En weg was hij, het hoekje om

Weer was Johan Cruijff ons te snel af, schrijft Willem Vissers in de nieuwste editie van 'Cruijff, Hendrik Johannes, fenomeen'.

'Magistraal: al die toverballen, de versnellingen. Binnenkant, buitenkant. Alles.' Beeld Guus de Jong / ANP

Bij het verschijnen van Cruijff, Hendrik Johannes, fenomeen, in 1972, schreef Nico Scheepmaker ter verantwoording: 'Dit is een boek over Cruijff, Hendrik Johannes, fenomeen, althans over allerlei aspecten van het voetbal, getoetst aan het fenomeen Johan Cruijff zoals dat vanaf het voetbalveld en vanuit de publiciteit tot ons is gekomen.' Na de dood van Scheepmaker in 1990 voegden Erik van Muiswinkel en Volkskrant-verslaggever Paul Onkenhout hoofdstukken toe, bij de vierde en vijfde, alsmede de zesde en zevende druk. Nu, na de dood van Cruijff op 24 maart, viel Willem Vissers (de Volkskrant) de eer te beurt een nieuw epistel te schrijven bij de achtste druk, met daarin verslag van de Cruijff-jaren 2005-2016. Het boek verschijnt komende week.

Hieronder alvast enkele fragmenten.

Hoofdstuk drieënvijftig, waarin Cruijff, Hendrik Johannes, fenomeen, toch nog onverwacht komt te overlijden en wij, achterblijvers, aanhangers, nog niet precies kunnen inschatten hoe groot de leegte is die hij heeft achtergelaten. Groot, dat is zeker, maar hoe groot precies?

Een slalom op tempo

Zelfs met zijn sterven was Johan Cruijff ons te snel af. Een slalom op tempo. Een Cruijff-turn, en weg was hij, het hoekje om. Internationaal beweend. Gecremeerd in besloten kring. Kranten- en boekenmakers, ze waren nog volop bezig met hun bijlagen en herdenkingsboeken. Ze hadden netjes hun voorwerk gedaan, vanaf het moment dat ze hoorden van de longkanker in zijn lijf, maar ze waren alsnog op het verkeerde been gezet door Cruijff, die met zijn dribbels al voor lichtheid in menig hoofd zorgde. Johan liet immers doorschemeren dat het goed met hem ging. Aan zijn bed stonden de beste artsen. Hij was bovendien Cruijff, het fenomeen, in zekere zin was hij toch onsterfelijk? Zou hij longkanker tarten, zou hij gewoon genezen? Wie weet. Ja toch zeker.

Wat moest hij ook aan met de dood? In Het Parool van 7 februari 1998 zegt het fenomeen: 'Ik vind het moeilijk om iets zinnigs te zeggen over de dood. In zes jaar tijd ben ik twee keer ernstig gewaarschuwd. Maar niet doodgegaan. Het is blijkbaar de bedoeling dat ik doorleef. Dus moet ik er het beste van maken en er zoveel mogelijk van genieten.'

Nieuwe leaseauto

(...)

Hij verloor dus de strijd die we geen strijd mogen noemen. Voordat wij het goed en wel in de gaten hadden was die voorsprong van 2-0 verdwenen, en even na 13:00 uur, op donderdag 24 maart 2016, meldde het nieuws dat Hendrik Johannes Cruijff, fenomeen, was overleden. Iedereen die van voetbal en van Cruijff houdt, weet waar hij was op het moment van die mededeling. Hij (of zij) weet wat hij deed, 24 maart, even na enen. Ik had bijvoorbeeld net een nieuwe leaseauto opgehaald in Haarlem, eigenlijk een veel te mooie auto voor mij, maar vooruit. Ik was blij. Mijn vrouw Bernique en ik zouden even een ritje maken naar IJmuiden. Dat doen we nooit: zomaar een ritje maken. Daarvoor zijn auto's te onbelangrijk. We waren de straat nog niet uit of de telefoon ging. De chef, Mark Misérus: 'Cruijff is dood. Kom je naar de krant?'

Op het nummerbord van de nieuwe auto staan eerst twee letters: JH. Johannes Hendrik. Dan drie cijfers: 338. Samen 14. Natuurlijk, dat is allemaal toeval, maar toch, het zijn gedachten die op zo'n moment een diepere betekenis krijgen. Het was me wat: huilend naar de krant, in die nieuwe auto. Even aan de kant willen gaan staan, maar dat is moeilijk op de ring van Amsterdam. 'Wat doet u hier, heeft u pech?' 'Nee, ik droog mijn tranen om Cruijff.' En hoe zou het op de krant zijn met Sytze de Boer? Sytze is documentalist bij de Volkskrant en Cruijff-kenner pur sang. In 2011 stelde hij met goedkeuring van Cruijff een boek met uitspraken van hem samen. Bij de presentatie zat hij naast Cruijff. Die foto hangt tegen een ruit in de buurt van zijn bureau. Sytze, druk gesticulerend, Cruijff, vol aandacht. Alsof Sytze het fenomeen is en Cruijff de luisteraar. En dat was ook even zo, want Cruijff kon goed luisteren, zeker als hij het me je eens was.

'Waar is Sytze?' vroeg ik. Sytze is naar huis, zeiden de collega's. Hij moet zichzelf even hervinden. Sytze vond de revolutie van Cruijff bij Ajax schitterend. Geen gezeur, als iedereen naar Cruijff luisterde zou alles goed komen. Deden ze dat maar, al die gewone stervelingen, naar Cruijff luisteren.

Tikken dan maar. Nog meer tikken. Dagen van slag zijn. Droefenis voelen, tot diep vanbinnen. Woede ook, vanwege de wedstrijd van het Nederlands elftal tegen Frankrijk die een belediging was van alles waarvoor Cruijff staat. Stond. Bondscoach Danny Blind begon met een defensief systeem, werd weggespeeld, schakelde over op iets wat op aanvallen leek, zonder aanvallers die werkelijk indruk maakten. Een herdenkingswedstrijd als afgietsel van een beroerde periode in het Nederlandse voetbal. Moest dat, juist nu? Ja, dat moest blijkbaar.

Oneindig veel beelden kijken van vroeger, toen Cruijff topvoetballer was, toen hij zo goed was dat je blij bent dat je al die beelden weer eens ziet, en nog eens, al is het maar om je gedachten een stoomcursus Cruijff te geven. Een filmpje op YouTube, 14 minuten, dat is gewoonweg magistraal. Al die toverballen, de versnellingen. Binnenkant, buitenkant. Alles. Een leerplan voetbal in een kwartier.

Aanbidding

(...)

Wat blijft zijn herinneringen, eindeloos uitgevent in de weken na 24 maart, over de hele wereld. Particuliere mijmeringen ook. Op een veld in Hoogeveen in Drenthe, in 1973, zittend tegen de reclameborden rond het hoofdveld, naast een oom die, in tegenstelling tot mijn vader, wel van voetbal houdt. Daar loopt Cruijff, vlak langs ons. Zullen we hem aanraken? Mag dat? Die oom, oom Leo, is de eerste die het kind laat zien hoe aanbidding voor een voetballer oogt.

Wie mocht Cruijff zijn op de trapveldjes met vrienden? Dat was altijd de vraag. Wie te slecht was durfde zijn rol niet eens op te eisen. Nog zo'n herinnering: in Venlo, in 1987, als beginnend journalistje bij het ANP. Na de zege van VVV (3-1) op Ajax draait het hoofd van Cruijff naar het journalistje dat zich in het vragenvuur door ervaren collega's heeft laten afbluffen: 'Ik dacht dat jij ook iets wilde vragen.' Dat ene zinnetje, dat ene tafereel, dat blijft voor eeuwig hangen.


Nieuwe boeken over Cruijff

Leven en werken van Johan Cruijff zijn altijd aanleiding geweest voor boeken. Na zijn dood op 24 maart is het aantal publicaties als verwacht nog toegenomen. Een greep:

Zowel Voetbal International als Kick Uitgevers liet een fotoboek verschijnen, met een keur aan beeld, in sommige gevallen nooit eerder vertoond. In het boek van VI zijn ook interviews en columns verzameld. Kick Uitgevers bereikte snel na het verschijnen van Johan Cruijff - De legende een financieel akkoord met de Cruyff Foundation, die zich doorgaans verzet tegen publicaties over Cruijff.

Hard Gras, het voetbaltijdschrift voor lezers, bracht reeds een speciale uitgave, volledig gewijd aan Cruijff, met gedichten en verhalen. God is dood, Cruijff niet, zoals hoofdredacteur Henk Spaan verzuchtte. In deze uitgave van Ambo Anthos onder meer stukken van Henk Spaan, Godfried Bomans, Herman Koch, Anna Enquist en David Winner, de Brit die eerder een standaardwerk over het Nederlandse voetbal schreef (Brilliant Orange - The Neurotic Genius of Dutch Football, 2001).

Beeld x

Bij Nieuw Amsterdam verschijnt op 6 oktober de Nederlandse versie van de geautoriseerde biografie van Johan Cruijff, geschreven door Jaap de Groot, journalist van De Telegraaf en jarenlang de ghostwriter van de column van Cruijff in die krant. 6 oktober is de wereldwijde verschijningsdag van het boek, waarvoor kort na de ontdekking van longkanker bij Cruijff een miljoenencontract werd gesloten met uitgevershuis Pan Macmillan.

Beeld x

Uitgeverij Brandt komt in juni met Johan Cruijff in Barcelona - De mythe van de verlosser. Het boek is geschreven door journalist Edwin Winkels, die in 1988 naar Barcelona verhuisde en verslaggever werd van de krant El Periodico. Cruijff, eerder speler van de club, was vanaf 1988 bijna acht jaar trainer van Barcelona, waarmee hij toen vier landstitels won en de eerste Europa Cup I (nu Champions League) van de club. Winkels en Cruijff ontmoetten elkaar talloze malen, voor interviews, bij persconferenties en informeel. In zijn mooie stijl construeert Winkels het beeld van Cruijff in Barcelona, de stad waar hij tot zijn dood bleef wonen.

Beeld x
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden