'Europa is blasé, wij zijn inventief en subtiel'

Kunstenaars in Saoedi-Arabië bewegen zich in het grensgebied van wat mag en niet mag. Er kan meer dan je zou denken. Maar de bevolking krijgt het werk van de grootste talenten niet te zien.

Aljan Gharem, Paradise has many gates.

Kunstenaar Ahmed Mater is weer thuis, in zijn woonplaats Jeddah. Een week eerder nog was hij in Washington DC, om de opening bij te wonen van de expositie van zijn werk in het befaamde Smithsonian Institution.

Arab News, een Engelstalige Saoedische krant, heeft er een hele pagina aan gewijd. Het gaat immers om de eerste solotentoonstelling in de VS van een van de belangrijkste kunstenaars van Saoedi-Arabië.

Terecht, die aandacht van de nationale pers voor de 36-jarige arts. Met één merkwaardige kanttekening: veel van Maters werk is in Saoedi-Arabië zelf nooit te zien. Daarvoor is het te controversieel, want te veel, eh... te veel kunst.

Hedendaagse kunst krijgt sinds een jaar of tien steeds meer voet aan de grond in het oerconservatieve koninkrijk, maar de weerstand is groot. Hoewel er prachtig werk wordt gemaakt, wordt veel ervan alleen buiten Saoedi-Arabië geëxposeerd, in Europa, de VS en de rest van de Golfregio. De kleine Golfstaten hebben kunst omarmd als object van belegging, maar in Saoedi-Arabië is daarvan geen sprake. Hier werken de kunstenaars op eigen kracht.

Dat heeft een zekere charme. De witte stadsvilla van Mater, Pharan Studio, is een droom van een creatieve broedplaats. Beeldend kunstenaars, musici, schrijvers, fotografen en theatermakers vinden elkaar hier om plannen te bespreken, te lezen en te werken, om elkaar te inspireren en scherp te houden. In een expositieruimte met hoog plafond wordt vanavond gewerkt aan een fotoproject. In een opkamer bereiden zes jonge vrouwen en mannen een poëzierecital voor.

Of het nou gaat om de strijd tegen IS en het terrorisme, de toekomst van het Midden-Oosten en de wereldeconomie (olie!): Saoedi-Arabië speelt een cruciale rol. Het land is vooralsnog een onmisbare bondgenoot, maar wel een die bijna permanent ongemak oproept. Hoe nauwer er wordt samengewerkt, hoe meer de mensenrechtenschendingen wringen. Toch hoor je weinig uit het land zelf. Onder koning Salman en prins Mohammed lijkt er wat te veranderen. Volkskrant-verslaggever Rob Vreeken kreeg een visum en reisde ruim twee weken door Saoedi-Arabië. Hij kon spreken met wie hij wilde al was het regime niet blij met al zijn afspraken maar niet iedereen voelde zich vrij om te zeggen wat hij of zij dacht. Alle verhalen over Saoedi-Arabië vind je hier.

Mater is zichtbaar gedreven, vol energie, vol ideeën. 'Wij zijn de katalysator van maatschappelijke verandering', zegt hij. Zijn studio noemt hij liefdevol 'een soort commune' en al lurkend aan de shishapijp voert hij een geanimeerd gesprek over de grenzen van de kunst met Mohammed Kazem, een bekende kunstenaar uit het naburige Dubai.

Hoewel het Golfgebied in zekere zin één artistieke regio vormt, is de beknelling van de drie grote taboes - religie, seks en politiek - in Saoedi-Arabië veel sterker. Ook gaat hier aanzienlijk minder geld om in de kunst dan in de kleine Golfstaten.

Abdulnasser Gharem, een van de andere grote namen in de Saoedische kunstwereld, verkocht in 2005 zijn installatie Message/Messenger bij Christie's in Dubai voor 842.500 dollar. Daarmee werd hij de best betaalde kunstenaar in het Golfgebied. Inmiddels geldt Gharem als misschien wel de invloedrijkste kunstenaar van de regio.

De acht ton stak hij in Edge of Arabia, een in 2006 door hem en Mater opgerichte organisatie die jonge kunstenaars op weg helpt. Dat doet hij ook in Studio Gharem in de hoofdstad Riyad, net zo'n culturele oase als Pharan Studio. Zelf beschouwt de 43-jarige Gharem, die twee jaar geleden afzwaaide als kolonel in het Saoedische leger, zich als een lid van de oude generatie. Mentorschap ziet hij als zijn plicht.

Beeld internet

Één museum in Amsterdam

De wereld telt slechts één museum voor hedendaagse Saoedische kunst, en dat staat niet in Riyad of Jeddah, maar in Amsterdam. Greenbox Museum, op de vijfde verdieping van een pand aan de Korte Leidsedwarsstraat, oogt door zijn intimiteit als een galerie, maar dat is het niet. De tentoongestelde werken zijn niet te koop. Eigenaar Aarnout Helb is wars van commercie. Daarom heeft hij niets met kunst uit de kleine Golfstaten ('dat gaat alleen om geld').

Een samenspel van toevalligheden wekte bij de jurist een fascinatie voor Saoedische kunst. In 2009 opende hij het museum, zonder ooit in het land te zijn geweest. Een gemis dat inmiddels ruimschoots is goedgemaakt. In galerie Tasami in Jeddah hangen diverse werken met een rode stip ernaast, verkocht aan Helb.

Greenbox Museum is een vrijplaats voor kunst die in eigen land worstelt met taboes. Toen kunstenaar Abdulnasser Gharem in 2009 een expositie had in Londen, maakte de Saoedische ambassadeur bezwaar tegen een door 9/11 geïnspireerd werk, met de WTC-torens en een vliegtuig. 'Vindt u het goed als ik het vliegtuigje weghaal en er een derde toren bij zet?', vroeg de kunstenaar. Dat vond de ambassadeur goed.

'Later heeft Abdulnasser voor mij een nieuwe versie van het oorspronkelijke werk gemaakt', zegt Helb. Hij wijst naar een schilderij op de zachtgroene muur. 'Het hangt hier al zeven jaar.'

Message/Messenger is een mooi voorbeeld uit het grensgebied van wat wel en niet mag. Een kolossale gouden moskeekoepel die als een dierenval op scherp omhoog staat. Eronder fladdert een witte vredesduif. Kritiek op zekere aspecten van de godsdienstpraktijk? Wie zal het zeggen.

De 25-jarige Swaheesh, een van de talenten van Edge of Arabia, laat videoprojecten van Gharem Studio zien. De film Paradise Has Many Gates van Ajlan Gharem (broer van) toont een kooi in de woestijn, in de vorm van een moskee. Een man gaat de kooi binnen, als een gevangene achter zijn tralies. Meer mannen en jongens volgen.

Dan Hijama, de naam van een traditionele geneeswijze. We zien een mannenrug met de plattegrond van het Midden-Oosten als tatoeage. Met een glazen halve bol worden ronde plekken vacuüm en paars gezogen, tot bloedens toe. Een scheermes snijdt het woord 'Allah' uit de Iraakse vlag.

Beeld Tagesspiegel

Etalagepop

Heel mooi is een korte film van Abdulnasser Gharem, Aniconism (de afwezigheid van afbeeldingen van God en levende wezens). Ooit wilde hij een etalagepop het land invoeren. Mocht niet van de douane: te veel vrouwelijk bloot. Daarop zaagde Gharem de pop in genummerde stukken. In de film wordt ze weer in elkaar gezet en dan afgebeeld door een groep portretschilders, als in een 17de-eeuwse anatomische les.

Zo maakt bijna alle conceptuele kunst uit de hoek van Pharan en Gharem een uitermate geëngageerde indruk, zonder dat de boodschap de kijker in het gezicht schreeuwt. Religie en maatschappijkritiek zijn fluisterend aanwezig.

Beeld Edge Of Arabia

De Saoedische kunstenaars zijn uitdagend zonder uit te dagen. Ze zoeken de grenzen op, maar springen er niet overheen. Zonder risico is het immers geenszins. Een van de kunstenaars uit de kring van Edge of Arabia, Ashraf Fayadh, werd in november vorig jaar ter dood veroordeeld omdat hij in zijn dichtbundel Instructions Within atheïsme zou hebben gepropageerd. In februari werd de straf omgezet in acht jaar cel en 800 zweepslagen.

'Ik provoceer, maar op een mooie manier', zegt Gharem. 'Ik gebruik schoonheid om mensen dingen te laten denken die ze nooit eerder hebben bedacht. Ik zoek de grenzen op, maar alleen om er tegenaan te duwen.' Wat zijn die grenzen dan? 'Alles', mompelt hij hoofdschuddend.

CENSUUR

Drie bastions van censuur bestaan er in Saoedi-Arabië, vier eigenlijk.

Alle kunst die openbaar wil zijn, moet langs het ministerie van Informatie en Cultuur. 'Ik stuur foto's van alles wat ik exposeer', zegt Musaed al Hulis, eigenaar van galerie Tasami in de liberale havenstad Jeddah. 'Dan laten ze weten wat niet mag, meestal zonder nadere toelichting.'

De mutawa, de religieuze politie van het Comité ter Bevordering van Deugd en Voorkoming van Kwaad, struint de straten af en treedt naar willekeur op tegen onislamitisch gedrag. Al Hulis wijst op The Four Visions van Ameen Qaisaran, drie op het oog onschuldige grafisch ontwerpen. Waar is nummer vier? Hij laat een foto op zijn telefoon zien. 'Die moest ik weghalen van de mutawa', zegt hij. In de ruimte tussen de zwarte vlakken is, als je goed kijkt, een wit (christelijk!) kruis te ontwaren.

Beeld Edge Of Arabia

Dan zijn er de maatschappelijke krachten. Elke conservatieve scherpslijper kan, bijvoorbeeld via Twitter, stennis schoppen als hem iets niet bevalt. Vaak wordt dan alsnog ingegrepen.

Ten slotte is er de zelfcensuur. 'Soms weiger ik zelf een kunstwerk op te hangen', zegt Al Hulis. 'Niet omdat het niet goed is, maar omdat het toch geen kans maakt bij het ministerie. Dan ga ik er geen tijd aan verspillen.'

Tasami is gevestigd in winkelcentrum Serafi Mega Mall, pal naast de gebedsruimte op de eerste etage. In de studio's Pharan en Gharem wordt een beetje misprijzend gesproken over dit soort galeries (te commercieel), maar het te koop aangeboden werk maakt een uitstekende indruk. Bovendien is ook hier de worsteling van de makers te voelen met de grenzen van de artistieke vrijheid.

Slavery van Alawiah al Zawami, een vrouwenfiguur met een barcode op de plek van haar ogen. 'Vrouwen als handelswaar', zegt Al Hulis. Evidence van Skna Hassan, in verlichte plastic zakken hangende foetussen. 'Verwijst naar het doden van ideeën al voor ze geboren worden.' Zo worden veel stukken pas maatschappelijk spannend door de toelichting.

Zeker is dat zo bij At Night van Sweel Jambi, een wit laken met blauwe verfvlekken. Toelichting: de kunstenares smeerde haar naakte lichaam in met verf en ging op bed liggen. Wie dat weet, herkent de vrouwelijke vormen. Zoals Mohammed Kazem eerder zei in Studio Pharan: 'Bloot is vaak onzichtbaar, maar het is er wel. Je vindt altijd een manier om het te tonen.'

Ook bij de kunstenaars is de zelfcensuur ingebakken, zou je kunnen zeggen. 'We willen de mensen niet shockeren', zegt jong talent Swaheesh. Nuchter: 'Wat heb je aan artistieke vrijheid in de gevangenis?'

De video's van de gekooide moskeegangers en de etalagepop zijn door Studio Gharem niet eens op YouTube gezet. Dat zou de conservatieven maar op stang jagen. Wel denkt Abdulnasser Gharem eraan zelf een videokanaal te beginnen, Strontkever. 'Dat is de Arabische wereld: een hoop shit. De rol van de kunstenaar is van die stront iets nuttigs te maken.'

Beeld Rob Vreeken

Creatief eiland

Voor het 'scheppen van een creatief eiland', zoals Gharem het omschrijft, is het ook zaak maatschappelijke rugdekking te zoeken. Mater heeft er wel voor gezorgd dat de mutawa niet kan binnenvallen in zijn oase Pharan, en Studio Gharem heeft goede banden met leden van het koningshuis. Sommige prinsen en prinsessen komen geregeld op bezoek en kopen werk.

'Je hebt iemand nodig ter bescherming', zegt Gharem. 'Als de koninklijke familie buitenlandse gasten heeft, bezoeken ze onze studio.' Zo maken de leiders van het land goede sier met kunst die de eigen bevolking niet te zien krijgt. De jonge kroonprins Mohammed schreef onlangs in zijn beleidsplan Vision 2030 meer geld en ruimte te willen reserveren voor jonge kunstenaars. Dat geeft hoop.

Verder is het een kwestie van slim opereren, dingen zeggen zonder ze uit te spreken en af en toe een buitenlands podium kiezen voor je boodschap. 'Zelfcensuur' is daarom misschien een respectloze omschrijving voor wat een permanent gevecht om de integriteit van de kunst is.

'Wat de censors niet beseffen', zegt een kunstenaar in Jeddah (liever geen naam), 'is dat ze de kunst een grote dienst bewijzen. Ze dwingen ons inventief en subtiel te zijn. Dat is mijn bezwaar tegen Europa. Europa is blasé, alles kan en mag. Maar waar kunst ingesnoerd wordt, wordt goede kunst gemaakt. Wij moeten nog strijd leveren. Het komt uit onze tenen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden