Reportage The Tallest Man On Earth

Fan Frank Heinen verbroedert achter de schermen met The Tallest Man on Earth

Volkskrant-recensent Frank Heinen zag zijn diepste wens in vervulling komen: deel uitmaken van de ‘family’ van zijn idool The Tallest Man on Earth, de Zweedse singer-songwriter Kristian Matsson. ‘Die blik. Als The Tallest Man on Earth je aankijkt, kijkt hij je ook echt aan.’

Kristian Matsson, The Tallest Man on Earth. Beeld Marie Wanders

Hij zegt het echt, The Tallest Man on Earth. I’m just a small guy.’

De show is een half uur geleden afgelopen. The Tallest Man on Earth zit in de raamloze backstage van De Roma, een oude bioscoop in Antwerpen die tegenwoordig dienstdoet als concertzaal. Hij vraagt zich af of er misschien wat opgewarmd kan worden. Hij heeft trek. Altijd, na het spelen. Dat komt doordat hij zo veel in beweging is; The Tallest Man kan uren dansen op het ritme van zijn eigen liefdesellende.

Twee Belgische dames aan de slag. Er komt kool tevoorschijn, spinazie, aardappelpuree, iets vlezigs. Twee borden vol. So lovely, so nice. Veel te veel natuurlijk. Hij is maar een klein mannetje. But thank you so much.

Een van de dames kijkt naar het half leeggegeten bord zoals je naar een kras op je nieuwe leren bank kijkt. Verder is er niemand. Nou ja, ik.

Achter de schermen bij Roma in Antwerpen. Beeld Marie Wanders

Toen The Tallest Man on Earth nog niet The Tallest Man on Earth heette en in kleine Zweedse punkrockbandjes speelde, zette hij eens wat losse liedjes online. Singer-songwriterhuisvlijt. Hij moest een gebruikersnaam bedenken. Die dag, meer dan een decennium geleden, werd The Tallest Man on Earth geboren. Tijdens zijn eerste tv-optreden, dat op YouTube staat, heeft hij nog een artistiek snorretje en draagt hij een hemd. Zijn haar oogt verwilderd, alsof de cameraploeg hem uit bed heeft geplukt. Liefhebber van
media-aangelegenheden werd hij nooit. Wel van fotosessies trouwens, zolang hij zelf maar de fotograaf is.

The Tallest Man on Earth is de artiestennaam van de Zweedse singer-songwriter Kristian Matsson (Leksand, Zweden, 1983). Naast zijn solowerk is Matsson ook lid van de band Montezumas. Zijn eerste album was Shallow Grave (2008). In de VS trad hij in datzelfde jaar op met Bon Iver. Woensdag 3 oktober staat hij in de Stadsschouwburg Groningen.

Vriend op afstand

Deze lente kondigden zalen zijn komst naar Nederland aan. Ik kocht meteen kaarten. Ik koop altijd meteen kaarten als hij komt. Dat komt: ik ben fan. Ik houd van zijn kale, vroege albums, van een grindachtige stem en een gitaar, van die paar pianoliedjes die plots opduiken, van het latere, pompeuzere bandwerk en van de schijnbare ernst die ik ieder ander kwalijk zou hebben genomen, maar hem niet, misschien omdat die ernst de muziek geldt, niet de muzikant. The Tallest Man bezingt gebeurtenissen die ik nooit heb meegemaakt, landen die ik nooit heb bezocht en dieren die me koud laten, en toch zingt hij over mij, tegen mij, voor mij. Zijn concerten over de hele wereld worden bezocht door duizenden mensen die hetzelfde denken. Zij zijn, uiteraard, abuis. En zoals elke fan beschouw ook ik mijn idool niet als een idool, maar meer als een vriend op afstand. Een vriend die elke dag zijn zieleroerselen in mijn oor raspt, zonder dat hij me ooit op de zenuwen werkt. Een vriend die ik jaarlijks opzoek, want The Tallest Man tourt veel, en Nederland slaat hij zelden over, ondanks Paradiso, noisiest venue in the world. Hij is graag in Amsterdam, hij houdt van Utrecht  of was het Groningen? Voor hem zijn steden zalen, en raamloze backstageruimten onder de grond. Tegelijk is hij ook dol op thuis zijn. Hij heeft er twee, thuizen: zijn Zweedse huis in de natuur, te midden van bossen, heuvels en rivieren waarin het goed vissen is, waar hij opgroeide en altijd weer terugkeert, met gouden licht dat hij probeert te vangen in zelf gefilmde videoprojecten en ’s winters sneeuw van meters hoog, zoals te zien is in de lieve minidocu over hem en Amanda, zijn toen-nog-echtgenote. Zweden is het thuis waar de tijd cirkels beschrijft én er is dat appartement in Brooklyn, New York, hoofdstad van volle kracht vooruit.

Achter de schermen bij Roma in Antwerpen. Beeld Marie Wanders

Na zijn laatste tour zat hij erdoorheen. Te lang weggeweest. Deze tour is korter, vol onderbrekingen waarin hij even naar huis kan. Koken, lezen, iets repareren in de tuin...

Dit voorjaar, bij het invullen van mijn gegevens voor wéér een ticket, werd ik plots bevangen door de nogal voor de hand liggende en desondanks volstrekt nieuwe gedachte dat The Tallest Man on Earth ook een mens is, een jongen van mijn leeftijd die Kristian Matsson heet, die je een bericht kunt sturen, en die je – als je toon maar enthousiast genoeg is – gewoon te spreken kunt krijgen. Kon ik eindelijk eens wat terugzeggen.

Direct daarna de volgende gedachte: kansloos. Zou hij nooit willen. Meer dan de helft van alle interviews met hem die ik heb gelezen, in welke taal dan ook, begon met een variant op de zin ‘Kristian Matsson houdt niet van interviews’. Kortom: van mijn oorspronkelijke idee – hem enkele dagen volgen, overal op de achtergrond bij zijn, just hanging around, be there but also not be there en dan beste vrienden worden, en elkaar tot grote, artistieke hoogten inspireren – sloeg de waarschijnlijkheidsmeter niet direct rood uit.

‘Zijn manager vond het goed als hij wat meer dit soort dingen zou doen’, zegt Etjen, op de stoep voor de artiesteningang. Etjen is Nederlander en Tallest-tourmanager. Ze werken al jaren samen. Het is donderdagmiddag, Antwerpen. Jas-over-de-armweer.

Achter de schermen bij Roma in Antwerpen. Beeld Marie Wanders

The Tallest Man on Earth is bekend. Zalen zitten vol, hij maakt wat hij wil maken, hij bouwt aan een oeuvre, steen voor steen. Maar het kan altijd bekender, succesvoller. Daarvoor heeft The Tallest Man on Earth iets meer Kristian Matsson nodig. Managerslogica. En daarom ben ik hier (maar ook weer niet) en mag ik overal bij zijn (maar ook weer niet).

Of zijn manager hem heeft verteld wat het plan is, ongeveer, zo’n beetje, eventueel?

Yes. Or no, actually. A little.’

Op zijn linkeronderarm staat een paard. Van zijn borst stijgt een vogel op. Een collega-fan zei me: ‘Vraag hem naar vogels. Overal in zijn werk zitten vogels.’ Favoriete Tallest-nummer: Dark Bird Is Home. Met die trage aanloop, en de band die er overheen dendert, op 3:44... Allemachtig.

De soundcheck is een concert voor een zee van lege stoelen. Na elk nummer valt het stil en rommelt hij wat aan zijn versterker. En dan zie ik het. Hoe hij over het podium hipt. Hoe hij het uitgestorven De Roma inkijkt, verschrikt en geconcentreerd tegelijk. Je ziet het als je het wilt zien. Ja, een vogel.

Iedereen – dat wil zeggen: dat groepje mensen dat hij rond zich heeft opgetrokken en dat hij ‘family’ noemt, Etjen en Anna, de bescheiden Amerikaanse die zijn gitaren beheert, en zijn jeugdvriend met wie hij in een bandje speelde en die nu zijn geluidsman is – noemt hem ‘Kris’. Ik probeer het, maar het lukt niet. De bakker is de bakker en The Tallest is The Tallest.

Achter de schermen bij Roma in Antwerpen. Beeld Marie Wanders

Beneden hangen velletjes met het tijdsschema. Aankomst, soundcheck, eten, deuren open, begin show, eind show, naar hotel. Het langdurigste onderdeel ontbreekt: wachten.

(Ooit was ik zelf even artiest. In Nijverdal, als onderdeel van een groep wielerschrijvers die twee avonden achtereen optrad. Na de eerste voorstelling overnachtten we in een bungalow. De volgende dag zat ik de hele dag in de Délifrance en wachtte de avond af. Liters koffie. Toen de Délifrance sloot, liep ik naar het theater, dat nog altijd dicht was. Het druilde en ik dacht: dit hebben muzikanten dus altijd.)

Cynisme

We wachten. Drinken gemberthee, vergelijken grijzende slapen, praten over Zweden, waar extreemrechts nu de derde partij is. Zeg maar gerust ‘racisten’, zegt Kristian Matsson. Op 9 november 2016 was hij op een bijeenkomst op het Clinton-hoofdkwartier. Een vriendin van hem werkte voor Hillary, er was een feestje beloofd. Het ging even anders. En natúúrlijk zit hij in een bubbel, in New York, in de muziek, maar hij begrijpt het gewoon niet, waarom zou je zo stemmen, waarom zou je doelbewust not nice zijn voor andere mensen? En dan zegt The Tallest Man on Earth iets wat hij gedurende mijn etmaal in zijn kielzog nog enkele keren zal herhalen, alsof hij er zeker van wil zijn dat het in de krant komt.

‘Het is zo makkelijk om cynisch te zijn.’

Kristian Matsson gelooft in de principes van het boeddhisme, dat we allemaal één zijn en dan niet super corny, maar gewoon: dat het helpt als je een beetje aardig doet.

In de backstage hangt een roerloze kalmte. Je besef van tijd verkruimelt er vanzelf. Drie hokjes die met gordijnen afgesloten kunnen worden. Verder: een piano, een koelkast vol kazen en enkele met rood velours beklede sofa’s. Een van de hokjes is Kristians domein; als hij daar is, moet ik hem laten. Heb ik Etjen beloofd.

Achter de schermen bij Roma in Antwerpen. Beeld Marie Wanders

Vanaf mijn sofa kijk ik precies door het kierende gordijn naar hem, de artiest die me wekelijks toevertrouwt dat hij de mus in de ogen van mijn kind wil zijn (Like the Wheel – zoek maar op). Hij ijsbeert, checkt nog maar eens zijn telefoon, bestudeert zijn fotocamera en buigt richting de spiegel om zichzelf van dichtbij in de ogen te kunnen zien. En ik ben er niet.

Op de bank in het andere hokje kijkt de geluidstechnicus een serie op zijn telefoon. Iemand gaapt. De sfeer van een weekendje weg met vrienden, in een bungalow, de zondagmiddag, terwijl het buiten regent.

‘Het was een donkere zomer’, zegt hij later. ‘Maar ik ben erdoorheen. Ik probeer gelukkig te zijn met wat er is, nu, hier, en niet somber over wat er allemaal niet is.’

‘En lukt dat?’

Die blik. Als The Tallest Man on Earth je aankijkt, kijkt hij je ook echt áán.

‘Yes, Frank.’

Projecten

De laatste tien minuten voor het optreden dribbelt hij wat op en neer, schenkt wat wijn in, let’s get wasted (just joking), kruipt achter de piano, nipt van de wijn, speelt wat, maakt een foto, neemt zijn gitaar op schoot en slaat een akkoord aan. Hij is geen natuurtalent, zegt hij zelf. Hij wilde eens een oud nummer spelen, maar hij wist bij God niet meer hoe. Gelukkig vond hij een YouTube-tutorial, van een fan, precies voor dat nummer. Zo zoekt hij veel dingen op, online, als hij iets wil maken, of doen, of filmen. Hij wil weten hoe iets moet, en of hij het kan en vooral: hoe goed hij het kan. Al zijn hobby’s worden vroeg of laat projecten. Op de bank liggen en niks doen, nergens beter in worden, dat vindt hij ingewikkeld. Als hij verkering heeft, lukt dat best. Of ik een vriendin heb? Kinderen? Veel van zijn vrienden krijgen kinderen, nu zijn manager weer. Hij wil ze ook, graag, ooit. Maar ja. Soms, thuis, zijn er honderd dingen te doen – e-mailen, filmen, een hek in de tuin repareren. Zo’n moment dat de dingen je aanvliegen. Dan pakt hij even zijn gitaar, speelt wat en komt de focus vanzelf.

Focus.

Zometeen zal hij naar het podium vertrekken. Alleen. Zonder voorprogramma of aankondiging zal het licht uitgaan en dan zal The Tallest Man on Earth het podium beklimmen. Daarna zal hij anderhalf uur De Roma omverspelen. Hij zal bij een gitaarwissel een banjo op zijn neus krijgen en hij zal steeds weer kijken naar het meisje dat op de eerste rij, naast haar vader, vol in zijn gezichtsveld, roerloos zit te zwijgen.

Rond middernacht heeft hij het nog over haar. Hij hoopt maar dat ze het leuk heeft gevonden. Ik draag een bak yoghurt richting tourbus. Yoghurt in de koelkast. Niemand vraagt me wat ik doe. Ik kan nu mee. Gewoon: blijven, Europa rond, beetje kletsen, waterkokers aanzetten, koffers tillen. De fan die family wordt. Het kán. Kwestie van er niet echt zijn, en dat dan heel lang volhouden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.