Moet u zien

Fjodor Jozefzoon, een van de spannendste acteertalenten van nu, wil vrij zijn, en zichzelf

In Edward II speelt acteur Fjodor Jozefzoon straks voor het eerst in zijn leven een liefdesscène met een mannelijke tegenspeler. Een bevrijdende ervaring voor iemand die eerder op zijn toneelopleiding het verzoek kreeg méér te transformeren, ‘want we zien nog een beetje dat je gay bent’.

Herien Wensink
null Beeld Eva Roefs
Beeld Eva Roefs

Een van de spannendste acteertalenten van nu maakte vorige zomer zijn professionele podiumdebuut in een berenkostuum. Veertig minuten lang was Fjodor Jozefzoon (25) in de voorstelling Hollandsch Glorie van Toneelgroep Oostpool volledig onzichtbaar, verstopt in een loodzwaar, bloedheet mascottepak. Desondanks wist hij steeds de aandacht op zich te vestigen, zozeer dat je je als toeschouwer begon af te vragen: wie ís eigenlijk die beer?

Als Jozefzoon uiteindelijk uit het berenpak is bevrijd, geeft hij alsnog een proeve van zijn talent. In een felle, persoonlijke monoloog eist zijn personage Gerry het recht op om te mogen spélen. Alles graag: van beren tot koninginnen, m/v/x, homo of hetero, en elke kleur van de regenboog. Conservatieve krachten en hun woke tegenhangers leiden beide tot beperkingen voor hem, stelt Gerry, in een monoloog gebaseerd op de persoonlijke ervaring en overtuiging van de acteur. Het was een beginselverklaring van zijn kunstenaarschap: Fjodor Jozefzoon wil vrij zijn, en zichzelf.

Binnenkort, zodra de lockdown voorbij is, speelt hij bij Toneelgroep Oostpool in Edward II van Christopher Marlowe (1593). Niet zomaar een rol, maar meteen de hoofdrol van het flamboyante homoseksuele titelpersonage. Jozefzoon: ‘Toen regisseur Char Li Chung me vroeg, dacht ik twee dingen. Eén: geen uitdaging is mij te groot! En twee: O mijn god, hoe ga ik dit doen?’

De Surinaams-Nederlandse Fjodor Jozefzoon (spreek uit: Fie-jo-dor) groeide op in de Amsterdamse Bijlmer. Aanstormend filmtalent Yannick Jozefzoon is zijn neef. Thuis was er weinig enthousiasme voor vrijetijdsbesteding, behalve voor voetbal. Rond zijn 14de wilde Fjodor zelf graag dansen, ‘maar mijn moeder heeft me afgekocht. Voor elke les dat ik níét ging, kreeg ik van haar 10 euro.’ Van het geld dat hij met niet-dansen verdiende, kocht Jozefzoon snoep. Maar toen hij zijn neef op tv zag, in de kinderserie Villa Neuzenroode, kreeg de creativiteit hem toch weer in z’n greep. ‘Ik dacht: misschien, heel misschien, kan ik dat ook.’

Toneelschool

Een voorstelling van jongerentheatergroep Jong Rast gaf de doorslag. ‘Dat was de eerste keer dat ik zoveel jonge acteurs van kleur op een podium zag. Dat was zó vet!’ Hij speelde mee in een volgende productie van het gezelschap. En omdat zijn ouders enthousiaster waren over acteren dan dansen, mocht hij na het vmbo naar de acteursopleiding Faaam, Film Actors Academy Amsterdam. ‘Voor de toneelschool moest je havo hebben en dat had ik niet. Passend bij mijn jeugdige overmoed dacht ik: die toneelschool heb ik helemaal niet nodig.’

Daar kwam hij van terug. ‘Bij Faaam vond ik het vreselijk, dat mag je gerust opschrijven. Het was heel topdown en directief, en er was nauwelijks ruimte voor mijn eigen inbreng en persoonlijkheid.’ Jozefzoon herinnert zich nog pijnlijk goed het moment waarop hem werd gevraagd ‘méér te transformeren.’ Want: ‘We zien nog een beetje dat je gay bent.’ Als homoseksuele acteur van kleur werd hem verteld dat hij zich maar had neer te leggen bij kleine bijrollen. Met zijn tanden op elkaar maakte hij de school af, om daarna tot zijn grote geluk alsnog te worden aangenomen op de Amsterdamse Toneelschool. ‘Daar had ik de tijd van mijn leven.’

Regisseur Char Li Chung ontdekte de aanstormende acteur bij een presentatie in het tweede jaar. ‘Ik weet niet eens meer wát hij speelde, maar wel dat ik alleen maar naar hem zat te kijken, en alleen maar in een deuk heb gelegen. Fjodor is een extreem humoristisch talent.’

Toen hij later besloot Edward II te gaan maken (nieuwe ondertitel: The Gay King) en een queer acteur zocht voor de even gevoelige als uitzinnige titelrol, kon hij maar aan één iemand denken: Jozefzoon. ‘Edward is een zeldzaam gay personage in het toneelrepertoire. Hij is een flamboyante man, zit lekker in z’n vel, hij houdt van feesten. Die rol is Fjodor op het lijf geschreven.’

Missie

Chung heeft een missie: meer uitgesproken queer personages op toneel. Zelf kent hij als jonge homoseksuele man de heteronormatieve druk, zelfs in de theatersector, óók op de toneelscholen. ‘Acteurs krijgen te horen dat ze niet te vrouwelijk of te ‘fladderig’ mogen spelen. Het moet zogenaamd ‘neutraal’ zijn, maar dat neutraal behelst een macho heterobeeld van mannelijkheid. Zo wordt op de opleiding iets overgeslagen van wie je bent.’

In zijn derde jaar op de toneelschool was Jozefzoon daar klaar mee. Toen in de eerste lockdown de theatersector op slot ging, besloot hij muziek te gaan maken. In de videoclip bij het nummer Romeo is zijn alter ego Fjomo sexy en vrouwelijk. De camera zoomt in op zijn volle lippen en lange wimpers, terwijl hij zinnen zingt als: ‘Ik verf mijn hart weer rood/ ik laat je zon weer schijnen/ ik maak je zomer eeuwig/ maak van al je zondes mijne.’ Zijn ogen staan dromerig, hij draagt één pareloorbel en een streep paarse oogschaduw; half Bowie, half Beyoncé. Het is Nederlandstalige r&b, geïnspireerd door Destiny’s Child, Anastasia en Frank Ocean. Als Fjomo wil hij eerlijke verhalen vertellen over queer liefde, zegt Jozefzoon: ‘hij’ zingen waar in het genre vaak ontwijkend ‘jij’ wordt gebruikt, en ruimte opeisen voor waarachtigheid en kwetsbaarheid. ‘Anders dan op de toneelschool kon ik hier wel die queer kant van mezelf naar voren brengen.’

Chung: ‘Ja, zingen kan hij ook nog! En fantastisch dansen. In onze voorstelling zingt hij Born this way, en ik zweer je: hij steekt Lady Gaga naar de troon. Die jongen kan zo ontzettend veel.’

null Beeld Eva Roefs
Beeld Eva Roefs

Orkaan

Die combinatie van kwetsbaarheid en uitzinnige exuberantie viel ook Sigrid ten Napel op, die ook een rol heeft in Edward II. ‘Fjodor heeft heel veel energie. Hij kan als een orkaan over je heen denderen op de prettigst denkbare manier, dus zonder dat-ie je huis verwoest. Ik heb gewoon nog nooit zo’n humoristisch iemand ontmoet, en hij is dat voortdurend, vanzelfsprekend, de hele dag door. Maar tegelijk is hij ook heel eerlijk, en kwetsbaar. Hij durft zijn angst en onzekerheid te laten zien, en als hij een kritische vraag stelt, is dat altijd zodat hij er zelf iets van kan leren.’

Die twee aspecten van zijn karakter, de humor en de open, zelfreflectieve kant, neemt Jozefzoon mee in zijn spel, zegt Ten Napel. ‘Hij kan die beide kanten goed belichamen op de vloer. Vanuit het verdriet toch opeens een knipoog spelen, of je in een pijnlijke scène toch laten lachen. Edward II is een koningsdrama, maar te midden van de tragiek brengt hij een lichtheid mee die de voorstelling heel goed kan gebruiken.’

Zowel Chung als Ten Napel was geraakt toen Jozefzoon tijdens de repetities een liefdesscène speelde met een mannelijke tegenspeler – voor het eerst in zijn leven. Ten Napel: ‘Dat is toch onvoorstelbaar, dat je op toneel nog nooit de liefde hebt gespeeld zoals je die als mens ervaart? Natuurlijk spéél je het, maar het is altijd fijn als je kunt teruggrijpen op eigen ervaringen, dat geeft je als acteur gewoon meer mogelijkheden. Liefde is zo’n belangrijk element van de menselijke ervaring, als je dat als acteur niet kunt gebruiken is dat gewoon zonde. En natuurlijk is het ook nu gespeeld, maar wel dichter bij huis.’

Regisseur Chung merkte hierin misschien zelfs wel een zekere terughoudendheid bij Jozefzoon. ‘In het dagelijks leven en in zijn muziek is Fjodor al helemaal zichzelf, maar nu moet hij dat in het theater ook zijn, terwijl hij dat op de toneelschool nog niet heeft kunnen en durven zijn. In het begin heb ik wel even gedacht: Wanneer gáát-ie nou? Wanneer springt-ie? Ik zou willen dat hij nooit verstopt wie hij is. Never not be yourself! Maar inmiddels zie ik hem helemaal openbloeien.’

Kostuums

Behulpzaam daarbij zijn misschien ook wel de fantastische kostuums van Armia Yousefi, die Char Li Chung omschrijft als ‘Britse hof meets blingbling meets Gaga, met heel veel naakt. Het is heel vrije, queer kleding, met mooie rokken, en tops, veel goud, en we hebben een heel dure kroon, haha. Allemaal goedmakertjes voor dat berenpak.’

Jozefzoon: ‘Dit is zo’n fantastische rol, het doet me zoveel om dit te kunnen spelen. Het inspireert me om rollen voortaan niet meer te zien als typisch mannelijk of vrouwelijk, maar veeleer als een verlengde van mezelf.’

Die instelling spreekt blijkbaar meer gezelschappen en regisseurs aan, want ondanks de pandemie is Jozefzoons agenda voor het komende jaar vol. Na deze Oostpool-productie speelt hij bij de Toneelmakerij, daarna een gastrol bij Het Nationale Theater, en vervolgens in een productie bij de Toneelschuur, in Corolianus van Nina Spijkers.

Char Li Chung: ‘Ik gun hem al het werk van de wereld. Omdat ik denk dat Fjodor vanwege wie hij is als mens een bijzonder en belangrijk geluid kan vertegenwoordigen.’

Jozefzoon: ‘Ik wil niet meer bezig zijn met of iets ‘te vrouwelijk’ is, of ‘te gay’. Hoe bang ik ook ben, hoe eng ik het ook vind, ik laat me niet meer tegenhouden op de vloer.’

Edward II – The Gay King is waarschijnlijk eind januari te zien, zie: toneelgroepoostpool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden