Een rubberen 'boet' op Texel

Vakantiewoning, Texel (2009-2014).
Architect: Benthem Crouwel Architekten

Beeld Benthem/Crouwel

Wie vanaf veerhaven 't Horntje het eiland op rijdt, langs akkers, heide en duinen, ziet ze overal opduiken: schapenboeten. Ooit werden ze gebouwd door schapenboeren, om op land dat ver van de boerderij lag hooi en veevoer op te slaan. Inmiddels zijn de karakteristieke bouwwerken, met de platte toegangszijde op het noordoosten en de afgeschuinde 'kont' in de wind, niet meer weg te denken uit het Texelse landschap.

Maar nu, vlakbij het dorpje Oosterend, staat daar ineens een vreemde eend in de bijt, of eigenlijk: een vreemde boet. Hij is een stuk groter dan gemiddeld en heeft, anders dan gebruikelijk, flinke ramen. Het dak en de gevels, traditioneel opgetrokken uit hout, baksteen en riet, zijn van top tot teen bekleed met rubber. Daar overheen zijn kleurige visnetten gespannen, het soort dat je op het strand vindt. En in de luwte van het gebouw liggen geen schapen, maar mensen op terrasstoelen.

Dit is de vakantiewoning van een Amsterdams gezin. Ze houden van de drukte in de stad, maar willen die ook wel eens ontvluchten - wat op deze groene plek, verborgen achter een oude hoeve, bijzonder goed kan. Het echtpaar houdt ook van design, ze verzamelt kunst; de witte muren in het huisje hangen er vol mee. Via hun netwerk van kunstverzamelaars leerden ze een paar jaar terug architect Mels Crouwel kennen. Het is zijn bureau, Benthem Crouwel Architekten, dat de woning heeft ontworpen.

Dat laatste is minstens zo verrassend als de hedendaagse verschijning van het huis in deze agrarische omgeving. Benthem en Crouwel staan immers bekend als de mannen die al vijfentwintig jaar de gestroomlijnde logistiek van luchthaven Schiphol verzorgen. De vele stations die ze bouwden kenmerken zich door ordelijkheid en rationaliteit. En ze werken doorgaans met hightech materialen - denk aan de futuristische gevel van het Stedelijk Museum Amsterdam. Nooit eerder waagden ze zich aan zoiets 'romantisch' als een puntdak.

Beeld Benthem/Crouwel

Het moest wel; bouwregels schreven voor dat het dak hellend zou zijn. Dat was niet het enige. Het te bebouwen oppervlak, de maximale nok- en goothoogte, alles was vastgelegd.

De gemeente is streng over wat er wel en niet gebouwd mag worden. Want wie zou er nu geen tweede huisje in deze prachtige natuur (de Waddenzee is UNESCO werelderfgoed) willen? Als iedereen zomaar zijn gang zou gaan, zou het eiland snel dichtslibben met allerlei bouwsels. Ze zouden niet alleen het landschap verpesten, maar uiteindelijk ook de economie schaden. Die draait tenslotte in toenemende mate op de natuurliefhebbers die Texel bezoeken.

Het jammere van al die regels, is dat ze doorgaans leiden tot fantasieloze oplossingen. Vakantieparken met standaard 'chalets', brave bungalows, dertien in een dozijnhuizen. Er is, als je de regels afvinkt, niets mis mee, maar ze voegen ook niets toe aan de omgeving. Benthem en Crouwel hebben de beperkingen evenwel weten om te zetten in creatieve energie. Dat is het voordeel van anti-typecasting. Uitgaand van lokale materialen en met hulp van lokale ambachtslieden - de visnetten zijn met de hand opgeknoopt - hebben ze een eigenzinnig gebouw gemaakt, dat onmiskenbaar modern is en toch typisch Texels voelt.

In detail is de rubberen gevel misschien niet zo perfect als de kunststof façade van het Stedelijk Museum, maar de netten staan strak gespannen. De kleuren zijn 'functioneel'; ze verraden wat erachter zit. Groen staat voor leefruimte, blauw voor de keuken, de badkamer is (ook binnen) oranje, de vide met panoramavenster grijs. Die laatste ruimte is de mooiste; vanuit dit 'kraaiennest' overzie je het hele eiland. En dan bevinden zich ondergronds ook nog een grote speelkamer en slaapkamer.

De verdienste van dit ontwerp is allereerst dat er prettig wordt gewoond, maar ook dat erover wordt gesproken. Passanten vinden het tegelijkertijd gek en leuk. Texelaren reageren enthousiast, door de lokale pers wordt met een zekere trots geschreven over de rubberen boet. Benthem Crouwel laat zien dat architectuur en toerisme best met elkaar te verzoenen vallen. Nieuwbouw hoeft het eiland niet te ontsieren, maar kan het juist verrijken. Zo bezien zou dit bescheiden project een grotere betekenis kunnen hebben in de discussie over de toekomst van Texel.

Beeld Benthem/Crouwel
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden