Interview Fotografie

Fotograaf Rahi Rezvani: ‘Nederlandse fotografie is mij te makkelijk’

Modewerk van Rahi Rezvani voor Versace. Beeld Rahi Rezvani

De donkerte uit Iran, de onrust van zijn vlucht en de vrijheid in Nederland. Drie thema’s die in de foto’s van Rahi Rezvani steeds terugkeren, al is het soms bijna onzichtbaar.  

De bijna weggeveegde gezichten van de band ­Kensington. Halina Reijn in haar blootje. De clips van Editors, de modellen in de haute couture-inspiratieboeken van Versace, alles van het ­Nederlands Danstheater en die foto waarop kunstenaar Marina Abramovic zichzelf aan haar staart omhoog trekt. Rahi Rezvani is in de Nederlandse fotografie misschien nog geen bekende naam, hij werkt al jaren met de grootsten. In galerie Noorderlicht in Groningen is voor het eerst een overzicht van zijn werk te zien.

Rezvani (40) ontvangt in zijn studio in Haarlem tussen de voorbereiding op de tentoonstelling en een klus voor Versace in. Wie met Rezvani over zijn carrière praat, moet in het Iran van de jaren negentig beginnen. Nadat hij op zijn 16de vervroegd eindexamen deed op een middelbare school in Teheran, kon hij kiezen: voor een carrière als arts of ingenieur, zoals de rest van zijn familie. Of voor een opleiding aan de kunstacademie. 

Hij koos het laatste. Niet voor niets had hij sinds zijn 12de al vaak tijd doorgebracht in het atelier van ­Koroosh Shishegaran, een van de grote hedendaagse kunstenaars in Iran en een kennis van de familie. En niet voor niets assisteerde hij als 15-jarige Mershad Kharkani, inmiddels regisseur, als fotograaf op filmsets – zijn vader had een maandsalaris uitgegeven om een camera voor hem te ­kopen.

Hij had talent, zal Rezvani tijdens het gesprek een paar keer zeggen. Maar dat talent droogde in Iran al snel op. Op de academie leerde hij over Francis Bacon en Picasso. Hij hield niet van Perzische kunst: ‘Te veel kleur en artificiële vrolijkheid. En dat in een land dat leed onder repressie. We leerden modeltekenen, maar als je een naakt wilde schilderen, kon je naar de gevangenis. Dan had je een zieke geest.’

Bijgevolg heeft hij nooit een heel ­lichaam getekend in die tijd. ‘Alleen handen, het hoofd tot aan de nek en voeten, maar nooit van vrouwen, tenzij je stopte bij de enkel. We waren schilderbeesten, door de censuur geknecht.’

Halina Reijn. Beeld Rahi Rezvani

Zag hij een kunstenaarscarrière voor zich in Iran?

‘Ik was vermoedelijk als fotograaf in de filmindustrie terecht gekomen als ik niet op een dag op een plek was waar ik beter niet had kunnen zijn en al helemaal niet een foto had mogen maken.’ Meer wil hij er niet over kwijt. Zijn foto werd in beslag genomen en hij is gevlucht. 

Prijs voor passie

Het was 1999. ‘Ik was niet meer ­veilig. Ik was een jonge hond, enthousiast, ik had altijd een camera bij me, schoot twintig rolletjes per dag op aan straatfoto’s, voetbalwedstrijden, portretten, stiekem ook naaktportretten. Ik was een alleseter – dat ben ik nog steeds. Maar ik heb een prijs ­betaald voor mijn passie.’

Zijn eerste jaren in Nederland was het asielzoekerscentrum in en weer uit. Hij wil niet klagen, dit land heeft hem geholpen. ‘Maar als iemand me had verteld dat ik in zes jaar twintig centra van binnen zou zien, dat ze van de ene dag op de andere zeggen: we sluiten het hier, je moet ergens anders heen. Dan had ik niet willen leven. Ik mocht niks doen, ik kon nergens heen, ik had geen camera. Om de tijd te doden tekende ik op een tafelblad met een potje inkt dat ik voor een paar euro kocht. Als er ’s avonds met twintig man moest worden gegeten, werd alles met een doek weer schoongeveegd.’

Poëtisch beeld

Geluk: dat hij iemand tegenkwam die zei: je moet je aanmelden bij UAF, die begeleiden vluchtelingen bij het vinden van een studie. Voor hij het wist was hij fotografiestudent aan de Koninklijke Academie Beeldende Kunst in Den Haag. ‘Ik wilde de westerse fotografiewereld leren kennen. Niet per se die van Nederland – ik ben geen fan. Nederlandse fotografie is mij te makkelijk: je zet iemand neer, flitslamp op zijn gezicht, klaar. Ik ga liever met iemand de diepte in. En ik hou meer van poëtisch beeld.’

Hij laat een van de eerste foto’s zien die hij maakte voor het Nederlands Danstheater. Een bijna abstract beeld van een danser, close op het been genomen. Met nog twee studenten uit het laatste jaar van de academie mocht hij een week lang foto’s maken van de repetities onder leiding van choreografen in opleiding.

‘Ik was in Teheran al zo geïnspireerd door het menselijk lichaam en hier mocht ik een hele week tussen de dansers staan: de fotografiehemel. Die andere fotografen zag ik worstelen: waar zit het interessante beeld? Voor mij was alles interessant. Omdat ik hongerig was.’

Marina Abramovic

De donkerte uit Iran, de onrust van zijn vlucht en de vrijheid die hij in ­Nederland vond. Hij heeft wel eens gezegd: die drie elementen zijn in al mijn werk terug te vinden, ‘al kun je het niet aanwijzen’. Vraag hem toch waar de Perzische verwijzing zit in de foto van de danser en hij zegt zonder één seconde na te denken: ‘Iraanse vrouwen hebben prachtige benen.’

In 2012: weer een sleutelmoment. Op weg naar Italië, met een tussenstop in Basel, belt een vriend, een danser uit New York. Hij heeft op Facebook gezien dat Rezvani in de stad is en vraagt: heb je een camera bij je, ik zit in de show The Life and Death of Marina Abramovic. ‘Tony komt uit het theater, prachtig geschminkt, bovenlijf bloot. Ik zet hem neer, vraag of hij ook zijn broek naar beneden wil doen, stuur hem ’s avonds de foto, die laat hij aan Marina zien – wil zij dat ik haar ook fotografeer.

Marina Abramovic (uit The Life and Death...) trekt zichzelf aan haar haar omhoog. Beeld Rahi Rezvani

De dag erna ontmoeten we elkaar, ze omhelst me alsof ze me al jaren kent.’ Die avond praten ze over hun achtergrond. Marina die opgroeide in Joegoslavië, toen nog communistisch. Rezvani vertelt haar dat hij niet meer terug kan naar Iran omdat hem daar de doodstraf boven het hoofd hangt. ‘Shit!’ zei ze toen. ‘Ik ben jaloers! En ik dacht: wow, er zijn mensen die nog gekker zijn dan ik.’

En zo kwamen ook Willem Dafoe en Antony Hegarty op zijn pad – beiden in Life and Death. In Amsterdam en Brussel mocht Rezvani de performance vastleggen, de foto’s hingen later in The Armory in New York. Antony fotografeerde hij nog eens in New York, de foto is te zien in Groningen.

Antony Hegarty in New York. Wat zit er in dat oog. ‘Verlegenheid. Somberte.’ Beeld Rahi Rezvani

‘Hij kwam na een optreden backstage en ik stond onder aan de trap op hem te wachten. Ik heb zodanig belicht dat er maar één oog zichtbaar was.’

Wat zit er in dat oog? ‘Verlegenheid. Somberte. En toch geeft deze foto mij hoop, omdat zijn gezicht uit het donker komt.’

Hij heeft veel muzikanten gefotografeerd, van Armin van Buuren tot James Blake. ‘Ik ben selectief. Ik fotografeer alleen muzikanten als ik maand na maand naar hun muziek luister en nog steeds kippenvel krijg.’

Zoals zijn held Anton Corbijn gelinkt is aan U2, zo is Rezvani verbonden met de band Editors. Sinds hij in  2014 in Tivoli Utrecht een optreden vastlegde, maakt hij de albumcovers en regisseert hij hun clips. No Harm: ‘Onzin natuurlijk, we zeggen allemaal dat het goed met ons gaat, maar iedereen heeft pijn en ervaart stress. Dus dan ga ik nadenken: hoe kan ik die pijn verbeelden? Door een hele zware bladblazer op het gezicht van zanger Tom Smith te richten en zijn huid in slow motion te laten golven als de zee.’

Hij scrolt langs de foto’s op zijn laptop. Als je een snelle blik werpt, zou je kunnen zeggen: het lijkt alsof hier meerdere fotografen aan het werk zijn geweest. Een beetje gestoken: ‘Dat zie je verkeerd. Kijk naar de portretten, die hebben mijn energie.’ Het zit in de ogen, zegt hij. Er is in het Perzisch een uitdrukking voor: dat je iets wil zeggen, maar niemand luistert.’

Even daarvoor had hij gezegd hoe hij Gerard Fieret bewonderde om hoe hij de relatie tussen model en ­fotograaf zo voelbaar maakte in zijn portretten. In die van hem zijn de blikken bijna altijd naar binnen ­gericht. ‘Eenzaamheid’, zegt Rezvani, ‘is de beste vorm van contact. Want het is contact met jezelf.’

Galerie Noorderlicht

De solotentoonstelling van fotograaf Rahi Rezvani is nog tot en met 10 maart te zien in galerie Noorderlicht in Groningen. Alle 65 prints zijn door Rezvani zelf gedrukt op mat papier. ‘Glanzende dingen zijn oppervlakkig. Zo begrijp ik ook niet dat fotografen hun werk afdrukken op dibond. Hoe kun je je werk op een stuk aluminium laten plakken, en het kunst noemen? Ik hou niet van dat soort trucs.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.