Recensie Het leven van Boeddha

Ervaren doe je te weinig bij Het leven van Boeddha in De Nieuwe Kerk; woorden zijn er daarentegen in overvloed (twee sterren)

De geestelijke betekenis en uitwerking van Boeddha’s leer wil nergens voelbaar worden.

Links Tree van Ai Weiwei, rechts PixCell-Deer#51 van Kohei Nawa. Beeld Evert Elzinga

Het was een heldere, maar lange ­inleiding die gastconservator Siebe ­Tettero had gegeven over hoe hij de tentoonstelling Het leven van Boeddha in De Nieuwe Kerk in Amsterdam had opgezet. Dat er wel meer dan 25 Boeddhabeelden te zien zijn. En dat er hedendaags en modern werk aanwezig is van levende kunstenaars. ­Zoals van het Chinese zwaar­gewicht Ai Weiwei van wie er een boom staat, opgebouwd uit delen van andere, ­gekapte bomen. Of de drie bergen aarde van Yoko Ono, afkomstig van plaatsen waar geweld tegen vrouwen is gebruikt. En dat het onderliggende thema lijden is, zowel de oorzaak ­ervan als de manier waarop het kan worden opgeheven. 

Maar de belangrijkste mededeling zat aan het einde van zijn betoog, toen Tettero besefte al iets te lang aan het woord te zijn geweest. Want een goede boeddhistische gewoonte is ‘niet te veel praten, maar zelf ­ervaren’.

Laat dat advies nu behalve de crux ook de omissie van deze tentoon­stelling zijn: ervaren doe je er te ­weinig; woorden zijn er daarentegen in overvloed.

Het leven van Boeddha
Beeldende kunst
De Nieuwe Kerk, Amsterdam; t/m 3/2.
Twee sterren

Dat laatste is op zich begrijpelijk. Zeker als je een tentoonstelling aan het levensverhaal van Boeddha wil besteden. Hoe hij als een rijke prins in de 5de eeuw v. Chr. werd geboren, onder de naam Siddhartha Gautama, en was voorbestemd een wereld­heerser of geestelijk leider te worden. Hoe hij een spirituele ‘ommekeer’ doormaakte en voor de eerste keer mediteerde onder een vijgenboom. En hoe hij waarschijnlijk omstreeks 410 v. Chr. stierf.

Waarbij ook uitgelegd moet ­worden hoe de jonge Siddhartha de versterving van zijn eigen lichaam, door niets tot weinig te eten, aanvankelijk voor verlichting aanzag. En hoe hij aan de hongerdood ontkwam dankzij een herderin die hem een bord rijstepap aanreikte. En hij ­uiteindelijk door concentratie het nirwana bereikte en Boeddha werd.

Uitgehongerde Boeddha Gautama. Thailand, 1890. Ger Eenens Collection The Netherlands / Wereldmuseum Rotterdam. Beeld Erik en Petra Hesmerg

Al met al een gedetailleerd verhaal dat in De Nieuwe Kerk op metershoge, oranje tekstborden wordt uitgelegd. Wat als nadeel heeft dat de geestelijke betekenis en uitwerking nergens voelbaar wil worden, zoals ­Tettero beoogde. En dat de tentoonstelling geen uitvergroot boekwerk zou zijn, maar een zintuigelijke ­ervaring. Het liefst zelfs een spirituele: waarom sta je daar anders?

Dat lukt dus niet. Niet door de verschillende beelden en beeldjes – hoe goed ook de betekenissen van de ­verschillende handbewegingen van Boeddha worden uitgelegd. Ook niet door de boom van Ai Weiwei, waar je overigens niet onder kan zitten. Of de wat mufruikende knotwilgen die Yoko Ono heeft laten neerzetten, die te hoog zijn om er een wens in te ­hangen. En zelfs niet door de knuffelruimte van Alicia Framis, hoe aan­genaam het ook is een vreemde een knuffel te geven.

Het leven van Boeddha. De weg naar nu. De Nieuwe Kerk, Amsterdam. T/m 3 februari.  

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.