InterviewEfterklang

Efterklang, het Deense broertje van Arcade Fire, bracht 7 jaar geen muziek uit. Nu zijn ze herboren

Na twintig jaar de wereld in het Engels te hebben rond getoerd is de Deense band Efterklang aan een tweede leven begonnen. Ze zingen nu in hun moedertaal. Lekker behaaglijke liedjes zijn het. 

EfterklangBeeld Rasmus Weng Karlsen

Maar hun naam dan? Zanger Casper Clausen van de Deense band Efterklang had uitgelegd waarom hij twintig jaar geleden ging zingen in het Engels, de lingua franca van de popmuziek. ‘Het was vanzelfsprekend. We dachten eigenlijk niet na over de taal. Teksten waren voor mij altijd een soort gereedschap: je hebt woorden nodig om te kunnen zingen.’

Maar waarom koos de band dan een Deense naam? Stom, helemaal vergeten te vragen. Het is al de volgende ochtend in Frankfurt, en na het interview en het optreden in kunstencentrum Mousonturm heeft Efterklang koers gezet richting München, Wenen en zo verder Europa in met een repertoire dat hen ooit maakte tot het vrolijkere Deense broertje van Arcade Fire.

Maar via de tourmanager komt er alsnog antwoord van Clausen per mail, midden in de nacht. ‘Ik herinner me dat we heel wat ideeën hadden, ook in het Engels. Het waren vooral idiote namen. Op een gegeven moment lazen we een artikel waarin iemand het over nagalm had. In het Deens is dat efterklang. Dat voelde als een goede naam. Technisch van aard, en open.

‘We vonden het denk ik ook leuk dat de naam was verbonden met de plek waar we vandaan kwamen, maar wel in andere talen begrijpelijk kon zijn. Efter- lijkt immers op het Engelse after, en -klang op het Duitse Klang. Het stond niet in de weg dat we in het Engels zongen.

‘Nu voelt het alsof de naam was gemaakt voor de toekomst. Helemaal zeker ben ik er niet van, maar het is alsof we onbewust al die tijd wisten dat we Deense muziek gingen maken.’

Gastmuzikanten

De drie vaste bandleden van Efterklang zijn op tournee met twee gasten: de Noorse drummer en zangeres Siv Øyunn Kjenstad en de Deense pianist Christian Balvig. Ze passen in de schier eindeloze rij muzikanten, orkesten en koren waar Efterklang de afgelopen jaren mee heeft gewerkt. Onder wie de Deense zangeres Agnes Obel en de Duitse Nils Frahm, tot drummer Budgie van de oude new wave band Siouxsie and the Banshees. ‘Werken met anderen houdt ons in leven’, zegt Casper Clausen. ‘Het helpt ons om steeds op een nieuwe manier naar elkaar te kijken.’

Inderdaad: Efterklang zingt tegenwoordig in het Deens, de moedertaal, en dat maakt alles anders. Hoeveel een taal kan doen! De ronde klinkers, de zachte medeklinkers, ze laten de band ineens zo open klinken. Zo toegankelijk meteen ook – hoe gek dat eigenlijk ook is, wanneer je niets van de woorden begrijpt.

Savner det blide

Især hvor vi ligger

Står i det blå

Og livet begynder igen

(uit: Vi er uendelig)

Zoek de vertaling op en de titel van het liedje betekent zoiets als ‘Wij zijn oneindig’. Het is alsof Clausen in het couplet mijmert over de geboortegrond van de band: het kleine eiland Als, in de kalme blauwe golven van een uitloper van de Oostzee. ‘Verlangen naar het zachte / Waar we liggen / Hier in het blauw / En het leven opnieuw begint.’

Efterklang is herboren. Zeven jaar bracht de band geen muziek uit, maar in het najaar zijn ze aan een tweede leven begonnen met het album Altid Sammen (Altijd samen) en meteen daarna het ep’tje Lyset (Licht). In november waren de nieuwe songs met hun bijna meditatieve schoonheid al even te horen op het festival Le Guess Who? in Utrecht, en woensdag doen ze met een langere setlist het Muziekgebouw in Amsterdam aan.

De laatste tournee was Efterklang in 2014 thuis in het Engels geëindigd, met het theatraal aangekondigde ‘The Last Concert’ op Als. Samen met jeugdvrienden Rasmus Stolberg (basgitaar) en Mads Brauer (toetsenborden) runde Casper Clausen al jaren Efterklang.

Even waren ze in de tweede helft van de jaren nul de next big thing geweest met hun gelaagde en uitbundig georkestreerde songs. Van een middelbare schoolband groeide Efterklang uit tot een de aardbol omspannende onderneming. De première van hun laatste album Piramida brachten ze in het Opera House van het Australische Sydney, nadat ze de inspiratie voor die liedjes hadden opgedaan in een Russisch spookdorp op het Noorse Spitsbergen.

Het was tijd om de klok even stil te zetten. Nieuwe avonturen wachtten. Soms apart, soms samen. Zo kwam het dat de drie zich in 2017 terugvonden in een repetitieruimte in Antwerpen. Het Vlaamse ensemble Baroque Orchestration X had hen gevraagd samen te werken. Het opende een deur naar een andere wereld. De Vlamingen spelen nieuwe muziek op oude instrumenten: viola da gamba, theorbe, clavecimbel en baroktrompetten.

Toen gebeurde er iets. ‘Al die instrumenten waarmee we nog nooit hadden gewerkt!’

Het leidde tot zachte, analoge, ruimtelijke muziek en de woorden die daar het beste bij paste bleken afkomstig uit de taal waarvan Clausen steeds verder verwijderd was geraakt. ‘Ik woonde tien jaar buiten Denemarken, eerst in Berlijn, toen in Lissabon. Het heeft Deens een bijna vreemde taal voor mij gemaakt. Het is alsof je in je oude huis komt dat opnieuw is ingericht: je weet waar alles staat en ook weer niet. Het voelde als onze beginjaren, toen we voor het eerst experimenteerden.’

De beginjaren! Nu Casper Clausen ook alweer 38 is, heeft hij de charme van het terugkijken ontdekt.

‘Op mijn 15de ontmoette ik Rasmus op een tienerfeestje. Hij ging met een van de meisjes uit mijn klas, vandaar. We luisterden nog naar Nirvana, de grunge kwam laat naar ons deel van de wereld. We vroegen ons af wie die nieuwe jongen was. Hij had lang krullend haar, wat gaten in zijn broek en hij had al die specifieke glimlach op zijn gezicht die hij nog steeds heeft.

Altid Sammen, het nieuwe Album van Efterklang

‘Het jaar daarop gingen we alletwee naar kostschool, een soort tussenjaar voor je kiest welke kant je op wilt: met je handen werken, een handelsschool of high school. Ik ging naar het eiland Fyn, in het midden van het land. Het was een overweldigende ervaring. Vanaf mijn 10de speelde ik drums, maar daar ging ik zingen, en dat ging me meteen makkelijk af. Ik kon toon houden.

‘Toen we terugkwamen kwam ik Rasmus weer tegen op de high school in Sønderborg. Hij stelde me voor aan Mads, en we gingen muziek maken. Al snel droomden we ervan te vertrekken, op naar Kopenhagen. Het was de lente van 2000 en we gingen met z’n drieën. Mads was een jaar eerder al klaar met school, en Rasmus maakte het in Kopenhagen af. Ik niet, ik ging werken: mijn vader, die architect is, regelde een baantje voor me als metselaar. Later belandden we in de telemarketing.

‘De verhuizing naar Kopenhagen viel samen met het verschijnen van Kid A, met dat supernieuwe geluid van Radiohead, toen ze elektronica, loops en samples toevoegden aan hun rockgeluid. Ze kwamen daarna ook nog naar Kopenhagen, waar we ze zagen in een circustent met de IJslandse band Sigur Rós in het voorprogramma. In het callcenter hadden we een collega uit IJsland en die liet ons steeds hun album Agaetis byrjun horen met de strijkers en langzame weidse liedjes. Het was gewoon geweldig om toen 18 te zijn.

‘Op een goed moment bedachten we dat het beter was om het geld dat we verdienden in instrumenten en apparatuur te stoppen, in plaats van op de bank te zitten en televisie te kijken. Voor tienduizend euro kochten we toen spullen. Zo is het begonnen.

‘Er waren veel bands in Denemarken die wilden klinken als Oasis. Wij niet. We legden ons allerlei dogma’s op zoals je doet als je zo oud bent: absoluut geen saxofoons, en ook geen hi hat. We maakten de drums uit vuilnis. Het was een fantastische tijd, met veel slechte pizza en geknutsel in onze studio.’

De poëzie van de muziek was bij Efterklang altijd belangrijker dan die van de tekst. Maar op Altid Sammen vinden ze elkaar in negen ‘honderd procent wollen liedjes’. De natuurlijke klank van darmsnaren en oud koper wordt verrijkt met behaaglijke elektronica, zoals de Duitse pianist Nils Frahm dat ook zo goed kan.

De zang van Casper Clausen staat daarbinnen centraal – hij zingt misschien wel zelfbewuster dan ooit tevoren. ‘Omdat dit een Deense plaat werd, wilden we de taal in de etalage zetten. We hielden het geluid zo puur mogelijk. Niet omdat je de teksten moet kunnen begrijpen. Ik kan naar een band uit Senegal luisteren in welke taal dan ook, en het maakt niet uit of ik begrijp wat ze zingen als ik maar mooi vind wat ik hoor.’

Maar toch, het is niet zo maar het Deense woordenboek dat Clausen van voor naar achter voordraagt. Met een klein beetje tekstexegese blijkt al dat hij zijn nummers stevig verankert in de Deense poptraditie.

Het nummer Supertanker – dat live een weergaloze climaxmuziek is – is een verwijzing naar de voor Denen legendarische new wave lp Supertanker (1980). De band Kliche is ermee doorgedrongen tot de nationale cultuurcanon tussen het vikingschip Skuldelev 2 en de Kleine Zeemeermin van Hans Christian Andersen.

In het liedje I Dine Øjne (In jouw ogen) rent de ik-figuur kilometers lang op Eccosåler – dat zijn de zolen van een paar schoenen van Ecco, het wereldwijd verkrijgbare Deense schoenenmerk. Maar: ‘Het verwijst vooral naar Steppeulvene, een hippieband uit de sixties. Zij gebruikten dat woord ook.’

Verder komen er op de plaat nogal wat hænder voorbij – handen dus. Maar dat heeft niets met de Deense muziekgeschiedenis te maken.

‘Als ik nerveus ben dan krijg ik een soort uitslag op mijn handen. Ook in Antwerpen. De naam van die stad bleek te zijn afgeleid van ‘hand werpen’ – je ziet in de stad ook overal handen afgebeeld. Het is zo’n moment dat je denkt: de wereld wil mij iets vertellen. Dus steeds als ik tijdens het schrijven van de teksten vast zat, dacht ik: iets met handen! Zo houden ze de plaat bij elkaar.’

Efterklang in het Muziekgebouw, Amsterdam, woensdag 26 februari. Voorprogramma: Kristin Anna.

Twee jaar geleden haalde Eurosonic Noorderslag een hele zwik bands uit Denemarken naar Groningen. Lees hier wat zij zagen als het geheim van de scene in Kopenhagen. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden