Erik Jan Harmens spit in het eigen verleden

 

Er zijn boeken die iets van je vragen door zich niet ineens prijs te geven. En er zijn boeken zonder geheimen of rafels, verhalen die de werkelijkheid geen geweld aandoen, maar haar juist liever proberen te vangen.

Van die laatste soort is het autobiografische Hallo muur door Erik Jan Harmens (1970). Het kreeg een ondertitel mee: Verslag van een leven tot op de bodem. En dat is het. Harmens, die vooral bekend is als dichter, maar eerder al romans publiceerde, vertelt over de jaren die achter hem liggen. Jaren waarin hij tot twee maal toe een burn-out opliep, van zijn echtgenote scheidde, zijn vader verloor aan een helse kanker en vrienden zag sterven van wie één door zelfdoding. Maar minstens zo ingrijpend is de alcoholverslaving waarmee de schrijver korte metten probeert te maken.

Hoe het zo ver kon komen? Harmens richt zich tot de muur in zijn nieuwe huis, niet ver van dat van zijn ex en hun twee kinderen. Daar begint de zoektocht, die ook een soort biecht is.

Beeld Sanne De Wilde

Polderrealisme

De schrijver spit door zijn verleden. In korte, column-achtige hoofdstukken - polderrealisme in heldere taal - doorkruist hij voorbije periodes. Nu eens lezen we over zijn kindertijd, waarin vader en moeder uit elkaar gingen en pa verhuisde, dan weer gaat het over de puberjaren waarin Erik Jan met een vriendje stiekem een fles martini leegt. Daarnaast volgen we hem in een recenter verleden, dat waarin het drinken zich grootscheeps manifesteert. 'Vier halve liters bier, twee tripels en eenderde fles wodka' is wat de schrijver opsomt als hij op kantoor zit en zich afvraagt wat er allemaal in zijn koelkast ligt en of hij daarmee de avond door zal komen.

Almaar ziekelijker trekken neemt het aan totdat Harmens na decennia van zuipen, feesten en onverantwoordelijk gedrag meent dat het genoeg is. Bovendien heeft hij het hardlopen ontdekt. Maar rennen, drinken en schrijven gaan niet lang samen. En dus evolueert de drinkende schrijver langzaam naar een atletische schrijver. Geen onbekend proces.

Nachtelijke tocht

Ik drink al anderhalf jaar niet meer, muur. Dat is waar, al kan het ook voor de bühne zijn en sluip ik in werkelijkheid elke nacht naar het schuurtje om daar een fles Bacardi aan mijn mond te zetten. Misschien doe ik dat zelfs wel onbewust, wandelend in mijn slaap, al is het dan wel de vraag wie steeds de Bacardi bijvult die daar zou moeten staan.

Scheten

Harmens streven naar een zo groot mogelijk realisme brengt met zich mee dat kleine dagelijkse ervaringen en bezigheden worden beschreven. Zo gaan er nogal wat alinea's over scheten. Mensen die bovenmatig drinken, hebben, zo wordt duidelijk, last van een gemene winderigheid. Niet alleen lezen we over de flatulentie van de schrijver zelf, ook over die van zijn drinkebroer Bernard. Onderwerpen als neuspeuteren en lichaamsbeharing komen eveneens aan bod . Harmens walmende 'menselijkheid' komt zo wel heel erg nabij. Toch bevat Hallo muur daarnaast ook sterke observaties. Het afkickprocedé bijvoorbeeld is goed beschreven. Braaf zien we Harmens de oefeningen uitvoeren die hem in de kliniek zijn aangereikt. Als de hunkering een ondraaglijk niveau nadert, omschrijft Harmens dat als lijden: 'Ik lijd als de trek in alcohol opkomt. Ik lijd als hij in kracht toeneemt. Ik lijd als hij op zijn hoogtepunt is en onverdraaglijk is. En als hij in hevigheid afneemt, neemt ook het lijden af.'

Daar hebben we iets moois. Anders dan in het werk van collega Hafid Bouazza, of een verre voorganger als Hans Fallada, is Hallo muur geen lofzang op de roes, maar een afrekening met een gesel.

Over het waarom van het drinken zijn we wijzer geworden: een erfelijke component is in het spel. Maar op de allerlaatste bladzijde wordt het nog concreter: 'Na zeven Westmalle tripel, of zelfs al drie, is de wereld veel zachter,' waarmee ook dat is gezegd en er echt niets meer te raden blijft. Eind goed, al goed. Geheimloos blijven wij achter.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden