InterviewRegisseur David Verbeek

Een vampierfilm maken in China valt nog niet mee, ondervond regisseur David Verbeek

Een vampierfilm maken in China: na vele scriptversies, eindeloze censuur en vreemde castingeisen gaf regisseur David Verbeek (40) het bijna op. Toch is zijn film er nu.

Gijs Blom als Alexander, Yen Tsao als Mason, Aviis Zhong als Lulu, Anna Marchenko als Anastasia en Philip Juan als Bin Ray in Dead & Beautiful van David Verbeek. Beeld
Gijs Blom als Alexander, Yen Tsao als Mason, Aviis Zhong als Lulu, Anna Marchenko als Anastasia en Philip Juan als Bin Ray in Dead & Beautiful van David Verbeek.

‘Dus je wilt een vampierfilm maken, maar dan met een Chinese vampier?’

Acteur Jaycee Chan tuurde naar de lange Nederlandse regisseur die tegenover hem zat. ‘Dat is toch iets geks’, zei de zoon van superster Jackie. ‘Vampiers horen niet bij de Chinese cultuur.’

Klopt, erkende David Verbeek, maar dat maakte het juist speciaal. Zoiets was nog niet eerder gedaan. 

De frons op Chans gezicht bleef aan. ‘Maar hoe weet je dan of het werkt? Hoe weet je dan hoeveel het oplevert?’

Het was een grote vis, die Jaycee. Althans, in de ogen van de Chinese distributeur met wie Verbeek in 2011 in zee was gegaan. Een partij die prompt een miljoen euro voor de nog te maken film op tafel had gelegd, nog net niet in een koffer. Het waren de cowboyjaren van de Chinese filmindustrie, toen half Hollywood ineens met Chinezen wilde filmen. 

Bij de investering hoorde één eis: de cast van Verbeeks film moest ook een paar beroemde Chinezen bevatten. De acteerkwaliteit deed er voor de financier niet toe, zolang het ‘talent’ maar minstens honderd miljoen volgers had op Weibo, het Chinese Twitter. Chan junior voldeed aan die eis. 

Een tussenpersoon had Verbeek uitgenodigd voor een gesprek in een chic hotel in Hangzhou. Na afloop excuseerde de contactpersoon zich namens de acteur, die alweer door was naar een volgende afspraak. ‘Sorry, Jaycee heeft je script niet gelezen. Zijn moeder wel, en zij zei dat hij de rol moest nemen!’

Oké, stamelde de regisseur, maar misschien zou hij het dan zelf ook kunnen lezen?

‘Nee’, klonk het. ‘Jaycee leest niet.’

En zo ging er weer een deur dicht. Of niet helemaal dicht, wat dan weer kenmerkend is voor het filmen in China, maar het bleef stil. ‘Ik weet nog steeds niet of hij nou niet kón lezen of niet wílde lezen’, zegt Verbeek, bijna tien jaar later.

Het idee voor Dead & Beautiful ontstond toen de regisseur in Shanghai in contact was gekomen met steenrijke en veel feestende jongeren. Als hij nou eens een film maakte over die fuerdai, zoals de kinderen van de nouveau riche in China worden genoemd? En als hij ze dan na een nacht stappen wakker eens liet worden met vampiertanden?

Het idee kende ook een nadeel: de Chinese staat houdt niet van vampiers. De angst dat de bevolking zoveel jaar na de Culturele Revolutie alsnog terugvalt in bijgeloof, manifesteert zich ook in de filmcensuur. Geesten en ondoden bestaan niet in de communistische heilstaat, ook niet in films.

Maar, zo verzekerden Verbeeks Chinese contacten, daar viel met enige sluwheid wel omheen te filmen. En bovendien: er kon steeds meer in China.

Op de set van Dead & Beautiful. Beeld
Op de set van Dead & Beautiful.

De 40-jarige filmmaker videobelt met de Volkskrant vanuit zijn woning in Taipei. Hij woont er samen met zijn verloofde, een Taiwanese choreograaf en danseres. Dead & Beautiful gaat begin februari in wereldpremière op het International Film Festival Rotterdam, dat dit jaar een digitale editie beleeft. Verbeek blijft thuis op het virusvrije eiland. Hij woonde eerder jarenlang af en aan in Shanghai, het decor van zijn speelfilms Shanghai Trance en Club Zeus. Die eerste titel werd in 2008 in meer dan 250 Chinese zalen uitgebracht, hoogst uitzonderlijk voor het werk van een Nederlandse regisseur.

Als twintiger verkoos Verbeek het werken – en leven – in Azië boven een Nederlandse regiecarrière. Daar in het Oosten gebeurde meer, in een korter tijdsbestek. Hele miljoenensteden werden er opgetrokken, terwijl het bestaan in Nederland maar voortkabbelde. De regisseur vond er zijn onderwerp: hoe jonge mensen (al dan niet Aziatisch) vastliepen in die razendsnel veranderende en moderniserende wereld. 

R U There (2010), Verbeeks drama over een in Taiwan dolende topgamer, werd opgenomen in het prestigieuze Un certain regard-programma van het filmfestival van Cannes. Full Contact (2015) handelde over een getraumatiseerde dronepiloot en ging in wereldpremière op het filmfestival van Toronto. 

De films werden geprezen, ook in de Volkskrant: Verbeek is een begaafde en visueel sterk ontwikkelde regisseur. Maar dat zijn werk geen brug sloeg naar een groter publiek knaagde weleens aan de filmmaker. Als hij zich nu eens één keer aan zo’n marktgerichtere film zou wagen, gewoon om uit te proberen? ‘Zonder op safe te spelen, want dat zit niet in me.’

Het Nederlandse Lemming Film nam de vampierproductie op zich, en ook het Filmfonds stapte in. De eerste castingzoektocht nam negen maanden in beslag. De Chinese sterren die goed werden bevonden door de geldschieter bleken of te druk met realityshows, of ze vroegen miljoenengages. Totdat actrice Ni Ni toezegde, de Chinese hoofdrolspeler uit Zhang Yimous historische epos The Flowers of War. Op één voorwaarde, zo maakte haar agent duidelijk: een van de mannelijke hoofdrolspelers in Dead & Beautiful moest minstens zo bekend zijn als Ni Ni. 

Verbeek: ‘Maar haar salariseis sloeg zo’n gat in het budget, dat we die andere Chinese ster vervolgens niet konden betalen.’ 

En toen er eindelijk een voldoende bekende acteur uit Hongkong was gestrikt, die akkoord ging met een lager tarief, liet de agent van Ni Ni weten: o nee, die niet – hem vindt ze niet goed. ‘Dat is ook iets politieks’, zegt Verbeek, ‘de frictie tussen het Chinese vasteland en Hongkong. Dus toen waren we weer terug bij af.’

Ondertussen was het script ingediend bij het Chinese overheidsorgaan dat filmplannen keurt. En zoals gebruikelijk werd het een maand of drie later weer teruggestuurd, voorzien van opmerkingen. Waarom hing er buiten was te drogen, volgens de omschrijving van een straatscène? Zo zag China er niet uit. En hoe kon die vampierjeugd ontkomen aan de politie? Zo incapabel was de Chinese politie niet. Ook ontbeerde de film een patriottisch personage, een goed voorbeeld voor de Chinezen.

‘Ik was al blij als het ons duidelijk was wát ze bezwaarlijk achtten’, zegt Verbeek. ‘Vaak bleef het bij vage bewoordingen, die dan ook nog vanuit het Chinees naar het Engels moesten worden vertaald. Ik moest varen op de interpretatie van onze Chinese coproducent, maar ook die kon me nauwelijks vertellen of iets nou helemaal niet kon, of alleen maar een beetje hoefde te worden aangepast.’

Hij schreef de ene na de andere scriptversie. ‘Twintig in totaal. En dan bedoel ik radicaal andere versies, niet alleen wat aangepaste dialogen.’

Dat vampiers in een Chinese film nooit écht vampiers mogen zijn, vond Verbeek wel werkbaar, inspirerend zelfs. ‘In Chinese B-films met geestverschijningen zit tegen het einde altijd het moment dat iemand ontwaakt uit een droom. Heel afgezaagd natuurlijk. Ik wilde iets anders.’

