Eeuwwisseling dwingt nieuwe visie op sciencefiction af

In een gigantische grote glazen vitrine leggen speelgoedrobots in alle vormen en maten er volgens vaste patronen hun eindeloze weg af....

Fictie leeft in de realiteit, is het uitgangspunt van de expositie 1 Monde réel (1 Werkelijke wereld - Universum tussen science fiction en realiteit) in de Parijse Fondation Cartier pour l'art contemporain.

Nu de 21ste eeuw nadert, belanden veel sf-denkbeelden plots in de realiteit. Het jaar 2000 valt weg als vertrouwd referentiepunt. 1 Monde réel wil de spanning laten zien tussen denken en doen, droom en daad, bestaande en niet-bestaande werelden. Maar, blijkt uit de catalogus, verwacht geen historisch overzicht of analyse.

Het moment ligt voor de hand. Dertig jaar na de landing op de maan, vijftien jaar na 1984 van George Orwell. Op de drempel van het jaar 2000, het nieuwe millennium waarin veel kunstenaars hun verre fantasiewerelden plaatsten toen het nog ver weg was, of leek.

De robots in de installatie Master/Slave, van het Amerikaanse architecten- en kunstenaarsduo Elizabeth Diller en Ricardo Scofidio, zijn afkomstig uit de verzameling van Rolf Fehlbaum. Ze dateren uit de tijd van de échte sciencefiction (de oudste robot stamt uit de jaren vijftig, de nieuwste uit de jaren tachtig). Ze komen voor het grootste deel uit Japan, Hongkong en de Verenigde Staten. Ze luisteren naar namen als Space Fighter, Attacking Martian, Atomic Robot, Space Commander, R2-D2, C-3PO en Mr. Flash.

De New Yorkse kunstenaars plaatsten de robots met post-elastieken om hun poten of onderstel op een lopende band, in een groot glazen huis. Hun oorspronkelijke functie als robot zijn ze kwijt: ze kunnen geen blieb meer zeggen, niet langer hun arm optillen, schieten of om hun as draaien. Ze draaien eenvoudigweg rondjes, zonder eindbestemming. Soms stoppen ze even op een hoek , om daarna hun weg weer te vervolgen.

Ze zitten gevangen in een gesloten videocircuit (Big Brother is watching them); vijftien camera's leggen de bewegingen van de blikken figuren vast, veelal vanuit vreemde perspectieven. De uitvergrote bewegingen van de robots zijn te volgen op monitoren, waar ze een nieuwe betekenis krijgen en ze in hun nieuwe vorm toch weer een beetje tot leven komen. De herinneringen aan vervlogen dromen komen bovendrijven.

Maar het blijven robots uit de oude doos, die in niets lijken op de robots die nu worden ontwikkeld. Met computerprogramma's die kunstmatig kunnen leren, denken en voelen, zoals HAL in Stanley Kubricks verfilming van Arthur C. Clarkes toekomstvisie 2001: A Space Odyssey (waarvan fragmenten worden vertoond).

Naast de installatie Master/Slave hangt aan een stevige ketting Medusa's Head, een loodzware bol met een diameter van bijna vijf meter, in 1990 gemaakt door de Amerikaan Chris Burden. Het is een steenklomp bedekt met speelgoedrails en schaalmodellen van treintjes en gebouwen, die een ontspoorde wereld laat zien, een wereld overspoeld door techniek.

Ook een werk in de benedenzaal ziet eruit alsof een kind te lang met zijn speelgoed heeft mogen knutselen. De Zaïrees Bodys Isek Kingelez maakte een veelkleurige stad van papier en karton, die zowel ouderwets als futuristisch oogt. Project for Kinshasa in the Third Millennium is een maquette voor een toekomstige stad à la New York; de kunstenaar droomt van de verwezenlijking, 'om het leven te verbeteren en het fabelachtige te bereiken'. Helaas lijkt het hoogst onwaarschijnlijk dat zijn wulpse gebouwen ooit worden gerealiseerd. Al zou de wereld er naar zijn ontwerp vrolijker uitzien.

Aan de muur hangt werk van de Fransman Moebius (Jean Giraud): van eenvoudige potloodschetsen tot uiterst gedetailleerde waterverftekeningen. Hij creëert in zijn stripverhalen geheel eigen en nieuwe werelden, wereldbeelden die hun stempel hebben gedrukt op de sciencefiction zoals wij die kennen. Regisseur Ridley Scott baseerde de visuals in zijn klassieker Blade Runner op een verhaal van Moebius. Moebius deed de production design voor Tron en werkte mee aan Alien en The Abyss. Luc Bressons The 5th Element had evenmin kunnen worden gemaakt zonder zijn fantasierijke albums.

Zowel in Blade Runner (1982) als in The 5th Element (1997) is de wereld aan het begin van de 21ste eeuw verworden tot een vervallen futuristische metropool, waarin het transport niet langer op de grond plaatsvindt, maar door de lucht. En niet met vliegtuigen maar met vliegende auto's. Een wereld waarin ook de machine Pepto Bismo van de Belg Panamarenko kan worden thuisgebracht. Hij ontwikkelde een tuigje met twaalf kleine propellors, aangedreven door motoren op batterijen. Volgens de ingewikkelde beschrijvingen van de kunstenaar kan zijn schepping werkelijk vliegen. Wie de wassen man met zijn lange leren jas en vliegbril ziet staan, betwijfelt of de zakenman van het jaar 2000 op deze manier ooit zijn werk zal bereiken.

De toekomst houdt niet op te bestaan in het nieuwe millennium, maar komt wel steeds dichterbij. Omdat in onze wereld steeds meer steeds sneller kan, bijna alles kan, wordt de toekomst steeds sneller ingehaald. Maar 1 Monde réel laat op fraaie wijze zien dat er altijd kunstenaars doorfantaseren op de ontwikkelingen en technische mogelijkheden van het moment; dingen bedenken die nu nog niet kunnen. Maar het jaar 3000 is te ver weg als nieuw referentiepunt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.