Een Romeinse tempel van Amerikaanse snit

Het Ara Pacis-altaar was een lichtelijk besmet relict van twee imperiale dromen. Met de bouw van een museum eromheen heeft de kunst getriomfeerd over de politiek....

Zo zou een Romeinse tempel uit de 21ste eeuw er uit hebben kunnen zien, had de Pax Romana duurzaam stand gehouden. Nu staat die tempel weliswaar in het hart van wat er over is van het antieke Rome, aan de zoom van het marsveld van weleer, en herbergt hij een glorieus altaar uit de beginjaren van onze tijdrekening, maar is hij ontworpen door een telg van de Pax Americana.

Het nieuwe museum van de Ara Pacis is een Romeinse tempel van Amerikaanse snit, waarin het oer-Italiaanse travertijn wordt afgewisseld met modernistische materialen als glas en staal. Het gefilterde mediterrane zonlicht valt er in smetteloze witte museumruimtes, een trap voert vanuit de metropolitane stadsdrukte naar een plateau als een voorhof.

De Ara Pacis is het altaar dat de senaat van Rome dertien jaar voor het begin van onze tijdrekening liet stichten om de successen van keizer Augustus in Gallië en Spanje te vieren en te documenteren. Rondom zijn in reliëf de optochten te zien van de Romeinse aristocraten die kennelijk zijn uitgelopen om de keizer te verwelkomen en toe te juichen. Het antieke Rome moet vergeven zijn geweest van dergelijke monumenten, want als er iets van alle tijden is, is het de beeldcultuur en de behoefte dat medium in te zetten voor het bewerken van de massa.

Het stond, oorspronkelijk, aan de rand van de Campo di Marzio, ten westen van het begin van de Via Flaminia, nog binnen het terrein dat later door de Aurelische muren zou worden afgebakend. Daar liet de senaat een complex aanleggen ter nagedachtenis van Augustus en zijn triomfen: een altaar, het graf van Augustus en een vernuftig uurwerk, waarin de zon de schaduw van een obelisk voortdreef om niet alleen de uren van de dag aan te wijzen, maar ook op 23 september, de verjaardag van de keizer, op het middaguur precies naar het centrum van het altaar te wijzen.

Maar de tijd ging zijn genadeloze gang en de samenstellende delen van het complex en het altaar vervielen en raakten verspreid. Toen, begin vorige eeuw, de Duitse archeoloog Friedrich von Duhn bij opgravingen in het perceel tot de conclusie kwam de fundamenten en restanten van de Ara Pacis vor Augustus te hebben gevonden, waren de panelen van het altaar, voor zover zij het verval hadden weerstaan, al verspreid geraakt.

Een deel ervan, eerder aan het licht gekomen, was naar de Uffizzi in Florence vervoerd, een deel naar het Louvre in Parijs en van de opbouw, sierlijke reliëfs met bloemmotieven en lusters, was een deel eeuwen eerder verwerkt in de Villa Medici op de Pincio in Rome. De obelisk van het uurwerk stond alweer geruime tijd voor wat nu het Italiaanse parlement is. Alleen de graftombe van Augustus restte, overwoekerd door wildgroei en pleisterplaats voor de katten, die grafschenners van nature.

Ook het marsveld maakte inmiddels deel uit van een andere stad. Net bezuiden het graf van Augustus staan twee classicistische kerken, de San Rocco en de San Girolamo dei Croati. In de jaren dertig van de 20ste eeuw liet Benito Mussolini het plein aan de beide andere zijden opnieuw afbakenen, met gebouwen in de karakteristieke stijl van het Italiaanse fascisme.

Maar dat altaar, gesticht voor iemand die hij als een van zijn verre voorlopers beschouwde, liet hem niet onberoerd. Mussolini schopte het als veroveraar weliswaar niet tot Frankrijk en Spanje, maar in zijn Afrikaanse kolonisatorsavonturen zag hij de droom van een nieuw Romeins wereldrijk danig opleven. En dus gaf hij opdracht de overblijfselen van de Ara Pacis zoveel mogelijk weer bijeen te brengen; tot het Louvre geraakte hij niet, de obelisk bleef waar hij stond en de Villa Medici bleef ongemoeid, maar er bleef voldoende over voor een reconstructie. De architect Ballio Morpurgo mocht, bezijden het graf van Augustus en evenwijdig aan de Tiber, er een gebouw voor maken dat het altaar zou beschermen en het plein – Piazza Augusto Imperatore - afsluiten.

Dat bevredigde na de val van het Italiaanse fascisme niemand, en het altaar werd een lichtelijk besmet relict van twee imperiale dromen, die van het oude en die van het nieuwe Rome, een voetnoot in toeristische gidsen, een zijstap bij rondleidingen. Totdat, in 1995, de toenmalige burgemeester van Rome, Francesco Rutelli, de befaamde Amerikaanse architect Richard Meier aanzocht om er een duurzame oplossing voor te bedenken. Op de 2759ste verjaardag van Rome, 21 april jongstleden, mocht de huidige burgemeester van Rome, Walter Veltroni, het resultaat openen – al is dat voorlopig dan ook nog niet af.

Een blokkendoos van travertijn, beton, glas en staal, op een verhoog van licht getint marmer. Van de noordoostkant, de achterkant, heeft het de voor Meier zo karakteristieke belijning van stapels etages; daar, achter het altaar, bevinden zich de congreszalen, het restaurant, en, weergaloos voor het uitzicht op deze plek in de stad, de opgang naar het dakterras. De voorkant, met de opgang naar de hoofdingang en de tempel van licht die leidt naar het verhoogd opgestelde altaar, domineren de rechthoekige vlakken van muren en dak het beeld. In plaats van de obelisk staat er een zuil.

Gevoelige plek, met zo veel geschiedenis en zulke verschillende stijlen in de nabijheid. Korzelige Romeinen mopperen dezer dagen over de beide kerkjes, die van afstand deels aan het zicht onttrokken zijn. Gevoelig object ook: bij de opening protesteerden enkele tientallen leden van de militante vleugel van de Alleanza Nazionale, die zichzelf als de erfbewaarders van Mussolini beschouwen, met vaandels en afkeurende leuzen. Want de Ara Pacis is, vanaf de stichting meer dan twee millennia terug, tot de huidige ingrepen een politiek bouwwerk. Met Meiers verpakking is getracht die te neutraliseren, door die te musealiseren. De tempel viert de kunst, desnoods de overwinning van de kunst. Op de politiek.

Michaël Zeeman

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden