Een sonnet van de reet

Custine werd op een dag half doodgeslagen, vertelt Edmund White in zijn hoofdstukje over gay Paris in De flaneur - Een wandeling door Parijs, toen hij een van de kameraden van een groepje gardeofficieren trachtte te verleiden. De markies, 'het meest voluptueuze literaire temperament en het fijngevoeligste verstand van zijn tijd' volgens de schrijver Barbey d'Aurevilly, werden de haren afgeschoren; de potenrammers trokken zijn kleren uit en lieten hem half- of spiernaakt in de gietende regen achter.

Had het 19de-eeuwse Frankrijk het niet zo begrepen op homoseksualiteit? Toch wel. De Franstalige wereld, aldus White, was niet zo meedogenloos en hysterisch als het deel van Engeland dat een oordeel velde over Oscar Wilde. Die ging, omwille van zijn homoseksualiteit, de gevangenis in en moest twee jaar dwangarbeid verrichten, 'waarbij hij een gigantische tredmolen in beweging moest houden en gedwongen werd op een plankenbed zonder beddengoed te slapen'. Drie jaar later was Wilde dood. Hij stierf in 1900, volgens Graham Robb in Strangers - Homosexual Love in the Nineteenth Century het begin van een eeuw waarin veel onverdraagzamer en repressiever tegen homo's en lesbiennes werd opgetreden dan in het Victoriaanse tijdperk.

In dát tijdperk viel het al met al nogal mee. De eeuw van de Engelse koningin Victoria kende wel wetten en restricties, maar ze werden - schrijft Robb - met zachte hand toegepast. Ons beeld van de intolerantie ten opzichte van 'sodomieten' is vertekend door politierapporten en medische dossiers. Robb ging op zoek naar andere bronnen; hij verdiepte zich in gay literature ('if such a thing existed') en las alles wat hij maar kon vinden. Literatuur is voor hem de belangrijkste bron van informatie over homoseksualiteit in de 19de eeuw; tijdens zijn speurwerk ontdekte hij dat veel teksten, confessies en memorialen uit die tijd pas een eeuw later of onlangs zijn gepubliceerd, nu homoseksuelen niet langer meer worden verketterd.

Waarom dan nog schrijven over zo'n algemeen aanvaard onderwerp, kun je je afvragen. Robb ervoer tijdens het schrijven dat het allemaal aanvaard lijkt: boeken over homoseksualiteit waren voor sommige door hem geraadpleegde bibliothecarissen nog steeds naughty books en zitten vaak weggemoffeld in een of andere verborgen kast. Collega's waren verbijsterd over zijn belangstelling en vroegen zich af of hij 'voor' of 'tegen' was.

Werkend aan zijn biografieën van Charles Baudelaire (een bewerking van een boek van Claude Pichois en Jean Ziegler), Honoré de Balzac, Victor Hugo en Arthur Rimbaud, vond hij in bibliotheken 'curieuze fragmenten van een soort wegkwijnende wereld', onbekende of nauwelijks bekende feiten en feitjes. Hij ontdekte in literaire teksten veel dubbelzinnigheden en voor 'buitenstaanders' onbegrijpelijke verwijzingen. Elke subcultuur, ook die van homo's en lesbiennes, kent zijn eigen taal en zijn eigen tekens.

In de laatste hoofdstukken van Strangers analyseert Robb teksten - 'fairy tales' - van Balzac, Théophile Gautier (Mademoiselle de Maupain, double amour), George Sand, Herman Melville, Walt Whitman, Jacob Israël de Haan (Pijpelijntjes) en Louis Couperus (Noodlot). In veel gedichten en romans gaat het om 'verborgen boodschappen'; soms werd de stijl 'verhomoseksualiseerd'. In het beruchte Sonnet du trou du cul, het 'sonnet van de reet', een soort gezamenlijke verklaring van Paul Verlaine en Arthur Rimbaud, schreef Verlaine bovenaan kwatrijnen en Rimbaud onderaan terzetten. De obsceniteiten (die nota bene in 1962 in de Pléiade-editie van Verlaines 'complete gedichten' nog werden weggelaten) waren voor goede verstaanders overduidelijk: 'Donker gerimpeld als een paarse anjelier/ Ligt hij te ademen in de bemoste plooien', schreef Verlaine; en verderop is Rimbaud aan het woord: 'Mijn droom is door dit windgat meer dan eens verleid.'

Ons beeld van die tijd, zegt Robb, is 'medisch gekleurd'. Dokters probeerden in de 19de eeuw, door het publiceren van allerhande theorieën en bespiegelingen, carrière te maken. Ook seks werd meer en meer gemedicaliseerd. In zijn door critici bejubelde biografie van Rimbaud heeft Robb het over het verslag van de dokters Semal en Vleminckx die Verlaine in zijn cel hadden onderzocht. De dichter had Rimbaud neergeschoten, een schot in zijn pols. Tijdens de daaropvolgende rechtszaak werd het medisch rapport als belastend bewijs gepresenteerd. Daarin werd Verlaines penis beschreven, 'kort en niet erg dik', zijn eikel, 'klein en spits toelopend', zijn anus, 'een afgevlakte kegel met hol uiteinde'. Het rapport, schreef Robb in Rimbaud - De biografie, is 'een stuk sociale geschiedenis'.

Robb citeert ene dokter Brouardel, een vriend en collega van de vader van Marcel Proust (de schrijver die zijn eigen maison de garçons had in de Parijse Rue de l'arcade). 'De vorm en de omvang van een penis kennen een grotere variëteit dan de gelaatstrekken.' Homoseksualiteit werd in de ogen van sommige artsen 'een probleem' dat geanalyseerd en in wetenschappelijke studies beschreven werd.

Dat sommige dokters dat in de Victoriaanse tijd deden, is juist; maar niet alle dokters. Daarmee gaat Robb in tegen de stelling van Michel Foucault in zijn Histoire de la sexualité dat de soort 'homoseksueel' een uitvinding is van Victoriaanse dokters.

Strangers is het verslag van een epoque: Robb beschrijft de manier waarop homoseksuelen in de 19de eeuw werden behandeld en soms mishandeld; hij noemt de plekken waar ze elkaar ontmoetten, hij ontcijfert hun eigen taal, hij heeft het over beroemde liaisons, over flirtende gondeliers en andere Venetiaanse schandknapen, over de 'sexual-economic figures' van de beroemde econoom John Maynard Keynes die keurig bijhield waar en wanneer hij met welke jongen de liefde had bedreven ('stable boy of Park Lane' of 'the young American of Victoria Sta') en over de seksuele boekhouding van Whitman ('saturday night Mike Ellis - wandering at the corner of Lexington av. en 32d st. - took him home to 150 37th street, - 4th story back room - bitter cold night').

Robb schrijft over clubs en cabarets, pleinen en straten 'waar homoseksuelen elkaar vinden'. Homo-zijn en cruisen liggen misschien in het verlengde van wat Edmund White 'de essentie van het flaneren' noemt. White vertelt over de Parijse Jardin des Tuileries. Wie een geschiedenisfreak is, kan er aan het eind van de middag naar mannen kijken ('maar niet aanraken', schrijft White), 'lopend over het wandelpad van kiezelzand achter de Orangerie'. Hij gebruikt het woord 'geschiedenisfreak' omdat de eerste arrestaties wegens 'sodomie' of 'tegennatuurlijke ontucht' in de tuin van de Tuilerieën plaatsvonden.

Niet alle homo's waren aristocraten, blijkt uit Franse politiearchieven die Robb noemt; onder de gearresteerden bevonden zich 'getrouwde slagers met echtgenotes en ritsen kinderen, herenknechten, neringdoenden, muziekmeesters en notarisklerken, allen in de bosjes en in flagranti betrapt'. Veel homoseksuelen zochten geborgenheid in schijnhuwelijken of gingen in permanente ballingschap naar meer tolerante streken. Whitman probeerde aan zijn viriele vermomming het gezag van een bedrieglijke nauwkeurigheid te verlenen. Hij vertelde dat hij zes kinderen had verwekt, 'waarvan er twee zijn overleden'.

Robb maakt in Strangers, net zoals Peter Gay in De eeuw van Schnitzler - De opkomst van de burgerij in Europa (2002), korte metten met de mythe dat preutsheid en benepenheid de 19de eeuw domineerden. Die tijd, schreef Gay, was 'juist vol erotiek, revolutie en passie'. Natuurlijk waren er rondzwalkende groepjes potenrammers - die zijn er nu ook nog; wetgevingen en verordeningen verschilden van land tot land; er waren in alle grote steden homocabarets en clubs, soms 'zichtbaar', soms met eufemistische benamingen als de Réunion philanthropique in Brussel, de Club degli Ignoranti in Rome of de Klub der Vernünftigen in Wenen. De 19de eeuw was, hoe paradoxaal dat ook mag klinken over het Victoriaanse tijdperk, veel toleranter dan we dachten.

Strangers is een meeslepend geschreven boek. De belezen Graham Robb is bijwijlen ook een taalvirtuoos. Hij is een geschiedenis- én literatuurfreak.

Graham Robb: Strangers - Homosexual Love in the Nineteenth Century.
Picador, import Nilsson en Lamm; 342 pagina's; euro 36,04.
ISBN 0 330 48223 8.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden