'Elke avond ben ik even in Berlijn'

Leo Duyzend staat op de plek waar hij als jongeman de omhulsels van granaten maakte, in dienst van Hitlers wapenindustrie....

'Hier douchten we ons na het werk', zegt hij in een ruimte met kapotte kledingkasten. Het is nu 58 jaar geleden dat hij hier bij de Borsig-fabrieken in Berlijn drie jaar als dwangarbeider werkte. 'Maar elke avond als ik naar bed ga, ben ik even in Berlijn.'

Het werk was zo inspannend dat hij hoopte op luchtalarm. 'Dan had je drie uur vrij.' Maar na een geallieerd bombardement vond hij van een van zijn kameraden alleen de laarzen terug. 'Ik ben blij dat ik het mee heb gemaakt. Ik kan tegen ontberingen', zegt de 79-jarige Leidenaar, maar achter zijn bril wrijft hij de tranen weg.

Decennialang vertelden dwangarbeiders als Duyzend hun verhalen alleen aan echtgenotes en kinderen. Maar de laatste jaren staan ze tot hun vreugde opeens in de belangstelling. Dat komt gedeeltelijk door de Duitse uitkeringen aan voormalige dwangarbeiders - die overigens aan Nederlanders niet worden betaald omdat ze niet zo hebben geleden als de joden en de Oost-Europeanen.

Maar het is ook omdat een groep kunstenaars de dwangarbeid heeft ontdekt. Duyzend is terug bij Borsig in het kader van het Duits-Nederlandse kunstproject 'Halle G', een onderzoek naar een passende herinnering aan de duizenden dwangarbeiders op het Borsig-terrein.

'Wat nodig is, is niet weer een gedenksteen, maar een plek waar permanent ontmoetingen en projecten kunnen plaatsvinden', zegt kunstenares Sabrina Lindemann. Als eerste poging hebben zij en andere kunstenaars een imaginaire 'Halle G' ingericht.

Het is een commentaar op het winkel- en kantoorparadijs dat sinds een paar jaar in de monumentale Borsig-fabriekshallen huist, en de sporen van het verleden uitwist. 'Halle G', is met gras bekleed, dat wegens de bekende uitdrukking symbool moet staan voor de verdringing van het verleden. Op het Borsig-terrein hing een kunstenaar een reeks reclameaffiches voor onder andere strijkijzers (gladstrijken) tapijten (om iets onder te vegen) en wasmachines (om wit te wassen).

In Duitsland stikt het van de monumenten ter herinnering aan het nationaal-socialisme en zijn misdaden. De herdenkingscultuur wordt wetenschappelijk bestudeerd en in tal van boekwerken beschreven, zo blijkt zaterdag op een conferentie van wetenschappers en kunstenaars in 'Halle G'. Moet de kunst de mensen dan ook nog met het opgeheven vingertje tot herinneren dwingen?

'Ga maar eens aan het publiek in het winkelcentrum vragen, dat weet nergens van', zegt Lindemann. Vorig jaar confronteerde de Nederlandse kunstenaar René Klarenbeek, zoon van een dwangarbeider, de winkelende mensen dagenlang met steeds nieuwe provocerende billboards over de dwangarbeid bij Borsig: 'Heeft U herinneringen aan deze tijd. Zo niet, WAAROM?'

Hij liet Duyzend en drie andere dwangarbeiders kaas uitdelen. Andere kunstenaars stelden hun herinneringen tegenover de impressie die een groep lokale 15-jarigen van het Borsig-terrein maakte('Macdonalds is gewoon goed'). Uiteindelijk bleken de jongeren zeer geïnteresseerd in de verhalen van de oude mannen.

Het is goed dat de kunstenaars de geschiedenis op hun eigen manier levend houden, vinden de dwangarbeiders en de wetenschappers in 'Halle G'. Maar niet iedereen zit op het kunstenaarsmoralisme te wachten, zo blijkt uit de reactie van een voorbijgangster op Klarenbeeks billboards: 'De hele tijd word je met de schuld van anderen geconfronteerd en moet je je zelf schuldig voelen. Ik doe daar niet meer aan mee.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden