Fijnzinnig portret van generatie die tegen aids vecht

Film (drama) - 120 BPM

Robin Campillo schetst fijnzinnig de strijd tegen aids in het Frankrijk van de jaren negentig. Hoe voer je actie als er een dodelijke ziekte in je lijf huist? 120 BPM toont dat subtiel.

Tientallen liters nepbloed vliegen er door de lucht, in het Franse drama 120 BPM. Het akelig echt ogende goedje kwakt tegen de keurig witte muren van farmaceutische bedrijven die dralen om hun aidsremmers op de markt te brengen. Het spettert in de gezichten van ruggengraatloze overheidsbekleders, die niet kunnen voorkomen dat aids in het Frankrijk van begin jaren negentig een ware slachtpartij aanricht.

120 BPM (****)
Drama
Regie: Robin Campillo
Met: Nahuel Pérez Biscayart, Arnaud Valois, Adèle Haenel, Antoine Reinartz, Félix Maritaud.
140 min., in 25 zalen

ACT UP, zo heet de pressiegroep die in 120 BPM - genoemd naar de bij verliefdheid of inspanning accelererende hartslag, maar ook naar het gangbare tempo van housemuziek - iedereen probeert wakker te schudden. Het blijft niet bij bloed smijten: als het moet gaan de mensen van ACT UP ook aan de onderhandeltafel zitten, of delen ze flyers en condooms uit op het schoolplein. Schrijver-regisseur Robin Campillo (Les Revenants, Eastern Boys) zat destijds zelf bij de Parijse ACT UP-divisie, en tot in de poriën van dit bijna tweeëneenhalf uur durende relaas blijkt dat hij precies weet waar hij het over heeft. Zelfs het precieze recept van dat nepbloed komt voorbij, in een film die minder geïnteresseerd is in één enkele verhaallijn, dan in de riten en het intense leven van alledag van de actievoerders.

120 BPM, dat op het Filmfestival van Cannes onder meer de Grote Juryprijs en de Queer Palm won, staat uitgebreid stil bij de massaal bezochte ACT UP-vergaderingen. Eindeloos wordt er gediscussieerd over de juiste aanpak, slogans worden er bedacht en afgewimpeld ('Eerst een antiviraal en dan anaal'), nieuwe leden voorgesteld. De film gaat ook over de verhouding tussen het persoonlijke en het collectieve, over hoe je kunt actievoeren terwijl in je lijf een dodelijke ziekte sluimert. Hoe pillenslikken en galgenhumor routine worden. En hoe in de door aids samengebrachte familie van ACT UP romances voor het leven kunnen opbloeien, zoals tussen de flamboyante Sean (Nahuel Pérez Biscayart) en nieuwkomer Nathan (Arnaud Valois).

'Aids en film zijn de twee belangrijkste zaken in mijn leven'

Twintig jaar duurde het eer regisseur Robin Campillo in zijn verleden durfde te duiken en een film maakte over zijn deelname aan de Franse protestbeweging Act Up, die aids uit het verdomhoekje probeerde te halen. Daarmee creëerde hij een gloedvol document.

Innig en intiem

In dit fijnzinnig geschetste tijdsbeeld komen meerdere personages er enigszins bekaaid vanaf - harde kernlid Sophie (Adèle Haenel), bijvoorbeeld - en zijn het Sean en Nathan die Campillo het vaakst voor de lens haalt. Steeds weer blijft de film bij hen plakken, van de vergaderzaal tot het bed. Dat levert onder meer eerlijke, ontroerende vrijscènes op, waarin de geilheid vloeiend overgaat in kwetsbare gesprekken en de camera, zonder dramatiek, langs zorgwekkende vlekken op de huid glijdt.

De intimiteit van die scènes kenmerkt de hele film. Logisch: al actievoerend bevinden de jongens en meiden van ACT UP zich immers niet alleen midden in de maatschappij, maar óók in een bubbel. Campillo benadrukt dat door hen zelfs bij de Gaypride steeds in close-up te filmen, met weinig aandacht voor het omringende publiek.

Zo mogelijk nog inniger zijn houseclub-scènes, gloedvol en warm zoals je ze in films zelden op de dansvloer aantreft. Op een bijzonder bezield moment stelt de camera scherp op het boven de dansmenigte dwarrelende stof, dat vervolgens langzaam transformeert tot een animatie van HIV-viruslichaampjes. Even letterlijk als droomachtig is het, hoe Campillo hier laat zien welk lot de personages boven het hoofd hangt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.