David Verbeek (vierde van links) op de set van Dead & Beautiful. Beeld Bram Woudenberg
David Verbeek (vierde van links) op de set van Dead & Beautiful.Beeld Bram Woudenberg

In alle scripts voor Dead & Beautiful blijft de oorzaak van het vampirisme lang onduidelijk. Is het de schandalig dure Roemeense bloedwijn die de fuerdai drinken? Of dat zonderling prevelende oude vrouwtje dat ze bijna aanrijden in hun Lamborghini? De geestverruimende middelen die ze nuttigen met een oude indiaanse bong? Of raken de jongeren besmet na het eten van een bijna uitgestorven gordeldier? (Verbeek schreef de scripts voordat de coronavleermuis zijn slag sloeg). ‘Wat je vaak ziet in die heel rijke kringen, is een drang naar unieke belevenissen. Bij deze jongeren leidt dat tot excessen.’

Toen de beoogde Chinese cast voor de zoveelste keer niet geschikt werd bevonden, klapte de eerste poging om de film tot leven te wekken. Verbeek en zijn producent Leontine Petit besloten zich daarom te richten op Dubai, ook een geschikt jachtveld voor schatrijke jongeren, tenslotte. ‘We hebben locaties bezocht en gesprekken gevoerd. Met vampiers hadden ze daar geen moeite, maar seksualiteit bleek een probleem: je mocht niet alles laten zien in een film.’

Ondertussen maakte Verbeek wel gewoon andere films. Hij is niet anders gewend: altijd druk met twee of drie projecten tegelijk. Zijn vampierplan kreeg een herkansing toen Chow Keung ervan hoorde. Fantastisch idee, vond de producent, die eerder met onder anderen Jia Zhangke had gewerkt, een van China’s belangrijkste cineasten. ‘Dat het eerder niet was gelukt, zei hem niks – China was inmiddels alweer veranderd.’ 

Er werden nieuwe financiers gevonden, ook het Filmfonds haakte weer aan, nu met meer subsidie. De censuur bleef wel een probleem, maar Keung had een alternatieve route: het script zou eerst langs een provinciale afdeling van het Chinese overheidsapparaat worden geloodst. En wel in de Gobiwoestijn, want daar zat een welwillende persoon die ook hogerop in Beijing contacten had. ‘Zo komen we aan tafel, dat was het verhaal.’

Verbeek herschreef zijn script, dat hij nu in de woestijn situeerde: daar zouden de rijke jongeren baden in een mysterieus oliereservoir, een familiebezit van een van hen. ‘Er was dan, denken de personages, een verband tussen de puntige tanden en die olie. Het komt vast door die dinosaur juice! (slang voor olie, red.)’

Maar terwijl Verbeek wederom hele bibliotheken van agentschappen doorploegde op zoek naar geschikte acteurs, keerde de politieke wind in China. President Xi Jinping schroefde de strengheid op en stelde het censuurbureau onder direct gezag van de partij. ‘Negen maanden lang werd er überhaupt geen stempel van goedkeuring meer gegeven, aan welke film dan ook.’

Dead & Beautiful klapte opnieuw, na weer een jaar voorbereiding. Maar nog waren de Chinese vampiers niet helemaal dood, zo bleek toen Verbeek een jaar later op het filmfestival van Rotterdam met Vincent Wang sprak, producent van de bekende Taiwanese cineast Tsai Ming-liang. ‘Hij zei: kom nou gewoon met mij draaien in Taiwan, breng je vampiers naar het vrije China!’

Weer herschreef Verbeek zijn script, maar nu zonder bemoeienis van de censuur. Hij strikte een nieuwe Chinees-Taiwanese en internationale cast, met onder anderen de Nederlander Gijs Blom. Het budget, iets lager dan in de originele ramingen, werd aangevuld met diverse Taiwanese stadsfondsen. ‘Het speelt nu in ‘groter China’’, zegt Verbeek, over het in de film niet nader benoemde eilandstaatje, dat volgens China gewoon bij China hoort.

De stijlvolle vampiers begeven zich in het nachtleven met mondkapjes op, om hun punttandjes te verbergen. Verbeek draaide het voor de virusuitbraak. ‘Vanwaar die maskers?’, merkt iemand op als de bloeddrinkers binnenvallen op een dansfeest, maar dat zinnetje kon eruit in de montage. ‘Ik had niet voorzien dat de hele wereld nu een mondkapje zou dragen’, zegt Verbeek.

Geesten en goden vormen geen probleem in Taiwan. Al dienen ze wel gunstig te worden gestemd, voorafgaand aan de filmopnamen. Op de eerste draaidag stelde de Taiwanese crew daartoe een offertafel op vol wierook, fruit en koekjes. Ook moest Verbeek, als regisseur, om spirituele toestemming vragen, voordat er op de allerlaatste draaidag een grote dansscène – met vampierbeet – kon worden gedraaid nabij een altaar. 

Verbeek: ‘Ik moest met mijn ogen dicht een soort houten schijfjes op de grond werpen. Hoe ze vielen, bepaalde of de goden voor of tegen de opnamen waren.’

De eerste worp was een ‘nee’, en de tweede ook. Maar gelukkig bleken de goden best schappelijk, anders dan de Chinese censuur. Verbeeks derde worp was een ‘ja’ – en die telde, volgens de ceremoniemeesters. 

Dead & Beautiful stond erop. 

Producent Leontine Petit: ‘De regels van de Chinese censuur zijn niet in steen gebeiteld’

Leontine Petit is naast producent ook medeoprichter en bestuurslid van Bridging the Dragon, een internationale instantie die zich sterk maakt voor filmsamenwerkingen tussen China en Europa. Zo beschikte de Nederlandse producent van Lemming Film (The Lobster) al over de nodige kennis en Chinese contacten, nog voor ze (samen met collega Erik Glijnis) begon met de productie van David Verbeeks Dead & Beautiful.

‘Ik vond Davids idee meteen fascinerend’, zegt Petit. ‘Je kunt niet draaien in China zonder goedkeuring vooraf, dat is een soort intentieverklaring. En om je film er ook uit te brengen heb je een dragon seal nodig: het officiële stempel van de staat. De regels van de Chinese censuur zijn vaak niet in steen gebeiteld; wat wel of niet mag, kan ook per keer verschillen. De Chinese partijen waarmee wij met Dead & Beautiful in zee gingen, vonden de censuur niet zo’n groot probleem, dat zeiden ze althans: als je weet wat je doet, kom er uiteindelijk wel doorheen. En als we nog nét wat langer hadden aangehouden, was het misschien ook wel gelukt in China. 

‘Het moeilijke aan zo’n Chinees-Europese samenwerking is ook dat de Europese financiers en subsidiënten op een zeker moment tegen hun deadlines aanlopen en willen weten: wanneer gaat er nu iets gebeuren? Maar zo werkt het niet in China. Toen we in de Gobiwoestijn wilden draaien voor Dead & Beautiful en maar geen toezegging of afwijzing kregen van het lokale Chinese filmbureau, dacht ik ook: waarom zeggen ze niet gewoon ‘nee’? Maar dat doen ze dus niet. Je moet zelf beslissen: nu haken we af, óf we blijven het proberen.’

De productie verkassen naar de Taiwanese metropool Taipei bleek een uitkomst. Petit: ‘Chinezen zien Taiwan gewoon als China. Taiwanezen denken daar wel iets anders over.’

Alexander (Gijs Blom) Mason (Yen Tsao) in Dead & Beautiful. Beeld
Alexander (Gijs Blom) Mason (Yen Tsao) in Dead & Beautiful.

Dead & Beautiful in de bioscoop

Dead & Beautiful gaat in wereldpremière op het International Film Festival Rotterdam en wordt daarna in diverse landen gedistribueerd via het Amerikaanse video-on-demandplatform Shudder. Er komen ook bioscoopreleases van de film, onder meer in Taiwan en Nederland. Of – en in welke vorm – de film uit mag gaan in China is nog altijd niet bekend. 

David Verbeek

David Verbeek is naast filmmaker ook fotograaf; hij exposeert in de Amsterdamse Flatland Gallery. Terwijl hij met de Chinese censuur worstelde over zijn speelfilm Dead & Beautiful, draaide hij wél het voor Idfa geselecteerde, zeer fraaie Trapped in the City of a Thousand Mountains (2018), een documentaire over Chinese rappers die nog veel meer hinder ondervinden van die staatscensuur.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden