Eerbetoon aan de whodunit

Antonio Manzini las vast de 'gialli', goedkope, in Italië alomtegenwoordige detectives. Zijn brute, mopperende, alleenstaande speurneus Rocco Schiavone heeft een vleugje Miss Marple, een zweempje Maigret.

In 1929 begon een van Italiës grootste uitgeverijen, Mondadori, met de reeks I Gialli Mondadori, een serie goedkoop uitgebrachte detectives, in de meeste gevallen vertaald uit het Engels. De gialli lagen niet alleen in de boekhandel, maar waren ook verkrijgbaar bij bijna alle kiosken die op praktisch elke straathoek staan. Zo konden hele generaties Italianen kennismaken met schrijvers als Agatha Christie, Ellery Queen en Raymond Chandler.

Acteur en scenarist Antonio Manzini (1964) lijkt met die gialli te zijn groot geworden. In het tweede deel van zijn serie rond de roekeloze commissaris - vicequestore - Rocco Schiavone liggen de invloeden voor het oprapen: Schiavone heeft de humor van Chandlers Philip Marlowe, de culinaire appetijt van Camilleri's Montalbano, het timmermansoog van Christies Miss Marple en de goede inborst van Simenons Maigret. Ondanks al die sporen uit de detectivegeschiedenis, is Manzini's speurder toch ook uniek.

Beeld geen

Plezierige zinnen

In De rib van Adam gaat Schiavone - van Rome overgeplaatst naar het immer grauwe Aosta - op zoek naar de toedracht van de verdachte zelfmoord van een huisvrouw. Vervolgens ontrolt zich een bescheiden detectiveverhaal waarin alle voor de hand liggende stappen worden gezet, waarbij een paar verdachten in slagorde voor de lezer worden opgesteld, hun motieven en alibi's gewogen worden, waarna (meestal) de minst verwachte moordenaar uit de bus komt gerold.

De rib van Adam onttrekt zich niet aan die mores, sterker nog: je krijgt het gevoel dat Manzini met zijn petieterige drama de eenvoud van de traditionele whodunit wil eren. Daar slaagt hij - ondanks de voorspelbare plot - wonderwel in.

Hoe vaak tref je in een misdaadroman zinnen of dialogen aan die je meteen nog eens moet lezen, niet omdat je ze de eerste keer niet begreep of omdat er cruciale informatie versluierd wordt weergegeven, maar gewoon, omdat ze zo plezierig zijn om te lezen? Bij Manzini gebeurt dat met enige regelmaat en dat is volledig te danken aan diens verteller, die met elke zin duidelijker voor je oprijst.

Beeld geen

Lekkere karikatuur

Voor een personage als Rocco Schiavone begin je aan een boek, hij is het soort speurder dat je een serie boeken lang op sleeptouw neemt. Net als het overgrote merendeel van de inspecteurs en commissarissen die tegenwoordig ingewikkelde moordzaken tot een goed einde brengen, is ook Schiavone een mopperende, alleenstaande chaoot, eentje die zijn dagen op het bureau begint met een jointje, en die een verdachte in een zaak die hij maar niet rond kan krijgen ontvoert om hem er onzachtzinnig van te doordringen dat hij beter kan ophouden met het lastigvallen van jonge meisjes.

Tussen de ondervragingen door is Schiavone vooral druk met randzaken: zijn prille verkering met Nora, waar hij eigenlijk wel weer vanaf wil, en vooral met het weer in Aosta: mopperend baant hij zich een weg door het leven, zijn bestaan als vicequestore kan hem gestolen worden ('En in de tiende categorie, de moeder van alle gezeik, het ergste dat het kloteleven hem kon aandoen om zijn dag te verpesten, stond op eenzame hoogte een moordzaak die hij op moest lossen') en zijn voornaamste lolletje bestaat uit het bekijken van een bewakingsvideo waarop twee van zijn agenten het op slapstickachtige manier afleggen tegen een stel dealers.

Hij lijdt aan het noorden, aan het weer, aan kraaien, aan feestjes en aan zijn werk. Je zou kunnen denken dat we hier met een misantroop te maken hebben, een somberman, een politieman in wie een diepe haat jegens de wereld woekert, maar daarvoor is Rocco Schiavone te veel een stripfiguur en te weinig een echt mens. Dat dat geen enkel probleem hoeft te zijn, bewijst niet alleen Manzini: speurders als Maigret en Montalbano zijn ook in de eerste plaats de ogen van de lezer. Hun innerlijk leven betreft de zaak die opgelost moet worden en dat is dat. Daarom doen de ingetogen gesprekken die Schiavone in zijn hoofd voert met zijn overleden vrouw ook wat geforceerd en sentimenteel aan, ze komen de lekkere karikatuur die Manzini heeft geschetst niet ten goede.

En passant zegt De rib van Adam ook wel een en ander over het Italië van nu. Een Italië waarin corruptie en eigenrichting geaccepteerde dagelijkse kost zijn en vrouwen nog altijd maar met moeite voor vol worden aangezien. Geen rooskleurig beeld, maar wel een beeld dat wordt geschetst door een man die zelf alle regels van het fatsoen en van goed politiewerk met voeten treedt. Tussendoor lost die man ook nog een moord op; je zou bijna vergeten dat het daar allemaal om te doen was.

Beeld geen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.