Een zes minuten doordreunende explosie

In de gestaag omvangrijker wordende Dylan-bibliotheek ontbreekt het niet bepaald aan exegeses. Over zijn muziek natuurlijk, maar meer nog over zijn lyriek....

Dat zal niet alleen te maken hebben met het enigmatische karakter van zijn werk, maar ook met zijn ongrijpbare persoonlijkheid. Want van alle grote schrijvers in de rock-’n-roll is Dylan altijd het geheimzinnigst gebleven.

Het duiden laat hij met genoegen over aan de talloze al dan niet hoog opgeleide analytici die zich de afgelopen veertig jaar met hem hebben bezig gehouden. Het is maar de vraag in hoeverre hij al die soms veel te dikke boeken heeft gelezen, maar in het eerste deel van Chronicles (2004), zijn autobiografische trilogie, maakt hij zich tussen de regels door vrolijk over dit leger aan exegeten.

De enige die hij met instemming citeert, is de Amerikaanse journalist Greil Marcus. Marcus (1945) had in 1997 Invisible Republic gepubliceerd, een studie over de honderdzoveel liedjes die Bob Dylan eind jaren zestig opnam in Woodstock met de leden van The Band, en waarvan slechts een klein deel later als The Basement Tapes het licht zou zien. Het betrof hier een verzameling oude country-, folk- en bluessongs uit het oude Amerika die samen een onbeschreven land in kaart brachten, ‘een onzichtbare republiek’ in Marcus woorden, en dat was een term waar Dylan zich wel in kon vinden.

Of hij voor Marcus’ jongste boek Like A Rolling Stone, Bob Dylan At The Crossroads eenzelfde enthousiasme kan opbrengen, laat zich raden. Niet een verzameling songs of een album is dit keer het onderwerp, maar slechts één enkel liedje – alhoewel Marcus de zes minuten en zes seconden die Dylan op 16 juni 1965 opnam en onder de titel Like A Rolling Stone zou uitbrengen, liever aanduidt als ‘An explosion of vision and humor that forever changed popmusic’, zoals de ondertitel van zijn boek luidt.

Grote woorden, maar anders dan veel van zijn collega-exegeten, maakt Marcus zijn belofte helemaal waar. In ruim tweehonderd bladzijden, met daaraan toegevoegd een pagina’s lange transcriptie van de opnamesessies, een register en literatuurlijst, doet Marcus veel meer dan tekstueel of musicologisch analyseren.

Hij schetst de politieke context waarin het lied figureerde (Vietnam, rassenrellen) en het popklimaat van die tijd. Zo krijgt ook de Top-40 uit die dagen Marcus’s volle aandacht. ‘De strijd ging niet alleen tussen de Beatles, Stones, Dylan en de rest. De popwereld was in strijd met de grotere wereld, de wereld van oorlogen en verkiezingen, werk en vrije tijd, rijkdom en armoede, blank en zwart, vrouwen en mannen – en in 1965 kon je voelen dat de popwereld ging winnen.’

En Like A Rolling Stone leverde, zo weet je na lezing van Marcus’ erudiete en voor zijn doen betrekkelijk heldere betoog, een belangrijke zo niet doorslaggevende bijdrage aan die strijd. Het ‘kruispunt’ waar Dylan zich blijkens de titel bevindt is niet alleen persoonlijk van aard. Natuurlijk, je zou Like A Rolling Stone een bitter liefdeslied kunnen noemen, maar dat gaat Marcus niet ver genoeg.

Dichter bij de kern kom je al wanneer je het liedje beschouwt als cruciaal keerpunt in Dylans loopbaan van folkzanger tot rockster. We schrijven, zo betoogt Marcus, immers juni 1965. Dylan is net terug van een voor hem desillusionerende Europese tour (door D.A. Pennebaker vastgelegd in de documentaire Don’t Look Back), een maand later zou hij op Newport een van de grootste rellen uit de popgeschiedenis veroorzaken door met een elektrische band op dit folkfestival te verschijnen. Tot afgrijzen van zijn folkaanhang had hij zich verlaagd tot zoiets banaals als rock-’n-roll. Voor hen had Dylan zijn ziel aan de duivel verkocht.

Maar voor Marcus is het vooral Amerika zelf dat zich op het belangrijkste kruispunt bevond. De sixties waren begonnen. Popmuziek was niets minder dan de hartstochtelijke ontlading van een nieuwe generatie: ‘How does it feel, to be on your own.’

De klap op de snare-drum waarmee Dylans hitsingle (met zijn ruim zes minuten toen de langste uit de geschiedenis) begint, was, in de woorden van Bruce Springsteen: ‘Like somebody kicked open the door to your mind.’ En dat die klap ook lang na de jaren zestig nog doordreunde, ook dat maakt Marcus duidelijk.

Hij haalt er veel recente cultuuruitingen bij: van de detectives van de Amerikaanse schrijver Walter Mosley en het liedje Go West van de Pet Shop Boys, tot aan de recente romans van Philip Roth. Daarmee draaft hij te ver door, en lijkt hij vooral te willen koketteren met zijn brede culturele belangstelling. Overtuigender is hij in zijn duiding van het recentere werk van Dylan, met speciale aandacht voor diens laatste, unaniem gekraakte film Masked and Anonymous (2003).

Die kritiek mag terecht zijn, in de scènes waarin popzanger Jack Fate (gespeeld door Dylan) een journalist (Jeff Bridges) verbaal fileert, zit decennialang opgekropte ergernis over het rock-journaille verborgen, die meesterlijk naar buiten komt.

Greil Marcus’ boek is veel meer dan de geschiedenis van een liedje. Hoe minutieus Marcus de sessies ook beschrijft en hoe aardig het ook is om te weten dat die zinderende orgelpartij van Al Kooper bij toeval ontstond (omdat Kooper net in de buurt was), Like A Rolling Stone – Bob Dylan At The Crossroads is vooral een magnifieke ode aan het kunstenaarsschap van Bob Dylan. En naast diens eigen Chronicles ook een van de best geschreven Dylan-boeken van de laatste jaren.

Greil Marcus: Like A Rolling Stone – Bob Dylan At The Crossroads. Public Affairs,Import Van Ditmar; 287 pagina’s; ¿ 29,75. ISBN 1 58648 254 8.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden