'Een roman schrijven kan altijd nog'

Een betere selectie, meer nadruk op thema's en het bij de kladden grijpen van de lezer; diverse kranten, waaronder de Volkskrant, streven die doelen na onder de vlag van 'de compacte krant'....

VEEL JOURNALISTEN zijn gemankeerde romanschrijvers. Het liefst vullen ze hele krantenpagina's, vervuld van de idee dat alleen een lang verhaal serieus kan zijn. En dat moet maar eens afgelopen zijn, vindt Leon de Wolff, 'want voor wijdlopige verhalen heeft de lezer van vandaag geen tijd'.

De Wolff is media-adviseur en leert kranten hoe het anders zou moeten. Als een handelsreiziger in nieuwe journalistiek gaat hij de redacties langs, van Trouw, de Volkskrant, de Gooi- en Eemlander, De Morgen. Overal brengt hij dezelfde boodschap: zoek een manier om de lezer te boeien. Bedenk wat hij wil. Schrijf scherp, helder. Selecteer beter. Maak een compacte krant.

Compact is hét woord in krantenland. De Volkskrant maakt vanaf 6 september een compact nieuwskatern. NRC Handelsblad presenteert zich al aan potentiële abonnees als 'een compacte krant'. Het vernieuwde dagblad Trouw gaat prat op een 'compacte nieuwskrant'. De Gooi- en Eemlander studeert erop, het Nieuwsblad van het Noorden ook en de lijst is nog veel langer. Want de lezers lopen weg en een compacte krant moet ze weer terugbrengen.

Nu is het woord 'compact' nogal misleidend. Kranten worden er niet kleiner op, of dunner (wat veel lezers wel graag zouden willen). Artikelen niet per definitie korter. Compact betekent vooral: toegankelijk. 'Een compacte krant is functioneel', zegt De Wolff. 'Geeft antwoord op vragen die de lezers zich stellen, in tekst en beeld.'

Het idee, zegt Volkskrant-hoofdredacteur Pieter Broertjes, ontstond uit bezorgdheid over de groeiende stapel boze lezersbrieven. 'De Volkskrant is hard op weg een kwantiteitskrant te worden', schreef de een. 'In gevouwen toestand was de krant van zaterdag zeven centimeter dik', morde de ander. Ombudsman Jan Kees Hulsbosch kreeg zoveel klachten, dat hij drie columns nodig had om uit te leggen dat de lezer echt niet de hele krant hoeft te lezen.

Nog bezorgder raakte Broertjes na een bezoek aan de afdeling marktonderzoek. De leestijd loopt schrikbarend terug, kreeg hij te horen. Had een abonnee in 1991 nog 42 minuten per dag, vijf jaar later waren dat 37 minuten geworden. 'Lijkt niet veel', zegt onderzoeker Hans Elzinga, 'maar het is een nauwelijks te stuiten trend.' Wat erger is: bij jongeren taant de interesse nog veel sneller, en van jongeren moet de krant het in de toekomst hebben.

De schrijvende pers heeft te lijden onder tijdconcurrentie - zo noemen onderzoekers dat. De ouderwetse krant vecht tegen televisie, tegen Internet, tegen hobby's, tegen het toenemend belang van sociale contacten. Het leven van de moderne mens barst al uit zijn voegen - laat staan dat er nog ruimte is voor het lezen van uitgeschreven verhalen.

'De compacte Volkskrant moet de lezer weer bij de kladden grijpen. We gaan de lezer verleiden', zegt Broertjes. 'De krant gaat meer urgentie uitstralen. Meer selectie, meer hiërarchie, meer variatie. Ik wil een krant maken die voor elke lezer interessant is, of hij nu drie minuten, dertig minuten of drie uur de tijd heeft.'

De wereld gevat in afwisselend korte en lange berichten, kaders, interviews, foto's, graphics, illustraties. Overzichtelijk en transparant.

Buitenlandse dagbladen en tijdschriften werken al langer volgens dat idee. Libération en Le Figaro zijn Franse voorbeelden, in Duitsland is tijdschrift Focus heel compact. Het schijnt te werken. Na jaren van trieste berichten over de staat van het krantenvak kwam de World Association of Newspapers (WAN) deze zomer met een opmerkelijk vrolijk persbericht. Het gaat weer goed met kranten, stond erin. Oplages stijgen, adverteerders keren terug. Dagbladen zijn de strijd aangegaan met andere 'tijdconcurrenten', zegt WAN-onderzoeksleider Jakob Arwedson, en dat werpt vruchten af. 'Voor het eerst sinds jaren zijn de resultaten van ons onderzoek heel bemoedigend. Zelfs jongeren lezen weer de krant - soms zelfs meer dan hun ouders. Dat heeft waarschijnlijk veel te maken met de andere manier van krantenmaken die in zwang is gekomen.'

De meest compacte kranten van Nederland tot nu toe heten Metro en Spits - allebei gratis, allebei bedoeld voor het openbaar-vervoerpubliek dat weinig tijd heeft en in die tijd ook graag het wereldnieuws tot zich wil nemen. Metro barst van de korte berichten en heeft een heldere opmaak. Een lezerskrant bij uitstek. 'Onze lezers moeten de krant in vaak lastige omstandigheden tot zich nemen', zegt hoofdredacteur Jelle Leenes. 'Staand op een perron, even snel, of ingeklemd tussen andere treinreizigers. Daarom moet alles wat er in staat snel opneembaar zijn. Maar we blijven wel serieus.' Geen glamour, geen ideologie, geen commentaar - Metro brengt het nieuws, 'niet meer, niet minder'.

Pioniersgeest in een kantoor dat nog naar verf ruikt. Achter Leenes' bureau schrijven vijftien redacteuren zich het apezuur. Ze bewerken persbureaukopij tot handzame berichten. Het was nog lastig daar mensen voor te vinden, zegt Leenes, want de meeste dagbladjournalisten zijn opgevoed met het idee alleen paginagroot te kunnen scoren.

Daarom komen veel Metro-redacteuren van radio- en televisierubrieken. Die zijn gewend kort en krachtig met nieuws om te gaan, en het niet al te stijf te verwoorden. 'Bij Teletekst, televisie en radio kunnen we dat nog, maar bij de kranten waren we het een beetje vergeten. Wat wij hier doen is niet vernieuwend, integendeel. Het is de basis van het journalistieke vak.'

Terug naar de basis. Dat was ook de gedachte achter USA Today, moeder van alle compacte dagbladen. De Amerikaanse tabloid was bedoeld als televisie op krantenpapier: gevat, krachtig, veelkleurig, versierd met grafieken - alles om de lezer in recordtijd door het nieuws te gidsen.

Het werkte niet. Kort en krachtig, vooruit, maar de lezer verwacht meer van een krant dan alleen droge feiten. Kranten zonder gezicht zijn gedoemd te mislukken, bewees ook een recent onderzoek van communicatiewetenschapper Klaus Schoenbach. Hij hield de overlevingstactiek van 350 Duitse kranten tegen het licht. Conclusie: de televisie na-apen helpt niet, daar wordt een krant alleen maar slechter van. Wat wel werkt is het bieden van een journalistiek mengsel. Korte en lange verhalen, feitelijk en luchtig. 'Goede kranten', schrijft Schoenbach, 'zijn een uniek en betrouwbaar pakket informatie.'

USA Today verzette op tijd de bakens. De krant laat nu ook grotere stukken toe, en floreert. Elke dag een afgewogen mengsel van diepgang en oppervlakte - maar altijd zo vormgegeven dat de lezer niet de weg kwijtraakt.

Oscar Garschagen is er lyrisch over, nog steeds. Als correspondent Amerika voor de Volkskrant zag hij hoe USA Today en het tijdschrift Newsweek de lezer terugvonden. Als hoofdredacteur van Vrij Nederland past hij nu dezelfde tactiek toe. Sinds zijn aantreden is het blad stevig veranderd. Ook VN, ooit bastion van langschrijvers, groot geworden met reportages en interviews van tien pagina's en meer, wordt compact.

'Volg je onze nieuwe opiniepagina een beetje? Maximaal een pagina! En dat is me eigenlijk ook nog te lang.'

Wat niet wil zeggen dat alles tegenwoordig kort is in VN. 'Compact gaat niet alleen om bondig schrijven', zegt Garschagen. 'Een tijdschrift moet het ook hebben van essayistiek, onderzoeksjournalistiek, stevige reportages. Die mogen best een paar bladzijden beslaan, als ze dat waard zijn. Mijn idee is: kort wat kort kan, en lang als het verhaal daarom vraagt. Als de lezer maar afkomt van dat huiswerkgevoel. Dat hij die hele Vrij Nederland nog moet lezen.

'Zoiets bereik je door af te wisselen. Amerikaanse kranten kunnen dat fantastisch. Ze concentreren zich op hét onderwerp van de dag en maken daar acht, negen verhalen over. Ze kunnen dat omdat de Amerikaanse journalistiek anders in elkaar zit. Kranten zijn heel hiërarchisch georganiseerd. De nieuwsdienst speelt een belangrijke rol, zet verhalen uit die verslaggevers niet kunnen weigeren. De eindredactie denkt mee, geeft aanwijzingen. En verder wordt er daar godsgruwelijk hard gewerkt. Echt slavenwerk tegen slavenlonen.'

Mooi toekomstbeeld voor de redacteuren van de nieuwe, compacte Volkskrant. Ook daar zal elke ochtend per pagina een 'thema van de dag' gekozen worden, dat er in de ogen van de redactie het meest toe doet. Naar vorm en inhoud krijgt dat thema extra aandacht, en wordt het op verschillende manieren belicht.

Om dat te bereiken wordt de redactionele organisatie overhoop gehaald. De nieuwsdienst moet het centrum van de krant worden, die onder leiding van adjunct-hoofdredacteur Jan Tromp verslaggevers aanjaagt, een ideeënstroom op gang brengt en de schotten slecht tussen deelredacties.

'Dat vereist nogal wat', zegt Broertjes. 'Een heel strenge nieuwsselectie, meer samenwerking, een heldere architectuur van de pagina. Dat is een heel andere manier van denken. Een groot avontuur.'

Adviseur Leon de Wolff heeft de Volkskrant-redacteuren voorbereid. In workshops kregen ze zijn filosofie uitgelegd. 'Schrijven doe je niet langer voor je collega's, voor de nieuwsbron of voor jezelf', zei De Wolff, 'schrijven doe je voor de lezer'. De moderne verslaggever moet zich constant afvragen: voor wie doe ik dit? 'De lezer is zijn held. Als je een roman wilt schrijven, kan dat altijd nog.'

Het liefst zou De Wolff zien dat kranten gaan werken met bladformule, gebaseerd op lezersonderzoek. Een raamwerk dat de identiteit van de krant zichtbaar maakt, het juiste journalistieke mengsel vastlegt.

Van een stapel haalt hij een paginaprofiel, gemaakt door een regionale krant. 'Er staat op hoeveel procent aan ''inzicht''-stukken de lezer graag op die pagina ziet. Hoeveel procent feitelijke berichten, en hoeveel persoonlijk getinte artikelen. Niet dat de krant zich daar elke dag exact aan moet houden: 'Het is een leidraad voor de lange termijn. Zo bedien je de lezer optimaal.'

Het zal journalisten benauwde visioenen geven. De meeste verslaggevers zweren bij hun vrijheid - zijn ze straks verplicht een luchtig stukje te tikken, omdat het nodig is voor het paginaprofiel. Journalistiek als invuloefening.

'Dat is het grote misverstand', zegt De Wolff. 'Dit is geen beperking van mogelijkheden, je wordt er juist door uitgedaagd. Er is een verschil tussen free jazz en improviseren op basis van een akkoordenschema. Zo moet je het zien. Samen maak je een formule, en daarbinnen ga je werken. Zo maak je van een journalist weer een vakman.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden