NieuwsFestival Cement

Festival Cement, kraamkamer van theatertalent, biedt elke dag een digitale première

24 producties van het afgelaste festival zullen online te zien zijn.

Andreas Hannes in huppelperformance Tremble.Beeld Paulina Prokop

Danser Andreas Hannes doet het monter voor: kijk, huppelen kun je overal. Ook op de beperkte oppervlakte van je stadsappartementje, of zelfs in de meterkast. Hannes zou deze week op Festival Cement in Den Bosch te zien zijn met zijn performance Tremble, die in een vorig leven (februari) in de Volkskrant vier sterren kreeg. Nu het festival niet doorgaat, deelt hij met de toeschouwer thuis een sympathieke instructievideo. Want ‘hoebelen’, zoals de geboren Griek het noemt, is goed voor je conditie én voor je humeur. Plus: iedereen kan het. Met ritmisch voetenwerk draait Hannes verrassend eenvoudig ogende bochtjes en achtjes in zijn eigen kleine studio.

Huppelen, dat is een kinderlijk vrolijk soort lichamelijk onderzoek, demonstreert hij. Onderzoek naar hoe we ruimten ervaren, hoe het voelt om te bewegen, om vaart te maken, de ruimte te doorkruisen en obstakels tegen te komen. Zijn video vormt een welkome afwisseling voor wie even aan zijn bezorgde hoofd wil ontsnappen. Geënthousiasmeerde kijkers delen online al meteen hun eigen huppelvideo's. 

Tremble is een van de 24 producties die te zien zouden zijn op het afgelaste Festival Cement, kraamkamer van theatertalent. Maar de essentie van zijn werk deelt Hannes alsnog online, net als een twintigtal andere thuiszittende theatermakers, onder de noemer ‘Cement in isolement’. Elke festivaldag verschijnen op de site digitale versies van werk dat nu live niet te zien is. Het resultaat is wisselend, het is pionieren, maar het is behoorlijk hartverwarmend dat dit er überhaupt is. En als interessante bijvangst zet het je op een nieuwe manier aan het denken over de relatie tussen maker en publiek.

Dat gebeurt bijvoorbeeld bij de installatie Future Zen Garden, waaruit kunstenaar Bram van Helden een 9 minuten durend fragment vertoont. De eerste minuut toont de binnenkomst van het publiek - ooit, in een vorig leven. Ernstig en geconcentreerd nemen de toeschouwers plaats rondom een steriel, rechthoekig oppervlak, waarop een gouden aluminium reddingsdeken rust. Dan zoomt de video in op dat merkwaardige object, opzichtig en kwetsbaar tegelijk.

Van Helden maakt wonderlijke performances van levenloos materiaal, of, zoals hij het noemt ‘plastic organismen’, die hij theatraal tot leven wekt. Zo ook hier, als de deken op onnaspeurbare wijze begint te ritselen, knisperen en verkreukelen, alsof het ding langzaam vlamvat, samenkrimpt en smelt. Zo’n nooddeken wekt de associatie met rampen, bootvluchtelingen, drenkelingen. Meteen zie je de journaalbeelden voor je, van geknakte mensen gehuld in dat wrange goud. Maar het geknisper en de warme bronzen gloed doen hier ook denken aan een fijn knapperend haardvuur. Een paradoxale beleving is het: van ramp en geruststelling, van catastrofe en troost.

Helaas wordt de toeschouwer voor het scherm geregeld uit zijn mijmeringen opgeschrikt door geluiden uit het onzichtbare publiek. Iemand schuift op zijn stoel, een ander ritselt koppig met een tasje. In dit digitale universum stoort dat, terwijl de toegevoegde waarde – collectieve concentratie – ontbreekt.

Effectiever is dan toch een werk dat zich richt op de individuele beleving van één toeschouwer, of luisteraar, in dit geval. Bart van de Woestijne maakte de ‘theatrale denkexercitie’ In Order of Disappearance eerder op festival Oerol. Voor Cement was deze filosofische audiotour al aangepast aan een stadsdecor, en nu is er ook een doe-het-zelfversie, voor iedereen die zijn eenzame quarantaine en de surrealistisch leegte buiten wil benutten voor wat artistiek zelfonderzoek.

Tremble, de performance van Andreas Hannes.Beeld Paulina Prokop

In Order of Disappearance is een oefening in afzondering, die buitengewoon goed aansluit op de beproeving die we momenteel ondergaan. We worden uitgenodigd om ons nog verder te isoleren dan we al doen, om te zien wat er dan van ons overblijft. Begeleid door een vriendelijk sturende stem, van ene Kasper, voert Van de Woestijne je uit je woonkamer, de verlaten stad in. Kasper vraagt je je voor te stellen dat het leven binnenshuis gewoon doorgaat, terwijl jij hier eenzaam door de stad dwaalt. Wie ben je dan nog?

Mij wordt verzocht stil te staan voor een winkelruit, erachter is het donker en leeg, en mijn reflectie in me op te nemen. ‘Wie kijkt wie aan?’, vraagt Kasper. ‘Wie spiegelt wie?’ Hoe weet ik zo zeker dat ik dat ben? Zo weekt Van de Woestijne je langzaam los van hardnekkige opvattingen over identiteit. Spannend, want die waren sowieso de laatste week al wat wankel geworden; wie zijn wij zonder ons werk, of onze vrienden? Zonder de wereld zoals die ons vertrouwd was?

Kasper zegt dat ik mijn ogen moet sluiten. ‘Hoe weet je dat je hier bent?’ Dan vraagt hij aandacht voor het zuchtje wind langs mijn wenkbrauw. Voor mijn adem, mijn hartslag, mijn lichaam, als in een meditatieoefening. Zo weet Van de Woestijne het ego even aangenaam te relativeren, terwijl je je fysieke aanwezigheid in deze vreemde wereld misschien wel bewuster ervaart dan ooit.

Cement in isolement

Festival Cement, dat was 110 uitvoeringen van 24 producties, waarvan er zes op het festival in première zouden gaan. In plaats daarvan biedt de organisatie gedupeerde makers nu een onlinepodium. Elke dag tot en met 28 maart verschijnt op de site een nieuw digitaal werk, van interessante jonge makers als Annemijn Rijk, Rita Hoofwijk, Rob Smorenberg, Marijn Graven, Cherish Menzo en Zarah Bracht. De onlineproducties trokken tot nu toe al meer dan dertigduizend views. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden