Review

Feeëriek autisme, op het monomane af

Bijna bovenmenselijk, de bewegingen en controle die de NDT1-dansers worden gevraagd.

Strike Root Beeld Nederlands Dans Theater

Ze moeten er 's nachts van hebben gedroomd, van hun bedwelmend snel draaiende, knikkende, wapperende, zwiepende en vliegende armen. Het is bijna bovenmenselijk wat choreograaf Marco Goecke de topdansers van NDT1 vraagt: ze houden hun torso stil, hun benen maken kleine schuifpasjes of één trefzekere glijbeweging, maar hun armen en handen blijven snel tollen in talloze figuraties. Om gek van te worden. Feeëriek autisme, op het monomane af.

Natuurlijk kennen we Goeckes bewegingstaal vol topsnelle tremolo's, trillingen en sidderingen van zijn indrukwekkende choreografieën bij Scapino Rotterdam en zijn eerstelingen bij het NDT. Ook in dit nieuwe Thin Skin gaat hij fanatiek en dwingend te werk, op het repetitieve af: telkens glijden dansers in zwarte broeken, met gevlekte huidkleurige tops over het donkere podium met dribbelende armen in volstrekte beheersing. Heel soms ontstaat een duet, met gekruiste armen in messcherpe hoeken. Eén keer vliegen handen even om de nek van een danseres - een kort dramatisch momentje. Verder leunt het een halfuur lang volledig op de songs van Patti Smith - je moet ervan houden. Zoals je ook Goeckes autisme moet kunnen waarderen, maar origineel, dynamisch en verbluffend eigen is het zeker.

Rook en duister

Al gun je hem meer avontuur in het toneelbeeld. Nu blijft het bij rook en duister, die dansers prijsgeven. Bij Scapino liet hij dansers tegen het licht in met zout strooien of kwaadaardig met cello's smijten. Zo'n theatrale zet zou Thin Skin goed doen. Maar het blijft een herkenbare, echte Goecke.

Het drieledige programma Strike Root, met Goeckes nieuweling in het midden, opent met de herneming van het indrukwekkende Chamber van Medhi Walerski. Deze NDT-danser ontwikkelt zich gestaag tot fascinerend choreograaf en zou eigenlijk een nieuw werk creëren, als familie-omstandigheden dat niet in de weg hadden gestaan. Maar de hernieuwde kennismaking met dit moderne groepswerk in de geest van Igor Stravinsky's Le Sacre du Printemps (bewerking Joby Talbot) is zeker geen straf. Mooi om te zien hoe hij omklappende wanden gebruikt voor een sterke lijnvoering in een strakke formatie van achttien dansers. Telkens weekt hij duetten los, die plotseling alle aandacht opeisen, als vruchtbaar offer.

Strike Root eindigt met het langgerekte, wat formalistische Safe as Houses van Sol León en Paul Lightfoot, gebaseerd op de hexagrammen van de I Tjing.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.