FAUSTIAANSE CONTRACTEN

MACHTHEBBERS MOGEN GRAAG LATEN BOUWEN. DEYAN SUDJIC STELT DE VRAAG NAAR DE VERANTWOORDELIJKHEID VAN ARCHITECTEN...

MACHTELD VAN HULTEN

Wat Albert Speer was voor Hitler, was Boris Iofan voor Stalin, enMarcello Piacentini voor Mussolini. Speers megalomane stad Germaniaverbeeldde en verheerlijkte Hitlers nationaal-socialistische gedachtengoed,Iofans Sovjetpaleis in Moskou moest het onwrikbare symbool worden van hetcommunisme van Stalin, en Piacentini waakte als Mussolini's huisarchitectover de corporate identity van fascistisch Italië.

Machthebbers zijn dol op architectuur. Zij weten hoe met imposantepaleizen, rijksgebouwen, stratenplannen, paradeterreinen hun macht tebestendigen, een nationale identiteit te construeren, vrienden te imponerenen vijanden te intimideren. Architecten van hun kant zijn aangewezen op debezitters van macht en geld.

'Wij zijn gewend over architectuur te spreken in relatie tot dekunstgeschiedenis, als afspiegeling van technologische veranderingen of alsuitingsvorm van sociale antropologie', schrijft Deyan Sudjic, criticus vande Britse krant The Observer in het boek De macht van het bouwen. Hoegeweld en macht de wereld aanzien geven. 'We hebben er meer moeite meeinzicht te krijgen in de diepere politieke dimensies van een gebouw.'

Aan de hand van een groot aantal gebouwde, al lang gesloopte of nooitgerealiseerde monumentale gebouwen in de twintigste eeuw geeft Sudjicinzicht in de onderliggende, politiek ideologische beweegredenen vanmachthebbers en architecten.Van Mao's immens grote Tiananmenplein, totMitterrands grands projects en Blairs Millenium Dome - 'er is bijna geentwintigste-eeuwse autocraat die aan de macht kwam en geen bouwcampagnebegon', stelt hij.

Sudjic toont aan dat architecten hun kansen evenmin laten liggen. Datook Le Corbusier, op zoek naar werk, een ontwerp indiende voor hetSovjetpaleis van Stalin en dat zelfs een modernist pur sang als Mies vander Rohe bereid was om voor Hitler te bouwen. Is een architect die bouwtvoor een bepaald politiek regime automatisch verantwoordelijk voor datgedachtengoed, vraagt Sudjic.

Volgens hem bestaat er niet zoiets als intrinsiek totalitaire,communistische of democratische architectuur. Wel is architectuur, stelthij, een 'expressieve taal die in staat is uiterst specifieke boodschappenover te brengen'. Een architect moet niet worden gezien 'als iemand dienaar het goede streeft, maar als iemand die bereid is faustiaansecontracten te sluiten'.

Als voorbeeld noemt hij Koolhaas' ontwerp voor de Chinesestaatstelevisie - een instituut dat nog altijd kan worden gezien als destem van de communistische partij, als 'anti-symbool' voor de vrijheid vanmeningsuiting.

Koolhaas is niet de enige die ervan langs krijgt. Ook voor de recentehausse van 'imago-architectuur', de luchthavens, musea en wolkenkrabbersvan de Calatrava's, de Gehry's en de Piano's, heeft Sudjic geen goed woordover. Hij ontmaskert de prestigebouw als vrucht van politieke belangen, diede publiciteitsgeile architectentop in herhaling doet vallen.

Het is duidelijk dat hier de criticus aan het woord is. En dat wreektzich. Zonder een enkel plaatje (wat jammer is!) schommelt het boek heen enweer tussen een essay met filosofische trekjes en een historischwetenschappelijk werk, dat weer wordt afgewisseld door reportages of zelfsrecenserende stukken. Van sommige feiten is niet duidelijk of hetgeruchten, gissingen of interpretaties zijn.

Ondanks dat is het boek een interessante verzameling wetenswaardigheden,ideeën en anekdotes. Met gevoel voor detail beschrijft Sudjic hoe in 1939de toenmalige Tsjechische president Hacha naar de Rijkskanselarij vanHitler komt teneinde hem ervan te weerhouden Tsjecho-Slowakije in te nemen.Het gebouw bestreek de volle lengte van de vierhonderd meter lange VossStrasse. Je ziet Hacha zijn gang maken door de eindeloze aaneenschakelingvan imposante zalen. Speers opzet slaagt: tegen de tijd dat Hacha Hitlerswerkkamer bereikt, is de moed hem in de schoenen gezakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden