Er was eens een kaartmaker

Zes weken lang liet de Volkskrant lezers zoeken naar een schat. Tot onze verrassing werd hij afgelopen vrijdag al gevonden. Reconstructie met de vinders: zo was de puzzel op te lossen.

Steffie Verspeek met de prent van Raoul Deleo.Beeld Daniel Cohen

ierentwintig puzzeluren heeft ze erin gestoken voor ze de schat vond, zegt Steffie Verspeek. Samen met haar man Arne Dielis, dus eigenlijk 48 manuren, en dat is een conservatieve schatting, zegt hij: 'Dan rekenen we echt alleen de uren dat we aan tafel bezig waren. Niet de tijd dat het door mijn hoofd spookte.'

Maar ze houden dan ook van puzzelen. Ze 'geocachen' geregeld en bij familieweekends zijn hun speurtochten beroemd. Een aantekeningenboekje stampvol cijfers, pijlen, vraagtekens en woorden ligt voor ons op tafel, als bewijs van de vele wegen die ze in hun hoofd bewandelden om bij de schat uit te komen. Het lijkt geheimschrift. Achter hen staat het grote, originele kunstwerk van Raoul Deleo, de aap met de gele mantel uit de laatste aflevering, te pronken tegen de muur, met een persoonlijk felicitatiebriefje van de kunstenaar achterop. Op tafel een gesigneerd echtheidscertificaat. Het zal allemaal worden bewaard en gekoesterd.

Schat

Afgelopen vrijdag vond Steffie Verspeek (34), coördinator rijkssubsidieregelingen uit Roermond, samen met haar 3-jarige dochter Anne-Lin in de Kerkstraat in Den Bosch de finale aanwijzing van de zomerspeurtocht die de Volkskrant had uitgezet ter gelegenheid van vijf jaar V. Zes weken lang stonden er sprookjes uit alle werelddelen in de krant, met ingenieuze illustraties van kunstenaar Raoul Deleo, boordevol aanwijzingen naar een schat die ergens in Nederland was verstopt, schreven we erbij. Om die te vinden moest de lezer álle afleveringen verzamelen.

Voor Steffie en haar man Arne (36), internist, was het tot het allerlaatste moment spannend. Eigenlijk hadden ze het de donderdagavond voor de laatste aflevering opgegeven. Tot ze vrijdagochtend het leitje met 'schola' zagen in de achtergrond - toen viel alles op zijn plek. Maar voor ze vertellen hoe dat ging, krijg ik in Roermond, met een groot stuk Limburgse vlaai, de route die ze uitplozen. Op basis van de aanwijzingen die wiskundige en cabaretier Jan Beuving bedacht. Soms zagen ze aanwijzingen waar ze helemaal niet waren: in tekeningen die niet als clous bedoeld waren.

Toen ik even daarvoor bij het huis van de familie aankwam, bleek de voordeur versierd met de twee bloemetjes die elke week in de illustratie terugkwamen, en die het stel 'de edelweisjes' is gaan noemen. Steffie heeft weliswaar een opleiding bos en natuurbeheer gedaan, maar het determineren van de planten in de tekeningen bleek lastig. Als ik vertel dat het sint-janskruid is, de belangrijkste aanwijzing voor de locatie (in 's-Hertogenbosch staat de Sint-Janskathedraal), gooien ze tegelijk hun hoofd achterover. Hadden ze dat geweten, dan waren ze niet pas bij de laatste aflevering bij Den Bosch uitgekomen.

De inspiratie: Kit Williams

Midden jaren zeventig verscheen een magisch prentenboek van illustrator Kit Williams, Masquerade. De tekeningen waren heerlijk kitscherig, folky, in die wonderlijke mix van Middeleeuwen, surrealisme en natuurlyriek die die tijd zo kenmerkte. In elke tekening zat een konijntje verborgen. En ergens in Groot-Brittannië had Williams een goudschat begraven. Als je heel nauwgezet tekst en tekeningen bestudeerde, kon je daaruit de exacte locatie destilleren.

Dát raadselachtige, dat wilden wij ook, voor V's verjaardag. Chris Buur gaf de voorzet, Wieteke van Zeil ontwikkelde het totaalplan. Raoul Deleo was met zijn prenten de man van de kunstig verwerkte aanwijzingen. En Jan Beuving, wiskundige en cabaretier, dacht het complete spel uit.

Code gekraakt

Bij Steffie en Arne ging het zo: de emblemen vol cijfers die elke week in de illustraties stonden, voorzien van een pad, moesten worden ontcijferd. De avond van de eerste aflevering begon Steffie met eenvoudige alfabetontcijfering: a=1, b=2, of juist iets opgeschoven, of juist andersom: z=1, y=2, x=3. 'Daar kwam niks uit, en toen was het elf uur en moest ik echt naar bed. Maar híj ging door', zegt ze.

Arne ging verder door de meest voorkomende cijfers op te schrijven en uit te proberen of dat de meest voorkomende letters zouden kunnen zijn, zoals de 'e', de 'r' of de 'n'. Om één uur 's nachts sprong hij enthousiast naast haar in bed: 'Ik heb 'm!'

Meteen al hadden ze dus de code gekraakt, nog voordat er ook maar één aanwijzing voor in de krant had gestaan. Want de pad, gezeten op de emblemen, was in de weken daarna steeds de clou voor decodering: ze brachten de lezer 'op het juiste pad'. Als ze dat hoort, lacht Steffie verbaasd: 'We dachten dat het een kikker was.'

In de eerste week was de aanwijzing een aar met een even aantal graankorrels, de even-aar.Beeld Raoul Deleo

In week twee was het een pad die lacht. Voor de ervaren puzzelaar een clou: l=acht. In week drie hield de pad een peen vast: p=één. In week vier droeg hij een tweedjasje: twee=d. In week vijf had hij benen: b=enen (b=11). En in week zes vierde hij 5 jaar V: vier=t. De lezer kreeg zo vijf letters cadeau.

Steffie en Arne was het dus ontgaan, maar ze konden het zevende sprookje, geschreven door Jan Beuving, toch al ontcijferen. Wat hen opviel was dat de hoofdpersoon Gerard heet. Arne: 'Dat moest iets betekenen, het is zo'n ongewone naam.'

En toen kregen ze 'een heel mooie tunnel', zegt Steffie. In week drie stond een afbeelding van Atlas in de achtergrond die de hemelglobe draagt. Ze dachten aan Amsterdam, omdat op het Paleis een beeld van Atlas staat, en ze begonnen te denken dat het om Gerard Mercator kon gaan: de eerste die een verzameling kaarten een Atlas noemde en de uitvinder van de projectiekaart die wij nog altijd als wereldkaart gebruiken. Op de globe ontbrak het sterrenbeeld Vissen. Samen met de padden, waarvan ze dachten dat het kikkers waren, sloegen ze aan het googlen: kikkers, vissen en Mercator, en zo kwamen ze uit in de Baarsjes in Amsterdam. Baarsjes zijn immers vissen, in de stadswijk bevindt zich het Mercatorplein en vroeger reed door de Baarsjes naar Haarlem een tram die de Kikker werd genoemd.

In week twee, met de pauwenpoot, ging het om de schaduw, de projectie, die opnieuw naar Mercator verwees.Beeld Raoul Deleo

Tunnelvisie

Niets hiervan hadden we bewust in de illustraties verstopt. Een indrukwekkende tunnelvisie, bíjna goed, en het wordt nog mooier, want er gebeurde iets dat zo toevallig is dat puzzels soms groter lijken dan hun maker.

Op het Mercatorplein in Amsterdam staat een Openbare Bibliotheek. Ideaal om een schat te verstoppen, dacht Steffie. Dus toen ze in week vier in het verhaal de opmerking '32 x 32 jaar' las, begon ze lukraak te rekenen. Het jaar 2016 min 32 x 32 jaar, wat zou dat zijn? Het antwoord, 992, bleek de bibliotheek-CISO-code van... een boek van Raoul Deleo! Dit kon haast niet mooier, hier móést de schat liggen. Het boek De eenzame snelweg, in het spoor van Jack Kerouac van Auke Hulst en Raoul Deleo was ook nog een reisboek, wat aansloot bij de Mercators wereldkaart en de wereldsprookjes.

Het was te mooi om waar te zijn. Amsterdam was niet de vindplaats. Ondertussen had het stel ook Den Bosch en Enkhuizen op de shortlist, omdat de Vlaamse Mercator daar ook is geweest. Den Bosch klopte bovendien omdat het moerasland is en volgens Steffies plantendeterminatie moest de schat in watergrond liggen (nee, dat hebben we er niet in gestopt). Arne, bovendien, dacht aan Oeteldonk, Den Bosch' naam tijdens carnaval. En 'oetel' betekent kikker en 'donk' is een droge plek in een moeras. Volgens de kikkertheorie van Arne en Steffie sloot het als een bus.

De punt van de V in de laatste, zesde week, wees naar een leitje, dat verwees naar de Latijnse school.Beeld Raoul Deleo
In de derde week was Atlas met de hemelglobe de aanwijzing. De pad houdt hier een peen vast.Beeld Raoul Deleo

Sinds week twee hadden ze al gezien dat een plattegrond in de illustraties school, in de vorm van een graspad. Met elke volgende week werd de plattegrond duidelijker. Steffie tekende het in haar schriftje.

'Maar toen kwam week vijf en dat was de hel', zegt Steffie. 'Toen klopte niks meer. We snapten het melodietje niet.' Het melodietje, dat was de 'notenbalk' in een tekening van een aantal grassprieten en paardenbloempluisjes die Deleo had getekend. Samen vormden ze het wijsje van de reclame 'De markt, van álle markten thuis' - een hint naar de naam Mercator, die marktkoopman betekent. Maar de puzzelaars wisten die naam al sinds week één en zochten er misschien te veel achter. Ze zochten carillons in Amsterdam en Den Bosch, vertaalden de noten naar letters volgens de cijfercode in het verhaal; het haalde niets uit. Ook de kaart gaf geen verheldering. Ze gaven het op.

Tot ze dus die vrijdagochtend het leitje zagen. Steffie legde met Anne-Lin op schoot de plattegrond van de plek waar het huidige Stedelijk Gymnasium zit naast de plattegrond die nu compleet was. Het kwam niet overeen. Even later bedacht ze: Mercator ging natuurlijk niet in het nieuwe deel van Den Bosch naar school. Als Brabantse kent ze de stad een beetje.

De V-punt in week drie wees naar een notenbalk met het melodietje van een reclametune.Beeld Raoul Deleo

Openbare plek

Om 10 uur appte ze Arne: het is bij restaurant Da Peppone, Kerkstraat 77. Het gebouw waar in Mercators tijd de Latijnse school zat. Het restaurant ging vijf uur open. Maar de schat zou zichtbaar zijn in de openbare ruimte.

Eigenlijk zat het zo: de krant wilde de schat achter een wereldkaart hangen in het restaurant. Maar dat had 'absoluut geen behoefte aan publiciteit' en deed niet mee. Een openbare plek leek sowieso beter, zodat lezers 24 uur per dag konden zoeken. Zo bedacht de redactie de oplossing een sticker te plakken op de lantarenpaal vóór het restaurant en ging collega L. met gevaar voor het Bossche lik-op-stukbeleid op pad om wild te plakken. Op de sticker staat een portret van Mercator en de twee sint-janskruidjes die wekelijks in de illustraties staan, met een gecodeerde versie van Jan Beuvings telefoonnummer.

Steffie en Anne-Lin liepen eerst op de stoep tussen paal en restaurant door en zagen niks. 'Het moet er zijn', zei Arne aan de telefoon, 'alles klopt te goed'. Terug liep ze via de straat en toen keek ze Mercator recht aan. Om 14.45 uur belde Steffie met Jan Beuving. Maar het bleek nog niet klaar.

In week vijf wees de punt van de V naar de Vlaamse reus, die op zijn beurt aan Mercator refereerde.Beeld Raoul Deleo

In het sprookje, over een man die van de wereld viel en in het land van de sprookjes terechtkwam, zat een geheime zin verstopt. Had ze die misschien ook ontdekt? 'Nee. Maar ik denk dat ik weet hoe ik verder moet.' Ze hing op. Het kwartje viel. Die 32 x 32, die moest daarop slaan. Het hele verhaal stond gedecodeerd met de cijfers en bijbehorende letters in het schriftje dat ze bij zich had. Met haar vingers begon ze te tellen en omcirkelde steeds de 32ste letter. Anne-Lin begon asynchroon mee te tellen. De tijdsdruk steeg, de adrenaline zat in haar keel en ze raakte drie keer de tel kwijt.

Steffie telde en cirkelde verder en precies tien minuten later belde ze Jan Beuving en sprak de geheime zin uit die ze tot de laatste letter secuur had geteld: 'Sprookjes brengen een wereld in kaart'. Anne-Lin belde papa om te zeggen dat zij de schat gevonden had.

Jan Beuving feliciteerde de vindster en gaf de laatste opdracht. Morgen lag de schat klaar in een huis op de Vismarkt in Heusden. Ze hoefde alleen maar te letten op het klavertje aan de gevel om haar geluk te vinden - een teken dat ook op de plattegrond in de illustraties de juiste plek markeerde. Er zou bovendien een wereldkaart voor het raam hangen. Zaterdag trok de hele familie naar Heusden en overhandigde de familie Klaver om 14 uur de schat aan Steffie Verspeek.

Beeld de Volkskrant

'Zand in uw ogen'

Hadden ze alle clous gevonden? Nee. Bij de eerste aflevering zag u op de cover van V een puzzel en, zoals elke dag, een grote V. Bij die V een stippellijn en een schaartje. Een aanwijzing: knip deze uit. Als u dat had gedaan en bij elke aflevering de V op de illustratie had gelegd, met de bovenste punten op de twee sint-janskruidjes, wees de onderste punt als een pijl op de aanwijzing van de week. In week één: een aar met even aantal korrels (even-aar, de enige lijn op Mercators wereldkaart die niet vervormd is). In week twee: de schaduw van de pauwenpoot (een schaduw is een projectie, naar de belangrijkste uitvinding van Mercator, de projectiekaart). Week drie: Atlas, zoals bovengenoemd. In week vier: een Vlaamse reus, Mercator was een Vlaming. Week vijf: het melodietje over de markt en in week zes het leitje met 'schola'.

De rest van de planten en dieren, behalve het graspad, was invulling of, zoals Jan Beuving zegt, 'zand in uw ogen'. Mercator kozen we omdat we een buitenlandse denker wilden die op een Nederlandse locatie is geweest. Hij is geboren op 5 maart, de geboortedag van de bijlage V. De sprookjes kozen we omdat in Nederland veel culturen en daarmee veel verhalen samenkomen en natuurlijk omdat we volgens Einstein pas echt slim worden als we veel sprookjes lezen. Omdat die onze geest scherpen, onze verbeelding aanzetten, en ons op prettige manier richting geven. Helemaal V. We hopen dat u veel puzzelplezier hebt gehad.

De illustraties van Raoul Deleo, zonder de aanwijzingen, zijn te bestellen via de webshop van volkskrant.nl.

Het aantekeningenboekje van Steffie Verspeek bevat reeksen cijfers en letters, pijlen en coderingen.
Het aantekeningenboekje van Steffie Verspeek bevat reeksen cijfers en letters, pijlen en coderingen.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden