Recensie Festival Oude Muziek

Een van de (vele) goede dingen aan het Festival Oude Muziek is dat de randprogrammering niet als zodanig voelt ★★★★☆

Eva Saladin maakt indruk. De interactie met haar medemusici is fenomenaal. 

Ensemble L'Arpeggiata met mezzosopraan Giuseppina Bridelli, tijdens hun concert zaterdag op Festival Oude Muziek. Beeld Marieke Wijntjes

Een voor een worden de kaarsen in de Utrechtse Jacobikerk gedoofd tijdens het Miserere van Gregorio Allegri (1582-1652). Le Poème Harmonique heeft zich vrijdag opgedeeld in verschillende ensembles, die vanuit de hoeken van de kerk opereren. Iedere zanger krijgt de ruimte om zijn lijn te versieren, waardoor de muziek levendiger wordt.

De zang is doorvoeld en des te indringender door wat zich hiervoor heeft afgespeeld: het Franse ensemble leidt de avond in met een bonte processie vol laudi, relatief eenvoudige vrome liederen. Het programma biedt een dwarsdoorsnede van de Napolitaanse kerkmuziek van rond 1640, de begeleiding is met strijkers, cornet, orgel, harp en lirone van het rijke soort.

Alles op het Festival Oude Muziek (70 duizend bezoekers) staat dit jaar in het teken van Napels, het festivalthema. Vergeten (Niccolò Jommelli) of onderbelichte (Francesco Durante) componisten krijgen volop aandacht. Zelfs Cristina Donadio, een ster uit de Netflix-serie Gomorra, over de Napolitaanse maffia, is ingevlogen. Alleen Diego Maradona ontbreekt.

Een van de (vele) goede dingen aan het festival is dat de randprogrammering niet als zodanig voelt. Er zijn niet alleen concerten (bijna tweehonderd), maar er is ook veel ruimte voor verdieping in de vorm van colleges, die dan weer niet als colleges voelen. Zo is schrijver, regisseur en dramaturg Thomas Höft (‘blijmoedig geëngageerde visionair’, aldus het festival) aangesteld als curator om een reeks ochtendlijke lezingen en discussies te leiden.

Een debat dat aan de gemiddelde festivalganger voorbijgaat, maar waar wel de halve muzieksector op af is gekomen, gaat over de vraag welke kant het opgaat met de Nederlandse ensemblecultuur. De aanleiding is het interview met festivaldirecteur Xavier Vandamme vorig jaar in de Volkskrant waarin hij stelde dat Nederland zijn voortrekkersrol op het gebied van oude muziek is kwijtgeraakt. Op het festival spelen Nederlandse ensembles al jaren hooguit een bijrol.

Van Wassenaer Concours

In het festival is ook een concours opgenomen voor jonge ensembles in de oude muziek: het Internationaal Van Wassenaer Concours. Sinds dit jaar vindt de wedstrijd jaarlijks plaats, met afwisselende focus op vroeg, barok en laat repertoire. Deze editie werd gewijd aan groepen die zich specialiseren in repertoire uit de Middeleeuwen en Renaissance. De eerste prijs werd aan twee groepen uitgereikt: Into the Winds en Contactus. Deel van de prijs is dat zij een tournee mogen doen door heel Nederland die wordt georganiseerd door de organisatie achter het Festival Oude Muziek. Ook krijgt elk ensemble 2000 euro.

Misschien had het debat beter beperkt kunnen blijven tot ensembles in de oude muziek, want door het zo breed te houden, wordt de vraag omzeild hoe het festival – wereldwijd het grootste in zijn soort – zelf kan bijdragen aan een levendige speelcultuur, ook buiten die tien dagen van het jaar in Utrecht om.

Het debat in de Janskerk gaat alle kanten op, tot de klimaatcrisis aan toe. Ondernemende musici klagen dat programmeurs zich onbereikbaar houden, veilig programmeren en te veel op het buitenland gericht zijn. Over geld mag het niet gaan, hoewel het ontbreken daarvan toch een belangrijke reden is dat ensembles het hier alleen kunnen volhouden als de leden bereid zijn om tegen de armoedegrens aan te leven.

Het grote publiek zal zich deze editie echter vooral herinneren als de editie van het ruimtelijk effect, dat niet alleen door Le Poème Harmonique, maar ook door Cantar Lontano (in zijn surround-vesperprogramma in TivoliVredenburg) ten volle wordt benut. En het is de editie van violist Eva Saladin, die weliswaar half-Nederlands is en hier is opgegroeid, maar vanuit Bazel opereert en daardoor misschien nog niet bij iedere oudemuziekliefhebber op de radar staat.

Zij maakt indruk met het Ensemble Odyssee (wervelend vocaal werk van Raffaella Milanesi) en vooral in haar eigen programma met Daniel Rosin (cello) en Johannes Keller (klavecimbel), waarin ze vioolmuziek laat horen die een link heeft met Napels. Ze speelt met retorisch inzicht, zonder de muzikale leestekens al te veel uit te vergroten. Haar spel blijft naturel en de interactie met het continuo is fenomenaal. En eindelijk dient zich weer eens een violist aan die experimenteert met vioolhoudingen (de viool werd ten tijde van de barok lang niet altijd op de schouder, onder de kin bespeeld) – het maakt zo veel verschil.

Volgend jaar is Saladin er weer bij. Dan is het festivalthema Ars Retorica.

Festival Oude Muziek

★★★★☆

Klassiek

Slotweekend, Utrecht

Gijs Groenteman gaat in onze illustere archiefkast in gesprek met mensen die hem hebben verwonderd. Rapper Pepijn Lanen, schrijver Paulien Cornelisse en kunsthandelaar Jan Six passeerden al de revue.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden