Eenmaal elite, altijd elite

Bas van Heel bracht alle dertigduizend nazaten van één Amsterdams echtpaar uit 1400 in kaart. Het blijkt een groep die haar rijkdom en invloed eeuwenlang wist te behouden....

Rond het jaar 1400 woonde in de Kalverstraat in Amsterdam – toen nog niet veel meer dan twee dorpen aan weerszijden van de Amstel – ene Claes Heijn Claesznszn. Hij beheerde het Onze-Lieve-Vrouwe-altaar in de ‘Heilige Stede’, de kapel tegenover zijn huis die gewijd was aan het Mirakel van de Hostie uit 1345, dat van de stad een pelgrimsoord had gemaakt, en hij is in 1410 overleden.

Veel méér weten we niet, behalve dat hij en zijn tweede vrouw Elisabeth een zoon hadden, ook Claes Heijn Claesznszn geheten, en een dochter Margriet Claes Heijnenznsdr, getrouwd met Dirck Boel Heinricxzn. Die werden de stamouders van de Heijnen-Boelen-‘maagschap’ – een middeleeuwse term voor familie of geslacht – en daarmee van zo ongeveer de hele Amsterdamse elite. Plus een flink deel van de Europese adel.

Dat blijkt uit Van Amsterdamse burgers tot Europese aristocraten, de eerste twee delen van een grote genealogische studie van het Amsterdamse patriciaat waarvoor Bas Dudok van Heel alle circa dertigduizend nakomelingen van Claes Heijn Claesznszn tussen 1400 en 1800 in kaart heeft gebracht.

Kern van het boek is een zogeheten parenteel, een breed uitwaaierende stamboom in zowel mannelijke als vrouwelijke lijn (van belang omdat in de Nederlanden zonen en dochters in gelijke mate erfden), compleet met biografische details, zoals adres, beroep en inkomen, en geïllustreerd met 1200 portretschilderijen.

Het opstellen van die parenteel was een enorme klus, mede omdat de genealogie zo complex is, zegt Van Heel. ‘Mensen hebben de Code Napoléon in hun kop en denken dat de vader van de schilder Claes Cornelisz Moyaert wel Cornelis Moyaert zal heten, maar dat is niet zo. Dat komt door de springnamen: in Holland kregen veel kinderen voornaam, achternaam en soms ook een patroniem van hun peetouders, veelal hun grootouders. Zo had Claes Moyaert drie broers die alle drie Jan heetten, maar verschillende achternamen hadden.’

Allianties

Allianties
Maagschappen als de Heijnen Boelen-clan zijn belangrijk omdat in de Middeleeuwen alles draaide om de familie. Aanzienlijke geslachten trouwden onderling om zakelijke en politieke allianties te sluiten, want via de maagschappen werden ambten in de stedelijke magistratuur, zoals vroedschap en burgemeesterschap, verdeeld.

Allianties
Toen Amsterdam in 1477 het privilege kreeg om zelf zijn magistratuur te benoemen, tekenden zich algauw oligarchieën af, groepen regenten waarin de Heijnen-Boelen-clan een centrale rol speelde. Zo had Andries Boelen vijftien ambtsjaren als burgemeester tussen 1496 en 1517. Berucht was de laatste katholieke oligarchie, die van de ‘Mr. Hendrick Dirckisten’. Zij werden bij de Alteratie van 1578, een soort stedelijke zuivering, door gematigde prinsgezinden uit hun ambten gezet. Het tot dan Spaansgezinde Amsterdam sloot zich toen bij de Opstand aan.

Allianties
Vanouds is gedacht dat politieke omwentelingen als de Alteratie, de staatsgreep van prins Maurits in 1617 of de Bataafse Revolutie nieuwe groepen regenten op het pluche brachten. Van Heel ontdekte dat dit in Amsterdam niet zo was. De continuïteit van de oude familieverbanden was groot. De nazaten van de 16de eeuwse oligarchieën bleven door de eeuwen heen aan de macht. En ze legitimeerden dat met hun afkomst: iedereen wist dat de 17de-eeuwse burgemeester Cornelis de Graef via zijn moeder afstamde van burgemeester Boelen. Ook wisten de regenten hun rijkdom, vooral via de vrouwelijke lijn, vaak goed binnen de familie te behouden.

Allianties
Het netwerk van de maagschap hield niet op bij de stadswallen. Kooplieden sloten ook allianties met andere steden in Holland of daarbuiten, met Hanzesteden als Danzig. ‘Je liet je jongere zonen in de plaatselijke regerende maagschappen introuwen. Als in de 17de eeuw een zoon van burgemeester Pauw brouwer wordt in Delft, huwt hij een Delftse vrouw. Zo heb ik vertakkingen gevonden tot in Rusland toe. Het was een flexibel internationaal netwerk.’

Allianties
Nieuw licht werpt Van Heels onderzoek op de positie van de katholieken in de protestantse Republiek. Het idee was altijd dat veel katholieke families sociaal zouden zijn ‘gedegradeerd’ omdat ze sinds 1581 uitgesloten waren van stedelijke ambten en hun geloof uit het openbare leven was gebannen. Het tegendeel blijkt het geval.

Allianties
De katholieke kooplieden zaten dan wel niet meer in de magistratuur, maar ze deden goede zaken, bleven vaak steenrijk en kerkten ongehinderd in hun eigen huiskerken (waarvan Van Heel er in Amsterdam vijftig heeft geïdentificeerd). Ze vormden een ‘onzichtbaar katholiek patriciaat’.

Allianties
Het cliché van de onderdrukte katholieke minderheid is een mythe van de 19de-eeuwse katholieke emancipatiebeweging, meent Van Heel. ‘In Amsterdam zie ik geen onderdrukking, alleen pesterijen. Katholieke kooplieden konden hun gang gaan. De Cromhouts hadden miljoenen, een huiskerk en een huiskapelaan, dus so what dat ze niet in de vroedschap mochten? Zoals de vader van de dichter PC Hooft ooit zei: als ik niet zoveel tijd aan mijn ambten moest besteden, was ik nog veel rijker geweest.’

Allianties
De invloed van het strenge calvinisme op het leven in de Republiek wordt sterk overdreven, meent Van Heel. ‘De bronnen laten zien dat het calvinisme werd gezien als import uit de Zuidelijke Nederlanden, en dat de calvinisten vrijwel altijd buiten het burgemeestersambt werden gehouden.’ Dat een Erasmiaanse tolerantie domineerde, verklaart hij uit het feit dat de maagschappen zowel protestantse (remonstrantse) als katholieke en doopsgezinde takken kenden. Deze familieverbanden dwongen regenten tot gematigdheid.

Erfdochters

Erfdochters
In de 18de eeuw komt er een proces van verdere aristocratisering op gang. Vooral rijke katholieke families gingen kastelen en adellijke titels kopen. ‘Protestanten hadden aanzien doordat ze in de regering zaten. Katholieken moesten op een andere wijze status verwerven.’ Dus kochten ze bij de Duitse keizer titels aan en zetten ze hun rijke erfdochters in. ‘Zo huwde een meisje Cromhout in Frankrijk de laatste prins van Lotharingen. En zijn heel wat Amsterdamse katholieken de Almanach de Gotha in getrouwd, het Duitse adelsboek.’

Erfdochters
Nazaten van de Heijnen-Boelen-clan verspreidden zich over heel Europa. Neem de Duitse katholieke familie Heereman von Zuydtwyck, de oudste Amsterdamse familie na de Bickers. Hun voorouders woonden aan de Kalverstraat, ze speelden een dubieuze rol bij de Franse inval van 1672, weken uit naar Roermond en in 1786 naar Westfalen. In de 17de eeuw kochten ze een titel, in de 19de eeuw werden ze Freiherr. De huidige pater familias Constantin Freiherr Heereman von Zuydtwyck heeft alle familieportretten sinds 1517 hangen in zijn kasteel Surenburg bij Münster. ‘Maar zijn Nederlandse afkomst laat hem lauw. Hij kwam niet naar de boekpresentatie, want het jachtseizoen begon.’

Erfdochters
Het succes van de katholieke takken culmineert in het verhaal van Henriëtte d’Oultremont de Wégimont, de in 1792 in Maastricht geboren dochter van een Waalse graaf en een Nederlandse admiraalsdochter, voor wie koning Willem I in 1841 zijn troon opgaf. Tot afgrijzen van protestants Nederland, want Henriëtte was van katholieke en ‘Belgische’ komaf. Van Heel laat echter zien dat Henriëtte zowel in vaderlijke als moederlijke lijn afstamde van de Amsterdamse Heijnen-Boelen-clan.

Erfdochters
Overigens, zegt Van Heel, zijn de Heijnen-Boelen afstammelingen ook nu nog overal terug te vinden. Dit heeft hij allemaal uitgezocht, maar dat staat niet in het boek, want hij moest ergens ophouden, en dat werd dus 1800, het einde van de Republiek. Maar Audrey Hepburn was een nazaat, vertelt hij vergenoegd. En Susan Mary Hornby, een Britse die in 1951 trouwde met de hertog van Marlborough. En scheidde, waarna hij trouwde met de ex van Onassis.

Erfdochters
Natuurlijk is het niet met elke tak goed afgelopen. Er zijn stammen uitgestorven, enkele katholieke takken in de 18de eeuw omdat ze te veel priesters leverden. Ook sociale neergang kwam voor, zegt Van Heel. ‘De meeste families wisten hun kapitaal aardig bijeen te houden, maar soms ging het mis. Zo waren de Engelse Oorlogen een ramp. Omdat families ook economisch vervlochten waren, onder meer door wederzijdse leningen, ging bij een faillissement de rest mee ten onder. Dat was een van de minder gelukkige gevolgen van het maagschapsysteem.’

Erfdochters
Een indicator van verval is als mensen met kruisjes gaan ondertekenen. Wie niet kon schrijven, woonde niet meer op de Herengracht maar in de Jordaan. ‘Vooral eind 18de eeuw zie je veel degradatie. Jongens die met dienstmeisjes trouwen. Die waren vaak analfabeet, en als moeder niet kon lezen en schrijven, leerden de kinderen het ook niet, want er was nog geen leerplicht. Dan zie je die kinderen vaak soldaat, matroos of werkster worden. En soms hoer.’

Genegeerd

Genegeerd
Dudok van Heel, zelf afkomstig uit een Rotterdamse patriciërsfamilie, heeft oog voor zulke verhalen. Anders dan oude genealogieën, waarin maatschappelijk mislukte kinderen worden genegeerd. ‘Bij de nazaten van de Britse koningin Victoria zit een onecht kind van een Mountbatten, dat nu van de steun leeft. Zulke mensen horen er voor mij bij. Niet voor de generatie van mijn vader trouwens.’ Zo kijkt hij ook naar kinderen die voor of buiten het huwelijk worden geboren. ‘Gewone biologie. Een prins Bernhard past daarin, als normaal mannetjeshondje.’

Genegeerd
Zouden Claes Heijn Claesznszn en de zijnen in de hedendaagse elites van Amsterdam nog iets herkennen? Nee, zegt Van Heel. ‘Hun maagschap vinden ze hier niet meer terug. Er is geen link meer met het oude patriciaat. Voor de Eerste Wereldoorlog woonden er nog heel wat oude families op de gracht. Nu zijn er alleen nog wat relicten, die zich er niet op laten voorstaan. De nazaten moet je nu elders zoeken. Op de PC Hooftstraat vind je ze zeker niet.’

Genegeerd
Hoe bijzonder is het nog om in deze parenteel te staan? ‘Daar ben ik voorzichtig mee, want dit boek mag niet het ‘Gouden Boek’ van Amsterdam worden. Aan de andere kant: na een paar eeuwen heb je zóveel nakomelingen. De complete parenteel bevat dertigduizend namen, en dan zijn we pas in 1800. Nu, twee eeuwen later, kom je bij wijze van spreken aan het miljoen. Zo zijn we ook allemaal afstammelingen van Karel de Grote.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden