Elf bekende Chinezen, hollend door de Keukenhof

Elk filmland wil aanhaken bij de filmboom in China. Ook Nederland. Dus bezoekt een Nederlandse delegatie Peking om Chinezen te leren over onze kinderfilms. En China komt intussen deze kant op.

De Chinese actrice Zhu Zhu, bekend van de Netflix-serie Marco Polo. Beeld Jan Dirk van der Burg

De Chinezen komen. Net kwamen ze óók al, zo begreep een productieassistent althans uit zijn plots nerveus ratelende portofoon. Maar dit bleek loos alarm. De haastig opgelaten camera-drone werd weer aan de grond gezet.

Nu komen ze echt. Elf zeer bekende Chinezen, hollend door de poort van de Keukenhof; olympisch kampioenen, film-, televisie- en popsterren. Gevolgd door een legertje Chinese camera- en geluidsmannen, plus de benodigde Chinese productieassistenten, ieder voorzien van een groot formaat telefoon zwiepend aan een nekkoordje.

Ze hebben haast. De als laatste in de race eindigende teams worden geëlimineerd, zoals dat gaat in dit type spelshow, een soort mix van Wie is de Mol? en Sterrenslag. De sneltreinvariant van de Chinezen heet Race the World en trekt wekelijks zo'n zeventig miljoen kijkers. Speciaal voor de opnamen, die één dag duren en door Amsterdam en omgeving voeren, is honderd man crew overgevlogen vanuit Peking. Daarnaast wordt ruim honderd man Nederlands personeel ingezet. Het is de bedoeling dat de Chinese kijker tussen het amusement door iets oppikt van de 'klassieke cultuur' van het land in kwestie, zegt hoofdproducent Chen Zhixian (29).

Deelneemster Zhu Zhu (31), kleindochter van een fameuze generaal in het Volksleger en zelf actrice in Marco Polo (de Netflix-serie), manoeuvreert over een parcours met ronde kazen tussen twee stokken geklemd, terwijl middeleeuws geklede Hollanders haar kunststukje begeleiden op fluit en accordeon. Even verderop mikt het Chinese topmodel Yilun Sheng (23) met zijn voet houten klompen tussen een molenwiek, met meer kracht dan precisie. Een enkele klomp splijt uiteen op de straatklinkers, of landt tussen de narcissen. 'Try to focus!', instrueert de als molenaar verklede Hollandse spelleider.

Veeboer Willem uit Ransdorp voorziet de Chinezen van een volgende spelopdracht. Beeld Jan Dirk van der Burg

Verschillen stelselmatig overdreven

Productiemanager Arjen Oosterbaan (41) spreekt vloeiend Mandarijn en fungeert als schakel tussen de Nederlandse en Chinese crew. Hij regelt, legt uit, legt nog eens uit, lacht, ziet toe. De sinoloog (afgestudeerd te Leiden) en oud-student aan de filmacademie van Peking werkte als producent mee aan verschillende documentaires over China, waarvan enkele te zien waren op filmfestival IDFA. De verschillen tussen Chinezen en Nederlanders worden stelselmatig overdreven, vindt hij. 'Moeilijk te lezen, gesloten, stug - als je de taal spreekt valt het allemaal best mee. Chinezen zijn ook gewoon leuk.'

Met zijn bedrijfje China Holland Film Company bemande Oosterbaan in 2012 voor het eerst een standje op het filmfestival van Peking, namens de promotietak van het Nederlands Filmfonds. Daar wil men het onderlinge coproduceren stimuleren. Tot nu toe kwamen er enkel Chinese spelshows en een Chinees tv-drama naar Nederland. Het is wachten op de eerste hier te draaien Chinese speelfilm. In 2014 was het bijna zover, maar toen weken de Chinezen toch uit naar Rome. Zo ging het ook in 2015: toen werd het Praag. De scenario's van de bewuste films - komedies - werden simpelweg aangepast aan de locatie: zolang het er maar herkenbaar Europees uitziet. China zal naar verwacht of dit jaar of in 2017 de Verenigde Staten passeren als grootste filmmarkt (12,5 miljard euro aan recettes in 2015), een historisch moment.

Bij het Van Gogh Museum moeten de kandidaten (hier buiten beeld) zonnebloemen spelen. Beeld Jan Dirk van der Burg

Diversiteit

Deze week bezocht een Nederlandse delegatie het Chinese staatsfestival, waar dinsdag een seminar werd gehouden over de Nederlandse jeugdfilm. Filmfonds-directeur Doreen Boonekamp, telefonisch vanuit Peking: 'In China worden nu helemaal geen specifieke kinder- of jeugdfilms gemaakt. Dat willen ze in de toekomst wel gaan doen. Er is behoefte aan meer diversiteit.'

Nederlandse kinderfilms vallen internationaal op, niet enkel vanwege de kwaliteit, maar ook omdat onze kinderen net even anders zijn: mondiger, meer eigengereid. Past dat bij China? 'Nou', zegt Boonekamp, 'je moet wel rekening houden met een andere cultuur, de film vertalen naar Chinese mores. Maar dan staan ze er best voor open.'

Als onderdeel van het seminar werd Achtste-groepers huilen niet (2012) vertoond, de verfilming van Jacques Vriens' jeugdboek over een meisje met leukemie. Boonekamp: 'Het hoofdpersonage gaat op het einde dood, dus het is in de ogen van de Chinezen per definitie geen commerciële film. Dat wij zo'n film wel maken, vonden ze heel interessant. Er werden na afloop veel vragen gesteld.'

Als filmland - of -continent - moet je nu aanhaken bij China, is de gedachte. Wie geen relatie opbouwt, profiteert niet als de kolossale Chinese thuismarkt straks verder openbreekt. Coproduceren is daarbij noodzakelijk: de Chinese staat hanteert een quotum en laat jaarlijks slechts een beperkt aantal niet-Chinese films toe.

Binnen Europa gaat Frankrijk voorop; daar doet men al jaren filmzaken met China. En deze zomer wordt de allereerste Deens-Chinese coproductie gedraaid: een familiefilm vol verwijzingen naar de sprookjes van de in China hoog aangeschreven Hans Christian Andersen. Naar een Deens scriptidee maar geregisseerd door een Chinees, die in vakbladen al aankondigde dat hij de familiefilm als genre wil introduceren voor zijn landgenoten. Het is de snelst gerealiseerde speelfilm uit de projectstal Bridging the Dragon, een in 2015 geactiveerd verbond om Chinees-Europese coproducties van de grond te tillen. Ook Nederland doet mee, met Gizmo, een door Nederlanders bedacht verhaal over een hondje dat in China het circus van zijn baasje redt. In de familiekomedie over vriendschap is ook plaats voor een Nederlandse acteur. Van eventuele opnamen is echter nog geen sprake.

Producent Leontine Petit (50) van Lemming film, een van de oprichters van het Bridging the Dragon-netwerk, was een paar jaar geleden dichtbij een eerste Chinees-Nederlandse speelfilm. Cineast David Verbeek had al een lokale distributeur voor zijn geplande vampierfilm Dead & Beautiful over een groepje Chinese nieuw-rijke losbandige jongeren. 'Maar uiteindelijk durfden de agenten van de Chinese acteurs het niet aan', zegt Petit. 'Er was niet eerder zo'n soort film in China uitgebracht, dus het genre had zich niet bewezen; toch maar niet. Zo redeneren ze: hypercommercieel.'

Fotomodel en zanger Yilun Sheng voert een kunststukje uit met klompen. Beeld Jan Dirk van der Burg

Censuur

Dat de Chinese censuurcommissie moeite heeft met geesten en vampiers speelde mogelijk een rol. Zoals vaker in beteugelende regimes, is die censuur nogal vaag: niemand kan precies uitleggen wat wel en niet mag in Chinese films. Geen geesten, geen tijdreizen en geen revoluties - dat is wel ongeveer bekend. Maar ook scènes met te snel rijdende auto's op de openbare weg kunnen scenaristen met sino-ambitie beter vermijden, zo leerde beoogd Gizmo-producent Roel van de Weijer (40) van Rinkel Film, die lange tijd in China en Azië werkte. 'Dat zou verkeerd gedrag aanmoedigen. En zo zijn er talloze, vaak ongeschreven regels.'

Later op de dag, na een spectaculaire fietsstunt op vijftien meter hoogte op de NDSM-werf en een verkleedpartij als Van Gogh-zonnebloemen op het Museumplein, eindigt Race the World in het pittoreske Ransdorp, even buiten Amsterdam. Daar dienen de Chinese sterren een troep ganzen veilig langs vaart en kerk te hoeden, met behulp van een rieten stok. Er komt een politieauto aangereden. 'We kregen een melding', zegt de agent. 'Er zouden hier dingen gebeuren, met ganzen en Chinezen.'

De Taiwanese kandidaat Joe Cheng (rechts) met een groepje toeristen. Beeld Jan Dirk van der Burg

Productiemanager Oosterbaan legt vriendelijk uit dat er een dierenexpert aanwezig is, dat de vergunningen op orde zijn, dat de Chinezen de ganzen geen kwaad doen. En wat betreft die twee ontsnapte ganzen in de sloot: daar wordt aan gewerkt. De dienders knikken en rijden verder. Ondertussen zijn ook de media ingeseind door dorpsbewoners die de taferelen met telefoons vastleggen. 'Chinezen doen raar in Amsterdam (Binnenland)', luidt de kop op website van De Telegraaf.

'Clichébevestigend', moppert Oosterbaan. 'Ze déden niet raar.'

'Enorm veel geld'

Als filmcommissioner in dienst van de gemeente Amsterdam waakt Simon Brester over alle filmopnamen in de hoofdstad. Hij is net terug van een werkbezoek aan Los Angeles; daar ging het opvallend vaak over Chinezen. 'Ze zitten met een enorme hoeveelheid geld, die ze kwijt willen', zegt Brester. 'Maar vergis je niet: het is geen liefdadigheid.'

Dat het Nederlands Filmfonds sinds een aantal jaar een zogeheten cash-rebate-regeling kent, een automatische subsidie op de bestedingen, is eenvoudigweg een voorwaarde: zonder kom je als filmland niet eens aan tafel. De gemiddelde Chinees kent slechts een paar steden en landen in Europa, waaronder Amsterdam en Holland. De in Peking uitgedeelde locatiefolders sluiten aan bij die summiere kennis met plaatjes van bollenvelden en molens op voor- en achterzijde. Binnenin is Nederland diverser: daar staan ook foto's van moderne urbane architectuur en hunebedden.

Producent Petit, deze week ook in Peking, is onder meer in gesprek met een Chinees productiehuis met plannen voor een in Nederland gesitueerde romantische komedie. Westerse werktitel: Windmill Journey, over een Chinees meisje dat valt voor een Hollandse jongen. Het is een groots opgezette speelfilm waarbij de Nederlandse partij slechts een ondersteunende rol zou vervullen, geen volwaardige coproductie dus. Wel met grote Chinese sterren en een scène waarin een privéjet landt in een tulpenveld. Maar ook dit filmplan kan zomaar veranderen en verkassen, naar Londen, Parijs of Rome.

In de eerste scriptversie liep de jongen op klompen en woonde hij in een molen. Dat is inmiddels van de baan, na een oriënterend bezoek van de Chinese filmmakers. 'Ze willen nu toch een eerlijker, meer realistisch beeld van Nederland', zegt Lemming-producent Derk-Jan Warrink (30), die zich over het project ontfermt. 'Maar er zit nog wel een molen in, hoor.'

Minoes naar China?

'Als Europeaan zal je moeten kijken: wat kan ik bieden dat anderen níet hebben?' zegt de Nederlandse producent Leontine Petit, mede-oprichter van Bridging the Dragon, een netwerk ter bevordering van Europees-Chinese speelfilmcoproducties. Ze ziet een kans voor historische films waarin de relatie Nederland-China aan bod komt. Maar ook een Chinese remake van poezenfilm Minoes is denkbaar, naar het populaire kinderboek van Annie M.G. Schmidt. 'Intellectueel eigendom kán je kapitaal zijn. Zo doen de Denen dat momenteel met Hans Christian Andersen.' De allereerste Deens-Chinese coproductie, een Chinees gesproken komedie vol verwijzingen naar het werk van de Deense sprookjesschrijver, wordt deze zomer gedraaid.

Actrice Ariel Lin (links) en Meng Wang, viervoudig olympisch shorttrackkampioene. Beeld Jan Dirk van der Burg

Chinese filmstudio opent Europees kantoor in Amsterdam

Lou Xiaolou, groot geworden in thee, ziet met de nieuwe vestiging een hartewens in vervulling gaan.

Film Carnival, het in Hangzhou gevestigde filmbedrijf van private equity-tycoon en theetuin-uitbater Lou Xiaolou, opent deze zomer een kantoor in hartje Amsterdam. Tegenover technologiemuseum NEMO, in een 17de-eeuws pand aan het 's Gravenhekje. De in China geboren maar al decennia in Nederland werkende Julia Zhang krijgt de dagelijkse leiding over de enige westerse dependance van de studio. Vorige maand maakte Film Carnival bekend een bedrag van 500 miljoen dollar te investeren in de Amerikaanse studio van oud Disney-topman Dick Cook.

De Amsterdamse afdeling zal zich gaan bemoeien met de promotie van de films, niet met de productie. Een van de meer opmerkelijke Chinese projecten van Film Carnival is Who is God, een Mandarijntalige speelfilm over religie met een substantieel budget (24 miljoen dollar) en met Kim Ki-duk als regisseur. De Zuid-Koreaan, winnaar van de Gouden Leeuw van Venetië (2012, voor Pietà), schuwt de provocatie niet en lag al eens overhoop met de censuur in eigen land.

'Het is meneer Lou serieus te doen om de cultuur', zegt Julia Zhang in Amsterdam. 'De wens om niet alleen te worden gezien als financiële grootmacht leeft onder veel Chinese ondernemers. Ze willen ook de Chinese cultuur uitdragen. Dat is de hartewens van meneer Lou. Hij schrijft bijvoorbeeld ook gedichten en beoefent de Chinese kalligrafie.'

De bekendste Chinese filminvesteerder is Wang Jianlin, oprichter en voorzitter van de Wanda Group. Zijn conglomeraat, van oorsprong een vastgoedbedrijf, koopt al enige tijd (wereldwijd) bioscoopketens op, onder meer in de Verenigde Staten en Australië, enbouwt 's werelds grootste filmstudio en filmpretpark in China. Afgelopen januari nam de Wanda Group voor 3,5 miljard dollar de Hollywood-filmstudio Legendary over, een vaste productiepartner van studio's als Warner en Universal.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden