Een soulful en swingend effect, zelfs in Sigibgib

HONGERSNOOD, burgeroorlog. Als Ethiopië in het nieuws komt, is dat zelden in opwekkende zin. Maar af en toe wordt die naargeestige regel omgekeerd en vangen we een glimp op van een land van melk en honing....

Zo'n moment deed zich twee jaar geleden voor, met de introductie van de cd-serie Ethiopiques. De Franse Ethiopië-kenner Francis Falceto verzamelde hierop opnamen van tientallen grote bandleiders en componisten die nooit buiten hun eigen land werden gehoord. Want terwijl Afrika muzikaal en vogue raakte, zuchtte Addis Abeba onder een sinistere junta, die de levende muziek jarenlang met succes dwarsboomde.

Ethiopiques veroorzaakte een schok, en niet alleen omdat de serie optimistische global village-theorieën relativeerde. Falceto liet de wereld kennismaken met van ver komende muziek die toch heel dichtbij klonk: een warmbloedige kruising van inheemse tradities met soul-, jazz- en rhythm 'n' blues-invloeden, vertolkt door een reeks formidabele zangers.

In de beste jaren van de 'Ethiojazz' (ca. 1969-1975) werden Amerika en Afrika zo hecht vervlochten, dat oorsprong en echo nauwelijks meer van elkaar te onderscheiden vielen. Wie de huizenhoge passie van de Ethiopische zangers hoort, kan zelfs geloven dat Al Green en Sam Cooke bij hen de kunst afkeken.

De melancholieke Mahmoud Ahmed, de enige Ethiopische ster die in Europa bekend werd, krijgt terecht alle ruimte in de serie. Onlangs verscheen Ethiopiques aflevering 8, Swinging Addis - 1969-1974, die net als de delen 1 en 3 klassieke opnamen van hem bevat. Daarnaast heeft Mahmoud nog twee cd's voor zichzelf.

Deel 7 is een geremasterde heruitgave van zijn meesterwerk Ere Mela Mela uit 1975, op deel 6 staat de tot dusver onbekende lp Almaz, met niet minder meeslepende opnamen uit 1971-1973.

Falceto heeft eer van zijn werk. In het kielzog van zijn serie begint meer Ethiopische muziek op cd te verschijnen, zij het niet altijd op makkelijk leverbare labels. Zo zal het flink zoeken worden naar de Greatest Hits van Tilahun Gessesse op het schaars verspreide label Ethio Jazz. Maar volhouders worden beloond: de duistere, bluesy Mahmoud mag in Europa de naam hebben, voor Ethiopiërs is Gessesse met zijn lichtere, wildere stemgeluid de 'King of All Singers'.

Die populariteit dankt de in 1933 geboren zanger ook aan zijn durf: in zijn teksten sneed hij controversiële politieke en maatschappelijke problemen aan. Maar ook zonder die wetenschap is deze verzameling van vijftien songs indrukwekkend. Mede dankzij opzwepende arrangementen, waarin onbekommerd de gekste vondsten op elkaar worden gestapeld. Het effect is steeds soulful en swingend, zelfs in het maffe Sigibgib, waarin een zangkoortje hardnekkig de drie lettergrepen uit de titel herhaalt.

Hoe luisteren Ethiopische oren naar deze muziek? Met weemoed, ongetwijfeld. Volgens de berichten werd Gessesse enkele jaren geleden door een vrouw met een mes in zijn keel gestoken, waarna zijn stem zijn felle glans verloor.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.