Theatercoronavirus

‘Een theatergezelschap dat geen theater meer kan maken, heeft geen bestaansrecht’

Posters van afgelaste voorstellingen, 'De geheime tuin’ van Toneelgroep Maastricht en ‘Het oog van de storm’ van Senf.

De crisis treft in de theaterwereld zowel vrije producenten als kleinere gesubsidieerde groepen. Hoe ervaren zij het verschil?

Vorige week luidde Toneelgroep Maastricht de noodklok: als er niet snel iets gebeurt, komt het succesvolle Limburgse theatergezelschap in zwaar weer en kan zelfs failliet gaan. Vanwege de coronacrisis moesten maar liefst zes producties worden stilgelegd, waaronder de nieuwe, grote familievoorstelling De geheime tuin. Ook theaterproducent Senf Theaterpartners is hard getroffen door de crisis. De première van het toneelstuk Het oog van de storm (met Anne-Wil Blankers, Johanna ter Steege en Hans Croiset) moest worden geannuleerd, populaire voorstellingen van bijvoorbeeld Rundfunk en Alex Klaasen kwamen stil te liggen. 

Het theateraanbod in Nederland wordt geproduceerd door zowel gesubsidieerde groepen als vrije producenten. Toneelgroep Maastricht kan door die subsidie ook meer risicovolle of kleinere voorstellingen maken, een commercieel theaterbedrijf moet vooral denken aan publieksbereik en speelt eerder de grote zalen. De huidige financiële crisis treft beide sectoren echter even hard, maar om verschillende reden.

Toneelgroep Maastricht is een middelgroot gesubsidieerd stadsgezelschap, Senf daarentegen is een vrije , niet door de overheid gesubsidieerde producent, die niet alleen zelf theater produceert maar ook de verkoop voor andere producenten doet. Tot deze grote speler in theaterland behoren Senf Theater, AT Next, Senf Producties en More Theaterproducties. Wat betekent dit onverwachte einde van het seizoen en het stilleggen van hun bedrijf? V stelde aan beide directies dezelfde vragen, die werden beantwoord door Servé Hermans en Michel Sluysmans (Toneelgroep Maastricht) en Matthijs Bongertman (Senf).

Hoeveel producties en voorstellingen heeft u moeten afgelasten en wat gaat dit uw bedrijf kosten?

TM: ‘Wij hebben drie eigen producties moeten stopzetten en drie coproducties. In totaal gaat dat om 130 voorstellingen en activiteiten. Het verlies zal ruim 7 ton zijn. Als je daarvan de kosten aftrekt die je bij zo’n tournee maakt, blijft een tekort van 3,5 ton over. In dat bedrag zijn al de steunmaatregelen van de overheid verwerkt.’

Senf: ‘Voor het gehele bedrijf zijn dat 89 producties met in totaal 1.585 voorstellingen. De omzetderving hiervan ligt tot 1 juni op zo’n 3,9 miljoen euro, met een schade van ruim 1,1 miljoen. De totale omzetderving voor de producenten die wij vertegenwoordigen ligt op bijna 6 miljoen.’

Hoe is het geregeld voor de acteurs en medewerkers van deze producties?

TM: ‘Bij ons werken zeventien mensen in vaste dienst, die ontvangen gewoon hun salaris. Daarnaast werken wij jaarlijks met zo’n tachtig freelancers die of zzp’er zijn of een tijdelijk contract hebben. Wij hebben naar elk contract gekeken en wat wij hebben beloofd, maken wij zo veel mogelijk waar. Degenen met een contract worden doorbetaald. Zo betrouwbaar moet je als gezelschap durven zijn. Wij willen met deze mensen ook in de toekomst goed blijven samenwerken.’

Senf: ‘Wij werken met 43 vaste kantoormedewerkers, 21 flexwerkers, 14 medewerkers in loondienst en 69 zzp’ers voor onze producties. Voor degenen die tijdelijk in vaste dienst waren, hebben we aanspraak gemaakt op de NOW, de noodwet die 90 procent van het salaris uitbetaalt. Wij vullen dat aan tot 100 procent. Voor zzp’ers, die meestal per voorstelling of prestatie worden betaald, hebben we helaas andere beslissingen moeten nemen.’ 

Wat valt er nog te redden aan deze voorstellingen? Uitstel of afstel?

TM: ‘De tournee van The Great Gatsby hebben we moeten afgelasten. Het is niet mogelijk die later te hernemen omdat we deze ploeg acteurs niet meer bij elkaar krijgen. De voorstelling Jungfrau met Wim Opbrouck en Wilfried de Jong proberen we nu in het najaar te plannen. De familievoorstelling De geheime tuin wordt doorgeschoven naar het komende kunstenplan, dat in 2021 ingaat.’

Senf: ‘Grote producties met hoge opstartkosten proberen we nu zo veel mogelijk door te schuiven naar 2021, om zo ruimte te creëren voor de inhaalproducties. Maar omdat seizoen 2020-2021 al is geprogrammeerd, is er steeds minder ruimte om voorstellingen in te halen.’

Bedreigt deze crisis het voortbestaan van uw bedrijf en gezelschap?

TM: ‘Ja, die dreiging is er zeker. Als en nu geen substantiële hulp komt, kunnen we onze verplichtingen voor komend seizoen niet waarmaken. Wij hebben dan twee grote producties gepland, De meeuw en MacBeth. Maar voordat we die kunnen gaan maken, moet onze financiële basis gezond zijn, en dat is hij nu niet. Een theatergezelschap dat geen theater meer kan maken, heeft geen bestaansrecht.’ 

Senf: ‘De schade is enorm, maar wij zijn een gezond bedrijf en kunnen dit nog dragen. Deze situatie moet echter niet te lang aanhouden. Normaal gesproken financieren wij de producties voor het volgende seizoen uit onze reserves, daarin zijn we nu afhankelijk van de bank, die ons helpt met de overbrugging, in de hoop dat wij onze investeringen kunnen inlopen. Mochten wij niet de kans krijgen voorstellingen in te halen, dan komen wij in acute problemen.’

Wat verwacht u van de overheid? Waaruit zou ondersteuning moeten bestaan?

TM: ‘De huidige maatregelen, bijvoorbeeld het naar voren halen van de subsidies, zijn niet de oplossing voor de langere termijn. Want de subsidie die we nu eerder krijgen, krijgen we straks niet meer, dus dan zitten we met hetzelfde financiële probleem. Maatwerk is nu vereist. Wij hopen dan ook dat de minister per gezelschap zal bekijken hoe specifiek daar de problemen zijn. Natuurlijk hopen we ook op steun van de lokale overheden, maar die kijken vooral naar wat het Rijk doet. ’  

Senf: ‘Van de overheid verwacht ik dat ze haar verantwoordelijkheid neemt, zoals destijds ook de banken overeind werden gehouden. De overheid zou eigenlijk al onze tijdelijke tekorten nu moeten opkopen. De meeste pijn ligt bij de voorstellingen die niet ingehaald kunnen worden. En die pijn neemt alleen maar toe doordat de kans op langere sluiting zeer reëel is, los van de vraag op welke manier de theaters dan weer opengaan. Maar laten we ook eerlijk zijn: wij leven in een uitermate succesvol land, met een uitermate succesvolle culturele sector. Dat alles is nu onderbroken door een indringer van buitenaf, maar juist omdat we een sterke samenleving hebben, moet deze crisis te bedwingen zijn.’

Doek valt

Voor een derde van de Nederlandse podia dreigt het doek te vallen als er niet voor 1 juni extra overheidssteun komt. Dat stellen de VSCD en de VVP, waarin 127 grote schouwburgen en concertzalen en vijftien vlakke vloertheaters zijn vertegenwoordigd. Dit blijkt uit een rondgang langs een aantal theaters. De huidige maatregelen zullen op den duur niet voldoende zijn om een aantal getroffen theaters en concertzalen overeind te houden. De brancheorganisaties pleiten voor extra steun vanuit het Rijk en de gemeenten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden