf de redactie van de krant om te polsen of het niet weer eens tijd werd voor een groot interview met hem.

Frans Molenaar presenteert een collectie vrije tijds- en standkleding in 1967. Beeld ANP

Zegels Albert Heijn

Molenaar was de laatste van de eerste lichting Nederlandse couturiers en hij maakte naam in de tijd dat ook Max Heymans (1918-1997), Frank Govers (1932-1997) en Edgar Vos (1932-2010) in Nederland met couturekleding begonnen. Hij volgde een opleiding aan de Kleermakersvakschool in Amsterdam, kreeg van zijn moeder een naaimachine mee die ze met zegels van Albert Heijn bij elkaar had gespaard en vertrok naar Parijs. Daar liep hij stage bij onder anderen Charles Montaigne, Guy Laroche en Nina Ricci.

In 1967 begon hij zijn eigen salon in de Amsterdamse Van Baerlestraat, met financiële hulp van een vermogende Amsterdamse slager, die brood zag in zijn werk.

Voor de Nederlandse mode heeft hij veel betekend. Molenaar was de eerste échte Nederlandse couturier. Hij liet zien dat ook een Nederlandse ontwerper er eigen opvattingen op na kon houden. Molenaar kocht geen ontwerpen bij zijn Parijse collega's om die vervolgens na te maken. Hij had zijn eigen visie. Hij wilde het strak hebben. Grafisch en helder, zonder al te veel tierelantijnen. Vaak met een paar biesjes. Altijd vrouwelijk en flatteus. Hij hield van primaire kleuren en sterke contrasten. Op Nederlandse mode-academies wordt hij nog steeds genoemd als voorbeeld.

Simpel gesteld is Molenaar de modieuze variant op Jan des Bouvrie, die strakke witte lijnen in de Hollandse huiskamers bracht. Molenaar op zijn beurt heeft de strakke lijnen in de Hollandse kledingkast geïntroduceerd. Toen hij begon, was hij vernieuwend. Er was in die tijd geen enkele andere Nederlandse ontwerper met zo'n uitgesproken visie.

Zijn mode was niet truttig, maar modern. Zijn eerste jurken waren vrij recht en mouwloos en hadden vaak geometrische patronen. André Courrèges, die in Parijs strak vormgegeven witte pakken liet zien, was in de jaren zestig zijn grote voorbeeld. Zijn heldere grafische lijnen vielen in de smaak bij toonaangevende vormgevers uit die tijd, onder wie Wim Crouwel, Benno Premsela en Marte Röling, die zijn eerste shows bezochten.

Ontwerper Peet Dullaert ontvangt uit de handen van Frans Molenaar de Frans Molenaar-prijs 2012. Beeld anp

Vernieuwing bleef uit

Zoals dat vaker gaat bij ontwerpers met een uitgesproken eigen stijl, bleef bij Molenaar op termijn de vernieuwing uit. Sinds de jaren tachtig begon hij zichzelf vaker te kopiëren. De Molenaarlook van de afgelopen jaren in het kort? Een knielange rok met daarboven een getailleerd jasje. Niet te bloot. Bloemen, noppen, festonknopen, contrasterende biesjes en grote hoeden. De haren strak naar achteren, de lippen rood gestift, de ogen zwart van het kohlpotlood.

Hoewel zijn eigen shows steeds voorspelbaarder werden, bleef Molenaar zich hard maken voor vernieuwing in de Nederlandse mode. In 1996 riep hij de jaarlijkse Frans Molenaarprijs in het leven, een geldprijs ter waarde van 10 duizend euro voor aanstormend couturetalent. Aan die prijs hebben nieuwkomers als Fred Farrow, Peet Dullaert en Liselore Frowijn een deel van hun bekendheid te danken.

Lintje in de Orde van Oranje Nassau

Molenaar is dikwijls beloond voor zijn werk. In 1995 ontving hij een lintje in de Orde van Oranje Nassau, in 2003 kreeg hij de Max Heymans-ring, een tweejaarlijkse oeuvreprijs. In 2005 was een overzichtstentoonstelling met zijn werk te zien in het Centraal Museum in Utrecht.

Het is jammer van die honderdste show, dat was vast een prachtig slotstuk geweest.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.