Elegante plompheid bij Mahler door New York Philharmonic

Muziek..

Frits van der Waa

In zekere zin was het Mahlers eigen orkest dat dit weekeind in hetConcertgebouw erediensten opdroeg voor de in 1911 overleden meester. Wantdie was de laatste twee jaar van zijn leven chef-dirigent van het New YorkPhilharmonic.

Intussen lijkt Mahler de maat aller dingen te worden - indirigentenland althans - en daarmee begint het muziekleven er soms uit tezien als een monocultuur. Vorige week nog maakte Michel Tabachnik zijndebuut bij het Noord Nederlands Orkest met de Kindertotenlieder, en vandaagen morgen brengen het Nederlands Philharmonisch en Yakov Kreizberg indatzelfde Concertgebouw de Vijfde Symfonie. Beide stukken stonden ook bijde New Yorkers op het programma.

Lorin Maazel (75), sinds drie jaar de chef van het NYP, liet inStrauss' Tod und Verklärung meteen horen dat zijn orkest vooral goed isin het versmelten van timbres. De strijkers produceren romige carameltintendie een fantastisch middel vormen om de kleuren van hout en koper aanelkaar te verbinden. Rustig en gedecideerd leidde Maazel zijn manschappenvia veel tumult naar een exact getimed kookpunt, en de daaropvolgendeverzoening in een orgelend majeur. Hij laat weinig aan het toeval over:zijn stijl van dirigeren ziet er zelfs een beetje oververzorgd uit, alsofhij voor de spiegel heeft staan oefenen.

In Mahlers Vijfde waren de afzonderlijke lijnen geprofileerder en wildehet koper wel eens een rauw randje hebben, maar ook hier verleende hij hetorkest de glans van een breed glimmende convertible. Zijn ritenuto - diekleine aarzeling voor het begin van de volgende maat - is een lust voor hetoor. Het Scherzo was van een elegante plompheid, en de Finale een grootswelles-nietesgeroep met schalmei-achtige klarinetten en trompetten.

Om te laten horen dat Mahler niet altijd in turbo-stijl hoeft, brachtMaazel 's anderendaags een fraai afgewogen uitvoering van de aanmerkelijkdunner bezette Kindertotenlieder. Voorzover diepte goddelijk kan zijn, kwamde Zweedse alt Anna Larsson een heel eind.

In Schumanns Tweede Symfonie vinden de maniakale stemmingswisselingenvan Mahlers Vijfde een voorafschaduwing: ook hier heerst discontinuïteiten staan vurige en vredige passages tegenover elkaar. Maazel maakte erniettemin een coherent geheel van, met een triomfantelijk happy end. Waarnahij zich ontpopte als kermisdirecteur en het publiek met een SlavonischeDans van Dvorák en de Farandole uit Bizets L'Arlésienne nog twee rondjesin de draaimolen gunde.

Frits van der Waa

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden