Fellini tot cliché gereduceerd

Nine..

Film wordt musical, musical wordt weer film. Federico Fellini’s semi-autobiografisch drama 8½ (1963) veranderde in de Broadwaymusical Nine (1982) – een half nummertje méér vanwege de toegevoegde muziek – en die is nu opnieuw tot speelfilm getransformeerd. In plaats van Fellini’s alter ego Guido Anselmi zit dit keer maestro Guido Contini (Daniel Day-Lewis) in het Rome van eind jaren vijftig met een gigantisch gebrek aan inspiratie opgescheept, terwijl de hele wereld op een nieuw meesterwerk wacht; net als in 8½ leidt dat van de ene surrealistische hallucinatie naar de andere, zij het dat er hier volop bij gezongen en gedanst wordt – telkens door een andere belangrijke vrouw uit Contini’s leven.

Het is een indrukwekkende stoet actrices die daarbij voorbijtrekt – in de musicalnummers meestal getooid in smaakvolle lingerie vol tierelantijntjes. Nicole Kidman is de Anita Ekberg-achtige blondine die met Contini à la La dolce vita (1960) door een verlaten Rome dwaalt; Penélope Cruz speelt zijn oververhitte minnares, Sophia Loren zijn moeder, terwijl Marion Cotillard als Contini’s echtgenote ongeveer evenveel weg heeft van Claudia Cardinale in 8½ als van Fellini’s eigen vrouw, Giulietta Messina. Iedereen zingt en danst vol pit en overgave; Cotillard, aangenaam naturel, is de enige die twee optredens krijgt, en meteen ook de beste.

Jammer genoeg volgt regisseur Rob Marshall (Chicago) bij elk lied min of meer dezelfde formule, gretig goochelend met uitgebreide sets, kleur en zwart-wit, en talloze schaars geklede figuranten. Een vrouw uit Contini’s leven doemt op uit het donker, en zet sober in met zingen terwijl de camera rondjes langs het podium maakt; hoe uitbundiger de muziek, hoe sneller er wordt gemonteerd, tot alles samen komt in een voorspelbaar uitbundige climax. Dat levert het gevoel op van een routinematige theaterregistratie, die geen moment aan het origineel kan tippen.

Nine leent allerlei scènes, personages en beelden van Fellini’s films, van de Alfa Romeo Spider uit La dolce vita tot de nymfomane uit Amarcord (1973), maar het blijven aardige plaatjes zonder veel betekenis. In alle drukte gaat Nine niet over Fellini, maar over het beeld dat hij van zichzelf creëerde, en dat door de Broadwaymusical nog verder werd aangedikt. Fellini de vrouwenverslinder, de neuroot, de leugenaar – met die oppervlakkige invalshoeken stelt Nine zich tevreden, zoals ook de Italiaanse man en de Italiaanse vrouw in de liedjes tot clichés worden gereduceerd. Om van Fellini’s oeuvre niet te spreken. Een snufje katholicisme, flink wat circus en nog meer vrouwen, daar komt Contini’s ‘Cinema Italiano’ op neer. Dan past het wel dat Daniel Day-Lewis als Contini de hele film Engels praat met een verschrikkelijk kitscherig Italiaans accent.

Tegen de tijd dat Nicole Kidman haar strakke lijn en meest dubbelzinnige blikken mag inzetten, is Nine al lang oververmoeid geraakt van alle stoeipoezen die Contini’s hoofd doen overkoken. Ondanks alle circustoestanden blijkt het dan een tamelijk saai onderwerp, zo’n regisseur die maar aan één ding kan denken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden