Eigen portret mag weer boven de bank

Minstens drie decennia lang werd het uiterst oubollig gevonden om je eigen portret op te hangen in de huiskamer. Moeders boven de bank, of het kopje van het kind....

Overal duiken portretschilders en -fotografen op, en ze verdienen een goede boterham. Hun clientèle bestaat niet alleen uit mensen uit de elite, hun werk hangt ook in een driekamerwoning op twee hoog.

Zelf verklaren ze de toegenomen belangstelling op verschillende manieren. Het taboe op ijdelheid is voor het eerst sinds de jaren zestig opgeheven. Aandacht voor het eigen uiterlijk mag weer. Het professionele portret werd ooit verdrongen door de ongebreidelde toename van de zelfgemaakte kiekjes. Maar als die kiekjes in de loop der jaren toch wel erg knullig en amateuristisch blijven, als men er eigenlijk altijd beroerd en onflatteus op staat, dringt zich het verlangen op, eens op zijn voordeligst te worden afgebeeld.

Zelfs het portret 'ter gelegenheid van' is weer toegestaan: mensen laten zich schilderen omdat ze gaan trouwen, omdat ze een jubileum hebben, omdat ze zoveel jaar getrouwd zijn of omdat hun echtgenoot vijftig wordt. Het zijn overigens vooral veel vrouwen die zich laten vereeuwigen.

De tendens meer aandacht en zorg aan de inrichting van het huis te besteden, speelt de schilders in de kaart. Tegenwoordig wil men graag een 'echt' kunstwerk kopen, maar dan niet met zo maar een voorstelling. Abstract vindt minder aftrek dan voorheen; figuratieve kunst is weer in trek. In dat geval kun je net zo goed zelf op dat schilderij staan.

Waar vraag is, ontstaat vanzelf aanbod, en andersom blijkt het aanbod inmiddels de vraag in de hand te werken. Zien mensen bij anderen een goed gelukt portret, dan is de drempel naar het zelf poseren opeens niet meer zo hoog.

Onder eigentijdse fotografen doet iemand als Rosalie Solleveld het goed. Onder de naam 'Pose voor Rose' zetelt ze in de Wolvenstraat in Amsterdam. Ze maakt portretten waarop mensen opvallend naturel en ontspannen overkomen, terwijl zij tegelijkertijd hun sterke punten accentueert. Solleveld is niet zo dol op glamourfotografie. Erg ijdele mensen heeft ze niet graag voor de lens, want daar krijgt ze de kriebels van.

Ze zet haar modellen tegen een kale achtergrond in haar studio, of desgewenst tegen een prettig huiselijk decor in haar eigen keuken. Wat betreft haar prijs zit Solleveld in het betaalbare circuit: ze maakt portretten vanaf ruim tweehonderd gulden.

Schilderes Mary Grooteman in de Amsterdamse Blasiusstraat is in trek omdat ze enerzijds zeer goed gelijkende portretten schildert, die anderzijds een duidelijk kunstzinnige toon hebben. Ze zoekt in haar vrouwenportretten naar een combinatie van kracht en sensuele uitstraling. Veel vrouwen laten zich tegen hun aanvankelijke schroom in toch met decolleté's of in sexy jurken vereeuwigen. Kinderen zijn bij haar nooit netjes opgeprikt, maar vastgelegd in hun spel met Barbies en blokken.

Grooteman schildert in een realistische stijl zonder dat het beeld lelijk hard wordt. Ze mag bij wijze van grap graag een koffiekopje onder de stoel van het model zetten, of de kat. Ze schildert in een of twee maanden naar levend model. Die termijn geeft de poserende de kans te ontspannen en Grooteman de tijd 'de persoonlijkheid vast te leggen'. Haar prijs ligt, mede afhankelijk van het formaat, tussen de drie- en de vijfduizend gulden.

Het andere uiterste zijn de portretten die de gevestigde 'vrije' kunstenaar Frans Franciscus in opdracht schildert. Het is niet zijn streven sprekend gelijkende portretten te maken. Hij vangt veeleer het karakter van zijn modellen dan hun gelaatstrekken. 'Ik zeg altijd: je krijgt een Frans Franciscus, een schilderij van mij in mijn stijl, waarin je zelf een rol speelt.'

Franciscus schildert zijn modellen ten voeten uit tegen een achtergrond en met attributen die karakteristiek zijn voor de ideeën of het leven van de geportretteerde. Zo schilderde hij de conservator van het Helmonds Gemeentemuseum en zijn zwangere vrouw - die zelf schildert - in een setting die bedoeld is als knipoog naar het klassieke huwelijksportret uit 1434 van de Arnolfini's door Jan van Eijck. De afgebeelde kunsthistoricus heeft de poes aan de voeten in plaats van een hondje, en een kaal peertje boven zich in plaats van een kroonluchter. De klant moet wel de humor van dat soort grapjes inzien, anders is hij bij Franciscus aan het verkeerde adres. Afhankelijk van het formaat van het doek kost een portret bij hem tweeduizend gulden of meer.

Omdat niet iedereen zomaar de weg weet in de Gouden Gids voor portretschilders heeft zich inmiddels een aantal mensen opgeworpen dat zoekenden helpt aan schilders of fotografen van allerlei pluimage. De Portretwinkel in de Barrevoetsestraat in Haarlem claimt de eerste te zijn die op het idee kwam te bemiddelen tussen schilders en klanten. Sinds de opening, medio 1994, verzamelde de Portretwinkel een kaartenbak vol portrettisten, werkend in heel Nederland.

Van sommige schilders hangen er in de Haarlemse winkel voorbeelden van hoe ze werken, van hun stijl. Elke schilder heeft met hetzelfde oogmerk een map achtergelaten met foto's ter inzage: zo schilder ik u desgewenst ook. Deze portrettisten werken zo op het eerste gezicht tamelijk traditioneel. Goed gelijkende afbeeldingen. Driekwart portretten, met één oor erop, zoals op een pasfoto, en de schouders erbij. Kinderen in nette kleren. Dat traditionele aspect is overigens niet echt bezwaarlijk. Doeken van de Rembrandtesk aandoende, klassiek werkende schilder Urban Larsson hebben daardoor een tijdloze kracht die niet gauw verveelt. Prijzen zijn afhankelijk van het formaat, de gewenste techniek en de gekozen kunstenaar. Tekeningen zijn er vanaf 350 gulden.

Volgens hetzelfde principe werkt Het Portret, bemiddelaars in de Oude Looierstraat in Amsterdam. Ook een kaartenbak vol fotografen en schilders, maar over het algemeen frivoler en actueler van aard. Daarom zijn deze portretten misschien niet allemaal bedoeld voor de eeuwigheid. Hier hangt van alles: van zuiver realistisch werk of juist grove expressionistische portretten tot fijnschilderkunst, waaraan petieterige penseeltjes te pas zijn gekomen. In de kaartenbak zitten fotografen als Philip Mechanicus en schilders als Phil Bloom. Ook hier hoeft een portret niet onbetaalbaar te worden. Een houtskooltekening is er al voor dik driehonderd gulden. Hoewel zo'n quasi-zeventiende-eeuwse Cornelis le Mair, met een uiterst kunstig beschilderde lijst, niet alleen duurder maar ook veel mooier is. Zoiets kunnen de kleinkinderen later zelfs nog zonder schroom erven.

Mieke Zijlmans

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.